Twintig: de meest gebruikte kleur op het web is grijs

'Denk je dat we er goed aan hebben gedaan om haar het originele werk te geven?' Jony was bezig met de uitgebreide lunch die bestond uit een salade die hij had bedacht voor zijn moeders restaurant en hij keek hoofdschuddend naar Damon. 'Wat is er, mis je de huiselven nu al?' De grijns op Jony's gezicht viel weg toen hij Damons gezicht zag.

'Daar heb ik jou toch voor aangeschaft?' beet de onrustige man hem toe.

'Och och!' was Jony's antwoord, die met een hand naar zijn beste vriend zwaaide op een nonchalante manier, 'Mis je iemand?'

'Jony, luister!' Hij wees met een dreigende vinger naar de - nu weer - goedlachse man, die mompelde 'doe ik', 'ze zijn er de hele dag mee bezig geweest en volgens mij ook nog in de avond. Ze zeggen niets en durven bijna niet ons aan te kijken als ze in dezelfde ruimte zijn. Ik wil antwoorden, ik wil kunnen handelen!'

Twee zwarte kandelaars, met grijze kaarsen, die Lise de avond van tevoren zorgvuldig op tafel had gezet, begonnen te trillen en Jony voelde Damons magie tekeer gaan. Hij was niet de enige die hierop reageerde en voordat Jony het wist, stonden Michael en Nathan voor hem.

Michael, die net terug was van zijn nachtdienst, keek hem met vragende ogen aan, terwijl Nathan zijn staf al had getrokken.

'Wat is er?' Nathan bekeek de kamer en zag dat er niets aan de hand was. Door Michaels aanwezigheid kalmeerde Damon sneller dan normaal en wierp hij een boze blik op Nathan.

'Ik eis een antwoord.' De woorden waren zorgvuldig gekozen en werden ferm uitgesproken met een nadruk op 'eis'. Damon was op dit moment alles behalve schappelijk en dit was de zakelijke kant, die zijn vrienden het liefste niet zagen.

'Dat kunnen wij je zo geven!' De twee kruisten blikken en Jony ging onverstoord verder met de tafel en Nathan liep hoofdschuddend terug naar de studeerkamer.

'Eerst eten!' was Michaels gedempte antwoord, zijn stem was nauwelijks hoorbaar door de dikke tussenwanden, maar het was duidelijk dat hij er een lange dienst op had zitten.

'Lise, lieverd?' Michael klonk vermoeid, iets dat ze nauwelijks registreerde.

'Ik kom er zo aan, Michael!' Ze hoorde haar broer maar half, terwijl ze in Nathans ogen staarde.

'Mijn liefste.' Nathan hield haar in zijn armen en hij mompelde lieve woordjes in haar oren terwijl zijn lichte, bijna witte handen over haar haar streelden.

'Het is zo ingewikkeld!'

'Echt?' Hij keek haar met een glimlach aan en ze bekeek hoe zijn grijze haar in plukken voor zijn gezicht vielen. 'Volgens mij heb je zojuist het antwoord gevonden!'

Het scherm voor haar neus flikkerde van kleur en de grijze kaars die Nathan op haar bureau had gezet, 'waaide' uit. Er was een naam op het beeldscherm verschenen en Lise bekeek het met een verbaasde blik.

'Wie is Joseph van den Bergh?'

Het bleef even stil in de ruimte en ze hoorde Nathan zuchten; hij zei verder niets maar ze voelde een trilling in zijn liefkozingen terwijl hij diep in en uit ademde.

'Dat is Jony's broer!'

'Jony?'

'Jonalias en Joseph van den Bergh; de één is een krachtige, sterke tovenaar, terwijl de ander bijna voor een Snul werd aangezien. Op de een of andere manier heeft hij het Jony nooit vergeven dat hij beter was, ondanks dat ze een identieke tweeling zijn.' Nathans' stem trilde en hij liet Lise los. Het gevoel van leegte omarmde haar direct, een gevoel waar ze niet tevreden over was. 'Zullen we maar gaan eten, dan zeggen we het ze daarna wel.' Nathan leek haar ongemak te voelen en reikte zijn hand uit.

