Part 3. Galgenmaal
Ware luxe is het hebben van tijd: veel of weinig, heden, verleden of toekomst
'Ginny Flynn, Hermione Grahn, Draco Maslov en Blaise Zwarthart, dat zijn nogal wat namen.' Hermione wist niet of ze die woorden als een compliment of berisping moest interpreteren, maar Dumbledore leek tevreden. Ze zaten met zijn vieren in het kantoor van het schoolhoofd en hadden hem zojuist hun plan voorgelegd.
'Maar goed, dat lijkt me in orde,' Dumbledore glimlachte vriendelijk, 'ik zal aan professor Flitwick vragen of hij de aanbevelingsformulieren af wil maken, zodat jullie die straks bij professor Dippet in kunnen leveren.' Twijfelend opende Hermione haar mond, niet zeker of ze hem durfde en wilde onderbreken. De professor glimlachte echter vriendelijk: 'Zegt u het maar, juffrouw Granger.'
'Aanbevelingsformulieren?'
Dumbledore knikte één enkele keer, zijn staalblauwe ogen glommen geamuseerd. 'Een lijst met uw cijfers van de afgelopen jaren, uw gedrag in de klas en de kwaliteit van uw huiswerk, plus een algemene indruk van uw persoonlijkheid. Werkelijk niks bijzonders, ik kan u verzekeren dat geen van jullie zich ook maar ergens zorgen over moet maken.'
Hermione dacht hier even over na, voordat ze overstapte naar het volgende onderwerp: 'We hebben inmiddels een plan bedacht, maar hoe verklaren we dat we Zweinstein gevonden hebben?'
Opnieuw glimlachte Dumbledore. 'Ik zal jullie een brief meegeven voor mijn jongere zelf. Ik zal mezelf uitleggen waar jullie vandaan komen en dat jullie een missie hebben in het verleden, maar niet welke missie.' Hij zweeg een moment, zijn blik doordringend. 'Bovendien zal ik in de brief zetten waar jullie beweren vandaan te komen en dat jullie een brief via hem – mij – van Zweinstein hebben ontvangen, met daarop de vermelding van Perron 9¾.'
Zijn blauwe ogen glommen geamuseerd toen de oude man verder sprak: 'Jullie gaan met de Zweinsteinexpres heen, zoals iedere leerling op Zweinstein aan hoort te komen. Het lot wil dat ik in dat jaar voor het laatst de eerstejaars met de boot naar Zweinstein bracht, dus dan kunnen jullie mij meteen de brief geven.' Hij wreef in zijn handen alsof hij zojuist en prachtig uitstapje aan een kleuterklas had beloofd. 'Komt dat niet prachtig uit?'
Hij is geniaal … Maar hij is een beetje gek ja. Onwillekeurig moest Hermione terugdenken aan die opmerking van Percy, nu zo lang geleden. Dumbledore was zonder meer geniaal, maar op dit soort momenten (waarvan zij geloofde dat het vereist was om serieus te zijn) leek hij soms nog het meest op een demente, oude Dreuzel.
Iedereen was zo verstandig om niet op die laatste opmerking in te gaan.
'Wanneer vertrekken we?' vroeg Draco langs zijn neus weg: hij oogde enigszins verveeld, alsof het hele gesprek hem maar irriteerde en zonde van zijn tijd was. Misschien vond hij dat ook wel, met Draco wist je het nooit helemaal zeker.
Dumbledore was onmiddellijk weer serieus: 'Zo snel mogelijk. We kunnen niet het risico lopen dat één van jullie omkomt bij een onverwachtse aanslag op Zweinstein, of iets in die richting.'
Hermione's wenkbrauwen vlogen omhoog. 'Is dat mogelijk? Een onverwachtse aanslag op Zweinstein?' Uit haar stem viel duidelijk op te maken dat zij dat in ieder geval niet geloofde.
'Ik neem aan dat ook u niet vergeten bent hoe meneer Malfoy op een bijzonder ingenieuze manier er in geslaagd is om de Dooddoeners de school in te smokkelen.' Beschaamd sloeg Hermione haar blik neer. Draco keek daarentegen juist recht voor zich uit, de blik in zijn ogen harder dan staal. Het was niet dat hij geen spijt had van wat hij gedaan had, maar het was gebeurd, hij had er een prijs voor moeten betalen en hij was het … Granger niet dankbaar voor het opnieuw naar boven brengen van dit antwoord.
'Sorry,' mompelde Hermione.
