Aankomst Capitool en Voorbereidingsteam


D2 - Shayna Miri POV

Ik word gewekt door het zachte geschommel van de Capitooltrein en loom open ik mijn ogen. Door het licht dat door de gordijnen heen komt kan ik zien dat de zon pas net is opgekomen en dat ik, voor mijn doen, abnormaal vroeg wakker ben geworden. Ach ja.

Ik sla de deken van me af en sta op uit het heerlijke zachte warme bed. Een droomloze slaap, was het vannacht. Ik was gisteravond veel te moe om nog door te malen over de spelen. En dat is maar goed ook. Ik zal het niet tegen zwakkelingen op moeten nemen.

Onder de maaltijd gisteravond verkondigde Zac luid wat hij allemaal met een enkel stukje touw kon doen, en voor het eerst in mijn leven was ik mijn eetlust kwijt. Dat was nog nooit gebeurd.

Oké, ik wist al dat Zac groot, sterk en gespierd is, maar niet dat hij ook nog de hersens heeft om zoveel verschillende fantasierijke martelingen te bedenken! En die fantasierijke martelingen konden worden uitgevoerd in de arena en ik wil niet bedenken op wie.

Ik schud mijn hoofd en schuifel naar de badkamer. Ik douche lekker lang en even later heb ik een gloednieuwe outfit aan. Net op tijd ben ik klaar voor het ontbijt.

Aan tafel zitten Zac en mijn mentor, Victoria Donovan, een jonge vrouw van vijfentwintig jaar met vlammend rood haar en stormachtige grijze ogen. Met perfect gemanicuurde nagels tikt ze ongeduldig op het tafelblad, en stopt als ze mij binnen ziet komen.

"Dat werd tijd," zegt ze in een harde toon. Ik kijk haar alleen maar kort ijzig aan en neem plaats aan tafel. Zonder dat iemand heeft gezegd dat ik kan beginnen met eten, leg ik verschillende broodjes en vruchten op mijn bord en doop een stuk brood in mijn mok warme chocolademelk. Zac heeft blijkbaar nog niets aangeraakt en begint nu ook pas zijn bord te vullen. Ik vraag me af wie een grotere maag heeft, hij of ik.

"Dus Shayna, wat is je strategie?" vraagt Victoria mij met een toon die duidelijk aangeeft dat ze Zac boven mij verkiest. Ik kan het haar niet kwalijk nemen. Zac zal duidelijk straks niet makkelijk uit te schakelen zijn. Maar toch... ze moet me niet gaan onderschatten.

"Iedereen zo snel mogelijk afslachten en mijn prijs claimen," zeg ik zonder op te kijken. Om nonchalant over te komen pak ik nog een broodje.

"Juist," zegt Victoria sceptisch. "Maar je bent niet de enigste die dat wil doen."

Ik haal mijn schouders op en bijt een stuk van mijn broodje af.

"En wat word je invalshoek?" vraagt ze ongeduldig. "Sterk? Nonchalant? Sexy?"

Zac lachte. "Ha! Sexy, yeah right."

Dat stak.

Mijn broodje was ineens wel erg interessant.

"Nou, Shayna? Al een idee?" vraagt Victoria geïrriteerd.

Ik knipper een paar keer voordat ik opkijk met een koude blik in mijn ogen, mijn gezicht emotieloos. "Het maakt mij niks uit."

"Mij wel, en Zac hier heeft geen moeite om iets te kiezen, dus kies, want anders doe ik het voor je." Haar blik zegt dat ik moet doen wat er van me word gevraagd, en dat zal dan ook wel het beste zijn. Sexy gaat het niet worden. Mijn groene ogen zijn daar veels te lelijk voor. Sterk... dat is duidelijk voor Zac weggelegd. Nonchalant... ach ja. Waarom niet. Beter dan sexy.

"Nonchalant dan maar," zeg ik starend naar mijn broodje.


D5 - Thomas Jake Wenton POV

"Thomas. Thomas!"

"Huh?" zeg ik verstrooid.

"Je moet wat eten! Het Capitool is zo goed om al dit heerlijke eten voor ons klaar te maken!" zegt mijn medetribuut Leigh in volle overtuiging.

Droog kijk ik haar aan.