'Oké...' Lise knikte en accepteerde Nathans hand terwijl hij een zoen op haar wang plantte.

'Sorry, mijn liefste, sorry,' fluisterde hij in haar oor. Lise voelde de warmte die Nathan verspreide weer dichterbij komen en was even in gedachten verzonken, genietende van dit moment, voordat ze antwoordde: 'Waarvoor?'

'Voor de familieruzie waar je dadelijk in terecht gaat komen.'

Het was stil, te stil voor Jony's doen, aan tafel en hij keek zijn oude en nieuw verworven vrienden één voor één langzaam aan; zijn duistere broer, zijn beste vriend ter wereld en diens nieuwe, excentrieke geliefde waarna zijn blik op de huisarts, Michael bleef hangen. Michaels magie was altijd zo aanwezig maar tegelijkertijd ook zo afwezig dat Jony het niet meer kon voelen, waarschijnlijk vanwege Damon. Jony was beroemd om zijn magie-experimenten waarbij hij mensen van precies hetzelfde kaliber naast elkaar kon zetten. Hij had nog nooit iemand gevonden die Damon evenaarde, maar hij verwachtte ook niet dat hij snel iemand zou vinden die de man te snel af zou zijn, laat staan sterker. Draco had het vaker geprobeerd en ondanks diens ervaring in de Grote Oorlog en training met Potter, was Damon hem nog steeds de snel af.

Jony schudde zijn hoofd en wreef even door zijn ogen; hij had andere dingen te doen dan te mijmeren over het verleden, hij wilde zijn broer het zwijgen opleggen, gewoonweg omdat het kon en zorgen dat zijn irritante spiegelbeeld hem niet meer lastig zou vallen.

'Iedereen klaar?' vroeg hij met een gemaakte lach op zijn gezicht, hij was meer bezig met zijn plannen om de wereld te ontdoen van een zeker persoon dan met het eten waar hij met veel liefde aan had gewerkt en dat leek ook voor Nathan en Damon te gelden. De enige twee die iets trek bleken te hebben, waren de broer en zus.

'Ja, ik denk het.' Nathan keek hem met zijn dromerige blik aan, die hij had geperfectioneerd als hij complotten vond in Zweinstein tussen leerlingen en professoren.

'Dan ruim ik af.' Jony's hand vond zijn staf binnen enkele seconden en met een zachte 'plof' verdween alles, marcherend, naar de keuken.

'Ik eis antwoorden.'

Damon leek geen zin meer te hebben in thee, mijmerde Jony nu met een glimlach en hij wees met een overdreven gebaar naar de zitkamer van de Versachers.

'Zullen we de bevindingen van Lise en Nathan bespreken, onder het genot van een kopje thee?' Hij hervond zijn normale enthousiasme en wierp Damon met grote ogen een kushandje toe.

'Waar jij zin in hebt,' was het antwoord van Damon, terwijl Michael naar het drankkabinet was gelopen en drie tumblers vulde met whiskey. Hij nam een sherryglaasje uit de kast en zocht met zorg een fles jenever uit en schonk een glas in voor Lise.

'Ik denk dat ik meer behoefte aan iets sterkers heb, maar misschien wil je Nathan iets anders voorschotelen?' De arts was eraan gewend geraakt dat Nathan normaal gesproken niet dronk, maar de grijze tovenaar verbaasde hem door met een knik van zijn hoofd te wijzen naar de fles port die Michael had staan.

'Als je het niet erg vindt, een port vind ik soms wel lekker!'

Nathan glimlachte en overhandigde Damon, die de persoonlijke ruimte van zijn geliefde had opgezocht, twee glazen whiskey; één voor hemzelf en eentje voor Damon, terwijl Michael Jony zijn glas aanreikte, nam Lise vlug de twee sherryglaasjes van hem over.

