Hoofdstuk 1
"Hoe weten we nu of het betrouwbaar is," riep Hermelien om het rumoer in de leerlingenkamer van Griffoendor te overstemmen. Een paar leerlingen vielen haar bij maar het merendeel keek inmiddels vol verwachting naar Leo Jordaan die op één van de tafels in het midden van de ruimte klom.
"Werkt het ook buiten Zweinstein?"
"Is het een moeilijke spreuk?"
Leo hief lachend zijn handen op en wachtte rustig tot hij verder kon vertellen.
"Zoals ik al zei hebben Fred en George toen ze vorige week Zweinstein verlieten, niet alleen een Verplaatsbaar Moeras achter gelaten. Er is ook voor elke Griffoendor hun nieuwste uitvinding als bedankje voor het kunnen uittesten van hun producten."
Hij wees op de stapel perkamentrollen die naast zijn voeten lag.
"Dankzij jullie hulp kunnen ze nu betere producten gaan verkopen in hun Topfopshop."
Hermelien keek hem argwanend aan. "Fred en George die bedankjes achterlaten?" Het ongeloof in haar stem was zelfs voor de leerlingen die het verst van Leo vandaan stonden overduidelijk te horen.
Voor ze echter verder kon gaan met haar ondervraging, werd ze in de rede gevallen door Belinda.
"Dus je schrijft een brief en zodra je het perkament verzegelt en de spreuk uitspreekt, Verdwijnseld het perkament automatisch naar degene aan wie je schrijft?"
"Precies maar alleen als je een naam boven aan het perkament zet," antwoordde Leo, "je kunt een brief schrijven aan een vriendin, aan je familie - als ze tenminste in Engeland wonen – of om een afspraakje te maken zonder dat je vrienden het zien."
Belinda en Parvati keken quasi verlegen naar Harry en giechelden. Hermelien rolde met haar ogen. Hoe subtiel kun je zijn. Ze wapperden nog net niet met hun wimpers.
Harry wendde gegeneerd zijn blik af om te ontdekken dat zijn klasgenoten niet de enige waren die naar hem staarden. Hij zag een paar derdejaars naar hem kijken en zelfs een tweedejaars die blozend haar blik afwendde. Een paar vierdejaars keken alsof Vilder plotseling de Drakenpokken had gekregen en ze nu de kans hadden om 's avonds stiekem door het kasteel te zwerven.
Wanhopig keek Harry opzij naar Ron maar zijn vriend fluisterde met een grijns op zijn besproette gezicht: "Nu kun je het goed maken met Cho en haar mee uit vragen!"
Harry voelde zijn gezicht warm worden en was extreem dankbaar dat Hermelien het woord weer nam.
"Je kunt helemaal niet Verdwijnselen in Zweinstein," zei ze bits, "allemachtig, leest er dan niemand Een Beknopte – "
" – Beschrijving van Zweinstein!" fluisterden Harry en Ron zachtjes mee en keken elkaar grijnzend aan.
"Klopt," gaf Leo toe, "personen kunnen hier niet Verdwijnselen en Verschijnselen. Maar deze spreuk werkt net als huis-elvenmagie op een andere manier."
De woorden werden als Beukers tussen Hermelien en Leo heen en weer geslagen terwijl Leo een beetje ongeduldig begon te kijken. De overige leerlingen keken gefascineerd toe. Harry en Ron waren geamuseerd dat een ander nu eens het slachtoffer was van Hermelien's bemoeizucht.
"Kan ik die spreuk dan niet beter eerst vertalen, zodat we zeker weten dat het veilig is?"
"Jee Hermelien, denk je dat Fred en George je een Viavia naar Jeweetwel willen geven?" reageerde Belinda sarcastisch, "dat jij nou niemand hebt die een afspraakje met je wilt maken … ik wil het perkament wel hoor Leo." Naast haar knikte Parvati instemmend. Meer leerlingen staken een hand op en riepen: "Ik ook."
En daarmee was het pleit beslecht. Leo sprong van de tafel af en begon de perkamentrollen uit te delen.
Toen iedereen een rol perkament had, was het al laat en de eerste- en tweedejaars vertrokken naar hun slaapzalen.
Leo liep naar Harry, Ron, Hermelien en Ginny die onder veel gelach de mogelijkheden van het magische perkament bespraken hoewel Hermelien nog steeds haar bedenkingen leek te hebben. Leo nam Harry even apart en gaf hem nog een rol.
"Jij krijgt er één extra." beantwoordde hij Harry's verbaasde blik en met een knipoog voegde hij eraan toe: "Extra dank, extra perkament."
