A/N: Eindelijk! Hah! Nog een hoofdstuk :3. En Florreke, de orginele auteur vond je compliment erg fijn ^^.
It is not enough to just ride this earth.
You have to aim higher,
try to take off, even fly.
It is our duty.
-Jose Yacopi
Draco keek nijdig neer naar de Schouwer. Hij werd ontwaakt uit een plezante, zij het verstorende, droom door Potter's knokkels die over zijn vleugel gleed. De schok van plezier vermengde zich met zijn droom voor een moment, totdat de soliditeit van de man in zijn armen zich terug naar de realiteit bracht. Hij dacht dat de beweging onopzettelijk was, maar de vraag slipte er desondanks uit. Potter nestelde zich dichterbij met een plagerige opmerking en iets ontwaakte zich in Draco met beangstigende intensiteit.
Hij bedoelde het niet om de Schouwer zo ruw weg te duwen, maar Potter vatte het licht op. Hij grijnsde treurig nar Draco.
"Heb je mijn bril gezien?" vroeg hij.
Draco pakte hem op van de vloer waar ze lukraak waren neergegooid de nacht ervoor wanneer Draco Potter's haar uit zijn ogen kamde en overhandigde hem zonder een woord. Draco schrok weg van die herinnering en keek hoe Potter hem opdeed en toen knipperde door de bekende misvorming. De Schouwer grijnsde en Draco glimlachte bijna terug voordat hij zichzelf op tijd tegen hield. Verdomme, hij hoorde hem niet leuk te vinden.
"Zullen we doorgaan met onderzoeken, of ben je van plan om hier de hele dag te blijven?" vroeg hij bruusk om zijn fout te maskeren. Potter keek nieuwsgierig rond in de kamer. Alhoewel Draco het de nacht ervoor al had gezien, leek het een heel stuk anders in het daglicht. Of in het licht van de magische schilderijen, verbeterde hij zichzelf. Een aantal schilderijen van daglicht verloochende het weer buiten. Eén onthulde een levendige zomer landschap, compleet met heldere bloemen, warm zonlicht, en glinsterende vlinders. Draco dacht dat voor een Zwadderich, de oude man wel erg Huffelpufachtige kunst had gekozen.
Twee erg lange banken stonden onder het grootste landschap, bevuild met toverdrank rompslomp. Potter liep ernaartoe en keek naar de spullen met interesse, zonder ze aan te raken. Een aantal grote kabinetten stonden rond de kamer en Draco graviteerde er naartoe.
"Wacht, maak het niet open!" waarschuwde Potter. Draco deed het bijna wel, maar herinnerde zich het trap incident op het laatste moment. De Schouwer snelde zich naar hem toe en sprak een aantal spreuken uit om te kijken of er vallen en trucjes waren. Verstandig, blijkbaar, want één daarvan zou Draco's handen hebben afgenomen en nog een ander zou half het huis vernietigen, volgens de Super Schouwer.
"Paranoïde, niet?" vroeg Potter retorisch.
"Als je probeerde om illegaal uitgestorven wezens na te bootsen, dan zou jij waarschijnlijk ook paranoïde zijn, Potter."
"Ja," gaf hij toe en gaf de inhoud van de eerste kabinet een vluchtige onderzoeking. Draco was meer geïnteresseerd in Potter. Hij had nu al een aantal zeldzame toverdrank ingrediënten gezien die een fortuin waard waren. Eén van de potten was gelabeld met Gepoederde Minotaurus Hoorn. Draco's hebzucht moest duidelijk zijn geweest.
"Niet gierig worden," waarschuwde Potter. "Ik beloof je dat je hier terug kan komen en naar je hartenlust ingrediënten kan meenemen nadat we hebben waarvoor we hier kwamen."
Draco haalde zijn wenkbrauw naar hem op. "Je staat toe dat ik deze mee mag nemen?"
