Ik jogde door het bos, mijn hart bonsde in mijn borstkast, maar ik besloot door te gaan. Als ik nu niet mijn sturing kon oefenen trainde ik maar de rest van mijn lichaam tot ik het weer kon. Zonder dat ik het merkte, kwam ik op een plek uit die ik herkende. Het was de plek waar ik de mysterieuze jongen zag. Tot mijn teleurstelling was hij er niet. Ik jog rustig naar het midden van het veld en ga zitten. Als ik zit pak ik een boek uit mijn tas. Het ging over de zonkrijgers. Ik las wat in het boek en bekeek de plaatsjes van de Azteek achtige mensen. Ook stonden er dingen over draken. Draken zijn de eerste vuurstuurders. Als iemand mij kon helpen waren zij het wel, maar ik denk niet dat draken nog bestaan. Ik zucht en lees nog wat over bepaalde technieken en over de zon. Ik las nog meer boeken over vuursturing, ik hoopte dat ik daarmee de mijne kon fixen, maar tot nu toe heb ik nog niks zinnige gevonden. Ik staar naar nog wat plaatjes, maar dan schiet mijn hoofd omhoog als ik hoor dat iemand door het veld loopt. Zal ik opstaan? Of zal ik stiekem wegsluipen? Ik twijfelde nog een tijdje maar toen het geluid steeds dichterbij kwam besloot ik op te staan. Ik keek voor me uit en ik zag niemand. Toen draaide ik me langzaam om terwijl ik naar mijn voeten keek. Dan zie ik dat er twee voeten tegenover mij staan. Mijn hart begint sneller te kloppen en langzaam gaan mijn ogen via de voeten naar boven. Ik zie de zwarte losse broek, het onbedekte, gespierde torso waar een zwarte band overheen liep en dan zijn gezicht, met felblauwe ogen en omringt door zwart haar. "Ember? Wat doe jij nou hier?" Vraagt hij. "Dat kan ik net zo goed aan jou vragen, Ethan." Dan zie ik aan de rechterkant van zijn rug twee rode dingen uitkomen, toen ik beter keek besefte ik dat het handvaten waren. Toen viel alles op zijn plek. Ethan is de jongen van gisteren. Mijn mond viel open. "Uh Ember?" Hij klopt op mijn voorhoofd. "Iemand thuis?" Ik trok zijn hand weg en keek hem enthousiast aan. "Wil je me het leren?!" Ethan keek me verbaasd aan. "Om te vechten?" Vraagt hij onzeker. Ik knik. "Waarom zou een meisje als jij willen vechten?." Vroeg hij mij. "Waarom ben jij begonnen met vechten?" "Beantwoord een vraag niet met een vraag." "Ontloop mijn vraag niet." Zei ik toen. "Jij deed dat eerst!" We kijken elkaar aan voor een lange tijd en dan schieten we alle twee in de lach. "Om de mensen van wie ik hou te kunnen beschermen, om de mensen terug te halen waarbij ik dat niet kon doen en misschien ook wel een beetje voor wraak, hoe slecht dat dan ook is." Zegt Ethan opeens. Ik kijk naar zijn serieuze blik. "Dat is mijn reden, wat is de jouwe?" "Het is ongeveer hetzelfde als de jouwe." Zeg ik dan. Hij kijkt me verbaasd aan, maar vraagt niet verder. "Dus Ember, hoe weet je eigenlijk dat ik train?" "Ik zag je gisteren." "Dan heb je nog niet eens een tiende gezien van wat ik kan." "Nou niet arrogant gaan worden hè?" Hij grinnikt. "Dus vertel, wat kan je dan nog meer?" Vraag ik nu nieuwsgierig. "Boogschieten, messen werpen, met een mes of zwaar vechten, met kromzwaarden vechten (denk aan die van Jet uit ATLA) , met tweelingzwaarden vechten, boksen, kickboksen, karate, kung fu.." "Is er ook iets wat je niet kan?!" Vraag ik met open mond. "Met een pistool schieten is niet echt mijn sterkste kant." Zegt hij bedenkelijk. "Hoe is het mogelijk dat je dit allemaal kan?!" Hij geeft mij een klein lachje. "Ik train al zo lang ik me kan herinneren. Het talent zit in de familie dus ik leerde de dingen veel sneller dan de meesten mensen zouden doen." "Leer het me!" "Alles?" Ik knik. "Heb je net geluisterd naar wat ik zei, dit gaat veel jaren kosten." "Leer me dan de basis." Ethan kijkt me bedenkelijk aan. "Het zal veel tijd kosten... Maar oké, ik heb toch iemand nodig om mee te sparren." "Ja?" "Ja." Zegt hij met een lach. Ik sla mijn armen om hem heen. "Dankje, dankje, dankje!" Dan besef ik me dat ik een jongen zonder shirt aan aan het knuffelen was. Ik doe een stap naar achteren met een rood hoofd. "Wanneer beginnen we?" Vraag ik dan. "Morgen, dan is het toch weekend. Ik zal dan wat spullen meenemen." "Oké." We kijken elkaar aan zonder iets te zeggen. "Uhm, ik ga dan maar weer..." "Ja, tot morgen Ember." "Tot morgen." Ik doe wat stappen naar achteren en zwaai dan. Dan draai ik me helemaal om en ren ik het bos weer in. Wie had gedacht dat de jongen Ethan was? Niet te geloven! Ik was zo in gedachten dat ik het niet merkte toen ik struikelde. Languit lag ik op de grond. Ik kreun zachtjes en draai dan om zodat ik niet mee met mijn gezicht op de grond lag. Langzaam kom in overheid. Ik kijk naar mijn knieën die nu open waren. Voor de rest had ik nog wat schrammen op mijn armen en een kleine op mijn wang. Ik beweeg mijn hand door de lucht en verzamel wat water. Even heb ik het idee dat er iemand naar mij kijkt. Ik kijk rond maar ik zie niemand, ik zal het wel ingebeeld hebben. Ik breng mijn handen naar de beschadigde plekken en begin deze te helen. Na een paar minuten was ik al klaar. Ik kijk goedkeurend naar mijn knieën en sta op. Ze deden nog wel een beetje pijn maar het was niks vergeleken met eerst. Ik loop in een rustig tempo naar huis, aangezien ik niet nog eens wilde struikelen.