'Ik ben niet zo almachtige als sommige van jullie schijnen te denken, noch is Zweinstein zo onaantastbaar als zij lijkt te zijn.' Dumbledore zweeg een moment. 'Tot mijn grote spijt, moet ik daar wel aan toevoegen,' besloot hij toen.
'Dus we vertrekken echt vanavond nog?' bracht Ginny de aandacht terug bij het oorspronkelijke onderwerp en Blaise – die zich weer op Ginny's stoelleuning had geplaatst – kneep zachtjes in haar schouder. Ginny keek vluchtig op, voordat ze haar blik op weer op Dumbledore richtte. Ze wist nog niet wat ze van Blaises nieuw verworven aandacht moest vinden.
Het schoolhoofd knikte even vriendelijk als altijd. 'Als jullie je nog een uurtje weten te vermaken in de Grote Zaal,' Draco onderdrukte een spottende opmerking, 'zodat ik met Flitwick de laatste formulieren kan invullen, dan kunnen jullie vanavond nog vertrekken.' Hij wierp een blik op zijn planeten-horloge. 'Het is nu tien over zes, ik stel voor dat jullie een hapje gaan eten en om acht uur hier terug zijn. Als alles voorspoedig loopt, zullen jullie voor negen uur meer dan vijftig jaar teruggekeerd zijn in de tijd.'
Hermione en Ginny wisselde een blik uit, voordat die laatste een glimlach forceerde en toen als een kat overeind sprong. Gedachteloos pakte ze Blaises hand – waarop Blaise achter Ginny's rug een triomfantelijke grijns richting Draco wierp – en trok hem overeind. 'Dan zien we u over twee uur.' Dumbledore stond op om de deur voor het viertal open te houden en de leerlingen haastten zich achter elkaar het kantoor uit.
Zo kwam het dat ze voor de tweede keer die dag voor de versteende waterspuwers stonden. Blaise en Ginny waren al begonnen met hun weg naar de Grote Zaal, maar kwamen abrupt tot stilstand toen Hermione hun riep. Of eigenlijk Ginny riep: 'Gin? Kan ik je zo even spreken … onder vier ogen?'
Ginny's blik ging tussen Hermione, Blaise en zelfs Draco heen en weer en keerde weer terug bij Hermione. Ze knikte. 'Als Blaise en Draco aan hun eigen afdelingstafel eten, is het dan privé genoeg?' Haar vriendin glimlachte vluchtig en knikte ter bevestiging.
Draco trok een lichte wenkbrauw op. 'Wilde je daarmee insinueren dat wij ooit aan de Griffoendor-tafel zouden gaan zitten?' Het klonk alsof hij dat de grootste belediging vond die ooit aan zijn adres gemaakt was.
Ginny glimlachte soepel. 'Je weet niet hoe het lopen gaat. Misschien word je straks wel bij Griffoendor ingedeeld en wat doe je dan? Je kan niet zeggen dat je uit de toekomst komt en eisen om weer bij Zwadderich ingedeeld te worden.' Het roodharige meisje zweeg een moment en haar glimlach vervaagde. 'Maar laten we wel wezen, we weten allemaal dat Draco Malfoy te laf is om bij Griffoendor ingedeeld te worden.' Statig als een prinses draaide ze zich om en begon ze weer te lopen.
Blaise grijnsde, zijn hand nog altijd in die van Ginny gelegen, en wierp Draco een daar-heb-je-niet-van-terug blik toe. Draco rolde met zijn ogen, stak geërgerd zijn handen in de zakken van zijn gewaad en begon achter Ginny en Blaise aan te slenteren. Hermione onderdrukte een veel te meisjesachtige giechel en sloot de rij.
Vlak voordat ze de Grote Zaal in zouden lopen, veranderde er iets in Blaises houding. Hij liet Ginny's hand los en zijn ogen kregen de gebruikelijke ongeïnteresseerde blik. In minder dan een fractie van een seconde was Blaise veranderd van een niet-zo-verkeerde jongen in de ijskoude I-don't-care-at-all Zwadderaar. Zonder nog op of om te kijken liep hij in één keer naar de tafel van Zwadderich waar hij zich op een vrij plekje op de bank liet zakken.
Ginny volgde hem met haar ogen, gooide haar rode haar met een bijna arrogant gebaar over haar schouder en liep in een rechte lijn naar de Griffoendor tafel. Voor de tweede keer in nog geen tien minuten moest Hermelien een giechel onderdrukken. Ze haalde haar schouders op naar Draco – die alweer met zijn ogen rolde – en haastte zich achter Ginny aan.
