19:02 Tony

Zodra ik mijn eerste paar stappen gezet heb weet ik dat er geen weg meer terug is, ik moet nu naar Steve toe, ik moet nu alles uitleggen, goedmaken, tot rust doen komen. Langzaam kom ik steeds dichterbij, er gaan een boel gedachtes door mijn hoofd, de meeste hebben te maken met wat ik hier in godsnaam aan het doen ben, maar één gedachte overheerst.

Ik ben nog maar twee meter van de open plek verwijderd en ook die afstand verdwijnt snel achter me. ik steek de open plek recht over, op mijn doel af, de hoek waar Steve op de grond zit.

Allerlei doemscenario's spelen zich af in mijn verbeelding. Nog tien meter tot ik bij Steve ben. Hij is trouwens opmerkelijk stil, is waarschijnlijk aan het denken. Naarmate ik dichterbij kom zie ik meer en meer van de details op zijn gezicht, zijn ogen staan vragend, maar de uitdrukking op zijn gezicht is meer vermoeid.

Hij zit nog steeds met zijn benen opgetrokken, maar de zon is al aan het onder gaan en langzaam verdwijnt al het licht en daarmee al de kleur uit zijn gezicht.

Nog vier meter, ik begin nog langzamer te lopen, hij zegt nog steeds niks. Ik begin me af te vragen of dit wel de juiste actie is, ik haper een beetje in mijn lopen, er kraakt een takje onder me, en als ik naar beneden kijk zie ik dat ik stil ben gaan staan. Ik sta op twee en een halve meter afstand van Steve. En sta stil.

Even gebeurd er helemaal niks, geen van ons beide zegt iets, geen van ons beide beweegt. Het enige geluid dat in de verre omgeving te horen is, is het getsjirp van wat late vogeltjes en het gekraak van wat takjes, onder de poten van wat, niet vanaf hier te ziene dieren.

Even is er volledige rust, dan, langzaam, staat Steve op.

Ik zou de blik die hij in zijn ogen heeft met geen mogelijkheid naar een taal vertalen kunnen. Hij komt langzaam op me af, hij hoeft maar één of twee stappen te zetten voor hij bij me is.

En hier staan we dan, midden in een onbekend bos, onder de ondergaande zon. En alles komt tot rust.