"Kom op! Je hebt nog niets aangeraakt... voel je je misschien niet goed?" Haar grote bruine ogen zijn gevuld met één en al onschuldigheid. Ze meent dus serieus wat ze zegt. Hmm. Vreemd.

"O-oh. J-ja wel h-hoor," stotter ik. Inwendig beuk ik mijn hoofd tegen de tafel. Ik kan serieus geen meisje antwoorden zonder te stotteren. Leigh trekt haar wenkbrauwen op en legt een broodje op mijn bord. Ze glimlacht naar me en ik beantwoord die met mijn eigen, enigszins kleine, lach. Dat is genoeg van haar, want ze trekt haar benen op en begint aan haar warme chocolademelk te nippen. Ze blijft me aanstaren terwijl ik mijn broodje met kleine happen naar binnen werk. Alsof ze zeker wil weten dat ik niet zomaar stukjes brood onder tafel gooi of gewoon helemaal niet eet.

Er is een ongewone kalmte over mij heen gevallen, maar die verdwijnt zo snel mogelijk wanneer de begeleider van district vijf, Johnson Daniels, binnenkomt met een glas water en een flesje in zijn handen. Zijn paars geverfde haar hangt slap om zijn bleke gezicht. Leigh en ik mompelen een begroeting waar hij niet op reageert en hij ploft op de stoel naast mij neer. Zonder een woord te zeggen opent hij het flesje en gooit de rode vloeistof die erin zit in het glas water, die gelijk rood kleurt. "Hoofdpijn," mompelt hij. "Waar is jullie mentor?"

"Hij is nog aan het slapen," antwoord Leigh.

"Zijn roes aan het uitslapen," verbeter ik haar. Ze kijkt me even kort aan en kijkt weer even snel weg.

"Aan die idioot heb je ook niks," gromt Johnson. "Het zal al heel wat zijn als hij überhaupt voor de aankomst in het Capitool wakker zal zijn. Het enigste wat hij doet als het weer tijd is om mentor te spelen is meer drinken. Niet dat ik het hem kwalijk kan nemen. Ik zou gerust hetzelfde doen zou mijn carrière er niet vanaf hangen."

Niemand zegt iets. De kalmte die ik eerste voelde, heeft plaatsgemaakt voor lichte paniek. Als je niet doodgaat in de arena, ben je dat van binnen wel als je weer thuis komt.

Leigh kijkt alsof ze de Hongerspelen gewonnen heeft, als ze het Capitool ziet. Ze is niet bij het raam weg te trekken, maar dat ben ik ook niet. Ik kan moeilijk mijn ogen van de huizen afhouden. Ze zijn pimpelpaars, kanariegeel, zuurstokroze en meer geverfd. Liften schieten omhoog en omlaag in topsnelheid en de straten zijn brandschoon. Captioolmensen zijn uitgedost in de meest vreemde kledij en zwaaien enthousiast als onze tributentrein binnen komt rijden. Leigh zwaait even enthousiast terug, maar ik kan het niet opbrengen. Het enigste waar ik aan denk als ik iemand de ogen in kijk is dat ze zullen genieten van hoe ik dood zal gaan. Hoe ze zullen genieten hoe gewond ik zal raken.

Op zijn zachts gezegd word ik er kotsmisselijk van.

Ik snap werkelijk niet hoe Leigh zo oprecht vrolijk kan doen.

"Kom dan Thomas! Zwaai ook eens!" zegt ze tegen mij.

"N-nah. I-ik sta w-wel goed." Mijn hoofd zal wel rood zijn en ongemakkelijk zet ik mijn bril beter op mijn neus. Dat stomme stotteren altijd.

"Zwaaien," hoor ik opeens een diepe stem achter mij zeggen. Ik kijk om en zie onze mentor staan met een fles whisky in zijn hand. "Laat ze denken dat je het geweldig vind om hier te zijn. Er kunnen potentiëlen sponsors tussen die mensen staan. Sponsors die je leven kunnen redden."

Ik antwoord door naast Leigh te gaan staan en enthousiast te zwaaien.


D8 - Jade Lammourgy POV

Ik vraag me af hoe hij met zijn ego nog door de deur kan. Wat een arrogante slijmbal. En het ergste is nog dat hij zelfs de begeleidster, May Baker, naar zijn hand heeft gezet.

