Ik update best snel :O
Weer een beetje een kort chapter *zucht*
Geniet ervan, ik probeer snel het volgende chapter te schrijven!
Green.
De Meester POV Emelie
Ik kom bij een open plek, in het midden van de open plek staat iemand.
Hij heeft een nachtblauwe mantel aan, zijn kap ver over zijn hoofd, zodat ik zijn gezicht niet kan zien.
"Meester" zeg ik.
"Goede nacht Emelie, precies op tijd" zegt hij met zijn mooie kalme stem, zelfs als hij boos is hoor je nog de mooie vloeiende klanken.
Zijn stem is melodieus, hij is mooi, heel mooi, prachtig.
Ik glimlach en vraag "vanwaar deze ontmoeting?".
"We gaan weer oefenen, ik heb gehoord dat je je krachten weer eens niet onder controle had" zegt hij en ik kijk beschaamd naar de grond.
"Duistere tijden zijn aangebroken Emelie, niets is meer te vertrouwen. Niemand is zoals hij vroeger was, mensen zijn bang. Bang voor het onbekende, bang voor het duister, bang voor Hem. Hij-wiens-naam-niet-genoemd-mag-worden is terug en dat weet je. Zijn volgelingen zijn terug bij hun meester, vele moorden worden gepleegd. Je hebt een taak die je moet volbrengen, een zware taak. Ik heb vertrouwen in je, ik help je, maar het is Jouw taak. Oefen Emelie, oefen en krijg je krachten onder controle."
Hij heeft gelijk, ik heb mijn krachten niet onder controle, ik moet oefenen.
"Waar beginnen we mee, meester?" vraag ik.
"Pak je staf" zegt hij.
Ik houd mijn hand voor me en mijn ring straalt geel fel licht uit, dan heb ik opeens een staf in mijn hand.
"Dat kun je. Goed, richt je staf op die dode boom daar" hij wijst naar een oude, dode, verdorde boom.
Ik richt mijn staf.
"Laat de boom herleven!"
Ik concentreer me, voor me zie ik hoe de boom weer groene bladeren krijgt.
Mijn staf licht op, een gele straal verlicht de open plek, de boom leeft weer.
Mooie groene bladeren en zachtroze bloemetjes sieren de boom, vogeltjes strijken neer in de boom en ze zingen hun lied.
Ik luister naar de prachtige klanken, het is gelukt.
"Goed zo, een perfect resultaat. Dit is dus niet het probleem.." zegt de Meester.
Hij loopt naar me toe en geeft me een duw, hard landt ik op de grond.
"HĂ©!" schreeuw ik woedend en weer baadt de open plek in geel licht, mijn meester wordt achteruit tegen de boom gegooid.
De vogeltjes houden op met zingen en ze vliegen allemaal geschrokken de boom uit.
Snel sta ik op, wat heb ik gedaan?
Ik ren naar de Meester toe en ik kniel bij hem neer, ik hoor hem ademen, hij leeft gelukkig nog.
"Ah" kreunt hij en hij komt overeind en ik help hem op te staan.
Hij strompelt naar een boomstronk en gaat zitten "Ik snap al wat er mis is" zegt hij.
Nu ben ik laaiend en ik schreeuw "waarom moest u me duwen?".
"Om te weten te komen waardoor je je krachten niet onder controle hebt" zegt hij met zijn absolute kalmte.
"Dan hoeft u me nog niet te duwen!" schreeuw ik.
"Ik moest je boos maken, doordat je boos bent heb je je krachten niet onder controle" weer is hij helemaal kalm.
Er begint eindelijk een lichtje bij me te branden, daardoor viel ik Severus aan!
Ik kan alleen maar een zacht 'ow' uitstoten…
Ik ben trots op mezelf:
1: Dit verhaal begint naar zijn plot toe te werken.
2: Dit is volgens mij mijn beste hoofdstuk ever! (vind ik zelf dus..)
