Verliefd!

Een week later rende Sam door de gangen, als ze nou maar op tijd was. Professor Adminta zo woest worden als ze weer te laat kwam. Ze begon nog harder te rennen, ze moest gewoon op tijd zijn. In deze drukke tijd kon ze zich geen strafwerk permitteren. Ze zat nu al tot 's avonds laat aan haar huiswerk.

Met volle vaart rende ze het lokaal binnen. Professor Adminta keek op haar horloge. Hijgend kwam Sam tot stilstand en ze keek naar De professor. Ze knikte, Sam zuchtte opgelucht en slenterde naar haar plek. Tot haar verbazing zat er al iemand anders. Ze lette er verder niet op en liep naar een lege plek.

Sam pakte haar boeken en legde ze op tafel. Ze merkte nu pas op hoe stil het in het lokaal was. Verbaasd keek ze rond. In een van de hoeken zag ze een donker persoon zitten. Ze had hem nog nooit eerder gezien, wat deed hij hier? Geïnteresseerd keek Sam naar de persoon. Maar ze merkte verder niets aan hem.

'Iedereen is er, dan kunnen we beginnen.'

Sam schrok op van deze woorden. Ze had zou erg staan staren naar de vreemde persoon dat de woorden als een donderslag op haar insloeg.

'We gaan vandaag verder met de bubbelbolbezwering. De vorige les hebben we de theorie behandeld, dus lijkt het me een goed idee om hem vandaag eens in de praktijk te oefenen. Ik wil dat jullie je in paren van twee verdelen zodat je de ander kunt helpen.'

Veel leerlingen stonden nu op en begonnen te zoeken. Sam keek rond of ze Mandy kon vinden. Want zij had nu ook bezweringen. Helaas zag ze Mandy al met een ander staan. Dus bleef ze wachten tot er iemand naar haar toe kwam. Ze schrok op toen er iemand op haar schouder tikte.

Geschrokken draaide ze zich om en keek in het gezicht van Remus.

'Heb jij al iemand?' Vroeg hij.

Sam schudde haar hoofd, dat had hij toch wel kunnen zien.

'Zullen wij dan samen?' Vroeg hij.

'Is goed, ben jij er goed in?' Vroeg Sam.

'hoe moet ik dat weten? Ik heb hem nog nooit geprobeerd.' Zei Remus lachend.

Sam lachte ook, het was eigenlijk ook een stomme vraag geweest. Natuurlijk kon je niet weten of je er goed in was. Want ze hadden hem nog nooit eerde geoefend.

'Heeft iedereen iemand? Oké, Volg mij, dan gaan we naar buiten. Dan kun je kijken of hij ook goed werkt zodra je onder water komt.' Zei Professor Adminta

Met de hele groep volgden ze Professor Adminta naar buiten, daar gingen ze verspreid staan langs de rand van het meer. Ze zei niets meer en keek alleen maar toe.

'Moeten we nu beginnen?' Vroeg Sam aan Remus.

'Ik denk van wel, begin jij?' Zei hij.

Sam knikte en sprak de spreuk uit, Meteen vormde zich een bol rond haar hoofd. Remus glimlachte en sprak de spreuk ook uit. Ook rond zijn hoofd kwam een doorzichtige bol. Sam lachte, het had nog het meeste weg van een vissenkom. Ze keek rond en zag verscheidene leerlingen met bollen op hun hoofd staan.

'Hé Sam, hoe moeten we nu testen of die dingen waterdicht zijn?' vroeg Remus.

'Door je hoofd onder water te houden natuurlijk!' Zei Sam.

'Is er geen makkelijkere manier?' Vroeg Remus op een klagende toon.

'Is er iets mis mee dan?' Vroeg Sam.

'Ja, dan moet ik weer op m 'n knieën gaan zitten en hopen dat ik bij het water kom zonder erin te vallen.' Zei hij.

'Tja, je kunt er natuurlijk ook gewoon meteen inspringen en onder water zwemmen.' Opperde Sam.