Eenmaal thuis nam ik een douche. Het was al laat in de middag en mama moest vandaag laat werken dus ik besloot zelf wat te eten te maken. Ik kijk in de koelkast waar tot mijn schrik niks meer te eten in zit. Ik zucht diep. Ik loop naar mijn kamer, ruil mijn trui en jogging broek in voor een simpel zwart jurkje, pak dan mijn portemonnee en loop naar beneden. Beneden pak ik mama's fietssleutel, aangezien ik zelf geen fiets had. Ik loop naar de garage en pakte mama's fiets eruit. Ik fietste hard door terwijl ik luisterde naar mijn eigen hartslag en gehijg. Ik was er sneller dan verwacht. Ik zette mijn fiets tegen de winkel aan en liep naar binnen. Ik liep naar de goede afdeling en haalde daar een pizza salami. Ik liep door naar de kassa en rekende af. Eenmaal buiten hing ik het plastic tasje aan het stuur van mama's fiets. Weer had ik het idee dat iemand naar me keek, maar ik kon het niet checken. Alles om me heen was nogal donker en de verlichting in Askiere was nou niet echt geweldig. Ik doe het licht van de fietslamp aan en stap op. Ik begon langzaam, maar ik gong steeds sneller. Ik voelde me opgejaagd. Mijn hart bonsde door heel mijn lichaam en ik keek meerdere keren achterom, maar ik kon niks raars ontdekken. Toch blijf ik met volle vaart fietsen. Eenmaal thuis reed ik de fiets in de garage en daarna rende ik naar binnen met het tasje in mijn handen. Ik doe de deur op slot en blijf verwijfd en hijgend in de gang staan. Waarom voelde ik me zo raar en opgefokt? Het is gewoon mijn verbeelding! Ja, het is mijn verbeelding. Ik loop naar de keuken en doe de pizza in de oven. Ik loop daarna naar de bank en ga erop zitten, ik zet de tv aan en kijk een of andere talentenshow terwijl ik wacht op mijn eten. Een paar slechte audities en een reclameblok verser hoorde ik het piepje van de oven waardoor ik wist dat de pizza klaar was. Ik haalde deze uit en at hem op op de bank. Ik keek naar de tv maar mijn gedachtes waren ergens anders. Ik dacht eerst aan wat ik voelde toen ik naar huis reed en in het bos was maar bande deze gedachtes al snel weg met gedachtes aan Ethan en wat hij me morgen ging aanleren. Mij leken de tweelingzwaarden wel leuk maar waarschijnlijk kwam dat alleen maar omdat ik hem daarmee heb zien oefenen. Ik schrik op als ik mijn mobiel hoor gaan. Ik volg het geluid wat me brengt naar de keuken, ik kan me alleen niet herinneren dat ik hem daarheen neergelegd. Ik neem mijn mobiel op. "Met Ember." "Hey Em." Zegt Roos aan de andere kant van de lijn. "Heb je morgen tijd om af te spreken?" "Uhm... Nou, ik heb al iets te doen." "Wat dan?" Vraagt Roos nieuwsgierig. "Morgen moet ik helpen met het schoonmaken van het huis." Waarom loog ik? "Oh oké, nou je ik spreek je wel. Doei Em!" "Doei." Ik hing op. Ik staar naar mijn mobiel. Ik wist niet waarom ik loog maar mijn gevoel vertelde mij om dat te doen. Ik zucht geïrriteerd. Dan ruim ik de spullen op in de keuken en op de bank. Ik loop daarna naar mijn kamer. Ik poets mijn tanden en dan doe ik mijn pyjama aan. Ik surf nog een tijd op het internet terwijl ik muziek luister en dan op mijn bed ga liggen. Ik pak dan de foto van Natsu en ik. "Morgen kom ik een stap dichterbij. Ik zal je thuis brengen grote broer." Zeg ik met een lach op mijn gezicht. Ik klem de foto tussen mijn armen en mijn borst. Dan sluit ik mijn ogen en val ik in slaap met de geruststellende gedachte dat ik met elke training dichter hij Natsu's redding zal komen.
Vertel me wat je ervan vindt en geef tips, tops en theorieën zoals gewoonlijk.
Sorry, als er spelfouten in staan. Ik heb het niet meer overgelezen. What can i say? Im a lazy girl.
Lees ook mijn andere boeken:
The other me: www . wattpad story/2133205-the-other-me
Mijn leven als Tristan de Jong: www . wattpad story/1922671-mijn-leven-als-tristan-de-jong
Wie ik ben: www . wattpad story/1924355-wie-ik-ben
Spirited away 2: www . wattpad story/1851970-spirited-away-2 of www . fanfiction s/8379209/1/Spirited-away-II
De wezen: www . wattpad story/1852127-de-wezen
je moet natuurlijk wel even de spaties weg halen.
Thanks voor het lezen. Xx 3
