Hoofdstuk 6

Ik moest een paar dagen in het ziekenhuis blijven en mocht daarna naar huis. Ik bleef nog een tijdje thuis en schreef alles wat ik had meegemaakt in het boekje. Deze had ik pas na een dag of twee omdat het even duurde voordat mijn spullen weer terug waren. Seira kwam elke dag langs. Op een dag nam ze ook een kaart mee van de klas waarop stond dat ik snel weer beter moest worden. Iedereen had zijn naam opgeschreven en sommige een klein berichtje daarbij. " Dat is lief." zeg ik terwijl Seira bij me op bed zit. " iedereen mist je, ze willen dat je snel weer op school komt. En weet je wie er nog het meeste naar je vraagt?" Ik keek haar vragend aan. " Bolin." "Echt waar?" " Jep, zoals ik al zei, die jongen is gek op je." ik keek verbaasd naar de kaart waar Bolin's naam stond. - ik mis je Chihiro, word snel beter. Bolin. - "Mama, zegt dat ik over een paar dagen terug naar school mag. Ik moet nog wel uitkijken met mijn hoofd." "Natuurlijk! Master-Ninja-Seira de geweldige beschermt je wel." ik moest lachen om haar worden. "Weet ik toch lieverd." Seira lacht naar mij en kijkt dan op haar horloge. "Shit! Ik kom te laat voor eten.. Het is al zes uur! Ik moet opschieten anders word pap boos." ze pakt haar jas van de stoel leuning en geeft me een kus op de wang. " Doei Chihiro! Ik zie je morgen weer." " Tot morgen Seira." en toen was ik weer alleen. Seira's vader wachtte thuis op haar? Wat lief van haar vader.. "papa... Je dochter was bijna... En je kwam niet eens naar het ziekenhuis om haar te bezoeken. WAT BEN JE VOOR EEN VADER ALS JE DAN NIET EENS NAAR JE DOCHTER KOMT? DAN BEN JE GEEN VADER!" schreeuw ik. Ik open mijn ogen en zet mijn raam open. Kijkend naar de hemel ga ik op de vensterbank zitten. "Kijk jij nu ook naar deze hemel papa? Of ben je aan het werken? Want werken lijkt het enigste waar je geïnteresseerd in bent!" ik voel tranen over mijn wangen stromen. "waarom kom je niet naar me toe papa? IK HEB JE NODIG PAPA!" ik begin tegen de muur te slaan. "JE HEBT NOOIT OM ME GEGEVEN PAPA!" ik hoor voetstappen en dan voel ik twee armen om Me heen. " Rustig Chihiro!" " NEE!" gil ik terwijl ik met mijn armen in het niks sla. "WAAROM PAPA! WAAROM WAS IK NOOIT GOED GENOEG? Waarom papa? Ik ben altijd braaf... Zijn het mijn punten? Want die zijn goed papa! Ik werk me Kapot om jou gezicht te zien als ik een geweldig rapport heb.. MAAR JE BENT ER NOOIT OM HET TE ZIEN! IK DOE ZO MIJN BEST PAPA... " ik sloeg tegen de muur met al mijn kracht, mama hield me niet tegen. "Waarom moest je ons verlaten papa?" ik liet mezelf op de grond glijden tegen mama aan. We zitten samen op de grond en we huilen. " mama? Waarom houd papa niet van me?" het was even stil. "Hij houd van je Chihiro maar... Papa heeft nooit zo goed geweten wat hij met gevoelens moet doen dus hij werkt hard. Hij denkt dat hij ons gelukkig maakt met een groot huis en mooie spullen. Dat is hoe papa zijn liefde laat zien." "Dat is geen liefde mama." "Hij ziet het als liefde Chihiro." mijn moeder veegde mijn tranen weg en gaf een kus op mijn voorhoofd. "Papa en ik houden van jou lieverd. Je bent het mooiste geschenk dat we ooit hebben gekregen." ze kust me nog een keer. " kom laten we gaan slapen." we liepen samen naar papa's en mama's slaap kamer. We vielen samen in slaap.

De volgende ochtend had mama pannenkoeken voor me gebakken als ontbijt. Ik voelde me al stukke beter! Ze ging boodschappen doen en ik ging weer in mijn eigen bed liggen om verder te slapen. Ik sliep de laatste tijd zo veel... Maar ik had het blijkbaar nodig. Ik sla de deken dicht om me heen en sluit mijn ogen.

