New Girl in Town
Chapter 9
Meeting his parents
Na school trokken Rachel en Edward weer samen het bos in. Er waren nog een boel vragen waar ze antwoord op wou en die had ze hem niet kunnen vragen onder schooltijd omdat dat niet veilig was.
'Dus is het echt nodig dat iemand op sterven te liggen voor hij veranderd kan worden?' vroeg ze. Ze liepen samen over wat rotsen die rond een groot meer lagen.
'Nee. Zo werkt Carlisle alleen. Hij zou dit nooit iemand aan doen die nog een andere keuze zou hebben,' vertelde Edward.
'Hoelang ben je al zo?' vroeg Rachel. Ze liepen arm in arm, iets waar ze beide nog aan moesten wennen.
'Sinds 1918. Carlisle was mijn dokter toen ik stervende was aan de Spaanse Griep. Hij gaf gehoor aan de roep van mijn ouders om mij te redden. Ze vroegen hem dat vlak voordat ze beide stierven, ook aan de Spaanse Griep,' vertelde Edward.
'Het spijt me,' fluisterde Rachel droevig.
'Dat geeft niet. Je kan er niets meer aandoen,' glimlachte Edward.
'Hoe was het? De verandering?' vroeg Rachel.
'Het gif was verschrikkelijk en erg pijnlijk. Maar wat Carlisle deed was veel harder. Niet veel van ons hebben de kracht om dat te doen,' zei Edward.
Het begon heel hard te regenen dus verscholen ze zich onder een grote boom voor wat afdak. Toch waren ze beide al snel helemaal doorweekt.
'Hoefde hij je niet gewoon te bijten?' vroeg Rachel. Ze zat dicht tegen hem aan ondanks dat hij haar geen warmte gaf.
'Niet precies. Wanneer we mensenbloed proeven dan neemt er iets het van je over. Dan verander je in een soort beest dat niet wil stoppen en niet wil loslaten tot er geen druppelbloed meer in degene zit die gebeten is. Het is dan bijna onmogelijk om te stoppen,' legde Edward uit.
'Maar het lukte Carlisle,' zei Rachel.
'Ja, eerst met mij en toen met zijn vrouw Esme,' antwoordde Edward.
'Dus zijn Carlisle en Esme de reden waarom je geen mensen dood?' vroeg Rachel.
'Ja, maar het is niet de enige reden,' antwoordde Edward die voor zich uit staarde. 'Ik wil geen monster zijn'.
Rachel keek hem vol medelijden aan en pakte zijn handen vast. Ze wist hoe hij zich ongeveer voelde. 'Je bent geen monster'.
Edward keek haar aan en glimlachte lichtjes. 'Mijn familie en ik, we noemen onszelf vegetariërs omdat we alleen leven op het bloed van dieren. Maar je bent nooit helemaal verzadigd. Het bloed van de dieren houdt je sterk en in leven maar je bent er eigenlijk nooit helemaal tevreden mee,' zei hij.
'En zou je verzadigd zijn als je mijn bloed zou drinken?' vroeg Rachel.
'Ja, heel erg verzadigd. Maar ik zou niet met mezelf kunnen leven als ik je zou vermoorden vanwege je bloed,' zei Edward.
'En dat maakt jou juist geen monster,' glimlachte Rachel die een plukje haar uit zijn gezicht streek. Zijn topaaskleurige ogen staarden in haar ogen, iets waar ze aan gewend was geraakt.
'Waren het andere Vampiers die achter die moorden zaten?'.
'Ik geloof dat je daar het antwoord al op weet. Zo slim ben je wel,' zei Edward. 'Maar het antwoord is ja. Er zijn er meer van ons en ze lopen over de hele wereld rond. We komen ze wel eens tegen'.
'Hebben je andere familieleden ook abilities zoals dat jij gedachtes kunt lezen?' vroeg Rachel.
'Ik ben de enige in de familie die gedachtes kan lezen maar Alice kan in de toekomst kijken,' zei Edward.
