Hey hey,
Een snelle update omdat ik zulke super-lieve-en-ook-aardige lezers(of leessters) heb!
Met speciale dank aan Luutje18 en Lilyloena.
Green.
Harry vertelt
POV Harry
"Verschillende leerlingen zaten buiten van de lente te genieten, in het lentezonnetje of in de verkoelende schaduw onder de overbuigende bomen aan de rand van het bos.
Ron, Hermelien en ik hadden het verkozen om lekker in de schaduw van een oude eik aan de noordkant van het kasteel te gaan zitten. Hermelien was verdiept geweest in haar oude Runen tekstboek en Ron speelde met een fragmentfrisbee die Hermelien eerder dit jaar van een vierdejaars had afgepakt.
"Hermelien, kijk hoe cool deze is, ik snap niet waarom ze verboden zijn" had Ron tegen Hermelien gezegd terwijl hij zijn hand over de bladzijde legde die Hermelien aan het lezen was.
Geïrriteerd keek Hermelien op en zei: "het is een Fopartikel van Fred en George, het is gevaarlijk en Vilder heeft het laten verbieden, samen met al de andere artikelen". Na dat gezegd te hebben stond ze op en ging ze aan mijn andere kant zitten, hopend dat Ron haar daar niet meer lastig viel met stomme opmerkingen over een stomme frisbee.
"Harry, zeg tegen Hermelien dat deze frisbee…". "Ron, hou nou even op over dat stomme ding" ik was opgestaan terwijl ik dat zei en wilde richting het kasteel lopen. Maar ik bleef stokstijf op mijn plaats staan toen ik een silhouet zwart zag afsteken tegen de late middag zon, staande op de reling van de Noordertoren.
"Ron, Hermelien, de Noordertoren, er gaat iemand springen!" schreeuwde ik, terwijl ik nog steeds in dezelfde positie als even daarvoor stond. Aan het geschokte geluid vanachter me had ik aangenomen dat ze hadden opgekeken van hun bezigheden en binnen een mum van tijd stonden ze naast me naar de Noordertoren te turen.
"Het lijkt alsof diegene twijfelt" had Ron gezegd, maar een seconde daarna was het silhouet verdwenen en was er iemand naar beneden aan het vallen langs de muur van de Noordertoren. Hermelien gaf een gil, Ron en ik hapten naar lucht.
Toen minderde de persoon, die even daarvoor nog van de Noordertoren was gesprongen, opeens veel vaart en viel op de grond. Snel renden Ron, Hermelien en ik zo snel als we kunnen naar de plek, verschillende anderen waren ook opgestaan van hun plekjes op het gras of op een kleed en liepen ook langzaam naar de voet van de Noordertoren.
We waren er als eerste en keken naar de grond, op de grond lag een meisje, aan te nemen aan het middellange zwarte haar, met haar gezicht naar beneden.
"Het is Emelie Prins" zei Hermelien geschokt. Ik besefte dat Hermelien gelijk had toen ik het Zwadderich uniform zag, en het beeld van het meisje in mijn gedachte kwam.
Er kwam een schreeuw van boven, snel keek ik op. Boven op de Noordertoren stond Sneep over de reling gebogen, ik kon zijn gezichtsuitdrukking niet zien maar wist dat het geen woede of blijdschap was, het was verdriet.
Sneep verdween bij de reling vandaan, hij kwam vast naar beneden, dacht ik. Al een best grote groep leerlingen had zich verzameld onder de Noordertoren toen even later Sneep met een geschokte blik op zijn gezicht zich een weg tussen de leerlingen baande en op zijn knieën zakte voor Emelie.
Ook professor Anderling had zich een weg gebaand tussen de leerlingen door en knielde naast het lichaam neer, ze pakte de pols van Emelie vast. "Ze leeft nog" fluisterde professor Anderling daarna verbaasd.
Onmiddellijk had Sneep met een ruk opgekeken naar Anderling en pakte voorzichtig Emelie 's pols van haar over. Hij hapte naar adem terwijl professor Anderling een brancard tevoorschijn toverde en Emelie met behulp van een zweefspreuk op de brancard legde.
En toen kwam u, en de rest van het verhaal weet u zelf."
Ik kijk op naar het schoolhoofd, die nadenkt over wat ik net gezegd had. "Ze is niet geduwd?" vraagt Perkamentus niet alleen aan mij maar ook aan mijn vrienden, te zien aan de richting waarin hij kijkt.
"Nee" antwoordt Hermelien, die voor de eerste keer haar mond open doet sinds we hier zitten.
