A/N Jahoor. Hoofdstuk 11 alweer. Wat gaat het toch snel niet? :3 En ja. We zijn weer terug bij Halt, Alyss en Azura. Ik vond dat zij precies moesten weten wat er aan de hand was en dit was de enige manier die ik kon verzinnen.. Hopelijk vinden jullie het hoofdstuk een beetje te lezen. (Moet helaas melden dat ik geen zin had om eraan te beginnen... Maar toen dacht ik dat het maar moest want er zijn mensen die het verhaal volgen... ;) Dus...) Voel me niet bepaald op en top, maar hopelijk heeft dat geen effect gehad op het verhaal.. ;)

Dus! Begin maar met lezen! ;) :P

Disclaimer: Ik neem aan dat jullie zo langzamerhand wel weten wat hier staat... ;)

Alyss zat samen met Azura en Halt aan de tafel van Pauline. In stilte.

Halt zat te denken aan een manier waarop hij Will kon bevrijden. Alyss ook, maar af en toe wierp ze blikken op Azura. Ze had het gevoel dat het kleine meisje niet alles had verteld wat ze wist. En dat het belangrijke informatie kon zijn.

Ze zuchtte. Ze zou het haar moeten vragen. Maar ze wilde Azura niet overstuur maken.

Ze bleef aarzelen en keek vanuit haar ooghoek naar het meisje, die wat zat te frummelen met haar kleding.

Toen richtte ze haar blik op Halt, nog steeds twijfelend, en zag dat hij de blik beantwoordde. Ze zag dat hij wist waar ze aan dacht en knikte bijna onmerkbaar.

Ondanks dat Halt het ermee eens was voelde Alyss zich er niet fijn bij. Maar het was voor Will, hield ze zichzelf voor.

'Azura, lieverd, kijk me eens aan,' zei ze zacht, de stilte doorbrekend.

Azura keek op en Alyss slikte bij het zien van de onschuld en angst in de ogen van het meisje.

Ze slikte nogmaals en zei: 'Schat, je moet me vertellen wat je weet. Alles. Ik wil alles weten. Alles, wat dan ook. Ik wil alles weten wat ons kan helpen om Will veilig terug te halen. Vertel me alles. Alles. Asjeblieft!'

Ze besefte zelf ook dat ze in de herhaling viel, maar ze kon de paniek bijna niet meer onder controle houden.

Azura knikte en kreeg een vragende blik in haar ogen. 'Wat moet ik vertellen dan?' vroeg ze.

'Beschrijf het Hart,' zei Halt opeens.

Azura knikte en dacht na, haar hoofd een tikkeltje schuin.

'Het is een open plek,' begon ze. 'Het is er niet groot. Ook niet klein. Er staan huizen en er is een stal. En een huisje in het bos.'

Ze hield haar hoofd schuin en keek naar Halt, alsof ze wou weten of hij wist wat hij wou weten. Hij gebaarde of ze meer kon vertellen. Ze dacht lange tijd na, maar wist niks te bedenken.

'Zijn er meer mensen die daar weg willen?' vroeg Halt toen. Het leek hem alleen maar logisch dat er meer waren. Niemand hield ervan altijd op een plek te zijn.

Azura twijfelde even maar knikte.

'Hoeveel?'

Het bleef even stil. Toen haalde Azura haar schouders op en stak 3 vingers op. Keek er even naar en haalde er een weg.

Twee. Twee anderen die daar niet wouden zijn.

Alyss was al de beschrijvingen zat en vroeg: 'Waar brengen ze Will heen? Naar een van de huizen? De stal?'

Azura schudde haar hoofd en fluisterde: 'Naar het huisje in het bos. Dat huisje is slecht!' Voegde ze eraan toe. 'We moeten hem helpen!'

Alyss knikte verdrietig en zei: 'Ik weet het Sweetheart, ik weet het.'

'Het huisje is slecht? Hoezo is het huisje slecht?' vroeg Halt, de achterdocht duidelijk zichtbaar in zijn donkere ogen.

Azura's schouders zakten een decimeter naar beneden en ze begon te huilen.

Alyss keek even geschokt naar Halt en trok toen Azura op haar schoot. Ze sloeg haar armen om het meisje heen en probeerde haar te kalmeren.

Zodra Azura wat gekalmeerd was vroeg Halt het nog een keer, dit keer met zachte, geruststellende stem. Het meisje leek weer te gaan huilen, maar toen Alyss haar wat steviger tegen zich aan drukte slikte Azura de tranen weg en zei: 'Er kwam een keer een man op visite. Hij was heel aardig. De volgende dag was hij weg. We gingen in het bos spelen maar… maar…' Een paar tranen rolden over Azura's wangen.