Potter haalde zijn schouders op. "Waarom niet? Het Ministerie had zijn kans. Zo lang je me je woord geeft dat je geen gevaarlijke toverdranken brouwt of ze loslaat op nietsvermoedende mensen…"
Draco verfrommelde zijn neus. "Als één van de nietsvermoedende mensen, Potter, denk ik dat ik wel kan zeggen dat ik geen pijn wil toebrengen aan mensen die het niet verdiend hebben." Dat was waar. Degene die het wel verdienen, daar was Draco heel wat mee van plan. Hij draaide zijn aandacht naar de aanrechten. Geen boeken en notities lagen binnen een oogopslag. Hij voelde een hand over zijn vleugel glijden en draaide zich zo snel om dat hij een aantal flesjes bijna liet vallen. Draco staarde nijdig naar Potter, wie iets mompelde en snel wegliep. Wanneer de Schouwer ver genoeg was in de kamer om per ongelijke aanrakingen te voorkomen, draaide Draco zich om om de bakken te onderzoeken.
"Voorzichtig," adviseerde Potter en liep weg om een ander gedeelte van de kamer te bekijken.
Draco snoof. Het glaswerk was net zo indrukwekkend als de toverdrankingrediënten. De oude slimmerik had schalen en flesjes van elk denkbaar materiaal. Draco had een aantal zeldzame porseleinen flesjes gezien en sommige waren gesneden van solide jade in verschillende kleuren.
"Hey, Malfidus, kom eens kijken," riep Potter. Draco draaide zich om om Potter in de hoek te zien staan bij een grote houten bureau. Eén la was open en Potter draaide de pagina's van een boek om. Draco liep naar de andere kant van de kamer, en leunde over de Schouwer zijn schouder om naar het boek te kijken.
"Het is geschreven in een soort code, klaarblijkelijk," zei Potter. "Herken je een bepaald letterteken?"
Draco schuifelde wat dichterbij en zijn schouder stootte lichtjes tegen die van Potter. Hij bevroor voor een moment, het contact meer verstorend dan het zou moeten zijn. Het was waarschijnlijk gewoon een bijwerking van het ontwaken met de stommerd op zijn schoot. Draco probeerde zich te focussen op de woorden in plaats van de geur van Potter, wat iets was waar hij zich niet op zou moeten richten, ooit.
"Was je niet getraind door de Schouwer Divisie? Wat doe je, zo lukraak dat boek lezen. Weet je niet hoe gevaarlijk dat kan zijn?" opperde Draco.
"Ik heb de juiste spreuken uitgesproken," zei Potter, iets prikkelbaar. "En een Bezetting van Bescherming. Hoe stom denk je dat ik ben? Antwoord dat maar niet. Nu… de code?"
Draco zuchtte. "Natuurlijk is het geschreven in een code, Potter. Geen zelf respecterende Zwadderaar zou zoiets in klaarblijkelijke tekst schrijven." Draco reek over hem heen en bladerde door een paar bladzijdes, het feit negerend dat de beweging hem dichter tegen Potter aan drukte. "Maar wat dat betreft zouden niet veel Zwadderaren dom genoeg zijn om een schrift bij te houden."
"Denk je dat dat is wat het is?" Potter's stem was opgewonden.
"Het lijkt erop. Pokeby was waarschijnlijk geforceerd om één bij te houden als zijn experimenten bleven falen. Hij zou bij moeten houden wat wel of niet werkte."
"Ik neem het mee naar Hermelien en probeer of zei het kan ontcijferen," zei Potter en draaide die te groene ogen naar Draco. "Tenzij jij het eerst wilt proberen?"
De Schouwer was plots te dicht bij hem. Als Draco iets naar voren leunde kon hij Potter een kus geven, en die gedachte was zo abnormaal dat hij besloot om een afspraak te maken met een Heler. Of wou dat een Amnesia over hem werd uitgesproken.
"Ik zou er wel even inkijken wanneer we naar de Villa toe gaan," zei Draco abrupt en vertrok zijn gezicht bijna pijnlijk bij de we. Wat liet hem denken dat Potter mee ging?
"Oké," zei de Schouwer en hij sloot het boek. Draco ging snel bij hem vandaan. Potter opende de andere lades en schakelde een verrassend hoog nummer aan vallen uit. De oude tovenaar was één die wantrouwend was. Potter ontdekte een willekeurige stapel met papieren, de meeste geschreven in dezelfde verduisterende code. Hij plaatste alles op een stapel op het bureau. Ze vonden weinig andere dingen van waarde en Potter zei eindelijk dat ze konden gaan. Draco lokaliseerde een rugzak en ze stopten het vol met papieren en boeken, inclusief een aantal interessant lijkende toverdrank boeken die Draco nooit eerder had gezien.
"Oké, ik denk dat we klaar zijn," zei Potter. "Op naar Villa Malfidus dan maar?"
