Hoofdstuk 10 Dexter
POV Emma
"Vooruit, jullie." zei meneer Wemel zacht, maar Hermelien wilde blijkbaar niet weg; haar ogen waren nog steeds op de snikkende elf gericht. "Hermelien!" zei meneer Wemel dringender. Hermelien draaide zich om en volgde samen met Emma en Skye, meneer Wemel, Harry en Ron naar de tent van meneer Wemel.
"Wat is er met de anderen gebeurd?" vroeg meneer Wemel, terwijl ze tussen de bomen door terug liepen.
"Die zijn we in het donker kwijtgeraakt." zei Ron. "Pa, waarom schoot iedereen zo in de stress door die schedel?"
"Dat leg ik allemaal wel uit in de tent." zei meneer Wemel gespannen.
Maar toen ze bij het kampeerterrein waren, konden ze niet zomaar doorlopen.
Aan de bosrand had zich een grote groep angstige heksen en tovenaars verzameld en toen ze meneer Wemel zagen, holden ze snel naar hem toe. "Wat is er in het bos gebeurd?" "Wie heeft het Teken opgeroepen, Arthur?" "Toch niet... Hij?"
"Natuurlijk was Hij het niet." zei meneer Wemel ongeduldig. "We weten niet wie het gedaan heeft. Zo te zien zijn ze direct weer Verdwijnseld. En nu wil ik graag naar bed, als jullie het niet erg vinden."
Hij loodste Emma, Skye, Harry, Ron en Hermelien door de menigte heen. Op het kampeerterrein was alles weer rustig. De gemaskerde tovenaars waren nergens meer te bekennen, hoewel verschillende afgebrande tenten nog nasmeulden.
Charlie stak zijn hoofd om de flap van de tent van de Wemels.
"Wat is er aan de hand, pa?" riep hij door het donker. "Fred, George en Ginny zijn veilig teruggekomen, maar de anderen..."
"Die zijn hier." zei meneer Wemel, die zich bukte en de tent binnenging. Harry, Ron en Hermelien volgden hem, maar Emma en Skye liepen door naar hun eigen tent.
"O, nee..." zei Skye zacht. Emma keek naar de plek waar de tent had gestaan. Nu lag er een smeulend hoopje stof, met Emma's koffer ernaast. "Ook raar, dat jouw koffer ernaast staat." merkte Skye op. "Zouden ze wat gezocht hebben?" "Geen idee." Emma liep naar haar koffer. Ze opende hem en kwam erachter dat haar dagboek miste.
"Nee! Mijn dagboek is weg!" riep Emma geschrokken. "Daar staan prive dingen in!" "Wat zou iemand met jou dagboek moeten?" vroeg Skye. "Geen idee." zei Emma een beetje paniekerig.
Ze zochten even in de buurt waar de tent had gestaan, maar zonder succes.
"Zullen we maar naar de Wemels gaan?" stelde Emma uiteindelijk voor. "Ja, er zit niets anders op."
Ze liepen terug naar de tenten van de Wemels en liepen naar binnen.
"Het spijt ons dat we zomaar binnenkomen, maar onze tent is..." "verbrand." maakte Skye Emma's zin af. "Dat maakt niet uit." zei meneer Wemel. "Ik begrijp het, maar waar zijn je ouders, Skye?" Skye haalde haar schouders vragend op. "Geen idee, niet gezien." "Oh."
Er viel even een stilte. "Kan iemand even vertellen wat die schedel nou eigenlijk moest voorstellen?" vroeg Ron. "Het deed niemand kwaad... waarom ging iedereen dan door het lint?" "Ik zei al dat dat het symbool van Jeweetwel was, Ron." zei Hermelien voor iemand anders antwoord kon geven. "Dat heb ik gelezen in De Opkomst en Ondergang van de Zwarte Kunst."
"En het was al dertien jaar niet meer gezien." zei meneer Wemel zacht. "Geen wonder dat de mensen in paniek raakten... het was haast of Jeweetwel was teruggekeerd."
"Ik snap het nog steeds niet." zei Ron fronsend. "Ik bedoel... het is en blijft gewoon een vorm in de lucht..."
"Ron, Jeweetwel en zijn volgelingen lieten het Duistere Teken opstijgen als ze iemand vermoord hadden." zei Skye en meneer Wemel knikte. "De angst die dat veroorzaakte... je bent te jong, daar heb je geen idee van. Stel je voor dat je thuiskomt en dan het Duistere Teken boven je huis ziet zweven en weet wat je binnen zult aantreffen..." zei meneer Wemel en zijn gezicht vertrok. "Dat was de grootste angst van elke tovenaar... de allergrootste angst..."
Er viel een weer stilte.
Toen haalde Bill het laken van zijn arm om te zien of zijn wond nog bloedde en zei: "Nou, vanavond heeft het ons in elk geval geholpen, wie het dan ook heeft opgeroepen. Zodra de Dooddoeners het zagen, namen ze direct de benen. Ze Verdwijnselden helaas voor we dicht genoeg in de buurt konden komen om ze te ontmaskeren, maar we wisten de familie Rolvink gelukkig op te vangen voor ze te pletter sloegen. Op dit moment worden hun geheugens gemodificeerd."
"Dooddoeners?" zei Harry. "Wat zijn Dooddoeners?" Skye zuchtte geergerd.
"Zo noemden de volgelingen van Jeweetwel zichzelf." zei Bill. "Ik denk dat we vanavond de Dooddoeners hebben gezien die er nu nog over zijn... Of in elk geval degenen die uit Azkaban hebben weten te blijven."
"We kunnen niet bewijzen dat zij het waren, Bill." zei meneer Wemel. "Al is dat wel waarschijnlijk."