'Dan had ze me waarschijnlijk al zien aankomen. Nu weet ik in ieder geval waarom ze soms die blik in haar ogen heeft alsof ze iets weet wat niemand anders weet,' glimlachte Rachel.
'Ja, die blik kan heel irritant zijn maar Alice's visioenen zijn heel subjectief. Ze kunnen veranderen omdat mensen andere keuzes kunnen maken dan de keuzes die ze hen zag maken in haar visioenen,' zei Edward.
'Waar. Hoe zit het met Jasper? Heeft hij ook een abilitie?' vroeg Rachel.
'Hij kan andermans emoties lezen en beheersen. Hij kan ze kalmeren, kwaad maken, verdrietig maken. Dat soort dingen,' zei Edward.
'Weer een mysterie opgelost. Zijn er toevallig ook Vampiers in Volterra?' vroeg Rachel.
'Waarom wil je dat weten?' vroeg Edward.
'Omdat ik denk dat ik bevriend ben met een paar Vampiers daar aangezien ze bloedrode ogen hebben, dezelfde lijkbleke huid hebben zoals jij en ze ook abilities hebben zoals jij en Alice,' zei Rachel.
'Okay… Ja, er zijn Vampiers in Volterra. Eigenlijk zelfs een heleboel. Je zou kunnen zeggen dat het de Mekka voor Vampiers is,' zei Edward.
'Hoezo?' wou Rachel weten.
'In Volterra leven de Volturi. Dat zijn de oudste Vampiers die op aarde rondlopen en zij houden de wetten voor Vampiers bij,' zei Edward. 'Als je iets hebt misdaan of verdacht wordt van een misdaad wordt je daarheen gebracht om veroordeeld en gestraft te worden'.
'Jullie hebben wetten?' vroeg Rachel verrast.
'Jazeker,' antwoordde Edward.
'Zoals?' drong Rachel aan.
'We mogen niemand van ons eigen soort doden tenzij we een goede reden hebben en als de Volturi erachter komen dat een normale sterveling weet over ons dan moet hij of zij of gedood worden of veranderd worden in één van ons,' zei Edward.
'Gelukkig dan maar dat ik geen normale sterveling ben,' zei Rachel. 'Wie is de hoge baas van de Volturi? Zeg me alsjeblieft dat zijn naam niet Aro is?'.
'Als ik dat zou zeggen dan zou ik liegen,' zei Edward.
Rachel schoot in de lach. 'Oh mijn God! Mijn vriendje is een Vampier en mijn vijf beste vrienden zijn waarschijnlijk leden van de Volturi'.
'Dat meen je toch niet echt?' vroeg Edward wat behoedzaam.
'Aro, Marcus, Caius, Jane en Alec? Ken je hen?' vroeg Rachel.
'Okay, je bent bevriend met de drie belangrijkste leden van de Volturi en met twee van de gevaarlijkste bewakers van hen. Dat verklaart veel,' zei Edward.
'Mijn wereld staat op zijn kop. En dan erger dan normaal,' glimlachte Rachel die tegen Edward aanleunde.
Hij glimlachte ook en sloeg een arm om haar schouders heen en hield haar stevig vast alsof hij bang was dat ze zou weggaan. Of hij wou haar gewoon beschermen tegen de regen.
Zaterdag brak aan en Edward was bij Rachel. Iets wat een gewoonte was geworden. Je zag de twee nauwelijks nog zonder elkaar. Maar hij was hongerig geworden en had moeten weggaan om even snel te jagen. Dus was Rachel alleen. Ze zat op de bumper van haar Mini en was dingen aan het schetsen terwijl ze haar muziek in had.
Charles was helemaal enthousiast omdat er een één of andere wedstrijd zou komen en ze wist nu al dat ze het niet leuk zou vinden. Ze hoopte dat Edward snel terug zou komen.
Rachel schrok zich te pletter toen er iets op het dak van haar auto sprong waardoor de hele auto trilde. Ze keek om en zag Edward.
Ze lachte een beetje, deed haar dopjes uit en gleed van de bumper af. 'Kun je in ieder geval proberen om je menselijk te gedragen? Ik heb buren, weet je?' lachte ze.