Draco knikte. "Het is dik na de tijd dat we ontbijten. Heb je trek?"
"Ik kan wel een Terzieler op," gaf Potter toe. "Elke molecuul van voeding was uit mijn lichaam gezuiverd vannacht… Nog bedankt daarvoor, trouwens." Potter trok aan zijn haar op een manier die Draco innemend begon te vinden. Hij sloot zijn ogen bij het idee en zwoer om uit te zoeken hoe zo snel mogelijk seks te hebben. Misschien wou een vrouw zijn vleugels negeren… Oh, wie hield hij voor de gek? Hij zou heus niet door Londen heen kunnen struinen, pratend met meisjes.
Potter verwarde zijn pijnlijke gezicht waarschijnlijk met iets anders. "Oké, goed. Ik ben niet echt goed met het bedanken van je, sinds ik het nooit eerder heb gedaan, dus je hebt één van mij tegoed, en we laten het daarbij, ja?"
Draco's ogen sprongen open en fixeerden zich op de Schouwer. "Eén van je tegoed?" Hij probeerde niet eens om het randje van een roofdier uit zijn stem te halen. Was Potter gestoord? Draco stond bij Potter in het krijt. Hoe kon hij ooit denken dat hij Draco een plezier moest doen? Maar alsnog was hij niet stom genoeg om zo'n kans voorbij te laten glijden. Potter's stomheid kon alleen maar in zijn voordeel werken. De stomheid in kwestie werd verloochend wanneer er paniek in de groene ogen scheen. Draco lachte bijna. De Schouwer was juist om bezorgd te zijn. "Oké, Potter. Ik accepteer. Ik zal lang en hard denken om te weten hoe je me kunt bedanken. Vrees niet, het zal niet iets lichtzinnigs zijn."
Potter's keel werkte nerveus en hij trok nog eens aan zijn haar. "Um… oké. Hopelijk maakt het me niet bankroet… of is het te vernederend. Ik zal je moeten vertrouwen, ja?" Hij zei het laatste hoopvol en Draco's valse grijns verbreedde zich.
"We zullen wel zien," zei hij cryptisch.
~~ O ~~
Harry slikte hard en hield zichzelf bezig met het oprapen van papier. Wat haalde hij zich in het hoofd om Malfidus een plezier te doen? Hij was overduidelijk lichthoofdig door de honger. Nu moest hij ook nog eens druk maken dat hij bij Draco Malfidus in het krijt stond. Natuurlijk was het niet één van de tien dozijn dingen die Harry hem wel wou offeren. Het zou waarschijnlijk meer naar vernedering leunen. Per slot van rekening had Malfidus zeven jaar van opgekropte kwelling om te wreken.
"Zullen we gaan?" vroeg Harry opgewekt.
Hij leidde de weg door de voorraadkamer en op naar de trap nadat hij zeker wist dat de verschillende verlammingspijltjes waren uitgeschakeld. Als een stilzwijgende overeenkomst sloten ze de deuren, de plek achterlatend zoals ze het hadden aangetroffen. Eenmaal buiten klom Harry op zijn bezem. Malfidus droeg de rugzak zonder commentaar en Harry nam aan dat zijn beter ontwikkelde kracht de last bijna in het niets leek doen verdwijnen. Ze stegen op in de lucht en Harry vond Malfidus in vlucht nog boeiender in het daglicht. Het was een bewolkte dag, maar het was ten minste gestopt met sneeuwen. Harry vloog niet ver voordat hij landde op een plek onder groenblijvende bomen.
"Zullen we vanaf hier Verschijnselen?" vroeg hij. "We moeten nu ver voorbij de spreuk zijn."
Malfidus haalde zijn schouders op. "Ik zie je wel in de Oost Vleugel op de begane grond in de salon."
"Wacht!" schreeuwde Harry en greep Malfidus zijn mouw. Hij keek nijdig naar de blonde man. "Alleen al het feit dat ik niet weet waar de verdomde Oost Vleugel op de begane grond in de salon is, weet ik niet of ik kan Verschijnselen in de Villa!"
Consternatie kruiste zich over Malfidus zijn gelaat voor een moment. Hij zuchtte. "Ik heb de bezetting zo afgesteld – met Moeder haar permissie – om je toe te laten. Verschijnsel gewoon naar mijn zitkamer dan. Ik weet zeker dat je je nog wel herinnerd waar dat is."
