Finale


D4 – Jenna McCoy POV – Dag 11 en Dag 12 – Begint middernacht van 11

Het volkslied rukt me ruw uit mijn slaap en ik pers mijn lippen stevig op elkaar om een geluid van pijn te onderdrukken. Heel mijn lichaam klopt van de pijn, en elke beweging die ik maak verveelvoudigd de pijn. Dat is alles wat ik voel.

Pijn.

"J-Jenna? Hier, d-drink wat." Thomas zit alweer naast me, veldfles in de hand. Met mijn goede hand pak ik de volle veldfles zo ruw als ik kan van hem af en neem een flinke teug. Dan smijt ik het weg en verplaats me moeizaam naar de ingang van de grot. Met mijn rug leun ik tegen de rotswand.

Ik moet zien wie er dood zijn.

De eerste foto, oh de eerste foto. Ik grijns, ik lach, ik laat me gaan. Mijn gestoorde lach weerklinkt door de jungle.

District twee, Zac Davids.

"Dacht dat je zo sterk was hé!" schreeuw ik door de avondlucht heen. "Je hield het nog geen dag vol zonder mij! Geen dag! Er is maar één iemand die deze spelen gaat winnen, en dat ben ik!"

Pas als zijn foto verdwijnt, bedaar ik enigszins. Zac Davids dacht dat hij zo geweldig was, maar nu ligt zijn lijk weg te rotten.

De tweede tribuut die dood is, is Levi Tej, district drie. Als het aan mij lag, had zij al veel eerder dood moeten gaan. De laatste acht is geen plek voor een zielig district drie tribuutje van dertien jaar.

District acht, Jade Lammourgy. Het arrogante kind dat duidelijk dacht dat ze beter was. Eindelijk heeft dat kreng d'r verdiende loon gekregen. Altijd aandacht vragen, dat deed ze. Altijd.

Dan, de foto van Senia Yule uit district negen. Op de foto heeft ze een geharde blik. Jammer dat ze uit een laag district kwam. Ze kijkt als een beroeps.

En dat zijn de vier doden van vandaag. Nog vier over.

Ik, Thomas, Jones uit district twaalf en Mayon. Ik bal mijn vuisten. Mayon is een vuile verrader en hij hoort in de grond te liggen.

En dan Jones. Die ben ik ook niet vergeten. De klootzak die de deur voor mijn neus dichtklapte in het Capitool. Niemand klapt de deur voor mij dicht. Hij zal het bezuren dat hij dat ooit heeft gedaan.

Ik haal mijn blik van de nu lege lucht en kijk naar Thomas. Hij kijkt strak terug met een lichte frons op zijn voorhoofd. Zijn blik is onzeker.

Ik lach kort zonder humor.

"Dat zo'n zielig tribuutje als jij het tot de laatste vier heeft gehaald moet de grootste grap van het jaar zijn."

Zijn mondhoeken gaan iets omhoog.

"Daar h-heb je g-gelijk in. En jij d-dan?"

"Ik ben ervoor geboren," grijns ik koud. "Dit is waarvoor ik leef."

"Ik k-kan maar niet b-begrijpen waarom j-je je vrijwillig zou s-stellen. Waarom z-zou je dit j-jezelf aan willen d-doen?"

"Natuurlijk begrijp je dat niet," snauw ik. "Jij komt niet uit een beroepsdistrict. Wij beroeps zijn als winnaar van de Hongerspelen opgeleid. Jullie... jullie arme tributen maken jullie district ten schande. Jullie zijn zwak."

"En t-toch zit ik b-bij de laatste v-vier."

"Dat heb je niet aan je vaardigheden te danken."

Het blijft even stil, tot Thomas opstaat en dieper de grot in gaat om te gaan slapen. Ik blijf nog even zitten.

Langs de waterkant glimt er iets.

Ik wacht nog even tot Thomas goed en wel slaapt en met behulp van de rotsen krijg ik het voor elkaar om recht op te staan. Voorzichtig zet ik de eerste paar stappen. Ik dwing mezelf te kunnen lopen. Ik moet deze spelen winnen, dat moet gewoon. Dus ik dwing mezelf de pijn te negeren. Als ik heb gewonnen lappen ze me wel weer op in het Capitool.