Remus ogen begonnen te glimmen. Hij pakte Sam bij haar arm en sprong. Met een enorme plons belanden ze allebei in het water. Lachend kwam Sam boven water.

'Dat was niet letterlijk bedoeld.' Zei ze lachend.

Remus grijnsde. En dook onderwater, Sam volgde. Het was niet erg licht hier onder water. Maar na een tijdje wende het. Ze keek rond en zag verschillende vissen langs komen. Een paar andere dieren die ze niet kende. Het was prachtig.

Met een ruk vloog ze omhoog en belande ze op het gras. Iets later kwam ook Remus aanvliegen en lande hij naast haar.

'Wat moest dat voorstellen?' Vroeg de strenge stem van Adminta.

Sam verwijderde de bol en keek toen naar haar lerares. Vanuit haar ooghoek zag ze Remus hetzelfde doen.

'Nou? Gaan jullie het nog vertellen.' Vroeg Ze.

'We gingen testen of onze bubbelbollen waterdicht waren.' Zei Remus.

'En dat gaat het beste onder water, professor.' Zei Sam.

Professor Adminta schudde haar hoofd en keek hen boos aan. Sam kromp ineen. Ze werd een beetje bang van die blik.

De vreemde persoon die net ook in de les zat kwam aanlopen. Hij keek even minachtend naar Remus en Sam en mompelde wat tegen professor Adminta. Sam probeerde te verstaan wat ze zeiden, maar dat lukte niet. Professor Adminta knikte naar hem en richtte zich toen tot Remus en Sam.

'Ik wil een verslag van twee vellen perkament over het ontstaan van de bubbelbolbezwering, morgen.' Zei ze met nadruk.

'Per persoon of met z'n tweeën?' vroeg Remus zachtjes.

'Samen! Morgen af, anders kun je een maand nakomen. En nu wegwezen.'

Na deze woorden keek Sam even naar Remus. Samen namen ze de benen, en renden ze terug naar het kasteel.

Nog kletsnat van het water liepen ze de leerlingenkamer binnen. Meteen trokken ze de aandacht van verschillende leerlingen. Ze negeerden hen en liepen verder.

'Hé Remus, Sam. Wat hebben jullie gedaan?' Klonk de stem van James door de leerlingenkamer.

Ze draaiden zich om en zagen James en Sirius aan komen lopen.

'Geen les?' Vroeg Remus.

De jongens aarzelden, Remus knikte.

'Ik snap het al.' Zei hij.

'Maar wat hebben jullie uitgespookt?' Vroeg Sirius.

'Hoe bedoel je?'Vroeg Sam.

'Nou, of is het tegenwoordig normaal dat mensen hier drijfnat door de school wandelen?' Vroeg James.

'Zo zou je het kunnen zeggen.' Zei Remus lachend.

'Zeg op, anders gaan we er nog eens wat van denken.' Zei Sirius.

'Ach, jij zou vast ook nat zijn als je het water ingetrokken bent!' Zei Sam lachend.

'Door wie zijn jullie in het water getrokken?' Vroeg James ongelovig.

'Dat laat je toch niet zomaar toe?' Zei Sirius.

Sam en Remus lachten. James en Sirius snapten er niets van. Sam moest nog harder lachen toen ze de gezichten van hen zag. Daarmee trok ze ook meteen de aandacht van nog meer leerlingen, maar dat moest ze er maar bij nemen.

'Zeg op Remus!' Zei Sirius bijna smekend.

'Al goed, wij moesten voor bezweringen de bubbelbolbezwering oefenen. We gingen naar buiten zodat je ook meteen kon kijken of hij waterdicht was. Ik had geen zin om moeilijk te doen. Dus zei Sam dat je er dan gewoon in moest springen. Dus pakte ik haar en trok haar mee het meer in.' Zei Remus.

'Is dat het hele verhaal?' Vroeg James.

