Holy frickin hell... IK MOET MEER MET FF BEZIG!!! DANG! Dit verhaal heb ik al bijna 2 jaar niet geupdate :O *faint* da's niet kosher! Of eerlijk voor you guys :(
Dus hierbij gilzoenbiljoentriljoen x sorry!!! En hier is een update... ik hoop dat ik dit jaar weer meer aan schrijven toekom.
Owkey... ff kijken wie er (meer dan een jaar geleden) hebben gereviewt (A)
Cicillia: omg... epic fail much? tot zo ver 'snel', twee jaar -_-'
Aquakim: Tjah... uhm... need me to repeat it? I'm so so so sorry!!!
stetje: Fijn dat je het leuk vind :)
Owkey... Zonder meer uitstelwerk: HET NIEUWE HOOFDSTUK :D :D :D
LY guys Xx!

Hoofdstuk 4

De volgende ochtend werd ik wakker met de behoefte om te zingen, neuriënd sprong ik uit bed (normaal was ik met geen spreuk mijn bed uit te krijgen) en stond als eerste zingend onder de douche.

Mijn humeur kon zelfs niet verpest worden toen Noa, die na mij douchte, woedend de badkamer uit kwam stampen in een handdoek nadat ze haar longen uit haar lijf had geschreeuwd toen ze onder het koude water was gaan staan. Met haar armen in haar zij stond ze voor me: "FRED! Waarom heb je in godsnaam het warme water opgemaakt?"

Ik werd gewekt uit mijn trans en keek Noa met een glimlach aan: "Sorry schat, ik was de tijd vergeten, als je wil kan ik de boiler wel beheksen zodat hij ons water verwisseld met dat van James' slaapkamer."

Even boog haar mond in een schuine glimlach: "Lief aangeboden maar ik denk dat als je het water nog een keer vaker behekst James je met kleren en al onder hun, dan ijskoude, douche sleept."

Ik haalde mijn schouders op: "Je punt?"

"Awww…" Ze boog voorover en knuffelde me: "Ik heb je geloof ik nog nooit zo blij gezien, zo vroeg 's ochtends!"

Glimlachend knuffelde ik haar terug: "Het is alleen jammer dat we het geheim moeten houden…"

Net op dat moment was er een zacht klopje op de deur, April die nog in bed lag gooide haar kussen naar de deur: "Kan een mens hier nou geen vijf minuten rust hebben?"

Noa liep naar de deur, pakte halverwege April's kussen op en smeet het in haar gezicht terwijl Yue zichzelf ook maar uit bed hees en loom naar de badkamer sjokte mompelend over kwaadaardige kikkervisjes.

Ik keek hoe Yue de badkamerdeur achter zich sloot, iemand tikte op mijn arm en ik zag Noa met een grijns van oor tot oor naast me staan: "Er is iemand voor jou."

Fronsend stond ik op en liep naar de deur, toen ik zag wie er in de deuropening stond verspreidde zich een warmte door mijn lijf en kwam er een glimlach op mijn gezicht: "Britt." Fluisterde ik.

Ze bloosde: "Ik wou je nog even zien voordat…"

Ik knikte en trok haar de slaapkamer binnen, April kreunde en trok de gordijnen van haar hemelbed dicht: "Het is te vroeg voor romantiek."

Noa mompelde iets over huiswerk en verdween naar de leerlingenkamer, net voordat ze de deur achter zich sloot gaf ze me een knipoog en ik glimlachte dankbaar terug. Toen waren Britt en ik 'alleen' in de slaapkamer.

Haast automatisch gleden mijn armen om haar middel, ze boog zich naar me toe. Ik was me bewust van elk klein plekje waar haar lichaam het mijne raakte. Toen zoenden we, ik verloor mezelf in het gevoel van haar lippen op de mijne en haar handen in mijn haar.

"AAAAARRRRRRRRGGGH!!!! FREEEEEEEEED!"

Er kwam een schrille gil uit de badkamer en Britt en ik sprongen geschrokken uit elkaar. Nog geen vijf seconden later kwam Yue woedend de badkamer uit stormen: "FRED JIJ… JIJ…" ze leek te boos om een scheldwoord te bedenken en ging verder: "WAAROM HEB JE ME IN GODSNAAM NIET GEZEGD DAT HET WARME WATER OP WAS?!"

Ik haalde mijn schouders op: "Ik dacht dat Noa die haar longen uit haar lijf schreeuwde wel waarschuwing genoeg was."

Ze snoof woedend en draaide zich om, snel greep ik haar middel van achteren en knuffelde haar: "Sorry! Ik was iets te enthousiast vanochtend, ik beloof dat ik vanmiddag de boiler zal beheksen zodat we morgenvroeg dubbel zoveel warm water hebben en dan mag jij mijn deel hebben oké?"

Ik voelde haar zuchtte: "Oké Fred, nou wil je me alsjeblieft loslaten. Ik zou graag mijn kleren aandoen."

Grijnzend liet ik haar los: "Okido!" En ze verdween weer achter de badkamerdeur.