Thuis, in training, leer je al snel pijn te negeren. Je stelt het uit tot nadat je je doel hebt bereikt. Het doel dat op het moment de spelen winnen is, maar eerst moeten de andere tributen dood. Jones, Mayon, Thomas...

Thomas...

Ik zak op mijn knieën bij de waterkant en graaf uit wat er glimt. Het is een mes, nog over van mijn gevecht met Shayna. Met mijn shirt maar ik het enigszins schoon.

Voor een jongen die niet dom is heeft Thomas zich uitermate dom gedragen.

Zachtjes, zonder al te veel geluid, loop ik terug naar de grot en ga ik naar binnen. Thomas ligt op zijn rug met zijn arm over zijn ogen geslagen te slapen. Perfect.

Zonder hem aan de raken ga ik boven zijn middel zitten, met mijn knieën aan beide zijdes van hem. Ik grijns.

"Oh, Thomas!" zing ik. "Wakker worden liefje!"

"W-wat?" hoor ik hem. Slaperig haalt hij zijn arm weg en kijkt me aan. Ik heb het mes met beide handen vast en houdt het boven hem. Zijn ogen stralen een enorme doodsangst uit.

Met een enorme kracht haal ik het mes naar beneden.

Keer op keer op keer. Nog lang nadat ik zijn kanonschot al heb gehoord.


D12 – Jones Lochtarius POV – Dag 11 en Dag 12 – Begint middernacht van 11

Rond middernacht galmt het volkslied door de arena en zie ik de foto's van de overleden tributen boven mij. Zac Davids uit district twee, de beroeps die bij het feestmaal ons allemaal op stond te wachten. Ik frons mijn voorhoofd. Ik had niet gedacht dat hij dood zou gaan. Dan zie ik Levi's foto. Ik kijk weg en haal een hand door mijn warrige bruine haar dat duidelijk een wasbeurt nodig heeft. Pas als de foto van Levi weg is durf ik weer omhoog te kijken. Die meid van district acht staart me met haar blauwgrijze ogen aan. En dan Senia Yule, district negen. Mijn slachtoffer. Maar op haar foto heeft ze geen zachte ogen zoals Levi en Jade, nee, op haar foto heeft ze dezelfde ogen als Zac. Afstandelijk en gehard.

Het volkslied sterft weg en de foto verdwijnt, waardoor de nachthemel weer terug is. De vogel zit nog altijd rustig op mijn schouder.

Na het feestmaal vandaag was ik uitgeput in slaap gedonderd, wat er voor zorgt dat ik nu goed uitgerust ben. De zak met het nummer twaalf erop ligt nog ongeopend naast me. Ik zucht en pak het toch op.

Het is een klein zakje. Nieuwsgierig doe ik het open en houdt het op zijn kop boven mijn hand. Een klein stuk donkergroen glas valt eruit met een soort raar metaal erboven. Het duurt even voordat ik begrijp wat de bedoeling is.

Ik haal mijn beschermende bril voor mijn ogen vandaan en bekijk het stuk glas met het metaal nog eens. Achter het metaal zit een soort klem. In één keer weet ik het op mijn bril te zetten, zodat een glas met het donkergroene glas bedekt is. Ik zet de bril op mijn hoofd.

Met mijn rechteroog zie ik normaal, maar met mijn linkeroog, waar het donkergroene glas zit, heb ik nachtvisie. Het zal handig zijn. Ik had ook niet geweten wat er voor mij in dat tasje zou zitten. Ik heb te eten, drinken, een wapen. Daarnaast zullen de spelen niet lang meer duren.

Ik klim op een hogere rots en kijk over de woestijn uit. Ik zie geen beweging, en dus is er geen tribuut. Ze zullen wel allemaal in de jungle zitten.

Ik ga op de rots zitten en blijf naar de jungle kijken. Slaap heb ik niet meer.

Ik moet daar zeker een uur gezeten hebben voordat ik iets hoor. Een kanonschot.

Jenna, Mayon of Thomas?

