Ik huil en huil en huil. Ik begraaf mijn gezicht in zijn bewegenloze lichaam. Wanneer ik een hand op mijn schouder voel kijk ik op. Nu pas zie ik dat de rest van de varkens ongedeerd zijn. Een oud varken zegt tegen mij 'Zeg jongen, hoe komt het dat jij met een rood ruimteschip meereist?' 'Rood?' zeg ik snikkend 'Het ruimteschip was grijs, maar ze zeiden dat hij rood was zodat ze andere rode schepen konden oppakken'

Een paar biggen slaan hun poot voor hun mond. 'Wat?' vraag ik verbaasd. 'Jongen' zegt het oude varken weer 'het ruimteschip waarmee jij vervoerd werd is wel degelijk rood, ze hebben tegen je gelogen.' Ook ik sla nu mijn hand voor mijn mond Ze hebben tegen mij gelogen? Rho heeft tegen mij gelogen? Mijn verdriet maakt nu plaats voor een woede uitbarsting. Ze hebben tegen mij gelogen, én mijn vader vermoord. Ik sta op en ren naar het rode ruimte schip, of het grijze, het rode ruimteschip dat claimt grijs ze zijn maar eigenlijk toch rood is. Het andere ruimteschip dus. Maar toen ik bij de deur kwam en door het raam keek, zag ik dat het andere ruimteschip was vertrokken. Ze waren gewoon weggegaan zonder mij! Hierdoor werd ik nóg bozer. Ik sloeg met mijn vuist tegen de muur en op de grond, net zolang tot mijn poten bloedden. Toen ik eindelijk gekalmeerd was en weer helder kon nadenken besloot ik dat ik dit niet ongestraft voorbij zou laten gaan. Ik moest en zou wraak nemen op de persoon die het leven van mijn vader heeft genomen.

Ik liep weer terug naar de kamer waar de rest van de varkens waren. Sommige zijn al opgestaan en hielpen een paar anderen. 'Laten we gaan.' Zeg ik. 'Wie is nu de kapitein van dit schip?' Het oude varken loopt weer naar me toe 'Nou, je vader was eigenlijk de kapitein maar nu hij er niet meer is... ben jij of ik de nieuwe kapitein'. 'Ik kapitein? Maar ik heb de ruimteschool niet eens afgemaakt...het lijkt me beter als jij de nieuwe kapitein bent.'

'Zoals je wilt' zegt het oude varken. 'Maar Flip, ik verwacht dat je de persoon die dit je vader heeft aangedaan laten boeten?' 'Ja' zeg ik vastbesloten. 'Nou laten we dan maar gaan. Iedereen op zijn post en klaarmaken voor vertrek.'

De varkens lopen naar de deur, sommige kloppen nog even op mijn schouder wanneer ze bij voorbij lopen. 'Wat moet ik doen?' vraag ik aan het oude varken. 'Jij mag wel bij mij staan.'

Het ruimteschip startte zijn motoren en we gingen verder. We zochten dagen lang naar het rood/grijze ruimteschip en op een dag zagen we het. Ik herkende het meteen, mijn haat voor het rood-grijze ruimteschip was nog even groot. Ik wist niet dat grijze ruimteschepen wapens bij zich hadden. Maar toen besefte ik dat het misschien ook wel logisch was, de grijze ruimteschepen moeten zich natuurlijk wel kunnen verdedigen tegen een rood ruimteschip.

We gingen in positie staan, ongeveer 200 meter recht voor het rode ruimteschip. Alle wapens stonden gereed. 'Weet je het zeker?' vroeg het oude varken nog aan mij. Ik knikte. Ik moest en zou wraak nemen, dat was het enige waar ik aan dacht. Ik had al die nachten niet geslapen, omdat ik steeds nachtmerries had over hoe mijn vader in mijn armen stierf, opnieuw en opnieuw. Ik keek nog een keer naar het rode ruimteschip om er zeker van te zijn dat het de goede was. Hij was grijs, met 4 deuren, een schotel op het dak van het ruimteschip en een kentekenplaat met de combinatie : RRVAG1. Ik wist het zeker. Zonder ook maar enige twijfel drukte ik op de grote rode knop. Ik voelde het ruimteschip schudden en zag 2 grote raketten met hoge snelheid naar het rode ruimteschip gaan. Het moment dat ik de knop indruk krijg ik al spijt, al die mensen in dat ruimteschip. Rho...misschien wist hij niet eens dat zijn vader slecht was. En misschien wist de rest van de crew dat ook helemaal niet. Wat heb ik gedaan? Al die mensen.