'Nee, professor Adminta was er niet erg blij mee, en heeft ons uit het water gevist met een of andere spreuk. En heeft ze ons gestraft met een werkstuk van twee vellen perkament over het ontstaan van de bubbelbolbezwering, morgen moet hij af.' Zei Sam.

James en Sirius keken hen verbluft aan.

'Dan hebben jullie nog genoeg te doen vanmiddag!' Zei James.

'Dat hebben we zeker.' Zei Remus.

De deur van het portretgat ging open en Lily en Daisy kwamen binnen. Even keek Lily naar Sam en Remus die daar nat in de leerlingen kamer stonden.

'Sam!' Schreeuwde Lily.

'Ja?' Antwoordde ze rustig.

'Wa- wat- wat heeft dit – dat. Hoe-?' Stamelde Lily.

Sam glimlachte kalmerend naar Lily. Daisy keek ernstig toe, maar deed verder niets. Lily keek haar aan en trok haar mee naar de meidenslaapzaal.

'Wat heb jij uitgespookt?' Vroeg Lily ernstig.

Sam zei niets en begon droge kleding te pakken. Lily wachtte even, en keek toe hoe Sam droge kleding pakte. Sam verdween achter de gordijnen van haar bed.

'Sam, kom op. Wat heb je met Remus gedaan?' Vroeg Lily.

Sam 's hoofd kwam weer tevoorschijn, en iets later stapte ze achter het gordijn vandaan.

'Remus en ik zijn een eindje gaan zwemmen in het meer, om onze bubbelbol bezwering uit te proberen.'Antwoordde Sam uiteindelijk.

'En nu de waarheid.' Zei Lily.

Sam zuchtte en begon de natte kleren uit te knijpen en op te hangen. Ze merkte dat Lily haar volgde bij alles wat ze deed. Dus draaide Sam zich weer om.

'Al goed, we moesten onze bubbelbolbezwering uittesten, Remus zei dat hij geen zin had om moeilijk te doen. Ik zei dat hij dan gewoon in het meer moest springen. Hij pakte mijn arm. Trok me mee het meer in. En zo waren we allebei nat en was Adminta boos.' Zei Sam.

'het is Professor Adminta, en het was behoorlijk stom om in het meer te springen. Nog dommer was het om daarna te doen alsof het niets ergs is.' Zei Lily.

'Lil, wat is er zou erg aan om in het meer te springen?' Vroeg Sam.

'Dat is niet erg, maar je vergeeft het Remus gewoon.' Zei Lily.

'Dus, dat moet ik toch zelf weten. En ik had zelf kunnen weten toen ik die opmerking maakte. En het was lekker verfrissend, dus heb ik er verder geen moeite mee.' Zei Sam.

Lily schudde haar hoofd. Sam lette er niet op en liep naar de deur toe. Net toen ze de slaapzaal uit wilde lopen hield Lily haar tegen.

'Waar ga je naar toe?' vroeg ze.

'Naar Remus, moet nog even aan hem vragen waneer we dat opstel over de bubbelbolbezwering gaan maken.' Zei Sam.

'Wij hoeven dat niet te maken.' Zei Lily.

'Nou ik dus wel, Adminta was er niet blij mee dat wij een eindje gingen zwemmen. Dus moesten wij een opstel schrijven. Maar ik ga nu, want straks moet ik weer naar Toverdranken.'

Zonder nog op Lily te letten liep Sam de slaapzaal uit.

In de leerlingenkamer liep ze weer naar Remus toe. Ook hij had ondertussen wat droogs aangetrokken. Sam glimlachte toen ze hem zag.

'Zo daar ben ik weer, Wanneer gaan we dat opstel maken?' vroeg Sam.

'Hmm, Denk na Toverdranken.' Zei Remus.

'heb jij dan ook toverdranken zo meteen?' vroeg Sam.

'Ja, dat lijkt me wel.'

'Ow, ik heb je er nog nooit zien zitten!' Zei Sam.

Remus lachte, Sam ook. Dat was best een stomme opmerking geweest. Maar goed, het was de tweede week, dus de tweede keer dat ze vandaag toverdranken had. Dus zo erg was het nog niet geweest.