Mijn gok is Thomas, maar als het Jenna en Mayon waren die tegen over elkaar zouden staan... Mayon is qua fysiek sterker dan Jenna, maar dat maakt ze helemaal goed met een flinke dosis gestoordheid.

Ik schrik me dood als ik iets in mijn ooghoek zie bewegen. Zonder nachtvisie zou ik het niet gezien hebben, maar nu wel.

Ranken klimmen de rots op waar ik zit. Alsof ik gestoken ben schiet ik overeind op mijn benen. Ik sta op de hoogste rots en kan niet overspringen naar andere rotsen. Ik zit vast. De vogel zet zich af van mijn schouder en vliegt met klappende vleugels weg.

Aan alle kanten komen ranken omhoog die wild naar met enkels grijpen. Ik schop ze weg, hak ze weg met mijn zwaard, maar al snel komen ze nog hoger en weten ze zich om mijn benen heen te wikkelen, en dan mijn middel, mijn polsen, mijn nek... al snel wordt ik naar beneden gesleurd.

En dan proef ik iets zoets, iets... slaperig...

Zwart.


Ik word wakker op een warme grond in een benauwde, vochtige omgeving. De plek waar ik bijna heel de spelen heb verbleven.

De jungle.

Alert sta ik op en scan mijn omgeving. Er is niets te zien, maar ik vertrouw het voor geen cent. De spelmakers willen deze spelen eindigen en aangezien de laatste twee tributen waarschijnlijk in de jungle zitten, heb ik een gevoel dat ze het nu willen eindigen.

Ik grijp mijn zwaard dat aan mijn heup hangt en pak het stevig vast. Het is nog midden in de nacht, de ochtend van dag twaalf. Het is pikkedonker.

Wat ben ik blij met mijn nachtvisie nu.

Het is doodstil in de jungle, een bedrukkende stilte. De vogel die wegvloog bij de rotsen heeft me bijna de gehele spelen achtervolgt. Het is apart om nu echt alleen te zijn.

Het blijft doodstil, maar dan hoor ik het geluid van kabbelend water. Voordat ik naar het feestmaal was gegaan, had ik mijn water opgedronken. Zonder al te veel geluid te maken, loop ik die kant op, nog steeds gespannen als een snaar.

Met mijn mond trek ik mijn vingerloze handschoenen uit als ik het kleine, heldere beekje bereik en leg mijn zwaard en handschoenen naast me neer. Met mijn handen maak ik een kommetje en drink gretig het koele water. Ik houdt geen moment mijn ogen van mijn omgeving.

"OH MAYON! OH JONES!"

Ik grijp onmiddellijk naar mijn zwaard en loop achteruit, aandachtig luisterend waar het geluid vandaan komt.

"KOM DAN! IK WIL SPELEN!"

Het komt van de andere kant van waar ik vandaan was gekomen. Dat is niet het enige waar ik achter kom. Ik herken de stem als de stem van Jenna McCoy, district vier. De gestoorde beroeps.

Ik hou mijn kalmte en loop heel stil rustig terug naar de richting vanwaar ik kwam. Mijn ademhaling hou ik stevig onder controle. Als ik die verlies, kan ik het wel vergeten. Een blad van een varen strijkt langs mijn linkerhand.

Mijn ontblote linkerhand. Mijn handschoenen! Ik voel het bloed letterlijk uit mijn gezicht wegtrekken.

"JE BENT WAT VERGETEN! KOM HET MAAR HALEN!"

Een hoog kakelend gelach volgt, en dan hoor ik bladeren ruisen, dan het geluid van iemand die door water rent.

Met wijd opengesperde ogen zet ik het op een rennen.

Verkloot mijn ademhaling, ik moet wegkomen! Hijgend dwing ik mezelf ver van haar weg te rennen. Ik spring over takken heen, sla bladeren weg en ontwijk wortelen die uit de grond omhoog komen. Het bloed bonst in mijn oren.

Ik reken mezelf niet als een lafaard, maar die Jenna is hem compleet geflipt en die kom ik nu niet graag tegen.