Edward grijnsde en sprong op de grond. 'Ik kon de verleiding niet weerstaan. Wat ben je aan het schetsen?' vroeg hij. Rachel liet hem een portret van Aro zien. 'Wow. Ik blijf versteld staan over je schilderkunst. En dat is echt iemand van de Volturi. Eigenlijk niet zomaar iemand maar het hoofd ervan,' zei hij.
'Hij is een grote steun voor me geweest en dat is hij nog steeds,' zei Rachel.
'Weet je, ik neem je morgen mee naar mijn huis,' zei Edward waarna hij een deuk vlakbij één van de achterbanden van haar Mini fikste.
'Bedankt. Maar wacht, bedoel je met je hele familie?' vroeg Rachel wat geschrokken.
'Ja…' antwoordde Edward die zijn armen om haar middel liet glijden omdat hij de lichte angst in haar ogen zag.
'Wat als ze me niet mogen?' vroeg ze langzaam.
'Dus je bent niet bang om in een huis vol met Vampiers te zijn maar je bent wel bang over het feit dat je mijn familie gaat ontmoeten en dat ze je misschien niet mogen?' vroeg hij half lachend.
'Blij dat ik je vermaak,' glimlachte Rachel.
'Maak je geen zorgen. Emmett, Rosalie, Jasper, Alice en Carlisle kennen je al en ze zijn gek op je, net als ik dat ben. En Esme kijkt er al weken naar uit om je een keer te ontmoeten. Ze zal van je gaan houden, echt waar,' suste Edward haar.
'Als jij het zegt,' zei Rachel terwijl ze haar handen op zijn schouders hield. 'Wil je nog binnenkomen? Charles gaat straks een één of andere wedstrijd kijken. Ik haat het en dat weet ik nu al. Wil je me alsjeblieft gezelschap houden?'.
Edward opende zijn mond om antwoord te geven maar zijn blik schoot toen naar de weg en werd verontrust. 'Wat is er?' vroeg Rachel bezorgd. 'Dat ligt ingewikkeld in elkaar,' zei hij langzaam.
'Je gaat weg, is het niet?' zei Rachel droevig. Edward keek haar aan en glimlachte lichtjes.
'Nee, het is oké. Ik blijf nog wel even om jou blij te maken,' zei hij.
Rachel schonk hem een stralende glimlach en omhelsde hem stevig. 'Dank je'.
Ze ging weer op haar bumper zitten met Edward naast haar. 'Hoe komt het toch dat je alles zou goed onthoud?' wou hij weten nadat hij had gaande geslagen terwijl ze begonnen was aan een nieuwe schets van hem, Emmett en Jasper.
'Charles zegt dat ik een fotografisch geheugen heb. Misschien heeft hij daar wel een punt,' zei Rachel.
Een pick-up truck reed de oprit op en ze voelde Edward verstijven. Haar hand sloot zich om de zijne. 'Wat is er?' vroeg ze weer.
'Leden van de Quileute stam,' mompelde Edward.
'Sorry… Ik was vergeten dat…' begon Rachel snel maar Edward schudde zijn hoofd.
'Het is oké. Ik ben niet op hun gebied en zij zijn niet op ons gebied. Als ik me rustig houdt gebeurd er niets,' zei hij.
Jacob stapte uit en hielp Billy in zijn rolstoel. 'Hey. Komen jullie weer een keer langs voor een bezoekje?' vroeg Rachel.
Billy's ogen boorden zich even in die van Edward maar hij zei niets tegen hem. 'Eigenlijk kwamen we jullie tv een bezoekje brengen. Daarbij kan Jacob maar niet stoppen met praten over hoe graag hij je wel niet weer wou zien,' zei hij.
'Bedankt, pa. Echt bedankt,' mompelde Jacob. Rachel keek een keer naar Edward wiens gezicht uitdrukkingsloos stond.
'Klaar voor de grote wedstrijd?' vroeg Billy.
'Ik zit niet echt in die wedstrijden. Ik hou niet zo van rugby,' zei Rachel waarna ze Edward aankeek. 'Edward vond het niet erg om langer te blijven en houdt me gezelschap'.
