TWEE
Een zwak zonnestraaltje dat precies het spleetje had gevonden tussen mijn gordijnen verlichte een klein deel van mijn kamer. Ik lag al een halfuur wakker. Voornamelijk dankzij de antibiotica was de hoofdpijn tot een verdraagbaar punt gedaald en ik voelde me een stuk beter dan vier dagen geleden, toen ik net uit het ziekenhuis kwam. Ik rekte me nog even uit, hees mezelf toen omhoog en stapte uit mijn bed. Eventjes sloot ik mijn ogen tegen de lichte duizeligheid, opende ze daarna weer langzaam en liep naar het raam. Ik schoof het gordijn open. Het gras in de achtertuin was kletsnat, en hoewel de zon heel zwakjes scheen, was het overgrote deel van de lucht bezaaid met donkergrijze wolken, die verrassend snel naar links verschoven. Ik was allang blij dat ik een periode rust had en niet naar school hoefde, want met die wind tegen was ik nooit aangekomen.
Ik trok mijn warme, donkerblauwe ochtendjas aan en liep de overloop op, de trap af. Hoewel de pijn flink verminderd was, voelde ik me nog steeds flink zwak, en lichte inspanningen maakten me al erg vermoeid. Vandaag leek een betere dag. Met flink wat steun van de leuning liep ik dit keer de trap af, in plaats van iedere ochtend zittend tree voor tree naar beneden te komen, en bleef in de opening van de keuken staan. Mam zat aan de keukentafel achter een hete bak thee. Haar ogen stonden afwezig, en ze had me duidelijk niet horen aankomen. "Goedemorgen mam." Ze keek op, knipperde snel met haar ogen en glimlachte toen. "Ben je lopend de trap afgekomen?" Ik knikte en schoof bij haar aan de tafel aan. "Is alles goed?" Ze schudde langzaam haar hoofd, terwijl ze de mok thee in haar handen liet ronddraaien. "Niet echt, Luus." Ik keek haar lichtelijk bezorgd aan. "Wat is er dan?" Ze stond op en liep naar het aanrecht, waar ze een kop thee voor mij inschonk en uit het raam staarde. "Je vader moet nog minimaal twee maanden in China blijven…" Ik keek geschokt naar haar rug. "WAT?! Twee maanden, nog twee maanden erbij? Dat is belachelijk, dan is hij meer dan een kwartaal weg bij elkaar!" Ze draaide zich om en liep naar me toe, overhandigde me de kop thee. "Ik weet het lieverd, maar hij heeft een aanbod gekregen dat hij niet kan weigeren, en we kunnen het geld goed gebruiken." Ik knikte langzaam. Ik wist dat we het niet al te breed hadden. We hadden het niet zwaar, maar de leuke uitstapjes en nieuwe kleren, die waren niet vaak voor ons weggelegd. "En hij wil dat ik naar hem toe kom." Ik staarde mijn moeder met grote ogen aan. "Dan wil ik ook mee." Mam legde een hand op de mijne en keek me met waterige ogen aan. "Sorry Luus, maar dat gaat niet. Jij zit in je examenjaar, ik wil dat je slaagt zodat je volgend jaar naar een universiteit kan en je toekomst kan gaan opbouwen. Twee maanden in China zou betekenen dat je een jaar geheel over moet doen, en dat willen we niet hebben. Bovendien zou dat nog meer kosten met zich meebrengen…" Ik stond lukraak op uit mijn stoel en keek haar boos aan. "Fuck school! Wat maakt mij dat nou uit." Mam keek me streng aan en ik bedaarde lichtelijk. "Je gaat, of niet?" zei ik verwijtend. Ze knikte. "Ja, ik vlieg naar hem toe. Als jij later een man hebt, zal je het begrijpen. Drie maanden zonder elkaar is gewoon geen optie." Een paar maanden zonder mij wel, wilde ik haar vragen, maar ik slikte mijn woorden in. "En dan? Wat is de bedoeling?" Mam kromp een beetje in één, en ik wist wat me te verwachten stond. "Mam, ik ben achttien, officieel volwassen! Je stuurt me niet naar opa en oma! Alsjeblieft mam, laat me alleen thuis blijven!" Maar ze schudde haar hoofd al. "Niks officieel volwassen. Je woont nog steeds in je vader en mijn huis, dus onze regels gelden. En ik wil niet hebben dat je twee maanden alleen in dit huis zit, je hebt contacten nodig. En nee," vervolgde ze toen ik mijn mond al opentrok, "…daarmee bedoel ik volwassenen, en geen vrienden." Ik keek haar woedend aan, maar ik had de blik al gezien. Er was geen discussie meer mogelijk, ze had haar besluit al genomen. Ik zou vertrekken naar opa en oma om daar zo'n twee maanden te zitten, in een dorp een flink eind hiervandaan. Top, dat zou leuk worden met… "Mam, hoe zit 't dan met school?!" Ze legde een hand op mijn schouder. "Je gaat naar de school in het dorp van je opa en oma." Ik keek haar verbijsterd aan. "Ben je gek geworden? In mijn examenjaar in een nieuwe klas, met nieuwe leraren en vooral nieuwe leerlingen? Ben je GEK?" Mam keek me streng aan. "Zo praat je niet tegen me. En bovendien, het is je examenjaar. Je hoeft alleen te slagen en je bent klaar, je overleeft het wel." In een wanhopig gebaar hief ik mijn handen op, draaide me om en stormde de trap op, voor zover dat mogelijk was in mijn fysieke toestand. Dit zou een prachtige afsluiting van het schooljaar gaan worden.