Met een hand trok ik Britt naar me toe en drukte haar tegen me aan, ze zoende me meteen. Na een tijdje lieten we elkaar los, beiden ademloos.

"Ik zie je vanmiddag wel." Fluisterde, haar wangen roze.

Ik knikte en kuste haar nog een keer op haar voorhoofd: "Ik zal je missen."

En met een glimlach draaide ze zich om en liep de slaapkamer uit. Ik hoorde April kokhals geluiden maken achter haar gordijn en stormde naar haar bed toe, trok ze open en sprong bovenop haar. Ze gilde zo hard dat ik mijn handen over mijn oren moest doen. Toen ze eindelijk opgehouden was begon ik haar als een maniak te kietelen.

April gierde het uit en Yue kwam uit de badkamer rennen, half aangekleed en haar ene been in een pijp van de broek en de andere er nog naast. Toen ze zag wat ik aan het doen was veranderde haar bezorgde blik in een grijns en ze zei: "Daar was ze nou hard aan toe."

Ik grijnsde terug: "Dat vond ik nou ook."

Toen April naar adem begon te happen hield ik op: "Wat hebben we geleerd vandaag?"

"Euhm…" April deed of ze nadacht: "Uitslapen is goed voor de gezondheid?"

Ik hield mijn hoofd schuin: "Dat ook, maar wat nog meer?"

"Geen grapjes maken over Fred's liefdesleven." Zei ze terwijl ze met haar ogen rolde.

Met mijn wijsvinger tikte ik zachtjes op haar neus: "Brave meid."

Toen stapte ik van haar af en ging naar beneden om Noa te zoeken voor het ontbijt. De rest van de ochtend ging aardig rustig voorbij: een slaapwekkende les geschiedenis van toverkunst waarbij ik probeerde propjes in Trish's haar te schieten, daarna een uurtje bezweringen en na de pauze een blokuur transfiguratie.

De lunch was iets beter, James had alcohol in alle pompoensap aan de Zwadderich tafel gedaan zodat iedereen die het dronk onmiddellijk dronken was. Natuurlijk kon niemand bewijzen dat hij het had gedaan, zoals gewoonlijk. James en ik namen altijd bepaalde maatregelen als we een stunt hielden zodat we minder snel gepakt werden, iedereen wist natuurlijk wel dat wij het waren maar niemand kon het bewijzen.

Desondanks liep Anderling woedend naar ons toe en Noa en ik besloten maar ietsje eerder naar de les te gaan, gewoon voor het geval dat.

Arm in arm liepen we naar buiten, over het grasveld naar de kassen van kruidenkunde. Het was een van de vakken waar ik naar uit keek, gewoon omdat professor Lubbermans zo'n aardige leraar was en eens in de zoveel tijd van alles vergat wat vaak voor hilarische situaties zorgde.

Maar vandaag was er iets mis, ik merkte het al toen we de kas binnenliepen en deze leeg was. Vaak was professor Lubbermans er al een half uur van tevoren om dingen klaar te zetten. Ik gebaarde Noa te wachten en liep naar zijn kantoor, daar ving ik net het laatste stuk van een gesprek op: "Natuurlijk zijn de kinderen hier veilig, Harry … Zeg maar waarvoor je me nodig hebt, je weet dat ik bereid ben te helpen. … Dus je weet zeker dat er iets mis is? … Nog geen idee wat, dat word lastig. … Ik snap dat de kinderen niets mogen weten. … Tuurlijk, houd je me op de hoogte? … Oké, veel succes!"

Toen legde hij de hoorn op de haak en draaide zich om naar waar ik, nogal oncharmant, met mijn mond wijd open in de deuropening stond. Professor Lubbermans liep rood aan: "Dat heb je natuurlijk gehoord."

Ik knikte en deed langzaam mijn mond weer dicht, even slikte ik en toen fluisterde ik: "Is hij weer terug?"

Zijn ogen werden groot en hij werd nog roder: "Wie? Wat heb je precies gehoord?"

Ik sloeg mijn ogen neer: "Hij is dus terug… Voldemort." Dat laatste was een fluistering.

Professor Lubbermans pakte mijn bovenarmen en dwong me hem aan te kijken: "Nee! Fred hoor je me: Hij is NIET terug! Er is iets mis ja, maar het is onmogelijk…" zijn stem dwaalde af.

"Hoe weet u dat zo zeker? De laatste keer zei iedereen ook dat hij niet terug was, en toen bleek dat hij achter de schermen mensen bekeerde en vermoorde." Ik wist niet waarom ik fluisterde maar kon het niet helpen.

"Nee." Zei hij streng en keek me dwingend aan: "Het is onmogelijk dat hij terug is, Harry heeft er alles aan gedaan om ervoor te zorgen dat hij nooit meer terug komt en daarbij is het technisch gezien onmogelijk dat iemand opstaat uit de dood."

Ik snoof: "Het is technisch gezien ook onmogelijk dat honingbijen vliegen, maar ze doen het toch. Logica is niet alles, professor. Er zijn veel krachten waar zelfs wij tovenaars nog geen weet van hebben…" even dacht ik aan de roodharige jongen die in het niets was verdwenen. " en daarbij zou oom Harry technisch ook dood moeten zijn, nietwaar."