Ik kijk toe hoe de raketten naar het ruimteschip toegaan, ik zie hoe mensen aan de voorkant door het raam kijken en ik zie zelfs de schrik op hun gezicht. Ik zie zelfs Rho. Nee... Ik krijg tranen in mijn ogen. Ik zie hoe de raketten het ruimteschip raken, een seconde is het stil, maar het lijkt wel een eeuwigheid. En dan, de knal. Een grote explosie met veel vlammen. 'Achteruit!' roept het oude varken naar onze bemanning. Ons schip gaat snel achteruit, maar ik merkte het niet eens. Ik was zo in schok van wat ik net heb veroorzaakt. Ik heb iets vreselijks gedaan. Ik heb onschuldige mensen het leven ontnomen. Ik het het leven van mijn beste en enige echte vriend ontnomen. Ik ben niets beter dan zij, ik ben zelfs slechter.

Ik doe mijn poten voor mijn ogen en zak in elkaar. De tranen stromen nu over mijn wangen en ik kan het niet tegen houden. Ik ben een vreselijk varken, hoe kan ik ooit nog met mezelf leven, waarom heeft niemand mij tegen gehouden? Wat zou vader hiervan hebben gevonden? Met al die vragen in mijn hoofd begin ik alleen maar harder te huilen. Ik wil naar huis. Nu. Naar huis. Ik wil terug naar de aarde. Ik wil hier niet meer aan herinnerd worden en dit gewoon allemaal vergeten.

Maar ik kon niet meteen naar huis, een ruimteschip heeft altijd een missie. En de missie van alle grijze ruimteschepen is om te zoeken naar de gevlekte paddenstoelen voor milkshakes. De deuren gaan alleen open voor het omhooghalen van paddenstoelen en wanneer hij genoeg kilo paddenstoelen hebben verzameld. Ik moest dus nog een paar maanden in de ruimte blijven terwijl we zochten naar paddenstoelen. We gingen alle planeten af, en een van de laatste planeten was aarde.

Hoe hoefden nog maar paddenstoelen, en zo kwamen we jullie tegen. Jullie gingen per ongeluk naar boven, wij hadden nog niet genoeg paddenstoelen waardoor de deuren nog niet opengingen. Maar ik wilde zo graag weer op de grond staan dus hielp ik jullie ontsnappen, en nu zijn we hier.

''Aha'' zegt Bo medelevend. Tijdens het verhaal had de tranen in haar ogen gekregen. Maar die had ze snel weggeveegd. 'Dat is wel echt een heel heftig verhaal Flip. Maar wat je ook denkt, wij vinden je geen vreselijk varken. Je hebt gezegd dat je ontzettende spijt hebt van de daden. En je hebt ons gered weet je nog? ' Flip glimlacht 'Dankje, jullie zijn de beste vrienden die ik ooit heb gehad. Ik bof maar met jullie.'

'Maar er is nog één ding dat ik niet snap' zegt Bo. ''Waarom kwamen die varkens achter Danielle aan toen ze de deur open deed?' Flip moet heel hard lachen. 'Dat zal ik maar niet vertellen' Bo kijkt Flip aan met een verontwaardigde blik, maar ze accepteert het. Flip heeft natuurlijk net een heftig verhaal verteld en ze moet hem maar niet te veel pushen. Ze kijkt naar Flip. Flip kijkt omhoog en heeft tranen in zijn ogen. Bo heeft hem een knuffel en zegt 'Vanaf nu ben je familie Flip, wij laten je nooit meer in de steek'. Flip begint te huilen, van blijdschap en van verdriet om zijn vader en Rho.