'Hey. Jullie zijn er al,' zei Charles die naar buiten kwam.
'Jep. We waren vroeg. We hadden net een gesprek met Rachel en haar vriend,' zei Billy wiens ogen weer gaten in Edward boorden.
'Ah. Ja. Rachel heeft eindelijk vrienden gemaakt. Het werd tijd,' zei Charles.
Rachel keek ongemakkelijk weg. 'Charles, ik zit erbij voor het geval je het nog niet doorhad,' siste ze.
'Dus?' vroeg Charles.
'Misschien is het beter als ik ga,' mompelde Edward.
'Nee. Blijf alsjeblieft nog even,' smeekte Rachel. 'Trek je niets van Charles aan. Hij is soms zo'.
'Dat is niet het probleem,' mompelde Edward.
'Nog enig nieuws over dat beest dat zo bezig is om mensen te vermoorden?' vroeg Billy.
Rachels gezicht betrok en ze voelde dat Edward nog wat versteef.
'Nee. Maar ik weet ook wel bijna zeker dat het geen beest was,' zei Charles.
'Dat heb ik nooit gedacht,' zei Billy.
'En toch heb je gezegd dat het er één was. Waarom? Om de kinderen uit het bos te houden?' vroeg Charles.
'Natuurlijk. We willen niet dat er nog iemand anders gewond raakt, niet?' zei Billy die nu naar Rachel keek.
'Kunnen we alsjeblieft over iets anders hebben?' smeekte Rachel.
'Wat is er, liefje? Dit is toch niets ernstigs,' zei Janet die zich bij hen voegden.
'Ik hou er gewoon niet van, oké?' zei Rachel wat geïrriteerd waarna ze naar Edward keek. 'Misschien kun je toch beter gaan. Voor hij nog meer gaat praten'.
Ze zei het zo zacht dat ze zeker wist dat de rest haar niet kon verstaan maar Edward met zijn onmenselijke, scherpe gehoor wel.
'Ja, dat lijkt me ook beter,' knikte Edward. Ze lieten zich van de bumper afglijden.
'Ga je al weer, Edward? Wil je niet blijven om mee te kijken?' vroeg Janet liefjes.
'Nee bedankt… Toch vriendelijk dat u het vraagt, Mrs. Grey,' zei Edward.
'Het is gewoon Janet hoor,' glimlachte Janet vrolijk.
'Ik kom je morgen ophalen, okay?' vroeg Edward die zich tot Rachel had gewend.
'Ja, is goed. Bye. Doe de rest de groeten van me,' zei Rachel.
Edward glimlachte en liep naar zijn eigen auto waarna hij wegreed.
'Jullie zijn zo lief samen,' glimlachte Janet.
Rachel zuchtte geïrriteerd en sloot haar schetsboek. 'Janet, we zijn geen stel'.
'Wat was er met morgen?' vroeg Charles.
'Ik ga mee naar zijn huis,' zei Rachel.
'Families ontmoeten? Is dat niet een beetje snel?' vroeg Janet.
'Nee. Esme kijkt er al heel lang naar uit om me te ontmoeten en ik ken alleen haar nog niet. En hoezo snel? Edward en ik zijn gewoon vrienden en het geeft toch niet dat ik naar zijn huis toe ga? Daarbij was het een idee van Alice,' zei Rachel.
'Ik dacht dat je die jongen niet mocht,' zei Billy die wat bezorgd keek.
'Ze hadden geheimen maar dat heeft iedereen hier. Ik weet nu wat er met hen is en daarbij zijn Edward en ik goede vrienden geworden. Maar waar gaat dit over? Dit zijn toch echt mijn zaken,' zei Rachel die opeens in de verdediging schoot.
'Liefje, we wouden niet…' begon Janet snel maar Rachel marcheerde kwaad het huis in zonder nog iets te zeggen.
De volgende dag was Rachel bloed nerveus. Misschien had Janet gelijk gehad en hadden ze wat haast. Maar Edward had gelijk gehad over dat ze iedereen al kende, op Esme na dan. En na alles wat ze over Mrs. Cullen had gehoord had ze er alle vertrouwen in dat het een lieve vrouw was met wie ze goed over weg zou kunnen.