"Jullie mogen gaan" zegt het schoolhoofd met een wuivend gebaar, snel staan we op en verlaten we het kantoor van Perkamentus.
Zonder wat te zeggen lopen we naar Griffoendor, en denk ik terug aan wat er was gebeurd toen Perkamentus bij het tafereel aankwam:
"Iedereen uit de weg!" brulde een zware stem, toebehorend aan het schoolhoofd. Iedereen ging zo snel als hij kan een paar stappen achteruit, net als hij zelf en zijn vrienden, Perkamentus liep naar de brancard. Toen hij bij de brancard kwam draaide hij zich om. "Jullie hebben hier niks te zoeken, nu wegwezen!" brulde hij. Alle leerlingen maakten zich zo snel als ze konden uit de voeten en renden naar de ingang van het kasteel, ook mijn vrienden en ik.
"Harry, mevrouw Griffel, meneer Wemel, onmiddellijk naar mijn kantoor, wacht daar op mij!" schreeuwde Perkamentus ons nog achterna. Dus even later stonden we voor het standbeeld dat ons de weg versperde naar het kantoor van het schoolhoofd, ik besefde op dat moment dat Perkamentus ons het wachtwoord niet had gegeven.
"We hebben het wachtwoord niet" zei ik tegen Ron en Hermelien. "Laten we gewoon wat proberen, snoepjes of lekkernijen waren het toch altijd?" zei Hermelien denkend. "Ja" had ik toen gezegd "suikerveren?".
Het was een poging, maar het was niet goed. "Knettersterren" zei Hermelien daarna, maar nog steeds bewoog het standbeeld niet. "Wat zijn dat?" vroeg ik aan haar. "O, dat zijn van die melkchocolade sterren die enorm knetteren in je mond, de naam zegt het eigenlijk al" antwoordde ze afwezig, waarschijnlijk dacht ze toen na.
"Kanariekano's" zei Ron plotseling. Meteen schoof het beeld uit de weg en werd de wenteltrap onthult die naar het kantoor van Perkamentus leidt, snel gingen we naar boven. "Waarom Kanariekano's?" vroeg Hermelien.
"Perkamentus is gek op de spullen van Fred en George" antwoordde Ron toen we het kantoor van het schoolhoofd binnenliepen. Op het bureau achterin de kamer stond nog steeds de hersenpan die Perkamentus en ik voor mijn extra les hadden gebruikt, Perkamentus had waarschijnlijk de nood nog niet gezien om het op te ruimen. Ron, Hermelien en ik namen plaats op de drie stoelen tegenover het bureau, en na een tijdje kwam het schoolhoofd binnen.
En die vroeg om wat we allemaal hadden gezien even eerder buiten, ik had mijn verhaal verteld, maar er delen uit gelaten. Ik had bijvoorbeeld niet vertelt over wat ik dacht even voordat Emelie sprong, ik dacht toen iets erg gemeens over Ron, omdat die me constant irriteert. Toen Sneep op zijn knieën viel had ik vol sarcasme gedacht dat er in die gevledderde vleermuis toch nog een hart zat, deels van steen.
Perkamentus heeft het namelijk niet graag dat er op die manier over de leraren gepraat wordt, vooral niet over Sneep. Omdat Perkamentus nog steeds stug beweert dat Sneep aan onze kant staat, ondanks zijn dooddoener verleden, hoewel ik er nog mijn twijfels over heb.
Ik heb laatst een boek gevonden, nou ja niet gevonden, meer onbewust gekregen. Want het was een toverdrankenboek met allemaal aantekeningen van de vorige eigenaar, waardoor ik nu de beste van de klas werd in toverdranken, tot groot ongenoegen van Hermelien.
Ik kreeg dat boek in een les die ingevallen werd door professor Hildebrand Slakhoorn, die eigenlijk onze toverdranken leraar had moeten worden, maar doordat Sneep toverdranken wilde blijven geven kregen we professor Clair Willows voor verweer. Sneep had de kans gehad Verweer te geven, maar had dat niet gedaan, geen idee waarom.
In ieder geval heb ik dat boek gekregen, en er staan ook handige zelfbedachte spreuken in. De vorige eigenaar van het toverdrankenboek had niet zijn echte naam in het boek geschreven maar 'de Halfbloedprins'. Dat is de reden dat we meteen aan Emelie dachten, maar die wist er niets van.
Vergeet niet te reviewen! Tips en tops altijd handig (dan weet ik wat er beter moet).
