Hoofdstuk 5 – Small to say the least

Nieuwsgierig volgde Hermelien hem door de gangen. Waar nam hij haar mee naar toe? Ze liepen ze westvleugel niet uit, maar Draco stopte voor een deur die een trap omhoog onthulde. Hij keek met gefronste wenkbrauwen naar de trap. Onbewust gingen zijn handen over zijn vers behandelde littekens.

'Lukt dat? Ik wil je best helpen.' Mompelde Hermelien zachtjes.

'Ik kan het best zelf Griffel.' Moeizaam greep hij de ijzeren leuning en hij trok zichzelf omhoog. Het ging tergend langzaam en Hermelien liep zelfvoldaan achter hem aan. Hij was écht te trots om toe te geven dat dit moeilijk was.

Buiten adem kwam hij bovenaan de wenteltrap, blijkbaar waren ze in een andere toren van het huis. Hij klikte de deur open en draaide zich om. 'Waar sta jij zo dom om te grijnzen?' Vroeg hij nors.

'Oh, niks hoor.' Glimlachte ze liefjes.

Hij duwde de deur met tegenzin open en stapte naar binnen. Nietsvermoedend volgde Hermelien hem en… haar mond viel open.

Ze stond in een enorme kamer gevuld met boeken. Alleen- maar- boeken. De muren bestonden uit metershoge boekenkasten en elk tafeltje in de kamer was beladen met verhalen. Ze sloeg haar handen voor haar mond en draaide in het rond. 'Dit méén je niet.' Piepte ze. 'Heb je al deze boeken gelezen?'

'Niet allemaal.' Zei hij nonchalant. 'Sommige zijn in het Grieks.' Een lachje verscheen om zijn mond.

Hermelien schudde lachend haar hoofd en ze liep de kamer door terwijl ze haar vingers over de ruggen van de boeken liet gaan.

'Dit is groter dan de bibliotheek van Zweinstein! Ik- wauw!' Ze maakte een sprongetje van blijdschap en vergat even met wie ze hier was en waarom.

Draco keek haar vanonder zijn wimpers aan en glimlachte kort. Hij had haar nog nooit zo vrolijk gezien. Het was om die reden dat de volgende woorden zijn lippen verlieten: 'Als je het zo leuk vindt, is het van jou.'

Hermelien draaide haar hoofd niet- begrijpend om. 'Dit boek?' Zei ze vragend, terwijl ze het boek omhoog hield dat ze net uit de kast had gepakt.

'Nee, ik bedoel dit. Deze kamer.' Hij gebaarde met zijn armen.

Haar mond viel weer open. 'Alles? Serieus?'

Draco knikte en sloeg zijn ogen neer. Hij hoorde haar weer opgetogen lachen. Een enorm schuldgevoel trok door hem heen. Waarom kon hij niet voor één keer doen wat juist was en haar laten gaan? Zoals altijd was hij weer een lafaard.

Hermelien stond voorover gebogen en pakte verschillende stapels boeken, voordat ze zich omdraaide en met een oogverblindende lach naar Draco keek. Toen ze hem zag kijken betrok haar gezicht weer een beetje. 'Het spijt me echt.' Fluisterde ze.

'Laat het Griffel.' Mompelde hij.

'Nee ik meen het. Ik wist niet dat het zo erg was.'

'Ja.. nou.. het heeft me gemaakt tot de man die ik nu ben.'

'Je bent je vader niet, dat weet je toch?'

Hij keek haar aan. 'Wat bedoel je daar nou weer mee?'

'Dat je je eigen keuzes kan maken. Je hoeft niet in de voetstappen van je vader te treden.'

'Soms heb je geen keuzes Griffel.'

'Je hebt altijd een keuze. Het is aan de persoon zelf of ze die keuze ook daadwerkelijk maken.'

'Als ik een andere keuze maak wordt dat mijn einde!' Riep hij verontwaardigd.

'Maar het is wel een keuze…' Eindigde ze met een knipoog. Ze pakte zijn arm vast en hij schrok van haar aanraking. 'En nu moet je weer naar bed. Je bent nog lang niet genezen.'

Met enig protest volgde hij haar en kroop zijn bed in. Hermelien zette het potje met het kruidenmengsel naast hem neer. 'Dit moet je elke 4 uur opsmeren. Dat is erg belangrijk.'

Hij keek haar aan en vroeg: 'Wil jij dat doen?' Hermelien keek hem met grote ogen aan.

'Je weet wel, ik kan mijn armen moeilijk bewegen.' Voegde hij er snel aan toe, terwijl zijn wangen roze werden.

'Oh- ja. Natuurlijk.' Antwoordde ze, terwijl ze voelde dat haar wangen ook rood werden. Ze stopte een plukje haar achter haar oor en stond op van het bed. 'Maar als je me nu wilt excuseren. Ik heb wat te lezen.' Ze lachte breed bij het vooruitzicht aan ál die boeken. Draco knikte kort en deed zijn ogen dicht.

Toen Hermelien bij de deur van zijn kamer kwam, hoorde ze haar naam. 'Oh en Griffel?' Ze draaide zich om en zag dat Draco zijn ogen weer open had gedaan en haar aankeek. 'Ja?'

'Bedankt. Je hebt mijn leven gered.'

'Je dacht toch niet écht dat ik je zou laten sterven?'

'Misschien… Ik hou je gevangen hier.'

'Ik blijf hopen. Harry en Ron komen me wel redden.' Knipoogde ze, voordat ze de deur achter zich dicht deed.

'Dat is ook precies waarom je hier bent…' Dacht Draco bitter, terwijl dat gekke schuldgevoel hem weer bekroop.