"Ja, dat geloof ik graag!" zei Ron plotseling. "Pa, we kwamen Draco Malfidus tegen in het bos en die liet duidelijk doorschemeren dat z'n vader een van die engerds was met die maskers! En we weten allemaal dat de familie Malfidus heel dik was met Jeweetwel!" Skye zuchtte en schudde haar hoofd.
"Maar waarom lieten volgelingen van Voldemort..." begon Harry. "Sorry." zei Harry vlug toen iedereen ineen kroop bij het horen van die naam. "Waarom lieten de volgelingen van Jeweetwel Dreuzels in de lucht zweven? Wat is daar de lol van?"
"De lol?" zei meneer Wemel met een holle lach. "Je slaat de spijker op z'n kop, Harry. Toen Jeweetwel aan de macht was, werd de helft van alle moorden op Dreuzels gewoon voor de lol gepleegd. Ik denk dat ze vanavond iets te veel gedronken hadden en de verleiding niet konden weerstaan om ons eraan te herinneren dat er nog heel wat van hun slag vrij rondlopen. Een gezellige kleine reünie, zeg maar." voegde hij er walgend aan toe.
"Maar als het werkelijk Dooddoeners waren, waarom Verdwijnselden ze dan toen ze het Duistere Teken zagen?" vroeg Ron. "Dan zouden ze toch juist blij moeten zijn geweest om het te zien, of niet?"
"Gebruik je hersens, Ron." zei Bill. "Als het echt Dooddoeners waren, hebben die hun uiterste best gedaan om niet in Azkaban te belanden toen Jeweetwel zijn macht verloor en hebben ze allerlei leugens over hem verteld, dat hij hen gedwongen had om mensen te martelen en te vermoorden. Ik wed dat zij nog banger zijn dan normale tovenaars dat Jeweetwel zou kunnen terugkeren. Ze hebben hem verloochend toen hij zijn macht kwijtraakte en zijn gewoon verdergegaan met hun normale leventje... ik denk niet dat hij erg blij met ze zal zijn, jij wel?"
"Maar... heeft degene die het Duistere Teken heeft opgeroepen..." begon Hermelien langzaam. "... dat nou gedaan om steun te betuigen aan de Dooddoeners, of juist om ze op de vlucht te jagen?"
"Dat durf ik niet met zekerheid te zeggen, Hermelien." zei meneer Wemel. "Maar een ding weet ik wel... alleen Dooddoeners weten hoe ze het Teken moeten oproepen. Het zou me heel erg verbazen als de dader vroeger geen Dooddoener is geweest, ook al heeft hij zich later misschien bekeerd... Maar goed, het is heel erg laat en als jullie moeder hoort wat er gebeurd is, maakt ze zich vast vreselijk ongerust. We gaan een paar uurtjes slapen en proberen morgen dan met de vroegst mogelijke Viavia naar huis te gaan."
Emma wachtte op Skye die uitgebreid afscheid nam van Fred, wenste de rest welterusten en besloten toen opzoek te gaan naar Skye's ouders.
Ze liepen de tent uit. "Heej! Daar heb je dat aapje weer!" merkte Emma op. Op de tent van de Wemels, zat het schattige aapje weer. "Wat een stalker zeg." mompelde Skye. Het aapje sprong van de tent af, op Emma's schouder. Emma zag dat Skye het aapje schattig vond, ondanks haar gemompel. Emma liep naar Skye toe en zette het aapje op haar schouder. Het aapje begon Skye een soort van kopjes te geven. "Ahh." zei Emma. "Hij vind je lief!" "Denk je?" vroeg Skye onzeker. Emma knikte. "Zou hij een baasje hebben?" vroeg Skye. "Geen idee." zei Emma. "Ik denk het niet."
"Skye! Emma!" De meiden draaiden zich om. Marcello kwam op hun afgelopen. "We gingen je net zoeken." zei Skye. "De tent is..." "Verbrand, ja ja dat weet ik al." "Waar moeten we dan slapen?" "In de tent van Draco." zei hij. "Wat heb jij op je schouder?" "Een aapje." zei Skye. "Mag ik hem houden?" Marcello staarde haar even aan. "Nee." "Ah toe, pap. Hij is heel aardig en doet geen vlieg kwaad." zei Skye. "Oké, oké, vooruit. Kom." Skye knipoogde tegen Emma en ze volgden Marcello naar een grote, zwartgroene tent.
"Dit is Draco's tent. Ik kom jullie over een paar uur weer halen. Dan vertrekt er een Viavia naar de Druilerige Berg." "Oké, welterusten pap." zei Skye en ze liepen de tent binnen. Het was een zelfde soort tent als die van Skye, maar dan was deze in de kleuren groen en zwart. "Ah, Skye." Draco zat aan een van de donkere tafels. Emma keek hem boos aan. "En, Collins." voegde hij eraan toe met een walgende blik. Sinds wanneer ben ik Collins?
"Draco!" zei Skye waarschuwend. "Wat?" "Even normaal tegen Emma." Draco rolde met zijn ogen. "Wat heb jij voor vies en lelijk beest op je schouder?" "Dit is mijn aapje, Dexter." "Wat?" "Mijn aapje! Ben je doof? Mijn aapje, Dexter." Emma grinnikte zacht en Draco keek hun beledigd aan. "Jullie kunnen daar slapen." zei hij en hij wees vaag naar een van de flappen. Skye keek Emma aan en rolde met haar ogen.
"Dank je." zei ze. Skye liep naar de flap toe en opende hem. Er stond een zwart stapelbed met zijden, groene lakens.
Dexter sprong op het bovenste bed en begon erop te springen. Emma en Skye lachten even en toen gingen ze in het bed liggen. Skye ging bij Dexter op het bovenste bed slapen, en Emma ging beneden liggen.