Ik stond voor het rode gebouw. "hallo?" geen antwoord. Iets zei me dat ik de tunnel

In moest lopen. Ik liep in de tunnel, het was koud en ik voelde wind langs mijn benen die mij verder de tunnel in leken te trekken. Ik zag aan het eind van de tunnel licht. Ik rende er naar toe tot ik afremde omdat ik twee silhouetten zag. Een draak en een jongen. "Hallo?" "Chihiro." zuchte de jongen en de draak samen. "Vergeet ons niet." toen praatte alleen nog de jongen. " zoek me." Opeens begint de grond te beven en ik val op de grond. " wat gebeurt er?" Brokken steen van de tunnel vallen op de grond. " Chihiro, ik dacht dat ik vandaag alleen met je kon praten maar..." "wat?" Roep ik naar de jongen en de draak. Toen stortte de tunnel in. "Zoek me Chihiro... Alsjeblieft... Zorg dag je me vindt."

" Chihiro, misschien moeten we nog even wachten. Je kan denk ik morgen niet naar school je ziet er heel moe uit lieverd." " maar ik wil!" Ik had een discussie met mijn moeder toen ik thuis kwam. Ze vond me er slecht uit zien. Hoe zou het komen? Ik krijg de ene rare droom na de andere.. En van die droom van vanochtend snapte ik ook al niks. " Chihiro je moet slapen." "Ik wil niet slapen! Ik wil Naar school! Ik wil mijn vrienden." mijn moeder zuchtte. "Chihiro... Wacht dan alsjeblieft nog twee dagen in de plaats van een. Dan mag je daarna naar school oké?" ik zuchtte. Ik wist dat ik deze discussie niet zou winnen. " oké mama." Ik besloot om braaf te doen wat ze wou. Snel zou ik weer naar school kunnen.

Om een of andere reden sliep ik de twee nachten daarna goed. Ik voelde me goed uitgerust op de dag dat ik weer naar school mocht. Mama merkte ook op dat ik er beter uit zag. Op de weg naar school voelde ik opeens twee armen om me heen. Ik draaide me om om te zien wie de eigenaar was van de armen. "Hee lieffie, mag je weer naar school?" zegt Seira met een grote glimlach op haar gezicht. Natuurlijk was het Seira, wie anders? "Ja ik mag weer naar school." antwoordde ik terwijl

Ik een grote lach probeerde te produceren. Ze had me niet door. We liepen verder naar school terwijl Seira vertelde over het bezoek dat ze gisteren had van oude familie vrienden en dat haar vriend van vroeger super knap was geworden. "Oh Chihiro.. Hij was zo knap. En hij flirte met me ik wist het zeker! En dan die ogen... Zo mooi blauw! Deze jongen is anders dan al die andere jongens Chihiro. Hij is mijn toekomst!" roept ze enthousiast. "Wie?" vraagt een stem aan ons. "Oh, hoi Bolin." zeg ik. "Hey." hij komt naast ons lopen gevolgd door Gaito die achter ons blijft lopen met een gezicht dat niks goed voorspelde. "Zijn naam is Darren en Hij is geweldig!" roept Seira uit terwijl ze haar armen in de lucht gooit. Ik zie dat die woorden Gaito pijn deden en ik zag hoe zijn gezicht in een boze, geïrriteerde expressie begon te staan. Ik ga naast Gaito lopen. "Ze draait wel weer bij." zeg ik net hard genoeg om door Gaito gehoord te worden maar te zacht om door iemand anders gehoord te worden. Gaito kijkt me verbaast aan. Ik wist dat hij haar leuk vond aangezien ik hem vaak betrapte op starende blikken naar Seira. "Zo gaat het meestal. Ze ontmoet een jongen, ze vind hem geweldig, ze komt erachter dat een groot percentage van de jongens op deze aardbol eikels zijn en komt vervolgens een nieuwe jongen tegen." "waarom vertel je me dit?" "Je vind Seira toch leuk?" "J-ja, ik bedoel ik-" "Seira verdient een jongen die haar laat inzien dat er ook lieve jongens bestaan die niet alleen op je afgaan voor je lichaam en vervolgens je hart breken." Gaito kijkt alsof hij hard nadenkt. "ik denk dat jij zo'n jongen bent Gaito." "E-echt?" "Jep, ze verdient iemand zoals jij en jij verdient haar." het bleef even stil. "Dan zal ik op haar wachten." "Dat is mooi, heel mooi." de rest van de weg liepen Gaito en ik in stilte. Bolin vroeg nog hoe ik me voelde en ik zei dat het goed ging. Waardoor hij vervolgens opgelucht verder liep. Seira en Bolin waren het klaslokaal in achter elkaar aangerend om een of andere reden, voordat ik achter hun aan naar binnen kon gaan om vervolgens op mijn plek te gaan zitten voelde ik een hand om mijn pols die mij tegen hield. Ik keek om mijn schouder naar achteren om vervolgens de jongen met blond haar en blauwe - bijna zilvere - ogen te zien. "Bedankt, Chihiro." "Geen dank Gaito." toen liep ik naar mijn plek naast Seira. Mensen gingen om mijn tafel heen staan om vervolgens bezorgd te vragen hoe het met me ging en wat er nou precies gebeurt was. Ik antwoordde om beleefd te zijn maar eigenlijk vond ik het helemaal niet fijn om in de belangstelling te staan. Toen de leeraar binnenkwam vertelde hij de leerlingen om op hun plek te gaan zitten waar ik blij mee was. Hij vertelde ons over formules, maar ik had geen zin meer om op te letten. Ik tuurde uit het raam en liet mijn ogen langs de bomen glijden. Mijn ogen stopte bij een zwarte vlek. Ik vernauwde mijn ogen om het beeld scherper te maken. Het was de omtrek van een mens. "wat?" "Ja, Chihiro. Waar zit je?" ik week mijn ogen niet af van het beeld wat dichterbij leek te komen. "Chihiro? Aandacht graag erbij mevrouw Ogino." ik liet mijn ogen even los van de zwarte vlek om de docent aan te kijken. "Sorry meneer, het zal niet meer gebeuren." toen de aandacht niet meer op mij gericht was keek ik nog eens uit het raam. De schim, vlek of persoon... Het was weg. Heb ik het me dan ingebeeld? Ik liet mijn hoofd in mijn handen vallen. "Hee Chihiro, gaat het wel?" vraagt mijn vriendin Seira. "Je ziet helemaal bleek." "het gaat... Goed." "ik geloof er geen snars van. Meneer, Chihiro voelt zich niet goed." "Seira, hoe vaak moet ik het nog zeggen. Steek je hand op als je iets wilt vragen of zeggen." maar meneer... Het gaat niet goed met Chihiro." ik voelde me zwak, maar ik kon dit niet aan anderen laten zien. ik stond op om mezelf te verdedigen. Ik. Ben. Niet. Zwak. Ik herhaalde de woorden in mijn hoofd en sprak toen. " het gaat allemaal..." opeens voel ik een sterke pijn in mijn hoofd en alles begint te draaien. Ik hoor mezelf kreunen. Ik hoor mensen mijn naam roepen maar het leek alsof ze ver weg waren. Het beeld wat ik zag vervaagde. Ik zag nog net Seira's bezorgde gezicht, mensen om me heen en Bolin die het lokaal verliet. "Chihiro.." hoorde ik de stem luid en duidelijk zeggen in tegenstelling tot de stemmen op de achtergrond. "Chihiro..." zuchte de stem weer. Toen werd alles zwart.