Ze zat nog niet eens, toen Ginny zich vastberaden in haar richting draaide, haar armen over elkaar sloeg en een rode wenkbrauw ophaalde. 'Dus?' Hermione fronste haar wenkbrauwen en in plaats van onmiddellijk een antwoord te formuleren trok ze een bord naar zich toe wat ze langzaam begon te vullen met etenswaren. 'Wat is het probleem?'
Hermione stak bedachtzaam een stukje aardappel in haar mond. 'Nou, kijk, Gin, ik wil je niet aanvallen, maar-'
'Je vindt dat ik niet met Blaise hand in hand zou mogen lopen.' Hermione wierp haar een waarschuwende blik toe. De Grote Zaal was opvallend leeg en als Gin nog veel luider zou gaan praten dan dit, dan konden ze net zo goed naast de twee Zwadderaars gaan zitten.
'Nee...' Maar ze had het woord amper uitgesproken of ze besefte al dat dat niet waar was. 'Oké, ja, ik vind dat je dat niet zou moeten doen. Ik bedoel: Harry is...' Opnieuw viel ze stil, niet instaat om hardop uit te spreken wat ze gedacht had. 'En Blaise is –'
'Oké,' brak Ginny haar midden in haar zin af. 'Blaise is oké, hij is vriendelijk, tot zekere hoogte zelfs charmant, hij past op zijn woorden en hij is aardig genoeg om een poging te doen om me te troosten.' Boos fronste ze haar wenkbrauwen, terwijl ze haar toon onder controle probeerde te houden. 'Het is niet zo dat ik met hem sta te zoenen... We kunnen best vrienden zijn, sterker nog, het zou heel erg handig zijn als we allemaal nou eindelijk eens bevriend zouden raken.'
'Gin,' mompelde Hermione, 'ik wilde je niet aanvallen en ik zeg ook niet dat je geen vrienden mag zijn, maar ik wil alleen maar zeggen...' Ze wierp een blik op de twee Zwadderaars die heel erg hun best deden om er niet uit te zien of ze probeerde te verstaan wat er gezegd werd. 'Dat mensen niet altijd zijn wat ze lijken te zijn. Zeker Zwadderaars niet.'
Ginny trok haar met sproeten bedekte neus op, greep haar bord van de tafel en stond op. 'Nee, misschien zouden ze wel eens een heel stuk vriendelijker kunnen zijn dan het slangachtige gedrag dat jij duidelijk van hen verwacht.' Zonder op een reactie te wachten draaide Ginny zich om en met grote passen, het bord eten nog in haar hand, beende ze de zaal uit.
Een zucht ontsnapte haar lippen en vermoeid prikte Hermione een aardappel aan haar vork. Misschien was ze inderdaad onredelijk, maar Ginny kon toch wel begrip opbrengen voor het feit dat ze de twee Zwadderaars niet zonder enige twijfel vertrouwde? Dit was nou eenmaal niet de tijd dat je iemand blindelings vertrouwde.
'Wat heb je tegen d'r gezegd? Je heult met de vijand?' Geërgerd keek Hermione op naar Draco die zich naast haar op het bankje liet vallen. Dezelfde Draco die een kwartier geleden nog beweerd had dat het een belediging was om te insinueren dat hij aan de Griffoendor-tafel zou gaan zitten.
'Min of meer ja,' bekende Hermione eerlijk, terwijl haar onderbewuste zich afvroeg waar Blaise heen was.
Draco betrapte haar op een zoekende blik en trakteerde haar op een spottende grijns. 'Blaise is d'r aan het troosten.' Hij zweeg een moment, rolde met zijn ogen en nam een slok van zijn pompoensap. 'Fijn trouwens dat je ons ziet als de vijand. Voor het geval je het alweer vergeten was: we moeten nog behoorlijk wat tijd samenwerken en wij – Blaise en ik – hebben voor jullie zijde gekozen.'
Hermione wierp haar 'vriend' een ijskoude blik toe. 'Mag ik jou er aan helpen herinneren dat het jouw schuld is dat professor Sneep is gestorven? Als jij nooit was overgelopen naar de Duistere zijde, waren wij nooit één van de trouwste leden van de Orde van de Feniks verloren.'
