Hoofdstuk 14
"Waarom heb je me dat nooit verteld!"
Geïrriteerd nam ik de borden van de tafel en draaide ik hem de rug toe. Hij wist van de plannen van de helse tweeling. Niet te geloven.
Hij wist ervan en toch hield hij zijn mond en liet hen hun gang doen. Het was toch de bedoeling dat we elkaar alles vertelde.
Ik smeet de borden iets te hard in de afwasbak en begon aan de afwas. Ik hoorde een stoel verschoven achter mij en lichte voetstappen die mij richting uitkwamen. Twee lange armen gleden langs mijn taille en duwde me tegen hem aan. Ik probeerde me los te wringen maar daar moest hij niets van weten.
"Waar maak je je toch druk over? Maak het nu uit of je het wist? Het doet er niet toe. Hun 'wanhopige avances' werken niet op mij. Ik heb alleen maar oog voor deze prachtige nimf in mijn armen."fluisterde hij in mijn oor. "
Heel zachtjes gleed hij met zijn neustop over mijn hals, heen en weer. Ik kalmeerde geleidelijk aan in zijn armen. Dat was iets dat me ook soms kon ergeren.
Ik kan nooit lang boos blijven op hem. En dat weet hij maar al te goed. En in tussentijd had hij al een paar trucjes gevonden om mij weer rustig te krijgen. Ik ontspande me in zijn omhelzing en leunde nog iets dichter tegen hem aan . Ik liet de afwas voor wat het was en draaide me naar hem toe, nog altijd gevangen tussen zijn stevige armen.( Wie durft hier te beweren dat hij geen spieren heeft!) Ik legde me armen rondom zijn nek en keek hem geniepig aan.
"Waarom heb je het me toch niet gezegd? Dan zou ik niet zo hebben gefreakt toen ik hun gesprek had opgevangen."
"Ik wou je niet nog meer kopzorgen geven. Ze zijn nu al de roestige spijkers van je doodskist. Ik wou het niet erger maken dan het al was."
Ik bestudeerde zijn gelaat. De sereniteit en echtheid van zijn woorden straalde van hem af. Ik glunderde en dat leek hem ook tot glimlachen aan te zetten.
"Mocht je het nu nog niet weten, ik hou enkel en alleen van jou. Geen enkele mislukte speelpop kan daar iets aan veranderen. En zeker niet één die constant achter mij gat loopt en denkt dat ik in Lord of the Rings speel."
Ik giechelde bij deze herinnering. Dat was echt goddelijk om zijn gezicht toen te zien.
"Ben ik vergeven voor mijn wansmakelijke vergissing, my lady?"
God, die puppyoogjes zullen me ooit nog mijn dood worden.
"Goed dan, je bent vergeven."antwoordde ik hem.
Een fractie van een seconde staarde hij naar mijn lippen en ik wist al wat hij wou. Ik stond op mijn tenen en bracht zijn gezicht iets dichter bij mij. Onze lippen raakte elkaar aan en de zo milde kus evolueerde naar een passioneel dramaspel. Wat kan ik zeggen.
Hij was gewoon perfect en die kussen van hem doen me soms overdrijven in mijn woordenschat. Hij onderbrak de kus en ik kreunde uit frustratie.
"Waarom moet je dat altijd doen?"
"Wat?"vroeg hij nogal speels.
"Altijd je wegtrekken als het juist plezant te worden."
Hij leek echt de gewoonte middenin een kus zich weg te trekken. Het was echt frustrerend soms. En liet ik hem ook altijd duidelijk blijken.
"Gewoon, ik speel graag met je voeten. En je bent snoezig als je gefrustreerd raakt." Ik keek hem verwonderend aan.
"Ik, snoezig? In je dromen waarschijnlijk. En ik heb een licht vermoeden dat je liever mijn lippen prefereert om mee te spelen dan mijn voeten."
Hij lachte die schitterende 'Edward lach' weer. Om door in katzwijn te vallen.
"Altijd zo bijdehands doen. Zo ken ik je weer. Maar eigenlijk wou ik je iets vragen. Ben je morgen avond vrij?"
"Ik geloof van wel. Vanwaar deze vraag, my lord?"
"Omdat ik dan zou vragen om mij te vergezellen op een klein uitstapje, mijn prinses. U zou mij daar zeer mee verblijden."
Ik hield er zo van dat hij zo sprak. Het deed me zo denken aan de ridders uit mijn romans.
"Ik denk dat ik uw aanbod zal accepteren. Naar waar gaat de reis?"
"Dat wordt een verrassing."
"Ah nee! Robert, dat lap je me niet nog een keer. Je weet dat ik niet van verrassingen hou. Deze keer moet je me zeggen waar we naar toe gaan."
Hij leek geamuseerd te zijn door mijn kleine uitbarsting. Mij leek het althans niet grappig.
"Lizzie, maak je toch niet altijd zo'n zorgen daar over. Ik kan je verzekeren dat je het naar je zin zal hebben."
"Daar maak ik me geen zorgen in. Zolang ik maar bij jou ben, zal ik de tijd van mijn leven hebben. Maar ik loop niet graag in het duister. Je weet dat ik me dan ongemakkelijk voel wanneer ik niet weet wat er mij te te wachten staat."