Hij zuchtte even en liet toen zijn armen langs zijn zij vallen: "Fred, kun je niet voor een keer een normale zestienjarige zijn en gewoon aannemen wat je leraar je verteld?"

Ik schudde mijn hoofd: "En een schaap worden, nee bedankt."

"Kun je dan alsjeblieft je mond tegen iedereen houden totdat duidelijk is wat er aan de hand is?"

Even dacht ik na: "Op een voorwaarde… U moet me op de hoogte houden van wat er gebeurt."

Professor Lubbermans dacht ook even na en boog toen zijn hoofd: "Goed, maar geen woord. Aan niemand."

Ik knikte: "Beloofd."

"PROFESSOR!!!"

We schrokken allebei op, plots was ik me bewust van het rumoerige gepraat van leerlingen in de kas. Professor Lubbermans blijkbaar ook en hij manoeuvreerde me uit zijn kantoor, de gang door en de kas in waar hij een les over de verzorging van vleesetende planten begon. Om eerlijk te zijn was dat het enige wat ik me er nog van kon herinneren: dat het over het verzorgen van vleesetende planten ging… oh, en dat een of andere plant me in mijn vinger beet nadat ik erin had gepord.

Jammer genoeg kwam ik er later achter dat deze plant niet alleen scherpe maar ook giftige tanden had, dus een half uur later zat ik in de ziekenboeg met mijn, tegen die tijd paarsgroene vinger ongeveer drie keer zijn originele dikte.

Madame Loran, de verpleegster, keek triest naar mijn vinger en schudde haar hoofd: "Ik had nog zo tegen professor Lubbermans gezegd dat hij jullie draakleren handschoenen voor die les had moeten verplichtstellen."

Ik haalde mijn schouders op: "Volgens mij had iedereen ook draakleren handschoenen aan…"

Te laat realiseerde ik me dat dit niet zo'n slimme opmerking was: "Iedereen behalve u dus, juffrouw Wemel."

"Ik… euhm… Ik was met mijn gedachten ergens anders." Stamelde ik onhandig.

Madame Loran rolde met haar ogen en mompelde net hard genoeg dat ik het kon horen: "Tieners."

Ik zuchtte, ik had geen zin in een preek. Ik had nog genoeg huiswerk en daarbij had ik al het laatste uur van de les kruidenkunde gemist en nog belangrijker, mijn pauze. En als ik niet opschoot ging ik straks ook nog transfiguratie missen, iets dat professor Anderling me niet in dank zou afnemen: "Kan ik weer naar de lessen?"

"Dat ligt eraan, ben je van plan je nog een andere vinger in de bek van een giftige plant te steken?" Wat was ze toch heerlijk vriendelijk die madame Loran.

Ik trok mijn wenkbrauwen op: "Eigenlijk was dat precies de bedoeling… ik had eigenlijk gehoopt dat de plant die vinger die ik er eerder in had gestoken af zou bijten. Stelt u zich eens voor: Geen vingers betekend geen veer kunnen vasthouden dus nooit meer tentamens." Even grijnsde ik daarna gaf ik haar een sarcastische blik: "Ik ben niet achterlijk. Ik had net iets belangrijks gehoord en was niet met mijn gedachten bij de les, het zal niet weer gebeuren."

Serieus, ik had kunnen zweren dat ik haar mondhoeken iets zag omkrullen, maar voor ik het zeker wist had ze zich al omgedraaid en stond ze met haar rug naar mij toe in een kastje te rommelen, even later draaide ze zich om en gaf ze me een klein paars flesje: "Als je deze opdrinkt moet je vinger binnen een half uur weer normaal zijn. Mocht dit niet het geval zijn moet je direct weer terug komen, begrepen?"

Knikkend trok ik de kurk uit het flesje, een geur die verdacht dicht in de buurt kwam van James' zwerkbal kluisje na een training in de regen: snacks die minstens vier maand over datum moesten zijn, veel zweet en modder. Zuchtend kneep ik mijn ogen dicht en sloeg het flesje in een keer achterover. Waar ik me over verbaasde was dat de inhoud van het flesje nog gruwelijker smaakte dan dat het rook, iets wat ik voor onmogelijk had geschat.

Toen ik mijn ogen weer open deed zag ik dat madame Loran me met een geamuseerde glimlach aankeek… kreng. Na nog een keer geslikt te hebben in een nutteloze poging de gruwelijke smaak uit mijn mond te krijgen stond ik op: "Het was me een genoegen madame Loran."

We gaf me een nagemaakte glimlach: "Het genoegen was wederzijds."

Terwijl ik wegliep kon ik het niet laten met mijn ogen te rollen. Ik zag echt te veel van deze ziekenzaal, en madame Loran… Vooral madame Loran.

Lemme know, lemme know!!!!
Wat vonden jullie??? Als jullie blijven reviewen beloof ik mijn best te doen te blijven updaten (A)