Ze zat op de zolder en deed wat ze altijd deed als ze haar aandacht van dingen afprobeerde te houden. Schilderen. Ze had twee schilderijen af. Op de ene stonden Emmett, Edward en Jasper en op de andere stonden Rosalie en Alice. Ze had ze vanmorgen afgemaakt en was er niet helemaal tevreden over.
Ze vroeg zich af of ze wel goed waren toen twee ijskoude handen zich om haar schouders sloten. 'Hey, Edward,' glimlachte Rachel.
'Hey. Charles heeft me ingelaten en zei dat je hier was maar daarna moest hij weg. Ze zijn goed. Echt goed. Rosalie lijkt er echt aardig op en Alice niet gek,' zei Edward.
'Edward! Rosalie is aardig en Alice is niet gek,' zei Rachel wat streng.
'Als jij het zegt,' glimlachte Edward. 'Het miezert buiten'.
'Heerlijk. Zullen we gaan?' vroeg Rachel.
'Ja, dat lijkt me slim. Gisteren nog iets ernstigs gebeurd?' vroeg Edward.
'Nee, Billy en Jacob hebben verder hun monden gehouden over de moorden en over jou en je familie maar ze zijn niet blij en dat weet ik heel zeker,' zei Rachel.
'Je zou die mee moeten nemen,' zei Edward die naar de twee schilderijen gebaarde.
'Als jij het vindt,' mompelde Rachel. Ze rolde de twee schilderijen op en samen liepen ze naar beneden.
'Je ouders werken wel altijd, is het niet?'.
'Jep. Ze houden van hun werk en ik hou ze niet tegen. Ik vind het niet erg om alleen te zijn,' zei Rachel.
Ze trok haar jas aan en zuchtte diep.
'Maak je nou geen zorgen. Alles komt goed. Het enige dat wel kan gebeuren is als ze niet naar me hebben geluisterd en toch voor je zijn gaan koken,' zei Edward.
'Ik dacht dat jullie geen mensenvoedsel aten,' zei Rachel verward.
'Doen we ook niet maar ze zeggen dat het een excuus is om de keuken een keer te gebruiken. De laatste keer dat ze hebben gekookt is al jaren geleden dus niet schrikken als het niet smaakt of aangebrand is,' zei Edward.
'Ik zal niet schrikken,' zei Rachel.
Hij opende de autodeur voor haar en ze stapte in. Hij was echt een gentleman. Even later reden ze over het modderige paadje dat Rachel ook had gezien toen ze na haar eerste schooldag had rond gefietst.
'Dit keer geen ongelukken,' beloofde Edward. Rachel schonk hem een glimlach toe.
Ze stopten even later voor een groot huis met veel ramen en Edward parkeerde voor de garage. Hij stapte uit, liep met zijn onmenselijke snelheid naar haar kant toe en opende de deur voor haar voordat ze die zelf had open kunnen doen. Ze stapte uit en staarde naar het huis terwijl Edward de twee schilderijen van de achterbank pakte.
'Het is ongelooflijk,' zei Rachel.
'Wacht maar tot je de binnenkant ziet,' glimlachte Edward en hij leidde haar naar de voordeur.
'Wow! Het is echt ongelooflijk en echt prachtig. De binnenkant en de buitenkant,' zei Rachel.
Edward trok zijn jas uit en hielp haar uit de hare waarna hij die op een bankje in de gang legde.
'Het is zo licht en open'.
'Wat had je verwacht? Doodskisten, gevangenissen en grachten?' vroeg hij plagend.
'Niet de grachten,' zei Rachel eerlijk. 'En als ik eerlijk ben ook niet de gevangenissen'.
'Niet de gevangenissen en de grachten. Okay, dat is begrijpelijk,' zei Edward die haar voor ging naar de trap die naar boven leidde. 'Dit is de enige plek waar we ons niet hoeven te verbergen'.