Hoog boven me hoor ik het geluid wat de vogel die me altijd volgt maakt. Het is op een vreemde manier een geruststelling dat hij er weer is. Ik ren nog een tikje harder.

"MAAR LIEFJE! IK WIL ALLEEN JE HANDSCHOENEN BRENGEN!" zingt ze van vlak achter mij.

Je mag ze houden, denk ik paniekerig.

Voor me zit een enorme kloof in de grond en met een adrenaline kick spring ik erover heen. Aan de andere kant kom ik met een klap op mijn rug neer op de grond. Ik kom overeind en kijk naar achteren.

Langzaam maar zeker komt het geruis van aan de kant geduwde bladeren dichterbij tot uiteindelijk Jenna te zien is. Met een gestoorde grijns. Met een bebloed gezicht. Met mijn handschoenen.

Ze houdt ze trots omhoog.

"Je moet ze niet zomaar laten slingeren, hé!" verteld ze me. Even denk ik dat ze de sprong gaat maken, maar ze stopt bij de rand. Als een wild beest ijsbeert ze terwijl ze me de gehele tijd aankijkt.

"Ik hoef ze niet meer," zeg ik. Godzijdank klinkt mijn stem vast en sla ik niet over. Het angstzweet staat op mijn rug.

Ze stopt met lopen en kijkt naar beneden, de kloof in. Ze slaakt een klein lachje en gooit de handschoenen met een zwierige zwaai naar beneden. Met een doffe plof komen ze neer. Met een enorme grijns kijkt ze me weer aan.

"Nu moet je ze gaan halen, Jones. De afgrond in!" Ze zingt de laatste zin luid uit.

Ik wil me van haar weg draaien en weg rennen, maar doe het niet.

Nachtvisie, het is onbetaalbaar op het moment.

Aan mijn andere kant zie ik Mayon. Hij staat achter een boomstam verscholen en kijkt stilletjes toe. Het betekent dat ik op het moment aan elke kant een beroeps heb staan.

Verdomme.


D4 – Mayon Dade Grenton POV – Nacht van dag 11 op dag 12

Stil staar ik voor me uit. Ik zit tegen een boomstam aan de rand van de jungle, met zicht op de woestijn. Ik voel me leeg, koud en moedeloos.

Een kanonschot geeft aan dat iemand is overleden. Ik geef er weinig aandacht aan.

In stilte blijf ik zitten.

Ik weet niet hoelang ik daar nog zit, maar ik zie na een tijdje iets zilverkleurigs in de lucht. Een parachute. Ik heb een sponsor.

Ik kan er weinig enthousiasme voor opbrengen, of dankbaarheid. Ik open het kleine pakketje dat letterlijk in mijn handen valt. Er zit een broodje in.

Het brood van district acht.

Een scherpe pijnscheut van verlies schiet door mijn borstkas en voor een moment knijp ik mijn ogen stevig dicht.

Als ik ze weer open kijk ik naar het brood. Het is plat en rond met verschillende kruiden erop en hard trek ik het brood uit elkaar. De binnenkant is zacht, de buitenkant knapperig.

Hap na hap neem ik, maar het smaakt als as in mijn mond. Mijn kaken doen het werk wel, maar het gaat helemaal automatisch. Als er nog één vierde over is, krijg ik het niet meer naar binnen. Het ligt als schuld zwaar in mijn maag.

Het overgebleven stuk leg ik naast me neer en met gesloten ogen rust ik mijn hoofd tegen de boomstam. Wanneer ranken zich om mijn enkels en polsen wikkelen, stribbel ik niet tegen.


Mijn longen vullen zich met vochtige lucht. Mijn omgeving is, niet heel verrassend, de jungle. Waar waarschijnlijk de twee andere tributen zich nu schuilhouden. Na ja, schuilhouden...

"Nu moet je ze gaan halen, Jones. De afgrond in!" Hoor ik Jenna zingen. Ik zucht. Ik snap me god niet waarom zij gewoon nog niet dood is.

Zonder al te veel geluid te maken kijk ik naar waar het geluid vandaan kwam. Het eerste wat ik zie is Jones's bezwete rug. Als ik verder doorkijk, kan ik net een kloof ontdekken. Er staat een figuur aan de andere kant die ik in het donker niet kan uitmaken, maar de stem was al herkenning genoeg.