"Lin en Sen, Jullie krijgt het grote bad vandaag." "Waar was je? Ik was echt bezorgd." "Uh-uh!" "Geen zorgen het verandert je niet in een varken." "hier je kleren, verstop ze." "Dit is mijn kleindochter." "Kleindochter?" "hij verdwijnt gewoon soms." "als je niet met me speelt ga ik huilen." "gebruik je herrineringen aan hen. Als je iemand ooit hebt ontmoet vergeet je ze nooit helemaal." "Wat is er aan de hand?" "Het is iets wat jij niet zou herkennen. Het heet liefde. " " je moet me beloven dat je niet terugkijkt, niet totdat je door de tunnel bent." "zullen we elkaar nog een keer ontmoeten?" "ik beloof het." "je belooft het?" "ja."

Waarom hoorde ik al deze stemmen die door elkaar praten? Ik hoorde de stemmen maar ik kon de namen en de gezichten er niet bij vinden. Toch kwamen ze me bekent voor. Ik wist alleen niet meer waarvan. Opeens schoot me een naam te binnen. Lin.

Ik hoorde mensen mijn naam zeggen en ik voelde iets kouds op mijn gezicht. Ik voelde ook opeens de pijn in mijn hoofd. Ik hoorde mezelf kreunen. "volgensmij komt ze bij." ik open mijn ogen voorzichtig. "W-waar ... Ben ik?" ik zag een meisje met bruin lang haar en bruine ogen. Mijn beeld was nog wazig maar was dat Lin? "Lin, ben jij dat?" "Chihiro, ik ben het. Seira." ja het was Seira. Mijn beeld was scherper en ik zag nu dat het meisje Seira was en niet Lin. Waarom was ik Lin vergeten? En waar kende ik haar van? En wat wilden al die stemmen mij vertellen? Ik zuchtte. "Chihiro?" vraagt Seira. "Ik wil naar huis." zeg ik. "Alsjeblieft breng me naar huis Seira." ik was me niet heel bewust van de armen die mij optilden. Maar ik hoorde een stem die geruststellende woordjes in mijn oren fluisterde. Seira was dichtbij. Ik was niet alleen.