Hij draaide zich om en liep naar Daan, Simon en Marcel, zijn dreadlocks dansend om zijn hoofd. Toen keek hij met een brede grijns over zijn schouder en zei: "Niet te lang onderzoeken, Hermelien, anders is de houdbaarheidsdatum verstreken."
De eerstejaars Griffoendors en Huffelpufs stopten snel hun boeken, perkament en ganzenveren in hun tassen en stroomden het lokaal van Gedaanteverwisseling uit. De eerste les van die dag zat er weer op en zoals altijd op vrijdag waren ze een beetje onrustig geweest.
Minerva Anderling keek hen na en richtte toen een tevreden blik op het perkament op haar bureau.
'Tovertweelings Topfopshop – Magisch Perkament' zei een label rechts bovenaan.
Normaal zou ze niets vertrouwen dat uit handen van de Wemel tweeling kwam maar dit was een uitzondering. Tenslotte hadden Abeel en Graving niet geweten dat zij hen kon horen toen ze de werking van het perkament bespraken.
Prettig dat eerstejaars nog niet op hun hoede waren als er plotseling een kat de klas in liep. Ze waren zelfs te verbouwereerd geweest om te protesteren toen ze het perkament in beslag had genomen. Of te bang! Ze dacht niet dat ze zouden controleren of deze uitvinding van Fred en George echt op de lijst op Argus' kantoordeur stond.
Hoewel haar dunne lippen nauwelijks vertrokken, lichtten haar ogen op achter het vierkante montuur. Eindelijk kon ze die vervelende, roze pad te slim af zijn. Ze pakte haar veer en begon snel te schrijven.
Beste Albus,
Ik heb je gemist de afgelopen dagen. Met je praten, gaat een stuk moeilijker
nu Omber de scepter zwaait. Als het goed is, kom ik vanavond om 22.00
uur naar je toe.
Liefs, Minerva
"Man, wat heb ik honger," zei Ron terwijl hij langs Hermelien reikte naar een grote schaal worstjes die voor Harry's bord stond.
"Lieve help, Ron, pas op!" riep Hermelien en trok haastig het perkament weg dat naast haar bord lag.
Harry's ogen vielen op het bekende label met de twee rode, gekoppelde W's door een schuin gedrukte tekst en hij vroeg geïnteresseerd: "Aan wie ga jij schrijven, Hermelien?"
Voor ze kon reageren, mompelde Ron met volle mond iets dat klonk als Kruimel.
Hermelien keek hem laatdunkend aan: "Nee Ron, ik ga niet naar Victor schrijven."
Ze keerde zich om naar links en vervolgde: "Ik heb nog wel mijn twijfels over die spreuk maar ik wil het gebruiken om iets goeds te doen voor de S.H.I.T. Ik weet alleen nog niet wat. Heb jij een idee, Harry?"
Harry schudde zwijgend zijn hoofd terwijl hij Ron's blik probeerde te ontwijken.
"Goh Hermelien, waarom schrijf je Dobby dan geen brief? En Winky ook. Dan stuur je twee huis-elven een shitliefdesbrief," zei Ron en brulde het uit van het lachen, zijn pompoensap over de tafel proestend.
"Erg grappig, Ronald," zei Hermelien bits, "het is S.H.I.T.! En wanneer word je eindelijk eens een beetje volwassen?"
"Eh, ik heb dat tweede perkament aan Hagrid gegeven," probeerde Harry zijn vrienden af te leiden voordat ze de rest van de lunch ruzie zouden blijven maken, "ik geloof dat hij het wilde gebruiken om madame Mallemour te schrijven."
Hij maakte een beweging met zijn hoofd in de richting van de Oppertafel. De afleidingsmanoeuvre werkte.
"Sodeknetter!" riep Ron uit, "je gaat me toch niet vertellen dat hij een liefdesbrief zit te schrijven." Zijn ogen konden wedijveren met die van Dobby.
Ook Hermelien volgde Harry's blik maar zij glimlachte bij het zien van Hagrid. De halfreus zat zuchtend en steunend boven een stuk perkament, leunend op zijn elleboog, zijn vuist diep in zijn baard geplant.
Met zijn andere hand streek hij door zijn warrige haar maar vergat daarbij zijn ganzenveer zodat die vast kwam te zitten. Inktspatten staken zelfs van die afstand sterk af tegen zijn rode wangen. Met een zucht die de Oppertafel deed schudden, trok Hagrid met een woeste ruk zijn veer los, doopte hem in de inkt en schreef vlug een paar zinnen op voor hij het perkament oprolde.
Het drietal aan de tafel van Griffoendor keek gefascineerd toe hoe Hagrid zich naar Professor Anderling boog en haar wat toe fluisterde. Even leek het of ze haar hand op Hagrid's arm legde en wat terug fluisterde. Toen ze weer recht ging zitten, zagen drie paar verbaasde ogen echter dat Hagrid's perkament verdwenen was.