De weken kropen voorbij en Hermelien was elke dag in de gigantische bibliotheek te vinden. Ze verslond boek na boek en stopte alleen om te eten of, de eerste weken, om de wonden van Draco te verzorgen. Ze leerde hem steeds beter kennen en af en toe vergat ze bijna waarom ze hier was. Op een middag smeerde ze het mengsel voor de laatste keer op zijn lichaam. Ze was nog steeds niet gewend aan de aanblik van Draco Malfidus zonder shirt. Wie had gedacht dat ze dat stiekem leuk vond om naar te kijken? De littekens waren bijna niet meer te zien en vanaf nu moest zijn lichaam het zelf zien op te lossen.

'Hoe lang moet ik hier nog blijven?' Vroeg ze uit het niets. Draco keek haar aan even dacht ze een vlaag van medelijden te zien.

'Geen idee.'

'Hoezo weet je dat niet? Ik zit hier al weken en er gebeurt niks! Waarom ben ik hier?' Eigenlijk was ze ook gefrustreerd, omdat Harry en Ron er nog steeds niet waren. Maar hoe konden ze ook weten dat ze hier was?

'Het hangt van allerlei factoren af! Ik moet je gewoon hier houden!'

Hermelien sloeg haar ogen neer. 'Sorry… ik- ik baal gewoon dat Harry en Ron me nog niet zijn komen halen. Daar hoopte ik echt op.'

Ze voelde Draco's starende blik. 'Je mag blij zijn dat Potter hier nog niet is.' Hij fluisterde het bijna.

'Wat bedoel je?'

'Ik kan het niet zeggen.'

'Alsjeblieft Draco?' Haar stem zorgde ervoor dat zijn hart sneller ging kloppen. De manier waarop ze zijn naam zei. Afgelopen weken had hij naar de momenten uitgekeken dat ze bij hem kwam, hem aanraakte. Hij wilde het niet toegeven, maar hij begon haar leuk te vinden. Héél leuk, maar na wat hij haar ging vertellen, was er geen enkele kans dat ze hetzelfde zou voelen.

'Dat is het plan. Je bent hier, zodat Potter je komt halen. De heer van het Duister weet dat hij er alles aan zou doen om jou te redden, dus liet hij het aan mij over om je te ontvoeren.'

Hermelien keek hem aan alsof hij haar in het gezicht had geslagen.

'Maar- maar, waarom ik? Waarom niet Ron?'

'Zonder jou zijn die twee nergens. Dat weet je best. Op een gegeven moment hebben ze jou nodig, dat is altijd al zo geweest.'

'Je bent er maar gewoon mee ingestemd?' Vroeg ze kil.

'Ik kon niet anders… Het spijt me, maar je mag hopen dat Potter er nog lang over doet…'

Met een ruk stond Hermelien op en stormde ze de kamer uit, een verslagen Draco achterlatend. Hoe kon hij?!

Ze rende de wetsvleugel uit en ging in de hal voor het haardvuur zitten. Tranen stroomden over haar wangen. Als Harry haar zou komen redden, wordt dat zijn dood. Ze hoopte nu uit alle macht dat hij er nooit achter zou komen waar ze zat of dat ze zouden denken dat ze al dood was. Maar ze wist beter, Harry geloofde niks zonder bewijs. Hij zou haar altijd blijven zoeken.

'Hermelien?' Ze hoorde de stem van Agatha achter zich en ze keek om. 'Wat is er aan de hand?'

'D-draco vertelde me waarom ik hier ben… Hoe kon hij?'

Agatha zuchtte en kwam naast haar zitten. 'Je weet toch wel dat hij geen keuze had?'

'Ja, diep van binnen wel. Maar ik hoopte zó dat ze me zouden vinden en nu hoop ik alleen maar dat ze dat nooit doen…' Boos veegde ze haar tranen weg. 'Het is zo makkelijk het gewoon op hem af te reageren.'

'Dat weet ik kind, maar ik zie het als een goed teken dat hij het je heeft verteld.'

'Oh? Waarom vind je dat?'

'Nou meid, dat betekent dat hij je vertrouwd. Je hebt hem veel beter leren kennen toch?'

'Ja, ik weet nu dat hij eigenlijk helemaal geen dooddoener wil zijn, maar dat het nu al te laat is.

Hij haat zijn vader en hij is bang dat hij de oorlog niet overleefd.' Somde ze op.

'Zie je wel? Waarom zou hij dat allemaal vertellen als hij je niet vertrouwde?'

Hermelien keek Agatha aan. 'Je hebt gelijk…'

Glimlachend aaide Agatha over haar haren. 'Ik begrijp dat je wat tijd nodig hebt, maar laat hem niet te lang lijden.' Zei ze met een knipoog. 'Je bent de enige die écht naar hem heeft geluisterd in een hele lange tijd.'

Hermelien praatte een week niet met Draco. Hij kon ondertussen weer zelf rondlopen en kwam vaak naar haar toe in de bibliotheek. Vaak zaten ze uren zwijgend te lezen. De dag dat de eerste sneeuwvlokjes begonnen te vallen, keek ze naar buiten.

'Het sneeuwt.' Haar stem vulde de grote ruimte en Draco leek te schrikken. Ze praatte weer!

'Ja, het sneeuwt.'

Onbewust glimlachte Hermelien, wetend, hopend, dat Harry en Ron de jacht op de gruzielementen nu op de eerste plaats hadden gezet. Ze moesten wel, ze konden niet eeuwig naar haar blijven zoeken. Toch?