"Vertaling: je bent bang voor wat je tegemoet komt en je weet gewoon niet wat je moet aantrekken." Ik zuchtte gefrustreerd.
"Ik wil me gewoon niet belachelijk maken tegenover jou. Ik wil niet dat jij je moet schamen voor mij."
Rob nam mijn gezicht tussen zijn handen.
"Lieverd, waar maak jij je toch druk om? Jij zou me nooit voor schut kunnen zetten. Het zal meer andersom zijn. En trouwens, niemand kent ons toch? Niemand heeft door dat ik het ben dus maak je niet druk om mij." Ik keek hem pleitend aan.
"Oké, ik zal je een hint geven. We gaan naar iets waar je erg van houdt en het is niet iets chics. Dus casual gekleed zijn, is de boodschap."
Ik kuste hem lichtje op de mond.
"Bedank, schat."
...
We liepen door de straten van Los Angeles. Het was al aan het schemeren en de lichten brandden al in de straten.
Robert had zijn arm rond mijn schouders gedrapeerd en ikzelf had een arm rond zijn middel gelegd. We liepen heel relaxed over de straat.
Deze keer had ik niet zo'n woelige strijd geleverd met mijn kleerkast. Ik had het heel simpel gehouden. Een zwarte jeansbroek met daarop een geel topje. Mijn haar had ik deze keer in een hoge paardenstaart gedaan. Zeer eenvoudig maar toch elegant.
Rob had ook een jeansbroek aan met een donkergrijze T-shirt en een zwart hemd dat losse open hing. We zagen er uit als een doodnormaal koppel die een avondje gingen stappen.
Ik had nog altijd geen flauw benul van waar hij me ging brengen. Iets waar ik veel van hield.
Ik hield van films dus hij zou me naar de cinema kunnen meenemen. Maar een deel van mij sprak die gedachte tegen. Hij is voordurend met film bezig. Waarschijnlijk zou hij dan niet naar de film willen gaan. Wat kon het dan nog zijn?
Ik hield ook van dieren, tekenen, muziek, voetbal… Een voetbalmatch misschien, een concert, de dierentuin? Al verschillende ideeën hadden mijn hoofd al de revue gepasseerd. De ene al belachelijker dan de andere.
"Rob, ga je me nu al vertellen naar waar we gaan? Ik ga het bijna begeven."
"Nog even geduld. We zijn er bijna. Nog maar een paar straten."
Zonder het te beseffen begon ik iets rapper te stappen. Het kon Robert blijkbaar vermaken. Na nog een paar straten te hebben bewandeld, hield hij halt aan een enorm gebouw. Ik kon mijn ogen niet geloven.
"Dit meen je me niet?"
Ik staarde Rob verbaasd aan.
"Toch wel. Een vriend van mij kende iemand die hier werkte. We hebben de avond voor ons alleen. We mogen zolang blijven als we willen."
Ik wist gewoon niet wat te zeggen. Ik wou hier al jaren eens komen. Maar nooit het geld of de tijd ervoor gehad. Ik glunderde naar Robert en trok hem toen mee richting de deur. Richting Los Angeles County Museum of Art.
Na bijna drie uren te hebben rondgelopen in de verschillende galerieën, had Robert me eindelijk me kunnen wegsleuren uit het museum. Het was ronduit geweldig.
Al die prachtige schilderijen en beeldhouwwerken. Vooral de Griekse kunst fascineerde me enorm. Hoe men zo perfect een persoon kon sculpteren, was voor mij een echt raadsel.
Ook de galerij van de fotografie trok mijn aandacht. Ik hield erg veel van fotografie maar voornamelijk achter de camera. Je zou me zelden op de foto zien staan. De foto's in de galerij werd echt prachtig. Vol prachtige kleurencombinatie en met oog voor de kleinste detail. Het was echt een geweldige avond geweest.
We liepen hand in hand het museum uit. Het was ondertussen al redelijk laat geworden. En gelukkig liepen er niet al te veel mensen nu rond in de straten. Zeker niet in deze buurt. Beneden aan de trappen vloog ik in Roberts armen.
"Bedankt. Dit is één van de mooiste cadeaus die je me kon geven. Ik droom al zo lang om eens hier te komen. Je weet niet waaraan ik je verdient heb."
Hij sloot zijn armen om me heen en verborg zijn gezicht in mijn nek.
"Het is graag gedaan, meisje. Alles om je zo gelukkig te zien."
Ik boog mijn gezicht naar hem toe en kuste hem passioneel op de mond. Ik wou hem zo graag tonen hoeveel ik van hem hield en wat hij wel niet voor me betekende. Maar ik kon dat onmogelijk in woorden uitdrukken. Dus probeerde ik al mijn liefde en dankbaarheid te laten doorstromen in die ene kus.
"Ik denk dat het beter is dat we nu naar huis gaan. "mompelde hij tegen mijn lippen.
"Ja, je hebt gelijk."
Ik kuste hem nog eens vlug en nam toen weer zijn hand in de mijne. We liepen weer richting onze auto. Helaas hadden we niet gezien dat er iemand vanuit een donker steegje ons in de gaten hield.