"Zou Anderling het weten," fluisterde Ron opgewonden.
"Het lijkt er wel op," zei Hermelien bedachtzaam, "maar hoe is dat mogelijk?"
Harry keek fronsend naar de Oppertafel waar Hagrid met grote ogen naar zijn lege hand staarde terwijl Professor Anderling ontspannen met Professor Stronk zat te praten.
"Misschien heeft ze iemand met het perkament betrapt," zei hij langzaam, "maar als ze het weet, lijkt ze het niet erg te vinden.
"Misschien wilde ze het zelf gebruiken," mompelde Ron, niet beseffend dat hij de spijker op de kop had geslagen.
Hermelien zat een moment in gedachten naar de Oppertafel te staren maar leek dan een besluit te nemen. Ze pakte een veer en een potje inkt uit haar tas en rolde het perkament open. Even aarzelde ze, dan schreef ze:
Beste Dobby,
Ik schrijf je omdat ik even iets kwijt moet. Ik weet dat je vindt dat je recht hebt
op al je mooie kleding; het staat je ook allemaal heel goed. Maar misschien
kun je ook eens denken aan de anderen in de keuken van Zweinstein die het
minder goed getroffen hebben dan jij.
Misschien kun je wat delen? Ik wil je er best mee helpen.
Met vriendelijke groet,
Hermelien Griffel
Op het moment dat ze haar veer en inkt weer opborg en haar toverstok pakte, stootte Marcel die schuin tegenover Harry zat, een kom met saus om. De spetters vlogen alle kanten en Hermelien trok snel haar perkament weg, rolde het op, verzegelde het en prevelde de moeilijke spreuk die Fred en George hadden bijgevoegd. In alle verwarring merkte ze niet dat er een klodder saus in het midden van de brief terecht was gekomen.
"Jemig Marcel," riep Ron, "let even op!"
Hij pakte zijn spullen en zei zacht tegen Harry: "Zullen we alvast naar de leerlingenkamer gaan? Hermelien moet eerst nog even naar de bibliotheek."
Harry knikte, pakte zijn eigen tas en stond, met een verontschuldigende blik naar Marcel en Hermelien, op. Marcel, zijn gezicht zo rood als een Beuker, probeerde de saus weg te vegen met een servet.
"Oh Marcel," zuchtte Hermelien. Ze wees met haar toverstok naar de tafel en zei: "Hygiëna".
Een paar tafels verderop klonk een zeer verontwaardigde stem boven de andere leerlingen uit: "… Modder…"
Maar Hermelien hoorde het niet; zij was inmiddels op weg naar de bibliotheek.
In de leerlingenkamer van Griffoendor zaten een donker- en een roodharige jongen ieder diep over een stuk perkament gebogen.
Harry keek op en zag dat Ron eindelijk begonnen was met schrijven. Hij was in eerste instantie verbaasd dat Ron niet wilde dat ze met Hermelien naar de bibliotheek gingen. Tot zijn vriend schoorvoetend opbiechtte dat hij zijn perkament wilde gebruiken om een afspraak met Hermelien te maken. Zonder dat ze in de buurt was natuurlijk.
Harry zelf had de avond tevoren lang liggen nadenken over Ron's opmerking.
Zou hij een afspraak met Cho maken? Zou ze dat eigenlijk nog wel willen na hun ruzie vorige week?
Het krassen van Ron's ganzenveer, zette Harry aan tot actie. Hij doopte zijn veer in de inkt en begon te schrijven.
Lieve Cho … Nee, dat was té … "Deletrius!" Beste Cho … Dat was weer te afstandelijk. Een gefrustreerde zucht. Ron keek even op van zijn perkament en grijnsde terwijl Harry opnieuw de Verdwijnspreuk uitsprak.
Cho,
Is het mogelijk dat we elkaar een keer ontmoeten? Ik weet dat het op het
moment niet echt lekker tussen ons gaat, maar ik weet zeker dat we daar uit
kunnen komen.
Ik zou dat in elk geval graag willen. Als jij dat ook wilt –
Naast hem tikte Ron op het verzegelde perkament in zijn linkerhand en zei zenuwachtig: "Nomina prima versa cum alio mitte". Hij maakte een piepend geluid toen het perkament met een ritselend geluidje in het niets verdween.
Hij had niet gezien dat het perkament even oplichtte met een gele gloed. En dat de naam die boven aan zijn brief stond, samen met die gloed verdween. Het ontging niet alleen Ron. Ook Harry, Hermelien, Hagrid en Professor Anderling bleven onwetend. Net als vele andere Griffoendors. Maar niet voor lang.