"…Nee, het is geen grap. Ze flikken me dit echt." Ik luisterde naar Sophie die aan de andere kant van de lijn een kreet van afkeer slaakte. "Maar dat is belachelijk. Dan zit je daar vriendloos, het enige wat je kunt doen is warm eten tussen de middag met je ouderwetse opa en oma, en leren voor je leven." Ik trok een sarcastisch hoofd. "Dank je Soof, dat pept me in ieder geval op." Ik hoorde haar grinniken door de telefoon. "Sorry, maar het zit je ook wel gigantisch tegen. Eerst je ongeluk waar je, je niets van herinnert. En nu dit. Het is ook nog een flink uur rijden met de auto weg, dus ik ben niet één twee drie bij je." Ik lachte. "Je hebt ook geen auto, muts." Ik hoorde haar snuiven. "Nee klopt, daarom zeg ik; ik ben er niet zo één twee drie, want no way dat ik dat eind op mijn barrel van een fiets ga rijden." Ik lachte, maar keek bedenkelijk. Ook voor Sophie was ik haast onbereikbaar, behalve via de telefoon of over internet. Ik zou daar werkelijk zitten zonder vrienden, en die maakte je ook niet zo snel meer halverwege je examenjaar. Ik zuchtte zachtjes. "Goed, ik ga je hangen Soof, ik laat je wel horen hoe het is en dergelijke…" Ze liet me zweren om minimaal vier keer per week te bellen voordat we ons gesprek beëindigden, en ik mijn hoofd achterover in mijn kussens liet vallen. Ik zag mijn opa en oma misschien vier keer in de maand, wanneer ze op visite kwamen bij mijn ouders. We gingen nooit daarheen, ik had eigenlijk geen idee waarom. Wanneer ze hier waren was het wel gezellig, maar het bleven mijn opa en oma; mensen van een andere generatie die nog steeds vonden dat vroeger alles beter was, 's middags een warme maaltijd benuttigden en 's avonds voor negenen in bed lagen. Ik liet mijn adem langzaam ontsnappen. Dit zou erg worden, heel erg.
"Mam, hoe heet dat dorp van opa en oma ook alweer?" Ik keek op van het tv-scherm naar mijn moeder, die de krant zat te lezen. "Dremden," antwoordde ze, waarna ze zich weer verdiepte in haar krant. Ik herinnerde me de naam, maar het kwam me sterker voor dan anders. Wat moeizaam stond ik op en liep naar het bureau, waar de laptop nog op stand-by stond. Ik tikte Dremden in op Google en mijn hart maakte een klein sprongetje. Ik herkende het niet voor niets. Dremden lag twee dorpen naast Arnoon, het dorp waar ik was gevonden na mijn ongeluk. Kon ik op die dag bij mijn opa en oma zijn geweest? Onmiddellijk verwierp ik mijn gedachte. Nee, natuurlijk niet, anders hadden mijn opa en oma ons dat allang laten weten. Toch keek ik nieuwsgierig naar het dorp, dat zo mysterieus voor mij was, toch herkenbaar. Ik was daar geweest. Waarom en wat was er gebeurd? Ik kneep mijn ogen dicht en fronste mijn voorhoofd, terwijl ik zo hard mogelijk nadacht, maar het had nog steeds geen resultaat; ik herinnerde me het simpelweg niet. Er was slechts één ding veranderd in de gehele situatie; er was één klein lichtpuntje verschenen; Dremden lag op korte afstand van Arnoon, en ik zou er zeker heengaan. Ik moest en zou weten wat er met mij gebeurd was.
"Slaap lekker lieverd, tot over zo'n tweeënhalve maand." Ik slikte, zei mijn vader gedag en legde mijn mobieltje neer. Hij belde één keer per week, omdat het anders veels te duur werd vanuit China. Iedere vrijdagavond zorgde ik dat ik mijn mobiel binnen handbereik had, en nam ik op voordat het mobieltje ook maar één keer in zijn geheel kon overgaan. Ik zette het kleine ding op de slaapstand, legde het op mijn nachtkastje en trok de dekens tot over mijn schouders. Mijn fysieke toestand sloopte me nog steeds, en ik was blij dat ik in bed lag en mijn ogen dicht kon doen. Tevreden sloot ik mijn ogen en wachtte tot ik de slaap zou vatten.
Een flits, lawaai en het breken van glas. Met moeite kreeg ik mijn ogen nog open, maar ik moest zien wat er gebeurde. De ruimte was wazig, danste voor mijn ogen. Een schreeuw van pijn, een kreet van victorie. Nog geen tiende seconde later zat hij naast me. Ik kon slechts zijn wazige omtrekken onderscheiden. "Het spijt me. Ik zorg dat je in veiligheid komt." Een rilling trok over mijn ruggengraat. De bezorgdheid in zijn stem, de zachtheid, de klank. Wie was hij? Nog geen seconde nadat hij gesproken had hing ik in zijn armen, en trof de overweldigende pijn van een gebroken arm en iets wat nog veel meer pijn deed in mijn schouderblad tot me door. "Au!" schreeuwde ik, maar er kwam slechts een piepklein geluidje uit mijn keel. Het was genoeg voor hem om me in noodvaart maar met alle voorzichtigheid weer neer te leggen. "Haal het uit haar, zoon. Voordat het te diep doordringt en ze veranderd." Er moest een derde persoon in de ruimte zijn, maar deze begon steeds meer te dansen en ik kon mijn ogen niet meer openhouden. "Maar dan…" "Ja, zoon, het is je lot. Maak haar rein, ze verdiend het niet om zoals ons te worden." Een moment gebeurde er niets, toen drong een gigantische pijn tot mij door die tot in de diepste poriën van mijn lichaam kwam. Ik greep zijn hand en schreeuwde, maar er kwam geen geluid uit mijn keel.
Badend in het zweet zat ik recht overeind in bed, mijn ogen wijd opengesperd. Wat was er in vredesnaam gebeurd?