Rachel hoorde muziek op staan en fronste. 'Is dat Joodse muziek?'.
'Ik heb nog zo gezegd dat ze dit niet moesten doen,' zei Edward nijdig met op elkaar geklemde kaken terwijl hij Rachels hand vastpakte en haar naar boven leidde.
Toen ze boven waren hoorde Rachel mensen in de keuken bezig.
'Is ze zelfs wel Joods?' vroeg Rosalie's stem.
'Haar naam is Rachel en die is Joods,' zei Emmett.
'We hadden haar dat moeten vragen,' zei Rosalie geïrriteerd.
'Ik weet zeker dat ze het lekker gaat vinden,' zei Carlisle.
'Ze denken dat ik Joods ben?' vroeg Rachel zacht aan Edward terwijl ze haar wenkbrauw optrok. Hij haalde zijn schouders op en Rachel grinnikte.
'Ik ken die geur,' zei Rosalie en de geluiden van gekook stierven weg. 'Ze komt eraan'.
Edward en Rachel liepen de keuken in en keken rond.
'Rachel, je maken een Joods gerecht voor je,' zei een kleine vrouw met lang, lichtbruin haar die een paarse jurk droeg.
'Ah,' zei Rachel.
'Rachel, dit is Esme, mijn moeder voor alles waar ik haar daar maar voor nodig heb,' zei Edward.
Emmett grijnsde naar Rachel en zwaaide met een mes naar haar als groet en ze glimlachte even naar hem waarna ze zich tot Esme wendde.
'Aangenaam. Ik heb veel over u gehoord,' zei Rachel die Esme's hand schudde.
'Geen u, alsjeblieft. Zo oud zijn we niet,' lachte Esme.
'We hebben nu eindelijk eens een excuus om de keuken voor de eerste keer te gebruiken,' zei Carlisle die bij Esme kwam staan.
'Ik hoop dat je honger hebt,' zei Esme.
'Ja, zeker weten,' zei Rachel moeizaam omdat ze dingen rook die aan het aanbranden waren. Dit was bijna nog erger dan de kookkunst van Jane en Alec.
'Ze is niet Joods,' zei Edward.
'Ik zei het toch!' zei Rosalie die een glazen schaal kapot kneep in haar irritatie.
'Dat geeft echt niet,' zei Rachel snel.
'Hey, Rachel,' zei een stem.
Alice sprong vanuit een boom op het balkon dat voor het open raam van de keuken lag en liep naar binnen, Jasper volgde haar op de voet. Alice gaf Rachel een knuffel en glimlachte stralend.
'Ik ben blij dat je hier eindelijk een keer bent,' zei ze. 'En het lijkt wel alsof je iedere keer beter ruikt'.
'Alice…' zei Edward wat geïrriteerd.
'Het is niets. Rachel en ik zijn al hele, goede vriendinnen,' zei Alice vrolijk terwijl ze weer naast Jasper ging staan.
Edward leek in verlegenheid gebracht en niet helemaal op zijn gemak door haar doen en laten en zelfs Carlisle leek niet helemaal blij met de vrolijkheid van Alice.
'Jasper is nog niet zolang een vegetariër dus hij heeft nog wat problemen met mensenbloed,' legde Emmett uit.
'Maak je geen zorgen, Jasper. Je gaat haar geen pijn doen,' zei Alice.
'Wat doe ik je aan?' mompelde Edward in Rachels oor maar die glimlachte vriendelijk.
'Je hebt nieuwe schilderijen gemaakt,' zei Alice.
'Laat zien,' zei Rosalie die opeens een stuk minder stijf was.
Rachel gaf hen de schilderijen maar Edward kwam ertussen.
'Er brandt iets aan,' zei hij ongemakkelijk en in een poging om van onderwerp te veranderen terwijl hij een hand rond Rachels buik liet glijden om te voorkomen dat Rosalie en Alice haar weg zouden jatten.
'Oh nee!' zuchtte Esme droevig terwijl ze het gasfornuis dicht draaide. Emmett liep de keuken uit en ging bij Rosalie staan.