Alleen Draco's ijswitte ogen verraadden de mengelmoes van schok en haat die door zijn lichaam trok. Hij hield de rest van zijn gezicht echter zorgvuldig in bedwang, alhoewel Hermione meende te zien hoe de spieren in zijn hals zich spanden. 'Bedankt voor je support, Granger, ik had je intelligenter ingeschat dan dat.' Koel, een Malfoy waardig, stond Draco op en hij liep rustig terug naar zijn eigen tafel.
Hermione vloekte binnensmonds. Het zat wel echt mee vandaag. Ze had het binnen tien minuten voor elkaar gekregen om en een beste vriendin en een … bondgenoot tegen zich uit te spelen. Heel fijn. Als Blaise dan nog terug kwam kon ze hem ook nog wel even tegen zich in het harnas jagen. Met een zucht haalde ze een hand door haar haren en langzaam begon ze met het verder leegeten van haar bord. Dit was niet hoe haar laatste uren in de twintigste eeuw er uit hadden moeten zien.
Het was amper zeven uur geweest toen Hermione haar bord van zich afschoof en opstond. Het was nog veel te vroeg om terug te keren naar Dumbledore's kantoor, maar ze had geen idee wat ze anders moest gaan doen en ze wilde niet langer in de Grote Zaal blijven. Dus liep ze langzaam de verlaten hal in en begon ze de trappen richting de bibliotheek te beklimmen.
Ze was ongeveer halverwege toen een hand haar pols greep. 'Hermione.' Verbaasd draaide ze zich om bij het herkennen van Blaises stem. Zodra haar ogen zijn gezicht bereikten, zette hij een nonchalant masker af: of het hem allemaal niet aanging. 'Ik wilde alleen maar zeggen...' Hij twijfelde, keek beschaamd weg en rolde vervolgens geërgerd met zijn ogen. 'Oké. Ik wilde alleen maar zeggen: ik mag Ginny. Ik heb haar altijd al gemogen en ik wil haar echt, echt geen pijn doen. Ik weet dat je het er moeilijk mee hebt dat,' hij haalde zijn schouders op en sloeg opnieuw zijn blik neer, 'Harry en Ron net dood zijn, maar ze komen niet meer terug.'
Hermione deed een stap achteruit en sloeg haar armen over elkaar. 'Nee, dat weet ik ook wel. Kwamen ze maar terug, dan kon ik me tenminste ophouden met mijn eigen vrienden en niet met een stelletje Zwadderaars,' beet ze hem toe en ze had meteen spijt van haar woorden. Tenminste: ze had ze niet zo tegen hem willen zeggen, maar ze meende het wel.
Hij keek met een vlaag van sarcasme op haar neer. 'We willen allemaal de tijd wel terugdraaien, maar sommige dingen veranderen niet. De jongen die bleef leven is niet meer. Accepteer het, 'Mione.'
Fel keek ze naar hem op, zich er aan ergerend dat hij zoveel langer was dan haar. 'Stop met me 'Mione te noemen. Je bent mijn vriend niet.' Ze draaide zich boos bij hem vandaan. 'Ik zie überhaupt niet in waarom ik hiermee zou doorgaan. We kunnen ook twee dagen terug in de tijd reizen en voorkomen dat Kerst uitloopt op een moordpartij.'
Blaise hield haar moeiteloos bij en leek, tot Hermiones verbazing, niet in het minst geïrriteerd. 'Je weet dat dat niet zou werken. De Heer van het Duister zou een ander moment vinden waarop hij Harry zonder twijfel zou doden en ons in één adem door. We kunnen dat risico niet nemen. We moeten voorkomen dat Tom Riddle ooit Voldemort wordt, want Voldemort zelf kunnen we niet veranderen.' Ondanks haar frustratie moest Hermione toegeven dat de jongen gelijk had.
Ze maakte nog twee grote passen en kwam toen zo abrupt tot stilstand dat hij tegen haar opbotste. In plaats van direct afstand te nemen sloeg hij zijn armen om haar heen. 'Ik wil je niet kwetsen, noch pijn doen, Hermione. Ik vraag je alleen maar: geef ons een kans. Ik meende het toen ik zei dat ik vrienden wilde worden en ik hoopte dat jij het ook meende toen je toestemde.'
Hermione sloot haar ogen en wreef met haar hand over haar slaap. 'Ik ben zo moe,' fluisterde ze uiteindelijk. 'Ik ben zo moe van het huilen, van het verdriet, van het vechten, van het continue nadenken over een oplossing. Ik wil niet meer. Ik wil gewoon vrede, ik wil helemaal geen ruzie maken met jou of Ginny en zelfs niet met Malfoy. Ik wil rust.'
