18:53 Tony

Er zijn al weer een aantal minuten verstreken voor Steve aanstalten maakt om te stoppen. Hij gaat rustig aan minder snel rijden. Ik ben hem, in het dichtere bos, meer genaderd, omdat ik lager moest gaan vliegen om hem überhaupt nog te zien. Het is erg stil in deze buurt, terwijl we nog geen 5 kilometer buiten NewYork zijn. Ik ben bang dat hij mijn pak hoort, hoewel het amper geluid maakt, zijn gehoor is veel beter dan dat van een normaal persoon.

Ik besluit wat afstand te nemen, en land een aantal honderd meters achter Steve, die ondertussen een slakkengangetje heeft, en op zoek lijkt naar een plek om helemaal te stoppen. Ik kijk in het hoekje van mijn vizier en zie dat het bijna zeven uur is, ik heb nog een uur om Steve terug te krijgen naar het feest. Ik betwijfel of me dat zal lukken.

Ik kijk weer vooruit. Steve is ondertussen helemaal gestopt en is net afgestapt. Hij heeft een goede plek gekozen om te stoppen, voor zover ik kan zien vanaf hier, het is een open plek, met de weg,als je het een weg kan noemen, er niet te ver vanaf. Ik waag het iets dichterbij te komen, ik durf niet meer op te stijgen in de angst dat hij me ziet, maar lopen is veel minder gevaarlijk.

Naarmate ik dichterbij kom kan ik meer van de plek zien, het is geen grote open plek en de bomen zijn er lager dan in de rest van het bos, er is een grote boomstronk iets rechts van het midden en er loopt een stroompje water vlak achter de boomgrens. Al met al is het een idyllisch plekje, en geen slechte plek om kamp op te slaan.

Op ongeveer vijftig meter afstand blijf ik staan, Steve heeft zijn motor jack en zijn rijhandschoenen inmiddels uitgetrokken en zit met zijn benen opgetrokken in het laatste zonnetje aan de rand van het veld. Ik glimlach even.

Ik klap mijn vizier omhoog als ik merk dat ik die nog op heb, ik wil niet in volledige vechtuitrusting op hem afstappen, dat zou alleen maar het verkeerde idee wekken. Ik ben net van plan richting hem te lopen als ik een stem hoor. 'I can see you, Iron-man, don't think I can't… go away.' Het klinkt geteisterd, en het duurt even voordat ik me realiseer dat het Steve's stem is die dat zei.

Ik loop door, verder in zijn richting, die klank in zijn stem?

Die verontrust me.