'Daar gaat het eten. Sorry, Rachel,' zei Carlisle. 'We hebben al heel lang niet meer gekookt'.
'Dat geeft echt niets, hoor. Ik zou zelf wel wat kunnen koken als ik honger heb. Dat ben ik gewend,' zei Rachel.
'Maar je bent hier te gast,' zei Esme. 'En gasten hoeven niet zelf voor hun eten te zorgen'.
'Ik kook altijd als ik in Volterra ben aangezien ze daar ook niet weten hoe ze moeten koken,' zei Rachel. 'En daar ben ik ook te gast. Het is no big deal'.
'Volterra is een grote stad. De kans is niet groot dat er geen enkele kok is die niet kan koken,' merkte Carlisle waakzaam op.
'Nou, de vrienden bij wie ik dan verblijf zijn nogal zoals jullie. Daar ben ik ook nog maar sinds een paar dagen achter,' zei Rachel.
'Ze is bevriend met de Volturi,' zei Edward die Rachel nog steeds stevig vasthield. Zijn beide handen lagen gevouwen voor haar buik terwijl hij achter haar stond en Rachel legde haar handen op de zijne in de hoop dat hij zo wat zou ontspannen.
'Wat?' riepen de zes overige Cullens in koor.
'Bedankt, Edward,' mompelde Rachel.
'Aro heeft zich twee jaar gleden over haar ontfermd en sindsdien kan ze altijd naar hem toe als ze problemen heeft,' zei Edward.
'Jane, Marcus, Caius en Aro zijn allemaal heel aardig voor me geweest en hebben me gigantische geholpen toen mijn krachten waren gegroeid. Alec kan aardig zijn maar is vooral irritant,' verklaarde Rachel.
'Vandaar het telefoontje van Aro over hoe het ging,' zei Carlisle.
'Wat? Hij heeft jullie gebeld?' vroeg Rachel geschrokken waarna ze nijdig zuchtte. 'Ik had nog zó gezegd dat hij dat niet moest doen!'.
De Cullens moesten even lachen.
'Je moet belangrijk voor hen zijn als ze zo voor je klaar staan,' zei Carlisle. 'De Volturi zijn niet echt wat je zegt, warmbloedig'.
'Jullie kennen ze niet zoals ik dat doe. Aro heeft me gered toen mijn krachten compleet op de hobbel gingen en toen ik er alleen voor stond. Hij heeft me op die avond naar hun verblijfplaats gebracht waar ik de rest ontmoette. Ik was eerst zelf ook verbaasd dat ze zo tegen me deden want als ik hen met andere zag praten waren ze compleet andere mensen, vooral Aro, Marcus, Caius en Jane. Maar ze kunnen warmbloedig zijn, als ze dat willen,' zei Rachel.
'Je klinkt close met hen,' zei Esme vriendelijk.
'Dat ben ik ook. Ze waren het beste wat me ooit was overkomen in de vijftien jaar van mijn leven op dat moment. Zelfs nadat ze wisten wat ik was en waartoe ik in staat was behandelden ze me niet anders,' vertelde Rachel waarna haar blik hard werd. 'Zelfs nadat ze hadden gezien wat ik kon doen als ik alleen maar kwaad of bang werd'.
'Okay… Ik denk dat het zo wel weer mooi is geweest. Ik laat Rachel de rest van het huis zien. Jullie mogen straks verder met haar kletsen,' zei Edward.
'Ah!' zeurden Alice, Rosalie en Esme.
'Straks,' wierp Edward hen toe en hij leidde Rachel de keuken uit. 'Je had gelijk. Ik had niet over de Volturi moeten beginnen'.
'Nee, het is beter dat ze het weten. Dat zorgt voor minder stress,' glimlachte Rachel.
'Ja, het ergste is in ieder geval voorbij,' zei Edward terwijl hij haar meer trappen op leidde.
'Dat weet ik nog net zo niet,' zei Rachel die toen bleef staan bij een groot bord aan de muur. 'Examenuitreikingen?'.
'Ja… Het is een grap in onze familie. We doen heel vaak examen,' zei Edward.