Blaise draaide haar om in zijn armen en keek haar aan. 'Ga mee terug naar het jaar 1944, daar kan je opnieuw beginnen. Dumbledore biedt ons niet alleen een missie, hij geeft ons ook een uitweg, een kans voor vrede.' Voorzichtig veegde hij een pluk bruine krullen achter haar oor voordat hij haar los liet en een stap achteruit deed. 'Ik kan niet voor jou beslissen, maar ik weet dat ik hier en nu geen rust meer kan vinden. Hier en nu heb ik niets meer en ik vraag me af wat jij veel meer hebt.'
'Mijn ouders leven nog,' mompelde Hermione terwijl ze nerveus aan haar haren draaide, maar ze wist dat dat geen excuus was om te blijven. Ze had het geheugen van haar ouders gemodificeerd en ze zouden haar niet herkennen, om een goede reden: als zij bij haar ouders zou blijven, zouden ze elke dag – elke minuut! – gevaar lopen. Op een dag zou een dooddoener hen vinden en hun allemaal vermoorden, gewoon, omdat zij een modderbloedje was en toverkracht gestolen zou hebben.
'Ze zijn veilig,' fluisterde Blaise, niet in een poging haar te overtuigen, maar eerder om haar op te beuren: alsof er nog iets positiefs was in haar leven.
Hermione knikte. 'Weet ik en als ik met jullie mee terug ga naar het verleden, dan blijven ze veilig en krijgen zij in ieder geval hun happy end.' Het meisje glimlachte waterig. 'Dat gun ik ze meer dan wat dan ook ter wereld.'
Blaise glimlachte een stuk breder dan zij kon en stak zijn hand naar haar uit. 'Kom, Ginny wacht bij Draco in de Grote Zaal. Hij vertelde dat je halverwege bent weggelopen en ik durf te wedden dat je nog wel wat lust.' Hij knipoogde. 'Het is immers je galgenmaal in de twintigste eeuw.'
Hermione glimlachte onzeker, maar pakte wel de uitgestoken hand aan. 'Bedankt,' mompelde ze 'en sorry dat ik me als een snob gedragen heb. Ik wil echt wel vrienden zijn, het is alleen... Zwadderaars waren altijd mijn vijanden.'
Blaise lachte bitter en sloeg zijn arm om haar middel. 'Degenen met puurbloed werden ook nooit gedood en de jongen die bleef leven moest degene zijn die bleef leven. Niks is meer wat het was, 'Mione en het is aan ons om de wereld weer in goede sporen te leiden.'
Ze slikte de opkomende tranen weg en toverde zo goed als het ging een glimlach tevoorschijn. Aan Blaises zij slenterde ze uiteindelijk weer de Grote Zaal in, waar Ginny onmiddellijk op haar af kwam rennen en haar omhelsde. 'Sorry!' riep de roodharige in haar haar. 'Ik was voor een moment vergeten dat jij je twee beste vrienden bent verloren. Dat ik niet de enige was die door verdriet verscheurd werd. Sorry, 'Mione, sorry.'
Hermione glimlachte door haar tranen heen en beantwoordde de omhelzing van haar vriendin. Vaag merkte ze op dat Blaise zijn arm terugtrok en door liep naar Draco. 'Ik ben net zo egoïstisch geweest,' fluisterde ze terug, 'en nog veel bevooroordeelder. Blaise is inderdaad zo slecht nog niet en,' ze wierp een snelle blik op Draco, 'misschien is Malfoy ook wel oké.'
Ginny grinnikte en maakte zich voorzichtig los uit de omhelzing, om vervolgens haar vriendin mee te sleuren naar de afdelingstafel van Zwadderich. 'Je zult zien dat zelfs Draco wel meevalt.' Ze knipoogde naar de blonde jongen, die koeltjes grijnsde en zich weer op zijn eten concentreerde.
Hermione glimlachte onzeker en liet zich naast Ginny op de bank zakken. Ze zat amper of Blaise schoof al een bord eten onder d'r neus. 'Je galgenmaal,' deelde hij mee en hij knipoogde speels naar haar. Hermione glimlachte opnieuw en begon nog maar wat te eten. Blaise had immers gelijk: dit was – hoogstwaarschijnlijk – haar laatste maaltijd in 1997.