'Wat gebeurde er?' vroeg Alyss zacht maar dwingend. Ze wilde het weten.

Azura stond op het punt weer te gaan huilen maar kalmeerde toen Alyss over haar hoofd streek en geruststellende woordjes fluisterde.

'We wisten niet dat het niet mocht en toen was daar opeens een huisje. Dat huisje in het bos. En we waren nieuwsgierig en toen.. en toen.. Lilith keek door het raam en toen wouden wij ook. Maar dat mocht niet van haar en toen pakte ze ons vast en rende ze weg. En toen hoorde we iemand schreeuwen. Hij had pijn. En Coran wist niet wie het was. Hij is nog klein maar hij struikelde en toen herinnerde ik het me. Dat het de stem van die man was. Maar hij had pijn. En Lilith ging huilen en ik moest huilen en toen renden we weg en die man had zo'n pijn. En hij was zo aardig!'

Halt staarde naar het meisje. Er was geen touw meer aan vast te knopen. Maar dat ene zinnetje dat Azura herhaalde deed de rillingen over zijn rug lopen. De reactie van haar was angstaanjagend.

Alyss trilde van de poging haar tranen in te houden.

'Heeft Lilith je verteld wat ze gezien heeft?' vroeg Halt zachtjes.

Azura keek huilend op en schudde haar hoofd. 'Nee,' snikte ze. 'Dat wou ze niet. Ze zei dat ik het niet mocht weten. Dat het slecht was. Dat ze het moest vergeten. Maar ze heeft het opgeschreven in haar dagboek. Dat heb ik gezien. Dat heb ik stiekem bekeken, zonder dat ze het wist.'

Halt slikte. 'Wat stond erin, Azura? Weet je dat nog?'

Azura kreeg een paniekerige blik in haar ogen toen ze knikte en het zich herinnerde.

'Ja. Maar ik wil het vergeten. Het was slecht. Het was slecht. Het was slecht!'

'Wat stond erin Azura?' vroeg Halt dringend. 'Ik moet het weten!'

Azura keek Halt aan een staarde in de donkere ogen. Ze leek rustig te worden door de kalme, hypnotiserende blik die Halt haar gaf.

'Er stonden plaatjes in. Plaatjes van de man in het huisje. En van alle messen.' Azura keek om zich heen en zag een stapeltje papieren in de kast naast het raam. Een stukje houtskool lag ernaast.

Halt leek haar bedoelingen te raden en stond op. Pakte een leeg vel en het stukje houtskool en gaf het aan het meisje dat gelijk begon met tekenen.

Op kinderlijke wijze verscheen er een tafel op het papier. Met iemand erboven op geketend aan de tafel.

Alyss kon niet anders dan opmerken hoe goed Azura al was met tekenen. Maar ja, wat kon je anders doen op die open plek?

Er verscheen een muur achter de tafel. Allerlei messen en andere dingen waarvan Azura waarschijnlijk niet eens wist wat het was hingen aan haken in de muur.

'Stop maar schat,' zei Alyss, het verstikte geluid van haar stem deed het meisje opschrikken. 'Het is genoeg. We snappen het. Het is een slecht huisje.'

Azura knikte en schoof het papier van haar af. Het stukje houtskool rolde van de tafel af terwijl het meisje zich weer vastklemde aan Alyss, maar niemand leek het te merken.

Alyss had haar ogen dicht en hield het meisje huilend in haar armen. Ze kon haar tranen niet meer in houden en wiegde Azura heen en weer terwijl haar tranen stroomden.

Halts ogen waren op het papier vastgepind. Hij leek zich er niet van te kunnen losscheuren. Hij kon het zich niet voorstellen. Nee. Dat zouden ze niet doen. Ze wouden het meisje terug. Maar ze hadden de andere man ook gemarteld. Nee. Dit konden ze Will niet aan doen. Ze moesten Will daar weg zien te halen. Zo snel mogelijk!

A/N Dat was het alweer. Ik weet ook wel dat ik nu echt moet gaan verzinnen hoe ze Will daar weg krijgen, maar ik wou dat ze precies wisten wat de situatie was. En dat kostte blijkbaar een heel hoofdstuk..

Is er trouwens iemand die Rise of the Guardians heeft gezien? I love that movie! :D Heb nu zoveel van die fanfictions gelezen dat ik er zoveel zin in heb er zelf ook een te maken. :3

Maar goed. R&R! Ik wil weten wat jullie ervan vinden. Fouten? Kritiek? Tips? Tops? Altijd welkom. Dan wordt ik alleen maar beter. :)