Hoofdstuk 21: Lights of heart.

Sunni viel opnieuw aan, maar Marusta sloeg haar gauw weer naar achteren.

'is dat alles?': vroeg Marusta.

'echt niet freak': zei Sunni.

Ze hield haar zwaard boven zich, het zwaard werd verlicht, Sunni maakte met haar zwaard een gouden hart op de grond.

Het Hart ging omhoog en het zweefde naar Marusta.

Er verschenen soort tentakels die Marusta vast hielden.

'LIGHTS OF HEART!': schreeuwde Sunni.

Uit het hart kwam een grote krachtige straal en Marusta verdween in één klap.

De kooi waar de andere zaten verdween en Sunni's vrienden waren vrij.

'goed werk!': zei Iris en gaf Sunni een knuffel.

'ik had het zelf niet beter gedaan': zei Rio.

'NEE! HET IS NOG NIET OVER!': riep Arno en kwam tevoorschijn.

'wat moet je?': vroeg Yoh.

'ik ga wraak nemen': zei Arno.

'op je achterlijke meester?': vroeg Trey.

'nee, op jou Yoh': zei Arno.

'Ho eens effe, kunnen we het later doen?': vroeg Anna.

'hoe zo dat?': vroeg Len.

'omdat deze plek op het punt staat te begeven': zei Anna en wees naar een scheur in het plafond, die als maar groter werd.

'weg wezen hier': zei Yoh en ze renden naar de uitgang.

Toen ze er uit waren, zagen ze achter hun de grot in puin.

'en wat doen we nu?': vroeg Len.

'naar huis': zei Yoh.

Bij Yoh's huis, waar ze konden realexen.

Sunni en Yoh waren alleen in de achtertuin.

'je was geweldig tegen Marusta': zei Yoh.

'vond je?'; vroeg Sunni die voelde dat ze rood werd.

'ik meen het': zei Yoh.

'maar waar is Arno, hij zat nog in de grot en..': zei Sunni snel.

'wat maak dat uit': zei Yoh.

Wat ze niet wisten, was dat Anna uit het raam keek.

'ik ga even wat aardbeien plukken voor vanavond, dat is voor het vieren van onze overwinning': zei Yoh.

'oh, ik wil het wel even doen': zei Sunni.

'echt waar, je hoeft geen moeite te doen': zei Yoh die een mandje pakte.

'het is geen moeite, ik help….gewoon graag': zei Sunni en pakte het mandje en liep naar het bos.

Anna volgde haar.

Toen Sunni bij een struik was met verse aardbeien.

'denk maar niet dat Yoh op je valt': zei een stem.

'wie is daar?': vroeg Sunni.

'ik ben het': zei Anna en kwam uit de bosjes.

'wat bedoel je met Yoh?': vroeg Sunni.

'hij is echt niet dol op je als je dat denkt, hij doet het alleen voor de kick': zei Anna.

'hoe weet je dat?"; Vroeg Sunni.

'ik ben ook in zijn leugens getrapt, hij zei eens tegen me dat mij leuk vond, maar mooi van niet': zei Anna.

'wat gebeurde er?': vroeg Sunni.

'hij ging er over opscheppen dat hij een vriendin had, en daarna, na een paar dagen, dumpt hij gewoon': zei Anna.

'dat lieg je, Yoh is erg aardig': zei Sunni.

'oh ja, ik had gehoord dat hij je slap vond en dat je niets voorstelde': zei Anna.

'dat verzin je maar'; zei Sunni.

'echt niet, hij zei zo tegen Len en Rio: Sunni, praat me er niet over, ze is erg slapjes, en haar moeder is echt een gestoord mens, ik kan het weten, ik heb haar zelf ontmoet': zei Anna.

'dat…verzin je maar': zei Sunni.

'wat jij wil, maar mijn niet de schuld geven, als hij je dumpt en meer leugens over je verteld': zei Anna.

'wat voor leugens dan?': vroeg Sunni.

'je weet wel, je bent onaardig en je slaap nog met een stom knuffel beertje,en zo, hij is net een rodel gast': zei Anna.

Sunni werd er stil van.

'maar goed, ik zie je later wel': zei Anna en liep weg.

Sunni plukte wat aardbeitjes en liep terug. Ze zag Yoh praten met Mayu.

Sunni liep naar hem toe.

'Sunni, je bent er': zei Yoh.

Sunni duwde de mand met aardbeien in Yoh's handen en liep zonder wordt weg.

'Sunni wat is er?': vroeg Yoh en liep naar Sunni toe.

'niets laat me': zei Sunni zonder hem aan te kijken.

'weet je het zeker?': vroeg Yoh.

'ja ik weet het zeker, ga maar weer roddelen': zei Sunni.

'waar heb je het over?': vroeg Yoh.

'OVER JOU, IK HB HET WEL GEHOORD, MIJN VENERDEREN IS ÉÉN DING, MAAR MIJN MOEDER BELEDIGEN, DAT HAD IK NIET VAN JE VERWACHT!': schreeuwde Sunni naar Yoh.

'Sunni, ik heb je moeder niet beledigd': zei Yoh.

'ik ben jou leugens zat Yoh, Vertel mij eens de waarheid': zei Sunni boos.

'ik vertel je de waarheid': zei Yoh.

'natuurlijk vertel je de waarheid': zei Sunni.

'oh ja?': vroeg Yoh.

'nee, je liegt alweer': zei Sunni.

'luister Sunni, ik heb niets met roddelen of je moeder, waarom denk je dat?': vroeg Yoh.

'oh, ga fietsen': zei Sunni kwaad en liep weg.

'wat is er aan de hand Yoh?': vroeg Anna die naar Yoh liep.

'niets, Sunni werd erg boos': zei Yoh.

'ach, wat jammer, het blijft natuurlijk een vreemd meisje': zei Anna.

Yoh liep weg.

Anna liep met een brede grijns terug binnen maar ze werd opgehouden door Mayu.

'en waar door ben jij zo vrolijk?': vroeg Mayu.

'hoe bedoel je': zei Anna die stopte met grijnzen.

'het lijkt wel of je blij bent dat Sunni en Yoh ruzie hebben'; zei Mayu.

'schei toch uit': zei Anna en liep er langs.

Mayu keek haar na.

'ik voel onrecht in het spel': zei Tamika.

'je heb gelijk, het is hier niet pluis': zei Mayu.


BLIJF R&R