'Zeg broertje, op een doordeweekse dag aan de alcohol? Heb je zo'n slechte dag gehad?' de opmerking was bedoeld als een grap, maar de opmerking bleef hangen in de lucht en Michael knikte alleen maar, terwijl hij samen met Damon plaats nam op de grote bank. Nathan trok Lise snel naar zich toe voor de loveseat en Jony had het zichzelf al gemakkelijk gemaakt op de donkergroene, comfortabele leunstoel. Damons blik was nog steeds niet veranderd, maar hij legde zijn rechterarm om Michael heen, terwijl deze langzaam tegen hem aanleunde. Nadat niemand er iets van zei, zag Lise dat haar broer voor het eerst in jaren echt ontspande en zijn ogen even sloot, terwijl hij genoot van een slok whiskey. Het bleef een tijdlang stil in de ruimte. Hoewel iedereen wist dat er meer op het spel stond dan ruzie of een klein gevecht, wisten de tovenaars en hun gezellen ook dat ze deze tijd samen nu nodig hadden; de hele tovenaarsgemeenschap stond namelijk op het spel.

Niemand anders dan Jony kon de stilte zo goed verbreken en hij keek apprecierend naar Michael. 'Voor een arts die normaal gesproken zo gezond leeft, heb je wel zeer goede whiskey in huis, man.' Zijn standaard glimlach was terug op zijn gezicht en hij knikte nogmaals, 'het kan zelfs tegen firewhiskey op!'

Michael schudde zijn hoofd en glimlachte, terwijl hij een grote slok nam. 'Ik had het gevoel dat wij het nodig hadden en ik al helemaal. Het valt opeens allemaal zwaar.'

'Niet opeens.' Damon liet het laatste woord in de lucht hangen en schudde zijn hoofd, het leek bijna alsof hij het niet wilde zeggen, nu Michael naast hem zat.

'Als ik niet beter wist-' begon Michael, maar hij maakte zijn zin niet af omdat Nathan hem onderbrak.

'Laat ik het zo zeggen,' begon Nathan, 'ik zou, als ik hen was geweest,' hij wees nu naar Lise en Michael, 'ook enorm zijn geschrokken als ik hoorde dat tovenaars bestonden en dat je met een toverstaf werkelijk kunt toveren of het feit dat wij werkelijk op bezemstelen vliegen! Vooral als ze dan opeens in je huis zitten en de potten en pannen in het rond laten cirkelen alsof het niets is.'

'Gelukkig wist ik iets beter, maar ik had nooit gedacht dat die oude volks- en familieverhalen waar waren. Voornamelijk niet omdat het altijd rond ons huis draaide. Ik besefte pas dat het echt was toen ik met Nathan in contact kwam.'

'Jullie huis is doordrongen van magie, zeer oude en zwarte magie!' Het was opvallend niet Damon die deze woorden uitsprak, maar Jony. 'Mijn familie staat niet zo hoog aangeschreven als die van Damon, maar de familie Van den Bergh is wel al heel oud,' Damon zei niets en knikte terwijl Jony een slok van zijn whiskey nam; het was duidelijk dat hij hen iets wilde vertellen. 'Een bepaalde tak van mijn familie is ooit onterft, aangezien ze teveel met Dreuzels - niet magische mensen - omgingen en daar zijn ook enkele Snullen uitgekomen. Deze mensen hebben veel politieke invloed in de Dreuzelwereld gekregen en door de jaren heen hielden de familieoudsten wel contact met hen, voornamelijk omdat er hier en daar een enkele tovenaar of heks opdook en wij hen bewust moesten maken van de invloed van magie, maar voornamelijk van het Statuut van Geheimhouding.' Jony ademde langzaam in en uit en dronk snel nog een slok van zijn whiskey voordat hij verder ging.

