CeliaLauna en Jade Lammourgy Thnx voor de Reviews.

Een nacht in de Bezemkast
Hoofdstuk 2

De weken vlogen voorbij sinds de keer dat Sirius mij mee vroeg, en de dag van Zweinsveld brak aan en ik vroeg me steeds meer af of ik niet een grote fout had gemaakt. Evelina was blij dat ik nee gezegd had, maar ik voelde me er alleen maar ellendig door.

Het was doodstil in de Bibliotheek, Evelina was sinds gisteren ziek en zo kwam het dat ik alleen in de Bibliotheek zat huiswerk te maken. Terwijl het gekras van mijn veer op het papier de bibliotheek leek te vullen, aangezien iedereen naar Zweinsveld was.
'Dus schoonheid.' verbaast keek ik op en keek recht in de grijze ogen niemand minder dan die van Sirius Zwarts, vragend keek ik hem aan. Ja wat kon ik dan doen? Doen als of ik een bloedneus had? Misschien was dat nog niet eens z'n slecht plan…
'Ik wist niet dat Zweinsveld zoveel boeken had.' Hij pakte de stoel tegen over me en ging er op zitten terwijl hij me vragend aan keek.
'Owh ja hoor, ooit in de Bibliotheek daar zo geweest?' Vroeg ik uitdagend.
'Ik geloof dat ik me der momenteel bevind, en om eerlijk te zijn zou ik nergens ander willen zijn.' Antwoordde hij terwijl hij me grijnzend aan keek.
'En hoe komt dat?' Vroeg ik nieuwsgierig.

'Wel, ik zal het je vertellen als het een geheimpje blijft tussen ons tweetjes.' Ik knikte lachend, terwijl Sirius verder over de tafel ging hangen zo dat, er maar een paar centimeter tussen ons in zat.
'Er zit een meisje tegen over me met de mooiste blauwe ogen, maar ik durf haar naam niet te vragen.' Fluisterde Sirius in mijn oor.
'Misschien heel diep van binnen weet je haar naam al.' Fluisterde ik zachtjes terug, Sirius leunde verder naar voren om de paar centimeters die nog tussen ons in zaten tot niks te creëren.
'Misschien moet je haar wat beter leren kennen.' Fluisterde ik terwijl ik me spullen op pakte en weg liep, terwijl ik mezelf weer vervloekte, had ik nu maar gedaan alsof ik een bloedneus had.

Snel beende ik door de gangen weg, weg van Sirius Zwarts, de jongen waar ik sinds mijn derde les jaar verliefd op was die me eindelijk zag staan en die ik net had laten zitten in de bibliotheek.
'Aarg.' Met mijn vuist sloeg ik kwaad tegen de muur aan, wat er voor zorgde dat ik de volgende paar minuten vloekend met me hand liep te wapperen, aangezien ik nu een schaafwond over mijn knokkels had lopen.
'Echt slim ben je niet hé?' Klonk de sarcastische stem van Sirius Zwarts achter me. Ik wierp hem een kwade blik toe terwijl ik over mijn knokkels wreef.
'Nee ik zit in Ravenklauw en ik ben niet slim, Go waar is de logica toch gebleven?' Snauwde ik sarcastisch terug.
'Kom hier.' Grijzend keek hij me aan terwijl hij zijn toverstaf te voorschijn haalde, zonder te wachten pakte hij me hand vast en sprak een spreuk uit langzaam verdween de schaafwond. Ik voelde hoe zijn vingers over mijn hand gingen, de vlinders in mijn buik gingen weer te keer. Ik keek op en keek recht in zijn grijze ogen.
'En?' Vragend keek ik hem aan terwijl hij een stap naar voren zette.
'Mag ik je naam al weten?' Ik voelde hoe ik mijn adem in hield, terwijl hij langzaam naar voren leunde. Ik hoorde mijn hoofd schreeuwen dat ik een stap naar voren moest doen, maar mijn benen deden het omgekeerde.
'Misschien.' Antwoordde ik terwijl ik mijn ogen op die van hem gericht hield, hij was duidelijk geïrriteerd.

'Wat krijg ik er voor terug?' Verduidelijkte ik, Sirius leek even na te denken.
'De nacht van je leven?' Zijn oude arrogante Ik was weer terug, terwijl hij met zijn hand door zijn haar ging. Ik rolde met mijn ogen, stak mijn tong naar hem uit en liep weg. Aan het einde van de gang draaide ik me om.
'Das niet genoeg Zwarts.' Grijnsde ik voor dat ik uit zijn gezichtsveld verdween.