Jones en Jenna.

Dan draait Jones zich om en kijkt mij recht aan. Ik hoop met heel mijn hart dat de boomstam waarachter ik sta me genoeg dekking geeft om niet gezien te worden, maar de blik van herkenning is duidelijk genoeg. Ook de blik van totale paniek. Bevroren blijft hij staan.

Lang genoeg voor Jenna om over de kloof heen te springen. Het geluid van een gebroken nek is onmisbaar. Dat van een kanonschot ook.

Grijnzend draait Jenna zich mijn kant op.

"Oh Mayon! Jij knappe verrader, kom eens van je plek af! Je mag meespelen!"

Zonder knikkende knieën kom ik achter de boomstam vandaan en pak mijn zwaard dat aan mijn heup hangt. Jenna pakt die van Jones en schopt zijn lijk aan de kant. Alsof het niets is dan een zak meel.

Stoïcijns kijk ik de grijnzende beroeps aan.

Ze valt als eerste aan. Het is net als bij Zac. Jenna valt aan, ik weer af. Ik val aan, Jenna weert af. Behendig weet ik telkens opzij te springen. Al snel zie ik de lelijke wond die ze op haar hand heeft. De hand die het zwaard vasthoudt.

Grote fout.

Ik weet het zwaard uit haar handen te slaan en houdt de punt van mijn zwaard bij haar keel.

"Niet zo groot meer nu."

Ze perst haar lippen stijf op elkaar en duikt in een keer weg. Met een enorme vaart weet ze een mes in mijn zwaardhand te krijgen. Het mes heb ik nooit gezien.

"Met de groetjes van Shayna," grijnst ze. Ze draait het mes pijnlijk in mijn hand en mijn zwaard valt hard op de grond. Ze pakt mijn zwaardhand vast en drukt het keihard naar achteren, zodat mijn knieën het begeven en ik op mijn rug op de grond terecht kom. De gehele tijd heeft ze een gestoorde blik in haar ogen.

Achter haar zit de afgrond.

Met alle kracht in mijn lijf ruk ik me los uit haar greep en trek mijn benen op. Dan zet ik me af.

Tegen haar.

Het laatste wat ik van haar zie is haar grijns voordat ze in de afgrond valt. Nog geen seconde later hoor ik een luide krak. Dan een kanonschot.

De laatste deze spelen.

Voorzichtig kruip ik naar de rand van de afgrond en waag een blik naar beneden. Jenna ligt in een rare houding op de bodem van de afgrond, met haar rug op een rots. Naast haar liggen Jones's handschoenen.

"Dames en Heren," klinkt de stem van Claudius Templesmith door de arena. "Ik presenteer u de winnaar van de 91ste Hongerspelen, Mayon Dade Grenton uit District Vier!"


AN: Ik heb het af.. ik ben even in lichte shock nu haha Na twee jaar heb ik het af.

Ja, Mayon was gewoon de winnaar. Ik heb bepaalde dingen terug gelezen, en hij had alles vanaf het begin af aan al door. Jenna is trouwens echt helemaal geflipt dit hoofdstuk haha was erg leuk om te schrijven xD Sponsor van Mayon was Jade Lammourgy

Allereerst wil ik iedereen ontzettend veel bedanken voor alle leuke reacties! En wow, sommige hebben het gewoon echt gevolgd vanaf het begin 0.o Jullie zijn echt de reden dat ik dit af heb gekregen. Zo blijf ik gemotiveerd!

Waarschijnlijk komt er na dit hoofdstuk nog een hoofdstuk met daarin het interview. Misschien de zegetoer en meer. En Mayon komt terug als mentor in de 92ste spelen ;) haha Er zijn daar nog 3 plekken over om je in te schrijven. Je mag 2 tributen per persoon nu.

Ik ga morgen ( of vandaag, aangezien het tien over half vier in de nacht/ochtend is...) op vakantie en wilde toch nog even updaten.

Ik kan nog steeds niet geloven dat ik het af heb.

xxx MyWeirdWorld