(A/N) Heey! Dank je voor de reactie!

Ik ben maar snel verder gegaan, in de hoop dat meer mensen ook dit verhaal gaan lezen!

Hoofdstuk 1

Ik stond aan de grond genageld. Wat kwam ze hier doen? Wie had haar verteld dat wij hier woonde? En wie had haar verteld dat Draco hier woonde? Dat was niet zo moeilijk te raden, Voldemort wist waarschijnlijk alles van ons leven af. Maar er was nooit meer iets gebeurd dus had ik zonder angst geleefd, maar nu kwam alles naar boven waar ik bang voor was, of voor zou moeten zijn.
Ik straalde blijkbaar angst uit, want Beer, een van mijn honden, kwam grommend naar voren en onblote zijn tanden. Ze keek er echter schamper naar en wuifde het toen van haar af.
"Hoe weet ik dat je te vertrouwen bent?" vroeg ik harder dan bedoeld was. Ze trok een wenkbrauw omhoog, precies haar zoon.
"Ik zou hier niet vrijwillig komen als mijn leven er vanaf hangt, misschien zegt dat genoeg?" zei ze en keek nog eens achterom. Ik twijfelde.
"Laat me binnen, ik heb geen zin om hier voor jullie deur te sterven," zei ze en ik deed de deur een klein stukje verder open en ze wurmde zich lang mij heen. Ik deed de deur dicht en draaide me om. Moest ik Draco wakker maken vroeg ik mezelf af.
Maar dat was niet meer nodig, want hij stond al onderaan de trap in zijn ochtendjas.
"Moeder?" zei hij zacht, verward, verbaasd en toch nog wel wat angstig. Hij liep snel naar mij toe en ging naast me staan.

Nu ik zelf moeder was, leek het me een moeilijk moment voor Narcissa Malfidus, maar ook voor Draco. Narcissa en Draco hadden elkaar niet meer gezien sinds Draco's zevende jaar op Zweinstein Hogeschool voor Hekserij en Hocus-Pocus.
Er was veel te veel gebeurd in dat jaar; Ik was weg gelopen van huis; Draco had nee gezegd tegen aansluiting bij Voldemort, voor mij; mijn beste vriend Nick en zijn ouders zijn vermoord en ik werd de voogd van zijn zusje, Rosa; Patty, mijn beste vriendin, trouwde met Lucas, mijn andere vriend; Jack bleef vrijgezel; en ik, ik trouwde een jaar geleden met Draco.
Ik had net een maand mijn eigen kind, Lara Lissy Malfidus.
Ik zelf heette Mel Lissy Malfidus, maar daar is heel wat aan vooraf gegaan. In het begin heette ik Lissy Stan, mijn biologische vader stierf en mijn moeder hertrouwde. Ik heette Melanie Lissy Hanley. Daarna wilde mijn moeder, Marsja, zich tegen Voldemort keren, dus vermoordde haar nieuwe man, Marcus, haar. Toen heb ik mezelf definitief Mel Lissy genoemd. Alleen mijn moeder is nooit dood geweest, maar had zich schuilgehouden bij Perkamentus. Na mijn zevende jaar was Draco voor drie jaar verdwenen en in die tijd heb ik mijzelf Mel Lissy Malfidus genoemd, pas toen hij terug kwam en me ten huwelijk vroeg, heette ik echt Mel Lissy Malfidus.
Al die zeven jaren dat ik op Zweinstein zat, zocht iedereen hulp bij Perkamentus, nou ja, behalve Zwadderich. Ik zat in Zwadderich, maar heb nooit aan de duistere kant gestaan. Ik ben altijd neutraal geweest en had mijn eigen meester die zich verstopte diep onder de grond in het kasteel. Alleen ik wist van zijn bestaan. Mijn meester wist alles van iedereen, alles van wat er gebeurde en alles van wat er zou komen. Gewoon alles. Hij had mij niet alles geleerd want hij was speciaal en ik niet. Maar toch werd ik zijn leerling en ik ken de meest duistere vloeken, vloeken die zelf een dooddoener nog angstaanjagend vonden. Maar ik kende niet alleen duistere vloeken, ook vele genezende spreuken en de meest handige spreuken. Ook was ik door hem een professional in duelleren geworden en deinsde ik nergens voor achteruit, ik was nergens bang voor, alleen voor het verliezen van dierbaren. Het verlies van mijn beste vriend kwam het hardst aan van alles wat ik ooit had meegemaakt, ik heb veel meegemaakt.
Halverwege mijn zevende jaar kwam ik een mysterieuze jonge man tegen. Hij had voor veel onrust gezorgd in mijn hoofd en toen ik hem sprak, was ik helemaal overstuur. Na mijn zevende jaar heb ik hem, evenals mijn meester niet meer gezien.