Harry liet los en Malfidus Verdwijnselde met een knal. Harry volgde en droop al gauw stukjes van smeltend sneeuw van zijn laarzen op Malfidus zijn fraaie vloerkleed. Hij deed ze snel uit en gooide ze naar de balkondeuren voordat hij zijn bezem ernaast neerzette. Malfidus murmelde een serie Ontsluitspreuken om een dichtbij zijnde koffer te openen. Hij gooide de rugzak erin.
"Het bad is daar," zei Malfidus met een gebaar naar een dichtbij zijnde deur. "Ik zal iets voor je uitzoeken om te dragen… tenzij je liever gescheurde broeken hebt? Wil je dat ik je kont voor je heel?"
Harry snoof door de sarcastische toon. "Ik denk dat ik het wel red. Maar ik zou inderdaad wel graag andere kleding willen dragen." Met dat opende Harry een gigantisch grote badkamer met een indrukwekkende marmeren bad. Het was al gevuld met water en Harry hield zijn hand erin. Het was iets warmer dan hij wou, maar hij besluit dat het niet ondraaglijk zou zijn voor deze ene keer. Hij deed snel zijn geruïneerde broek en shirt uit, terwijl hij opmerkte dat de manchetten onder het stof zaten. Hij zag er vast vreselijk uit. Geen wonder dat Malfidus steeds bij hem vandaan wou. Nou ja, behalve wanneer ze samen naar het boek keken. Dat was… interessant. Hij wreef over zijn schouder, Malfidus zijn nabijheid herinnerend. Hij zuchtte zwaar en schudde het af wanneer hij in het hete water klom. Het kostte wat tijd om zich aan het water te wennen en om zichzelf erin te laten zinken. Hij vroeg zich af of de huis-elven het water constant gevuld hielden en op de juiste temperatuur, of als er een spreuk over het bad was uitgesproken. Als het het laatste was, dan zwoer Harry dat hij achter de spreuk wou komen.
Het water prikte behoorlijk pijnlijk tegen zijn wond op zijn kont. Hij schrobde voorzichtig, hopende dat de wond niet zou infecteren. Hij zou langs de Heler op het Ministerie gaan op maandag, om er zeker van te zijn. Dat of Hermelien kon er even na kijken. Zijn hoofd schoot omhoog wanneer de deur opende zonder een klop. Malfidus gooide wat zwarte kleren op een nabije stoel. "Kleding voor je, Potter. Doe er niet de hele morgen over – je ontbijt wordt koud."
"Malfidus, wacht!" zei Harry wanneer de blonde man zich omdraaide om weg te gaan.
Hij haalde een lichte wenkbrauw omhoog. "Wil je dat ik je rug doe?"
Harry gaapte hem aan voor een moment terwijl zijn lichaam reageerde op de plagerige woorden op een manier die, gelukkig, verborgen was door het water. Malfidus lachte. Harry herstelde en zei, "Eigenlijk hoopte ik dat je een bericht naar Hermelien kan sturen. Ze is vast erg bezorgd en wil graag weten wat er is gebeurd."
Malfidus snoof en haalde zijn schouders op. "Ik zorg er wel voor. Schiet op."
Wanneer de deur dichtging zuchtte Harry en leunde zijn hoofd tegen het marmer. Verdomme, het werd erger. Het geluid van Malfidus zijn stem was al genoeg om hem op te winden. Harry besloot dat hij beter uit zijn verdomde buurt kon blijven. En waarschijnlijk om seks te hebben. Hij streelde zijn erectie langzaam, maar durfde niet helemaal om zichzelf klaar te laten komen in Malfidus zijn bad. In plaats daarvan dacht hij aan niet sexy gedachtes en richtte zijn aandacht op de mechanica van het bad. Tegen de tijd dat hij zich af had gedroogd en de zachte gewaad had aangetrokken die Malfidus hem had gegeven, voelde hij dat hij meer controle had over zijn libido.
