Hey ik wil iedereen bedanken voor zijn review en vooral blijven doen!


Woensdag 12 mei, 11.00
Hoofdstuk 9

"Harry, wat doe jij hier." Hermelien keek verbaasd naar Harry. Hoe had hij haar gevonden, ze had het goed verborgen. Ron had haar tot dusver niet gevonden.

"Ik kom even met je praten, en hoe goed je huis ook beschermd, ja ik weet dat het is beschermd, je bent nogal voorspelbaar. Het is dat Ron niet goed nadenkt anders had hij je ook al lang gevonden."

"Jij, jij hebt hem gezegd dat ik Charlie zou halen bij Molly." Hermelien keek hem boos aan.

"Dus jullie zijn elkaar wel tegen gekomen. Ik heb Ron niet meer gesproken, dus ik dacht Charlie is bij Ron. Waar is hij nu eigenlijk."

"Op school. Wil je weten wat er gebeurde toen Ron kwam opdagen."

"Nou, graag. En daarna moeten we praten."

"Dat snap ik wel. Ik heb Molly eerlijk verteld dat het uit was en dat ik Charlie op kwam halen. Zij vond het goed, ze vind ook dat een kind bij de moeder moet blijven. Ik stond op het punt om te gaan, toen Ron binnen kwam vallen. Dan bedoel ik ook vallen, hij verschijnselde boven een stoel en ze vielen allebei om. Hij schreeuwde dat ik zijn zoon los moest laten, dat Charlie bij hem zou blijven.

Ik zei dat hij met mij mee ging, dat kinderen bij hun moeder horen. Ron vond dat belachelijk, het was net zo goed zijn zoon als de mijne, dus waarom zou ik er meer recht op hebben. Wat eigenlijk best een goed punt is, maar wat ik toen niet wou toegeven. Ron trok zijn toverstaf, ik vroeg hem of hij mij aan wou vallen. Dan zou ik hem nooit meer hoeven te zien en hem niet vertrouwen met Charlie. Ron leek door deze woorden te twijfelen, maar toen vuurde hij toch een spreuk op me af. Ik beschermde mij en Charlie natuurlijk, toen heb ik Charlie bij zijn hand gepakt en ben er vandoor gegaan.

Naar hier, ik liet Charlie bij mijn nieuwe vriend en beschermde het huis. Ik ben echt bang dat Ron hier een keer binnen komt vallen en het verwoest en Charlie meeneemt. Ik wil het niet, maar als hij niet bij zinnen komt, ga ik naar een dreuzelrechtbank en eis de volledige voogdij op."

"Wie is je nieuwe vriend."

"George."

"George Wemel, die George.

"Ja, die George. De broer van Ron, ik weet het allemaal wel. Waar wou jij over praten."

"Over dat je zwanger bent van Ron en hem dan in de steek laat en niet eens verteld dat je zwanger van hem bent."

"Harry," Hermelien had het er duidelijk moeilijk mee, "ik ben zwanger, maar niet van Ron."

Harry kon haar alleen maar verbaasd aankijken. Hermelien begreep hoe het moest overkomen, ze had hem een maand geleden al verteld dat ze zwanger was. Ze moest het aan iemand kwijt. Niet aan Ron, want het was niet van hem, niet aan George, die zou haar nog meer onder druk zetten. Aan een vriend, Harry dus.

"Ik heb al 5 maanden een relatie met George."

"5 maanden, 5 maanden lang bedrieg je Ron. Ik had dit niet van jou verwacht Hermelien, ik had wel gedacht dat je het eerst uit zou maken met Ron. Weet George eigenlijk wel dat je zwanger bent."

"Ben je zwanger?" Een stem kwam uit de slaapkamer, Harry en Hermelien keken verschrikt op. Ze hadden niemand binnen horen komen. Langzaam kwam een roodharig persoon de woonkamer in lopen. "Van wie?"

"Van jou."

George keek ontzettend blij toen ze dat zei. "Ik wordt vader. Ik wordt vader, Harry ik wordt vader!"

"Geweldig," zei Harry met een emotieloze stem. Hij richtte zijn blik op Hermelien, "Als ik jouw was, zou ik het Ron vertellen. Hij komt er toch wel achter, het is beter als hij het van jou hoort." Harry verdwijnselde en liet Hermelien en George alleen.

"Hoe lang weet je het al, over hoeveel maanden wordt het geboren, is het een jongen of een meisje?"

"Rustig aan, George. Ik weet het al 6 weken. Ik ben al 2 ½ maand zwanger, en ik weet niet of het een jongen of een meisje is. Dat wou ik nog niet weten."

"Geweldig, geweldig gewoon."

"Vertel het nog niet verder, eerst moeten we het Ron vertellen."

"We, mag hij dan eindelijk weten dat ik je vriend ben."

"Ja, hij heeft er recht op het te weten. En Harry heeft gelijk, ik wil liever dat hij het van mij hoort, dan van een ander. Laten we het hem vanavond vertellen. Ik nodig hem hier uit." Hermelien schreef een brief en liet haar uil deze bezorgen, terwijl ze ondertussen nadacht over de puinhoop, die haar leven was.