Een paar minuten voor de bel zou gaan liep ze samen met Remus richting de kelders. Daar troffen ze James en Sirius ook. Ze stond gezellig met hen te kletsen toen ook Lily en Mandy aan kwamen lopen. Dat was waar ook dacht Sam. Zij hebben nu ook toverdranken. Sam volgde Lily met haar ogen. Ze keek even haar kant op, maar draaide zich toen weer om en liep naar een paar meiden van Ravenklauw.

'Laat haar maar, ze draait wel weer bij.'

Sam keek om. Remus had haar dus zien kijken. Ze knikte naar hem. Hij zou het wel weten. Hij kende Lily langer dan haar. Eigenlijk kende ze Lily maar een week. Nu ze hier op Zweinstein was verlangde ze toch wel weer een beetje naar Klammfels. Niet naar de lessen, maar naar haar vriendinnen.

De deur van het lokaal ging open en met de andere leerlingen ging ze naar binnen. De vorige keer had ze naast Lily gezeten, maar daar had ze geen zin in. Ze zag ook dat Mandy er al ging zitten. Dus liep ze verder. En ging ze naast Remus zitten. Hij knikte. En de les begon. Na twee uur Toverdranken liepen Sam en Remus naar de bieb. Ze gingen zitten aan een van de tafeltjes. Sam pakt een vel perkament, veer en inkt. Bovenaan het blad schreef ze hun namen. Ze keek naar Remus die in zijn boek bladerde en stopte bij de pagina over de bubbelbolbezwering.

'En zie je als wat?' Vroeg Sam.

Remus schudde zijn hoofd en las verder. Een paar bladzijden later kwam hij omhoog en keek naar Sam.

'Er staat niets over het ontstaan van de bubbelbolbezwering.' Zei Remus.

'Goed, dan ga ik even vragen of ze hier ergens een boek hebben waar het wel instaat.'

Sam stond op en liep naar de bibliothecaresse.

'Euh mevrouw, heeft u hier een boek over het ontstaan van de bubbelbolbezwering.' Vroeg Sam.

De vrouw keek haar nors aan en wees een rek. Sam knikte en stapte voorzichtig achteruit. Ze draaide zich om en liep naar het rek. Ze liet haar vinger over de ruggen glijden. Een voor een las ze de titels. Bij een boek bleef ze staan. ''Ontstaan van Bezweringen'' Dat moest ze hebben. Ze pakte het boek en liep ermee naar Remus.

'Gevonden?' Vroeg hij.

'Ja, ik heb hier een boek over het ontstaan van Bezweringen, het zal hier vast wel tussen staan. En anders zoek ik een andere' Antwoordde Sam.

Ze sloeg het boek open bij de inhoudsopgave. Haar vinger gleed langs de verschillende bezweringen. Al snel had ze de bubbelbolbezwering. Ze sloeg verder tot de goede pagina.

'Lees jij, of lees ik?' Vroeg Sam.

'Jij schrijft, ik lees.' Zei Remus.

Sam knikte en schoof het boek naar Remus. Zelf pakte ze het vel perkament weer en de veer. Ze maakte aantekeningen van alles wat Remus zei. Hij sloeg het boek weer dicht.

'Dat was alles.' Zei hij.

'Oké, dan beginnen we nu met het uitwerken van alles.' Zei Sam.

Een paar uur later leunde Sam achterover. Het was eindelijk af. Adminta kon tevreden zijn. Of ontevreden, want sommige dingen hadden ze er gewoon bij verzonnen. Maar dat had hen wel in een paar leuke lachbuien gebracht. En dat gaf hen weer een paar boze blikken van de bibliothecaresse.

Ze rolde de vellen perkament op en stopte ze in haar tas. Meteen pakte ze haar huiswerk voor Verweer tegen de Zwarte kunsten er weer uit. Dat moest ook af. Ze rolde het open en keek naar het punt waar ze gebleven was. Piekerend staarde ze voor zich uit. Dit snapte ze niet. En dat was ook de reden dat ze in de les niet echt ver was gekomen.