Ilon is de meest arrogante kwal die ik tot nu toe heb ontmoet. En dat wil héél wat zeggen.

Als we het Capitool in rijden staat hij voor het raam en blaast hij kushandjes naar Capitool mensen. Het ergste is dat de meeste vrouwen rood aanlopen. Oké, ik moet toegeven dat Ilon knap is. Héél knap, maar kom op! Het is een idioot die door zijn mannelijkheid word geleid.

Ik heb koffie nodig.

Ik trek me weg van het raam en zoek een bediende, die even later terug komt met een warme kop koffie. Sterke koffie. Thuis hebben we heel soms een slap aftreksel ervan, maar het blijft koffie en koffie zorgt voor energie, iets wat ik nu nodig heb wil ik het overleven met Ilon.

Wat ben ik blij als we aankomen op het station en ik van Ilon word weggeleid. Ik krijg mijn eigen voorbereidingsteam en word naar een prachtige badkamer geleid. Er waren godzijdank geen camera's op het station en ook geen mensen massa's. De echte entree zal vanavond zijn, als we met een strijdwagen naar binnen rijden.

Jesanna, een vrouw met glinsterende wimpers en een roze huid, trekt zonder medeleven een kam door mijn haar. "Ach, meisje. Je haar is werkelijk ontembaar! Een paar jaar terug was er een tribuut uit district negen die, hoorde ik, zo erg geklit haar had dat ze een stuk moesten wegknippen. Wegknippen! Ach ja, die arme kinderen in de districten hebben ook geen verstand van hoe ze zichzelf moeten verzorgen..." ratelt ze verder. Kinderen in de meeste districten hebben het drukker met eten vinden dan met zichzelf verzorgen, denk ik bitter. Maar ik zeg het niet, en mijn mond houden kost veel moeite. Ik vraag me af of mensen uit het Capitool wel enig idee hebben van hoe het er in de meeste districten aan toe gaat. Waarschijnlijk niet.

"Je nagels zijn helemaal afgekloven!" klaagt Ivy, de jonge vrouw die bezig is met mijn nagels. Ze heeft opmerkelijke pixie oren.

"Sorry..." mompel ik.

"Ik zet er wel nepnagels op. Hiermee kan ik niks mee doen. Hopeloos geval..." Weer houdt ik me in. Weer met moeite. Ik weet dat ze het misschien allemaal goed bedoelen, maar het steekt. Ik heb thuis geen tijd om mij over mijn uiterlijk te bekommeren en het helpt ook al niet dat ik vaak op mijn nagels bijt en dat mijn zwart krullende haar van nature ontembaar is. De enigste die haar mond houdt is Jacinda, die bezig is met mijn huid. Ik ben haar daarvoor enorm dankbaar. Ik weet niet of ik het aangekund zou hebben als ze alle drie zo zouden praten.

Na een tijdje zijn ze eindelijk met mijn haar en nagels klaar en ben ik alleen met Jacinda. Ze ziet er apart uit, maar op een leuke manier. Door haar lange zwarte haar zijn rode strepen geverfd en om haar pols zitten verschillende armbandjes in verschillende kleuren. Haar nagels zijn in dezelfde kleuren gelakt en haar kleding is er ook aan aangepast. In stilte brengt ze make-up aan op mijn gezicht.

"Je hebt mooie ogen," complimenteert ze me als ze bezig is met eyeliner aanbrengen. Ze heeft een rustige en zachte stem.

"Uhh... dank je?" zeg ik klungelig. Ik ben niet echt gewend aan complimenten, zeg maar.

"Van je moeder's kant?"

"Ja... mijn oma heeft ze ook. Mijn tweelingbroers niet. Zij hebben een licht bruine kleur ogen. Alleen de vrouwen in de familie hebben blauwgrijze ogen. Mam zegt dat..." en zo begin ik te ratelen.

Jacinda heeft het voor elkaar gekregen dat ik me enigszins op mijn gemak begin te voelen. Voor het eerst sinds ik was weggevoerd door de Capitooltrein, weg van mijn district.


D11 - Dodar Blink POV

"Shirt uit," beveelt Armand, een man met groen haar en gele ogen. Ik verstijf.

