2.

De eerste dag van mijn stage periode had een betere start. Natuurlijk was het al de tweede lesdag en had professor McGonagall al het een en ander gezegd over hoe op tijd komen een deugd was. Na een ingestudeerd verhaal, had ze me laten beloven de komende weken extra op te letten om op tijd te komen.

Daarom was ik ook extra vroeg op het ontbijt volgende ochtend als eerste in de zaal. Ik mocht nu in tegenstelling tot mijn schooljaren doorlopen naar de hoofdtafel. Ik was enigszins zenuwachtig op zoek naar de stoel waarop ik moest zitten. Je zou toch maar niet zomaar overal mogen zitten?

Mijn vraag werd voor me beantwoord door een zachte, maar vriendelijke mannenstem. "Stagiaires moeten aan het uiteinde zitten van de tafel."

Met een ruk draaide ik me om. Tegenover me stond een lange, knappe blonde jongen. Met twinkelende ogen en een uitgestoken hand begroette hij me. "Scorpius. Stagiair potions."

Ik greep zijn hand beet. "Gwynaeth Cadwallader. Stagiaire Transfiguration."

Hij lachte. "Ah bij onze o zo geliefde professir McGonagall. Weet je zeker dat je dat wel aankan?"

Ik grijnsde. "En jij dan? Bij Snape? Iedereen was altijd als de dood voor zijn lessen!"

"Ahum," klonk er achter ons. Snape keek ons aan met een vlak gezichr, maar voor de mensen die hem beter kenden, was er duidelijk irritatie en afkeuring te zien. "Aaah, miss Cadwallader. Ik zie dat je mijn stagiair hebt ontmoet. Ala u nu zo vriendelijk zou willen zijn om ons rustig aan ons ontbijt te laten, zullen er niet nog meer punten van Gryffoendor afgaan."

"Ach Severus," zei Minerva McGonagall, die ook was verschenen. "U weet toch dat Miss Cadwallader mijn stagiaire is, dus dat je geen punten kunt aftrekkwn van mijn Huis?"

Met een zuur glimlachje wendde ze zich naar mij. "Ik verwacht je over 15 minuten stipt in mijn klaslokaal." Met een gebaar van haar hand wees ze me naar het uiteinde van de tafel om duidelijk te maken dat ik haast moest maken als ik op tijd wilde zijn. Naast Scorpius plofte ik neer. Ookal keek hij me niet aan, ik zag de grijns wel op zijn lippen. Ik draaide me in mijn stoel naar hem, maar voordat ik wat kon zeggen zij hij met dezelfde blik: "Ik zou me maar haasten als ik jou was."

Met een zucht draaide ik me om en begon aan het ontbijt. Toen ik uitgegeten was - eerder toen de tijd verstreken was - stond ik op met een zucht.

Ik was bijna de deur uit toen ik mijn naam hoorde.

"Zie je bij lunch!" Met een knipoog draaide Scorpius zich weer naar zijn bord.