'Zal ik even helpen?'Vroeg Remus.

Sam glimlachte.

'Ja graag, ik snap er helemaal niets van.'

Remus schoof naar Sam toe en keek op het stuk perkament. Sam keek afwachtend naar Remus. Hij lachte.

'Het is wel logisch dat je dit niet snapt.' Zei hij.

'Waarom dan? Wat is er mis?' Vroeg Sam.

'Nou, jij zet hier dat de tovenaar of heks zijn gedachtes leeg moet maken, wil hij/zij de spreuk goed uitspreken. Maar het is juist de bedoeling dat je alles wat er door je heen gaat laat gaan. Dan werk de spreuk het best.' Zei Remus.

Sam pakte het perkament en bekeek het. Ze las het stuk nog eens. Ze knikte.

'Vandaar, het leek me ookal zo onlogisch.' Zei Sam lachend.

'Bedankt hè.' Zei Sam

'Graag gedaan hoor.' Zei Remus.

Sam keek hem in de ogen. Het voelde prettig, hij straalde een soort warmte voor haar uit. Een onbeschrijfelijke warmte. Maar het voelde zo goed, alsof er helemaal geen kwaad meer bestond. Ze besefte dat ze al ene hele tijd naar hem stond te staren. En draaide snel haar hoofd weer weg. Ze pakte haar veer en schreef verder.

De volgende dagen bleef ze het gevoel houden, steeds als ze weer naar hem keek. Met hem praatte. Lily was gelukkig weer bijgedraaid en er werd niet meer gepraat over de duik in het meer. Sam was er blij mee. Ze had liever niet dat mensen boos op haar waren. Lily accepteerde het ook dat Sam wel met Remus, Sirius en James omging, ook dat was een enorme opluchting voor Sam.

Ze stapte naar buiten. Het was een lekker weertje vandaag. Een warm zonnetje en bijna geen wind. En geen wolk aan de lucht. Hij was strakblauw. Sam glimlachte, dit was echt lekker. Ze liep verder naar het meer. En ging bij Lily, Daisy en Mandy zitten. Ze trok haar schoenen uit en hing haar voeten in het water.

'Zo, zijn jou lessen voor vandaag ook weer gedaan?' Vroeg Daisy.

'Ja, gelukkig wel zeg. Ik word helemaal gek van al dat gezeur van die leraren.' Antwoordde Sam lachend.

Ze keek naar het water, het was blauw, het zag er fris uit. Ze had even zin om er gewoon in te duiken. Maar ze onderdrukte het gevoel en haalde haar voeten uit het water, zodat ze zich naar de anderen kon draaien.

'En hebben jullie nog wat leuks te vertellen?' Vroeg Sam.

'Niet speciaal, hoezo dan?' Zei Lily.

'gewoon, ik wil ergens over praten, maar ik weet niet wat.' Zei Sam schouderophalend.

Geen van alle reageerde en Sam staarde maar wat voor zich uit. Ze genoot van de zon, het was vast een van de laatste mooie dagen van dit jaar, dat wist ze wel zeker.

'Je gedraagt je raar de laatste tijd, is er iets?' Vroeg Mandy.

Sam keek op. Alledrie staarden ze naar haar, het drong tot haar door dat die vraag voor haar bedoeld was. Sam kleurde iets rood en schudde haar hoofd.

'Oké, wat is er aan de hand?' Vroeg Daisy.

'Er is niets, laat me toch gewoon lekker raar doen.' Zei Sam lichtelijk geïrriteerd.

'Je hoeft niet meteen boos te doen, maar volgens mij verberg jij iets, en ik zou wel willen weten wat.' Zei Daisy.

'Heey Dames, alles goed hier?'

Sam keek op, ze glimlachte. Het was Sirius, achter hem stond James en Peter.