'Dat is nogal zielig. High School tekens opnieuw en opnieuw overdoen,' zei Rachel.
'Hoe jonger we er beginnen hoe langer we op die ene plek kunnen blijven,' zei Edward.
'Dat is ook weer waar,' zei Rachel.
'Kom op,' glimlachte Edward en hij leidde haar verder de trap op naar een kamer.
'Dit is mijn kamer'. Edwards kamer had een redelijk normale grote en was wit en de helft van de muren bestonden uit glas waarvan één een deur was die naar het bos leidde die ook open stond. Het was een beetje een rotzooi op zijn kamer aangezien er overal boeken lagen en aan de rechtermuur stond een enorme open kast die vol stond met cd's.
Rachel keek rond. 'Dit is echt zoals ik me jouw kamer had voorgesteld. Maar geen bed?'.
Er stond alleen een ligbank voor het raam die half ook bedekt werd met boeken.
'Nee… Ik slaap niet,' zei Edward.
'Nooit?'.
'Nooit'.
'Wow, dat moet saai zijn. Je hebt wel een gigantische collectie muziek,' merkte Rachel op terwijl ze naar zijn muziek verzameling liep. 'Waar luister je nu naar?'.
Ze drukte op het play knopje van zijn cd-speler en pianomuziek gleed door de kamer heen. 'Het is beeldschoon'.
'Het is Debussy,' verklaarde Edward. Hij pakte haar hand vast en legde een andere op haar heup neer terwijl hij haar dichter naar zich toebracht. Langzaam begonnen ze op de maat te bewegen.
'Waar denk je aan?' vroeg Rachel.
'Van alles. Maar vooral aan wat je vertelde over je krachten. De blik die je erbij trok…' zei Edward langzaam.
'… was dezelfde blik als die jij trok toen je me uitlegde wat het precies inhield om een Vampier te zijn,' vulde Rachel hem aan terwijl ze stopte met dansen.
'Wat? Heb ik iets verkeerds gezegd?' vroeg Edward.
'Nee, ik kan alleen niet zo goed dansen,' zei Rachel.
'Hmm… Ik kan je altijd nog dwingen,' zei Edward langzaam.
'Ik ben niet bang voor je,' herinnerde Rachel hem eraan.
Edward lachte lichtjes. 'Je had dat echt niet moeten zeggen'.
Het volgende moment greep hij haar vast, trok haar op zijn rug en rende door het open raam zijn kamer uit. Vanaf zijn kamer sprong hij tegen een boom en hield zich er stevig aanvast. 'Ik zou me maar goed vasthouden, mijn kleine spider-monkey,' grijnsde hij. Rachel lachte lichtjes en Edward klom verder de boom in.
Carlisle en Esme stonden naast elkaar voor het raam van de woonkamer en keken toe hoe Edward Rachel op zijn rug droeg en met een grijns op zijn gezicht verder de boom in klom waaraan hij zich vasthield. Carlisle sloeg een arm om de schouders van zijn vrouw heen terwijl ze bij het raam weg liepen.
'Ze heeft hem weer een leven gegeven. Hij komt weer helemaal los,' zei Esme.
'Het is al veel te lang geleden voor hem geweest dat hij zo vrij en vrolijk was. Maar hoe kan dit goed eindigen?' deelde Carlisle zijn zorgen met zijn vrouw.
'Alice heeft het eerder fout gehad,' herinnerde Esme hem eraan.
'Ja, maar niet vaak,' zei Carlisle.
'Carlisle…' zei Esme waarna ze bleef staan en haar man doodringend aankeek. 'Rachel is wat hij wil. Het zal allemaal wel op zijn pootjes landen op een één of andere manier'.
Carlisle leunde tegen de muur aan en glimlachte liefdevol naar zijn vrouw terwijl hij haar gezicht met zijn handen omvatte. 'Je bent een hopeloze romanticus,' lachte hij waarna hij een kus op haar lippen drukte. Ze grijnsde en pakte zijn hand vast waarna ze hem mee leidde naar hun slaapkamer. Edward en Rachel waren niet het enige stel in huis.