In gedachte prikte Ginny in haar vlees. 'Ze hebben toch wel warme douches, hé, daar in 1944?' vroeg ze plotseling. Hermione keek verbaasd op van het pasteitje dat ze aan het eten was en trok een wenkbrauw op.
'Ja. We gaan terug naar 1944, niet naar de Middeleeuwen,' wees ze haar roodharige vriendin terecht. Tegenover haar grijnsde Draco spottend: alsof hij die opmerking het grappigste was wat hij ooit gehoord had. Ze trok een wenkbrauw naar hem op. 'Had je wat?'
'Een hele hoop, Grahn, een hele hoop. Wil je wat van me hebben?' antwoordde hij, de expressie op zijn gezicht onbewogen: de grijns even gladjes als altijd om zijn mondhoeken.
'Waarom zou ik in hemelsnaam iets van jou willen hebben?' beet Hermione terug, terwijl ze bedacht dat ze terug kwam op haar woorden van even eerder: Malfoy viel helemaal niet mee, in de verste verten niet.
'Omdat ik alles heb wat een meisje maar hebben wil.' Hij was duidelijk niet aangedaan door haar aanvallende toon.
'Een arrogante kop en een te grote mond staan niet op mijn verlanglijstje,' antwoordde Hermione met ingehouden woede. Blaise glimlachte lichtjes en naast zich hoorde ze Ginny grinniken. Draco's zelfvoldane grijns verdween echter niet van zijn gezicht.
Hij boog zich voorover en raakte haar vingers die zich om haar glas gekruld hadden. 'Maar ik kan ook heel charmant zijn als dat van mij verwacht wordt,' vertelde hij haar en de grijns maakte plaats voor een innemende glimlach. 'Er is een reden waarom de Zwadderich-meisjes als een blok voor mij vallen.'
Met een abrupte beweging trok Hermione haar hand terug. Razendsnel greep Draco haar beker vast om te voorkomen dat deze omviel door haar plotselinge beweging. 'Niet iedereen vindt slangengedrag aantrekkelijk.' De manier waarop hij naar haar opkeek, beviel haar niet. Het deed haar maar al te goed beseffen wat er precies voor zorgden dat al die 'Zwadderich-meisjes' voor hem vielen.
'Ik gedraag me niet altijd als een slang, Hermione.' Hij sprak haar naam uit op een manier die haar kippenvel bezorgde. De normaal altijd aanwezige spot was uit zijn grijze ogen verdwenen en zijn blik was... charmerend. Hermione huiverde onwillekeurig, iets wat Draco niet onopgemerkt bleef: 'Zie, ik kan zelfs jouw kippenvel bezorgen.' De zelfingenomen grijns was ogenblikkelijk terug op zijn gezicht en voldaan leunde Draco achterover.
Hermione wierp hem een pissige blik toe. 'Je hebt alleen maar bewezen dat je een bijzonder ervaren flirter bent, Malfoy.'
Hij grijnsde naar haar en zette een beker aan zijn lippen. 'Dat zal ik maar als een compliment opvatten, Gráhn,' fluisterde hij haar toe terwijl hij naar voren leunde om zijn beker weer op tafel te zetten. Zijn ogen bleven gefocust op haar gezicht: zijn blik een mengeling tussen spot en amusement.
'Vat het op zoals je wilt.' Geërgerd richtte Hermione zich tot Ginny, die haar met een geamuseerde glimlach aankeek. 'Wat?' beet ze haar toe, niet in het humeur om de situatie te bekijken zoals Ginny deze zag.
'Niks. Je bent gewoon schattig wanneer je boos bent,' antwoordde Ginny plagend en ze wisselde een snelle blik met Blaise die grinnikend aan de overkant van de tafel zat. Hermione stond abrupt op – ze had het gevoel dat ze zwaar in de maling genomen werd – en griste haar tas van de bank.
'Het is bijna acht uur, laten we naar Dumbledore gaan.'
Draco stond op en maakte een groteske buiging. 'Your wish is my command, mylady.' Niemand had een vertaling van de blik nodig die Hermione de blonde Zwadderaar toewierp: Sterf. Draco grinnikte, hees zijn tas over zijn schouder en liep – compleet geamuseerd – de Grote Zaal uit.
Ginny lachte zachtjes. Ze sloeg een arm om het middel van haar vriendin en legde haar vrije hand in die van Blaise, die inmiddels om de tafel heen gelopen was. 'Trek het je niet aan, 'Mione, Malfoy blijft gewoon een slang in mensengedaante.'