'Alles is hier goed hoor Sirius.' Antwoordde Sam.

'Zo ziet het er niet uit, een paar boze gezichten zag ik zo-even nog.'

'Die zijn weer weg, dus wegwezen jullie.' Zei Lily.

James keek haar verbaasd aan, Lily draaide haar hoofd weg. Hij keek naar de anderen, maar ook Mandy en Daisy keerden hem de rug toe. Nu keek hij naar Sam, die haalde haar schouders op. Ze wist dat Lily, Mandy en Daisy niet zo goed met James konden opschieten, maar dit was toch wel overdreven.

Alsof ze Lily niet hadden gehoord gingen de Jongens erbij zitten. Sam voelde dat ze rood aanliep toen Sirius naast haar ging zitten. Iets dichterbij dan ze liever had, maar ze bewoog niet en bleef gewoon zitten. Tot walging van Lily.

'En waar hadden de Dames het over?' vroeg James.

'Niets wat jou aangaat lijkt me, Potter.' Snauwde Lily.

'Jeetje, doe niet zo opgefokt, het was maar een vraag.' Zei James sussend.

'Als je het zonodig moet weten, we hadden het over Sam.' Zei Mandy.

James keek nieuwsgierig naar Sam, evenals Peter en Sirius. Sam bloosde en keek naar de grond. Lily, Mandy en Daisy vonden het wel leuk, aan hun gegiechel te horen. Sam snapte dat, dat de straf was die zij haar gaven, voor haar vriendschap met de jongens. Haar belachelijk maken waar hun bij waren.

'Wat is er dan met Sam?' Vroeg Sirius.

'Ach, ze gedraagt zich nogal vreemd de laatste tijd, zoals jullie nu ook wel merken.'Zei Lily.

'Net zoals Remus, hij doet de laatste tijd ook een beetje vreemd, maar hij is altijd als vreemd geweest, dus dat telt niet.' Zei James.

De ogen van Lily, Mandy en Daisy begonnen te glimmen. Iets later zag Sam ook de lichtjes in de ogen van James en Sirius glimmen. De ogen van Peter bleven onnozel voor zich uit kijken. Zich afvragend waar iedereen aan dacht. Sam 's ogen lichten ook op, maar dan op een andere manier. Ze moest op haar hoede zijn, want bij verkeerde opmerkingen konden ze er nog eens wat van gaan denken.

'nou wij gaan weer.' Zei Sirius na een korte stilte.

'We moeten Remus maar even gaan vertellen dat Sam hem leuk vind.'

De jongens stonden op. Net op het moment dat ze weg wilden lopen deed Sam haar mond open.

'Dat heb ik helemaal niet gezegd!'

'Nee, zo komt het wel over.' Zei James grijnzend.

'Jullie houden je kop.' Zei Sam.

James Grijnsde en keek naar Sirius. Die terug grijnsde. Peter keek onnozel toe.

'Dat zie ik dus als een bevestiging. Kom Sirius, we moeten naar Remus.' Zei James.

De jongens liepen weg. Sam keek ze na. Daarna draaide ze zich boos om naar Lily, Mandy en Daisy.

'Waarom zeiden jullie dat?' vroeg ze boos.

'Waarom zeiden we wat?' Vroeg Lily.

'Dat ik vreemd deed, normaal zeg je geen woord tegen James en Sirius, en nu hang je ze van alles aan de neus wat ze niet hoeven te weten.' Zei Sam.

'Wij zeiden niets ergs. Wat kan het hun schelen dat jij vreemd doet?' vroeg Lily.

'Dat het je zojuist toch wel gemerkt hoop ik?'

'Wat moest ik merken, ik weet ook wel dat het niets met Remus te maken heeft, het is gewoon weer een de maandelijkse tijd van jou.' Zei Lily.

' Ja, dat weet jij, en Mandy en Daisy. Maar dat weten hun niet, hun denken er heel anders bij.' Zei Sam.

Ze stond op en liep weg. Lily, ze zou haar nooit echt begrijpen.