Het gewaad paste als een verdomde handschoen en was zeker weten één van de meeste stijlvolle dingen die hij ooit had gedragen. De stof leek zijn schouders te accentueren samen met zijn slanke heupen, dat nauw aansloot voordat het in volumineuze vouwen uitliep. Harry gleed een hand over zijn buik en was verrast door de zachtheid ervan. Ze waren ook warm. Harry vroeg zich af of hij zijn trots in kon slikken en Malfidus kon vragen waar hij ze vandaan had. Waarschijnlijk niet, besloot hij en hij grijnsde naar zijn reflectie in de spiegel. Hij haalde een kam door zijn haar en gooide het op een tafeltje voordat hij de zitkamer inliep.
Malfidus stond bij de haard en hij draaide zich om wanneer Harry de deur dichtdeed. Zijn grijze ogen verwijdde zich en hij staarde naar Harry voor zo lang dat hij een blos op zijn wangen kon voelen kruipen wanneer hij een hand door zijn haar wou halen.
"Wat?" vroeg Harry uiteindelijk.
"Verdomme, Potter, je ziet er eigenlijk… vrij goed uit."
Harry's blos werd donkerder door het semi-compliment. "Bedankt. Aangenaam gewaad," zei hij wanneer hij nogmaals een hand erover haalde.
Malfidus knikte, maar maakte verrassend genoeg geen commentaar over Harry's normale staat van kleding. De blonde man leek natuurlijk geweldig. Hij had klaarblijkelijk zijn eigen kleren vervangen toen Harry een bad nam. Zijn kleren waren anders – een gemodificeerde set van een lichtblauw gewaad accentueerde zijn lichaam. Harry probeerde er niet naar te kijken, maar faalde. Malfidus zei, "Ik heb een gesprek gehad met Griffel via het Haardrooster. Ze eist om elk detail te horen te krijgen, natuurlijk. Ik zei haar dat je contact met haar zou opnemen via het Haardrooster." Malfidus liep naar een kleine tafel, wat beladen was met voedsel. Harry had het niet eerder in de kamer zien staan, en nam aan dat het was gebracht of Getransfigureerd. Hij was blij dat ze niet de lange reis naar de eetkamer hoefden te maken. Hij was uitgehongerd en de geur was tantaliserend.
Harry schoof een stoel bij de tafel en ging tegenover de gevleugelde blonde man zitten. Hij was hongerig, maar probeerde zijn manieren te herinneren. Koele grijze ogen meette hem, zoals gewoonlijk, en Harry besloot dat hij er genoeg van had om te licht bevonden te worden.
Ze aten in stilte en Harry dronk wat leek een gallon aan pompoen sap. Hij was uitermate uitgedroogd en was verrast dat hij niet stopte om de smeltende sneeuw op te eten op hun weg terug. Malfidus stopte als eerste met eten en koesterde één of ander frivools soort sap – granaatappel of iets dergelijks – terwijl hij wachtte totdat Harry klaar was.
"Dus, Potter," zei Malfidus wanneer Harry minder hongerig was. "Nog niet getrouwd? Ik dacht dat je nu gelukkig getrouwd zou zijn. Toch gekozen voor een lange verloving?"
Harry stikte bijna en zette gauw zijn glas weg. Hij zocht wanhopig naar een manier om eronder uit te komen maar koos uiteindelijk voor de waarheid. "We zijn uit elkaar gegaan."
Malfidus leek verrast voor een moment. "Waarom? Gaf ze jou de schuld van haar idiote broer zijn ongeluk?"
Harry haalde diep adem. De suggestie lag zo dicht bij de waarheid dat schuld door zich heen sloeg in de vreemde tevredenheid terwijl hij een maaltijd deelde met de Zwadderaar. Hij schoof zijn stoel achteruit, hopende om het gesprek minder vijandig te maken.
Malfidus grijnsde. "Hah. Ik had altijd al geweten dat ze een trouweloze, hebzuchtig klein meisje was, maar ik ben verbaasd dat jij erachter bent gekomen."
Harry schoot omhoog, geïrriteerd. Malfidus zijn mening van de Wemels was klaarblijkelijk niet veranderd in de afgelopen jaren, maar Harry vond dat hij nauwelijks gekwalificeerd was om Ginny te oordelen wanneer hij haar niet eens meer herkende. Harry's relatie – of gebrek daaraan – ging Malfidus niks aan. "Je weet niet waar je het over hebt," zei Harry stijf.
De blonde man haalde zijn schouders op. "Ik ken uitschot wanneer ik het zie. Ik kon je jaren geleden zeggen dat de vrouwelijk Wemel niks meer was dan een goud-Delfstoffer. Het is beter dat je haar kwijt bent, Potter."