"Ik moet met jullie praten, ik ben hier om jullie te waarschuwen," zei Narcissa terwijl ze haar stok pakte en met een simpele spreuk haar kleding droog maakte. Ze deed haar mantel af en je zag haar kleding, netjes en chique als altijd.
Ik knikte en liep richting de woonkamer en deed de deuren open.
"Ga maar alvast zitten, ik maak even wat thee," zei ik en Narcissa knikte enkel. Ik liep naar de keuken en Draco liep haastig achter me aan.
"Wat doe ze hier?" vroeg ik en leunde tegen het aanrecht aan.
"Ik heb geen idee, ze komt ons waarschuwen zei ze."
"En wat nou als dit een valstrik is?" vroeg ik bang. Draco ging voor me staan en legde zijn hand op mij wang, keek me even aan en drukte me toen heel even tegen zich aan voordat hij kopjes ging pakken en ik water op het gas zette.
Beer was Narcissa geen moment uit het oog verloren en zat nu in de woonkamer, zijn ogen strak gericht op Narcissa. Wolf was altijd in haar mand te vinden, bij de deur, en Jumbo, een van de puppy's van Wolf en Beer die nu al weer één jaar oud waren, was altijd bij Lara te vinden. Dan hadden we Nog twee puppy's van één jaar oud van Beer en Wolf, Lucky en Shany, en die waren vaak bij Rosa te vinden, maar ze liepen ook wel gewoon door het huis heen.
Ik gaf een onrustige blik op het plafond.
"Jumbo is bij haar, die waarschuwt wel," zei Draco en glimlachte lief, maar ik kon het niet zo ver brengen dat ik menend glimlachte.

Zwijgend liep ik naar de woonkamer met een dienblad met kopjes en schoteltjes, potje suiker en melk in mijn handen. Draco kwam achter me aan met de theepot.
"Alsjeblieft," zei ik zacht, gaf haar een kopje en schonk wat thee in.
"Dank je," zei Narcissa, maar ergens had ik het gevoel dat ze het liever niet had gezegd.
"Laten we het hebben over de reden waarom ik hier ben," zei ze terwijl ze me doordringend aankeek. Mij nekharen gingen overeind staan, ik kreeg rillingen en kippenvel. Ik had het gevoel dat ze met die koude ogen dwars door me heen keek.
Ik ging zitten in een stoel tegenover haar en leunde naar voren, Draco deed precies hetzelfde.
"Ik ben hier om jullie te waarschuwen voor meerdere dingen. Ten eerste, Rosa Lond is in gevaar -"
"Hoezo dat?" vroeg ik verbijsterd.
"Als je me laat uitpraten, dan zou ik ook nog de kans kunnen hebben om dat te vertellen," zei ze verwijtend. "De Heer heeft het op haar gemunt. Omdat haar broer dood is, kan hij de taak die zijn ouders moesten vervullen niet vervullen en nu is dat doorgeschoven naar Rosa. Rosa moet een taak vervullen, wil ze dat niet, dan eindigt ze hetzelfde als haar broer."
"Ja maar, waarom nu pas? Waarom deed Voldemort het niet gelijk nadat Nick dood was?" vroeg ik niet-begrijpend en geschokt. Narcissa trok wat wit weg toen ik de naam Voldemort zei, maar ik trok me er niets van aan.
"Ze was toen nog te jong. Ze is nu volwassen, of bijna in ieder geval, en kan dus ook niet beschermd worden door de minderjarigheidwet tegen de Wikenweegschaar. Wat haar opdracht wordt, weet ik niet. Dat weet mijn man wel, alleen als hij weet dat ik hier ben, dan ben ik er geweest.
Ten tweede, niet alleen Rosa is in gevaar, maar ook Lara."
"Wat?!! Lara? Wat is er met Lara?! Waarom is ze in gevaar?! Wat moet hij met haar?! Waar -" riep ik geschrokken en met doodsangst uit, Narcissa zuchtte ongeduldig. Draco zag er net zo geschrokken uit maar zodra hij zijn hand op de mijne legde, die de leuning van de stoel vast had en wit weggetrokken was, was ik stil.
"Als je me nou nog één keer onderbreekt, ben ik weg," zei Narcissa ongeduldig. "De enige logische reden die ik kan bedenken waarom De Heer Lara wil hebben, is om wraak te nemen. Er kan natuurlijk meer bij zitten," zei Narcissa met een zucht, het zag er naar uit dat zij het ook niet zo fijn vond, maar er niets tegen wilde doen.
"Wat kunnen we doen? Ik bedoel, als Voldemort haar echt wil hebben, zal hij dan geen manier vinden?" vroeg Draco met trillende stem.
"Natuurlijk, tenzij jullie een hele goede plek vinden om haar te verstoppen," zei Narcissa kalm, maar ik zag aan haar dat ze haar hersens pijnigde om een oplossing te bedenken.
Ik bedekte met mijn handen mijn gezicht, hoe kon dit? hoe kon mijn leven van goed, naar slecht, naar nog slechter, naar goed, naar super goed gaan en dan opeens weer helemaal in elkaar vallen?
"Ik moet gaan," zei ze plotseling.
"Maar -" zei ik nog maar ze was zo snel weg ze kon. Gehaast rende ik nog naar de deur, trok hem open en rende naar buiten, de stromende regen in.
"Narcissa!!!" riep ik zo hard ik kon door de straat, maar ik zag niets. Of toch? Daar net om de hoek? Snel rende ik naar de hoek, op mijn sloffen en in mijn ochtendjas. Nee, niets, of toch daar weer, om die hoek? Weer rende ik er naar toe, maar weer zag ik niets.
"Mel!!" riep Draco, hij kwam me achterna. Ik keek om.
"Je moet naar binnen, het regent heel erg!" zei hij en sloeg een arm om me heen. Helemaal verward en bang liet ik me meenemen door mijn man.