-_-_-

'Hoi Evelina, hoe voel je, je?' Ik keek Evelina aan die ongeveer zo wit als haar beddenlaken was, de enige reactie die ik kreeg was een kleine glimlach.
'Niet zo goed… als ik zou willen.' Mompelde ze met een schorre stem waarna ze in een hoestbui uit brak. Ik zat te twijfelen, zou ik haar vertellen over Sirius? Als ik het haar zou vertellen zou hij zo en zo binnen de komende 5 minuten vermoord worden door Evelina. Ziek of niet Evelina vond wel een manier. Waardoor ik dus besloot het niet te vertellen.
'Wel er is niet veel interessants gebeurt vandaag, dus je hebt niks gemist.' Grijnsde ik, terwijl Evelina zwakjes terug lachte.
'Zwarts?' Bracht ze daarna uit.
'Geen last van gehad, ik dacht hem zelfs te zien zoenen met een derde jaar Huffelpufer.' Loog ik glashard, ik voelde een draai in me maag komen, ik haatte het om tegen Evelina te liegen. Ik rommelde even in mijn tas en pakte er een stapel perkamenten uit.
'Hier heb je al mijn aantekeningen en een briefje met al het huiswerk der op, was het gisteren vergeten voor je neer te leggen.' Glimlachte ik terwijl ik mijn aantekeningen op haar nachtkastje legde.
'Wel ik ga maar weer, je hebt rust nodig.' het was rustig in de leerlingenkamer, er liepen alleen een paar eerste en tweedejaars rond maar niet super veel. De meeste leerlingen die nog niet naar Zweinsveld mochten zaten sneeuwballen gevechten te houden buiten. Ik pakte een boek uit een van de boekenkasten en ging in de sofa zitten lezen. Al snel was ik verdiept in mijn boek.

'Boe.' Verschrikt keek ik naar het persoon voor me.
'Zwarts!' Siste ik verschrikt, terwijl ik me boek op raapte wat ik op de grond had laten vallen.
'Dag schoonheid.' Grijnsde Sirius terwijl hij naast me neer plofte op de sofa, waardoor ik geschrokken op ging staan.
'Hoe kom je hier binnen? En ben je me nu aan het stalken?' Siste ik terwijl ik hem verbaast aan keek.
'Ik Sirius Zwarts stalkt geen mensen.' Antwoordde hij terwijl hij een pruil lipje trok.
'Wel het lijkt er verdacht veel op!' Kwaad keek ik hem aan.

'Rosalena.'
'Wat?'
'Ik heb het wachtwoord van Rosalena, Ravenklauwer derdejaars?' Sirius keek me aan alsof ik traag van begrip was.
'Waarom zou Rosalena jou het wachtwoord geven?' Antwoordde ik verbaast en nog steeds verbaast aangezien Sirius Zwarts een Griffoendor leerling in de leerlingenkamer van Ravenklauw zat.
'Wel, ze had me uit genodigd om bij haar te blijven slapen om het zomaar te zeggen.' Sirius grijnsde terwijl ik met mijn ogen rolde.
'Dat was ook echt de informatie die ik wou.' Antwoordde ik sarcastisch, Sirius pakte me hand vast en trok me naast hem op de sofa.
'Je vroeg er zelf om maneschijn.' Grijnsde Sirius terwijl hij zijn vinger om een plukje van mijn haar wikkelde. Ik voelde de vlinders in mijn buik rond fladderen.

'Dus… Mag ik nu dan eindelijk je naam weten.' Sirius zijn ogen begonnen te twinkelen terwijl hij mij dichter naar hem toe schoof, terwijl er langzaam een tweestrijd in mijn hoofd begon.

Hij is de grootste player van de hele school
Misschien is hij wel echt verliefd op je geworden.
Yeah right alsof dat echt zou kunnen gebeuren.
Alles is mogelijk!
In een boek ja

'Screw it.' Mompelde ik, meer tegen mezelf dan tegen Sirius. Ik leunde naar voren, dichter naar Sirius toe, voor ik het wist voelde ik zijn zachte lippen op de mijne. Hij was eerst lief en teder maar later werd hij passionele en harder. Hij beet zachtjes op mijn onderlip terwijl hij me dichter naar me toe trok en ik met zijn haar speelde in zijn nek. Ik voelde zijn tong langs mijn lippen gaan, langzaam duwde Sirius me op mijn rug. De vlinders in mijn buik gingen nu helemaal te keer, ik lag hier gewoon op de sofa in de leerlingenkamer van Ravenklauw te zoenen met Sirius Zwarts. Langzaam verbrak Sirius de kus.
'Wel das de mooiste naam die ik ooit gehoord heb.' Ik kon het niet laten en schoot in de lach, terwijl Sirius mee begon te lachen.