"Moet je altijd zo'n klootzak zijn?" opperde Harry.
"Moet je altijd blind zijn voor de waarheid?" sneerde Malfidus.
"Bedankt voor het ontbijt," zei Harry scherp. "Ik zorg ervoor dat het gewaad schoon is en weer terugkeert." Voordat Malfidus iets kon zeggen, voegde Harry eraan toe, "Ik stuur je later een uil," en Verdwijnselde.
~~ O ~~
Draco staarde naar de plek waar Potter verdween voor een lange tijd, zichzelf mentaal een schop gaf voor dat hij zich weer als een klootzak gedroeg, juist wanneer Potter zich gedroeg als… nou, als een daadwerkelijke vriend in plaats van een Schouwer die met een zaak bezig was. Als hij eerlijk met zichzelf was, haalde Draco uit in een onderbewuste reactie om Potter weg te drijven. Zijn vreemde gevoelens van Potter zijn aantrekking werden steeds groter. Om Potter in zijn bad te zien liet de vocht in zijn mond opdrogen en een vreemde, fladderend gevoel belandde in zijn buik. Zijn plagerige offer om Potter zijn rug te wassen was geen grap. Het was verontrustend. En verkeerd. Verontrustend en verkeerd.
Hij stond op en liep naar de balkondeuren terwijl de huis-elven de rommel van het ontbijt opruimden. De wolken leken iets op te breken, wat minder sneeuw betekende, maar waarschijnlijk nog koudere temperaturen beloofde.
"Mevrouw Narcissa wil Meester Draco zien in de bibliotheek," zei een huis-elf die een paar stappen achter hem bleef staan. Draco sneerde er absent naar – het was één van een paar die zo erg op elkaar leken dat hij de moeite niet nam om ze uit elkaar te houden. Hij wist niet eens zeker of ze mannelijk of vrouwelijk waren… of één van beide.
"Oké," zei Draco. Hij gaf zich over aan het feit dat hij tijd met zijn moeder door moest brengen, wetende dat hij haar behoorlijk vermeden had de afgelopen dagen. "Zeg haar dat ik er zo aankom."
Draco keek naar zichzelf in de spiegel en stopte een stuk haar terug. Hij probeerde niet te denken aan hoe verrukkelijk Potter leek in zijn zwarte gewaad. Ze paste de Schouwer tot op de perfectie toe, behalve bij de schouders, waar het iets te strak was maar wat zeker geen minpunt was. De verdomde idioot was eigenlijk best knap wanneer hij schoon en netjes gekleed was.
Draco gaf een nijdige blik naar zichzelf in de spiegel en zwoer om te stoppen met denken over Harry Potter. De Schouwer was boos wanneer hij wegging en er was een goede kans dat hij niet de moeite nam om terug te komen. Draco moest zich concentreren op de dagboek en het ontcijferen daarvan terwijl hij het contact met Potter moest verbreken.
~~ O ~~
Harry schreed door het huis naar de open haard van de keuken en contacteerde Hermelien via het Haardrooster, wie hem vertelde om over een uur nog eens te proberen aangezien ze ergens druk mee bezig was. Harry snoof in frustratie, maar gebruikte de tijd om Knijster het bevel te geven om naar de markt te gaan en de voorraad bij te vullen.
Knijster assisteerde om ingrediënten op te noemen, sommigen nuttig en andere weer niet. Harry weigerde om slakken te kopen, ongeacht dat "Meester Regulus" ze lekker vond.
De wereldse opdracht deed niks om Harry's toorn af te koelen en hij was nog steeds behoorlijk geagiteerd wanneer Hermelien hem toestemming verleende om in haar woonkamer te verschijnen. Haar perplexte gezicht stopte zijn vloei van woorden voordat ze begonnen.
"Harry! Wat is er met je gebeurd?"
Hij keek naar beneden, zich afvragend of hij zichzelf had gesneden zonder dat hij het zelf wist, of als hij een Wemel streek was tegengekomen in zijn huis.
"Het gewaad!" legde ze uit. "Je ziet er verdomd goed uit!" Hermelien liep daadwerkelijk om hem heen in een cirkel, wat hem leek voelen als een dier op een veiling blok.