Hoe kon dit allemaal gebeuren? Ik dacht dat we geen last meer zouden krijgen van allemaal nare dingen en nu, nu waren mensen de dood van mijn kind aan het plannen.
Mijn kind!
Geschrokken keek ik op.
"Draco, er is niemand thuis!" riep ik verwoed uit en Draco keek even verward en verbaasd naar me en werd toen krijtwit.
Zo snel als ik kon rende ik de hoek om, half struikelend over losliggende stoeptegels. Ik rende het grintpad op verzwikte mijn enkel, maar trok me er niets van aan.
Van buiten hoorde ik de honden blaffen, nee, dit kon niet, dit mocht niet!
Ik rende het bordes op, gooide de deur wijd open, hij stond nog op een kier. Draco zat me op mijn hielen, ik hoorde zijn hijgen.
Vreselijke gedachtes gingen door mijn hoofd, Lara was niet veilig hier meer in huis.
Beer was niet in de hal, hij moest dus naar boven zijn gegaan. Wolf, die altijd in haar mand lag bij de deur, was er ook niet!
Ik haalde mijn stok uit mijn mouw en hield hem paraat. Nou moest ik nog die hele trap op! Draco had me ingehaald en snelde voor mij de trap op, ik kwam erachteraan.
Ik had geen oog meer voor wat er om me heen gebeurde, ik zag niet dat wij niet de enige in mijn huis waren. Ik hoorde ook niet dat er iemand achter ons aan, zacht, ook de trap op snelde.
Toen we bijna bij Lara's kamer waren riep Draco een spreuk en de deur vloog open. Ik hoorde het gekrijs van Lara en zag de honden verlamd op de grond liggen zodra ik de kamer in keek.
Een persoon in een zwart gewaad en een masker hield Lara in zijn armen en keek op toen we binnen stormde.
Ik vuurde blindelings een spreuk op de dooddoener af, hij ontweek hem. Draco deed het vlak naar mij, maar miste ook doel. Ik zag de dooddoener knikken en mijn hersens begonnen over te werken. Met grote ogen keek ik naar Lara waarbij de stem was weggeroofd en ik nu zag ik alleen nog de vele zoute traantjes die over haar wang rolde.
Het gebeurde allemaal heel snel, maar toch leek het in slowmotion te gaan.
Ik draaide me om, zag om de hoek van de deur een andere dooddoener komen. Uit zijn stok kwam een groene straal die recht op Draco afging. Met grote ogen volgde ik de straal. Ik keek nog even snel naar de dooddoener en meende een pluk witte haren te zien, wat me nog meer deed schrikken.
Toen ik weer naar de groene straal keek en toen naar Draco. Hij vloog schuin naar achteren en knalde met zijn hoofd tegen de muur en bleef roerloos liggen.
Nee, dit kon niet. Even ging de vreselijke gedachten door mijn hoofd heen dat hij dood was. Die groene straal, de klap tegen de muur, het beweegloos liggen van mijn man.
Het leek wel alsof er een baksteen in mijn maag viel. Heel even zag ik mezelf al voor twee graven staan, een kleine en een grote.
Nee, dat mocht niet! Ik draaide me naar Lara toe, maar net toen ik een spreuk wilde afvuren, verdwenen ze.
"Nee!! Lara!!" gilde ik en rende naar de plek waar ze net nog had gestaan met de dooddoener. Verwilderd keek ik om me heen en rende toen naar haar bedje, ze lag er niet.
"Lara!! Lara!!" gilde ik hard en voelde tranen opkomen. Ze mocht niet weg zijn, dit kon niet!
Weer keek ik rond en zag Draco liggen.
"Draco…?" zei ik zacht en liep snel naar hem toe en knielde naast hem neer. Ik pakte zijn pols, maar voelde niets.