"Nee," zeg ik resoluut. Armand kijkt me met een strenge blik aan, die aangeeft dat ik naar hem moet luisteren, maar ik houdt voet bij stuk.

"Ga geen spelletjes met mij spelen, jongen. Shirt uit, nu!"

"Nee," zeg ik weer. Ik staar even koud terug. Leonora hoor ik achter mij diep zuchten, maar dat maakt me niet uit. Ik ga niet naar Armand luisteren. Ik wil niet dat ze mijn littekens zien.

"Jongen, laat me het niet hardhandig doen," dreigt hij.

"Het maakt me niet uit wat je doet, maar ik doe mijn shirt niet uit." Koppig blijf ik hem aankijken. Armand wenkt Leonora en Diego, de andere leden van het voorbereidingsteam, en ze pakken mijn polsen stevig vast. Ik werp ze een giftige blik, maar ze kijken me niet aan. Zoals Armand al zei, verwijderd hij mijn shirt hardhandig door de voorkant open te scheuren en de anderen verwijderen het shirt verder, totdat ik met ontbloot bovenlijf in de marmeren badkamer sta.

Achter me hoor ik Leonora een geschrokken kreetje slaken en Diego voel ik naast me verstijven. Ik kijk ze niet aan en staar als een geslagen hond naar de witmarmeren vloer. Ik wil hun medelijden niet zien. De blikken die ik krijg toegeworpen in district elf zijn al erg genoeg.

"Haal een doktor," hoor ik Armand zeggen. Diego en Leonora laten me los en verdwijnen uit de badkamer. Dat ik me ongemakkelijk voel met Armand is een understatement.

"Wie heeft je dit aangedaan?" vraagt hij me met een zachte stem. Ik bijt op mijn lip en antwoord niet. "Kom op. Die littekens en hechtingen zijn er niet zomaar."

"Het gaat je niks aan," zeg ik nors met een schorre stem. Ik hoor hem zuchten, maar blijf stug naar de vloer staren. Ik ben dan ook opgelucht als Leonora en Diego terug komen met een doktor. Ik word gelijk naar een tafel gedirigeerd en ga op mijn buik liggen. Niemand zegt iets als de doktor mijn wonden begint te verzorgen en de hechtingen in mijn zij ververst. Het enigste wat zo nu en dan de stilte doorbreekt is de doktor om te vragen hoe oud sommige wonden zijn. Als hij uiteindelijk klaar is begint mijn voorbereidingsteam met mij klaarmaken, maar het is al gauw duidelijk dat Leonora en Diego niet meer in staat zijn dat te doen. Hun handen trillen en ze zijn wit weggetrokken. Niet veel later stuurt Armand ze dan ook maar weg.

"Weet je, het leven in het Capitool is ook niet altijd even rooskleurig," zegt Armand na een tijd van stilte. Ik rol met mijn ogen en houdt mijn mond. "Mijn oom merkte het," gaat Armand verder. "Sloeg me een keer vriendschappelijk op de rug en ik kromp ineen. Schrok zich kapot toen hij mijn rug zag. Een week erna leefde ik met mijn oom en zag ik mijn vader voor het laatst. Heb je geen verdere familie?"

Ik schud mijn hoofd.

"Je bent in ieder geval nu weg daar, al zal het maar voor een tijdje zijn..." als je de arena al overleefd, voeg ik bitter aan toe in mijn hoofd. Maar doodgaan in de arena is beter dan naar huis gaan. Armand is weer stil en even later is hij klaar.

"Kom, je moet je strijdwagen kostuum aantrekken."


AN: Oké, dit laatste stuk van Dodar voelde een beetje vaag aan, maarja, ik denk niet dat veel lezers hiervan huiselijk geweld hebben meegemaakt (hoop ik) en ik betwijfel of ze in het Capitool zoiets als Jeugdzorg hebben.

In elk geval, dit hoofdstuk ging nog niet over strijdwagens en alles. Heb ik expres gedaan, want anders zou het proppen worden als ik dit er ook nog in moest verwerken... dusja...

Laat me even weten wat je ervan vind!

Punten:

Anne - 1 punt
Cicilia - 1 punt

Oja, ik zal sowieso elke zondag updaten en anders misschien meer in een week, maar sowieso elke zondag een up-date.

xxx