"Oh, hou op," zei hij. "Ik heb deze geleend van Malfidus." Hij wou zich omkleding op het Grimboudplein, maar hij was niet willend om de comfortabele gewaad uit te doen, vooral wanneer hij wist dat ze goed stonden.
"Je hebt zijn kleren geleend?" Haar wenkbrauwen verdwenen onder de krullen onder haar ogen en Harry gaf haar een nijdige blik.
"Er is niks gebeurd!" snauwde hij en herstelde zijn uitspraak. "Nou ja, er is wel iets gebeurt, maar niet wat je denkt."
Hij zei alles over hun uitstap naar het oude huis en de ontdekking van de verborgen kelder. Ze luisterde aandachtig wanneer hij het incident van het pijltje en de gedeelte over dat hij Malfidus de Zuiveringsspreuk liet leren eruit liet. Hij liet het hele gedeelte eruit dat hij in Malfidus zijn armen wakker werd, wetende dat ze hem daar voor altijd mee zou treiteren, en ging snel naar het gedeelte over het schrift.
"Dus we gingen terug naar de Villa, maakten ons schoon, hadden een perfect normaal ontbijt, en toen moest hij zich weer veranderen in de klojo die we allemaal kennen en haten." Harry ijsbeerde in irritatie door de herinnering en zuchtte. "Ik denk dat het beter is zo. Hij is gewoon zo verdomde aantrekkelijk en hij is een slachtoffer. Hij is ook Lucius Malfidus zijn zoon, een man wie mij met alle liefde Crucio toewenst op het moment dat hij uit Azkaban is en dat is zonder ook maar een idee dat ik geïnteresseerd ben in zijn zoon."
"Ben je dat?" vroeg Hermelien. "Geïnteresseerd in zijn zoon?"
Harry gooide zichzelf op de bank en schoof iets opzij om een aantal boeken aan de kant te duwen die in zijn heup staken. "Ik weet het niet," gaf hij toe. "Ik zou wel zeker zijn als het niet absoluut stom en absurd was. Hij vind mannen niet eens leuk!"
"Hoe weet je dat? Hij leek behoorlijk close met Benno Zabini in zijn zevende jaar."
"Hij leek nog closer met Patty Park, weet je nog? Ze konden nu wel verloofd zijn voor zover ik weet."
"Dat zijn ze niet," zei Hermelien zelfverzekerd.
"Hoe weet je dat?"
"Lees je nooit de Ochtendprofeet? Volbloed families zoals de zijne blazen een verloving helemaal op. Ze geven gigantische evenementen en maken officiële aankondigingen en al dat soort dingen. Het is nog een manier van pronken."
"Dus… niks voor Malfidus?" Harry probeerde een onverwacht gevoel van opluchting te onderdrukken en faalde.
"Niets zoals dat voor Malfidus. Om eerlijk te zijn zijn er roddels dat Patty en Benno momenteel in Zwitserland zitten. Ze namen een select groepje mensen met hun mee, maar er zijn suggesties dat ze een stel zijn."
Harry overwoog dat en keek haar nijdig aan. "Je probeert toch niet serieus om mij achter Draco Malfidus aan te laten gaan? Of hij nu wel of niet verloofd is of als hij nu wel of niet hetero is, het is nog steeds Malfidus! Hij leeft ervoor om mij als minderwaardig over te laten komen. Hij haat mijn vrienden, hij maakt constant beledigingen; hij is– "
"Verdomd knap, is jouw type, zal nooit verblind worden door je naam, en zal nooit saai zijn."
"Geef het op, Hermelien. Hij haat me. Deze belachelijke aantrekkelijkheid is compleet eenzijdig en ik kom er wel overheen. Ik moet uitvinden wie hem hebben veranderd, ze tot hun recht zetten, en Draco Malfidus nooit meer zien. Feitelijk plan ik om het contact met hem tot een minimum te brengen vanaf nu af aan. Wil je hem helpen met het ontcijferen van de papieren die we hebben gevonden? Ik kan er helemaal niks mee. Stuur me een uil als je iets van waarde hebt gevonden. Ik ga naar Zweinstein om de Verboden Afdeling te bekijken. Ik zeg wel hallo van jou van Hagrid."
Het was duidelijk dat Hermelien hem tegen wou spreken, maar Harry was klaar met het bespreken van Malfidus. Voordat ze kon protesteren, zei hij zijn afscheid en vluchtte naar Zweinstein.