'Zoals Jony en Damon weten, heb ik een tweelingbroer; Joseph van den Bergh.' Op dit punt keek Lise verbaasd naar Nathan, die zijn hoofd kort schudde, waardoor er enkele donkergrijze plukken voor zich gezicht vielen, die zij vlug achter zijn oor duwde. 'Mijn broer en ik waren vroeger onafscheidelijk, hij had nooit een groot magisch aura, maar hij hield van toverdranken en was goed in Runen. Tot ons vierde jaar op Zweinstein, waren wij de beste vrienden; in dat jaar heeft hij mij verraden door bij een groep te gaan die het tegenovergestelde van de laatste Duistere Heer wilde. Joseph bleek namelijk maar net sterker te zijn dan een Snul en was de traagste in ons jaar. Ik hielp hem zoveel als ik kon, maar hij heeft het mij nooit vergeven dat ik zo sterk was. Hij beschuldigt mij er tot op de dag van vandaag van, dat ik zijn magie heb gestolen als baby.' Jony fluisterde bijna en schudde zijn hoofd.

'Iets dat compleet flauwekul is!' Damon zette zijn glas terug op het glazen tafeltje naast hem en trok Michael onbewust dichter naar zich toe, 'Je wordt geboren met een magisch aura en daarmee ga je ook dood. Het kan niet groter worden gemaakt door energie te stelen, je kunt alleen energie van anderen gebruiken. Dat is iets dat veel Duistere Heren deden.'

'Correct.' Nathan keek Lise aan en maakte een begin aan zijn verhaal, 'Om Elisabeth - hierbij ontving hij een por van haar in zijn zij - en Michael te helpen; de groep waarbij Joseph zich heeft aangesloten, is een groep die alle Puurbloedtovenaars wilt uitroeien, omdat zij zich minderwaardig voelen. Aangezien de familie Van den Bergh een gerespecteerde familie is onder de Puurbloeden, willen zij niets liever dan Jonalias onterven of vermoorden, zodat Joseph de familietitel kan opeisen.'

'En Damons familie dan?'

'Dat durven ze niet.' Damon glimlachte donker, 'Mijn familie is één van de oudste families en wij zorgen altijd voor meer dan één erfgenaam. Mijn oudste broer heeft al één zoon en twee dochters, dus hoef ik mij geen zorgen te maken. Nee, Joseph wil invloed, invloed in de Wikenweegschaar en dergelijke. Invloed, omdat hij denkt dat hij dan iets kan in deze wereld.'

'Ben je dan niet bang?'

'Bang voor wat, Lise? Bang dat mijn broertje achter mij aankomt?' Hij grinnikte; 'Daarvoor heeft hij het lef niet!'

Lise en Nathan keken elkaar aan en Nathan zuchtte.

'Je hoeft het niet te zeggen, Nathan, ik weet waar dit naartoe leidt!'

'En dan blijf jij zo rustig?' De ogen van Damon schoten vuur en hij liet zijn rechterhand omlaag vallen, zodat zijn staf in zijn hand gleed.

'Damon, alsjeblieft!' Jony zat met zijn ellebogen op zijn knieen en draaide met zijn hand cirkeltjes in de lucht, 'ik wist het pas vanaf het moment dat die twee - hij wees naar het koppeltje op de loveseat - het antwoord wisten. Nathan kan zijn hoofd zeer goed beschermen, maar Lise heeft de afgelopen tijd aan niets anders gedacht dan dat!'

'Jij zit in mijn hoofd!' Lises ogen verschoten van kleur en haar ogen leken nu groen, een kleur die Michael associeerde met gevaar; haar ogen waren altijd groen wanneer ze boos was. Hij hield van haar wisselende oogkleuren, maar hij merkte dat Jony er lichtelijk ongemakkelijk van werd.

'Nou, nee!' hij hief zijn armen in de lucht. 'Jouw gedachten zijn soms zeer intens, daar kan ik niets aan doen.'

'Lise, Jony!' Michael greep in en keek zijn zus doordringend aan, 'Focussen alsjeblieft!'

'Laten wij het onderwerp veranderen,' Damon streek onbewust over een plooi van Michaels hemd, terwijl Lise boos in Nathans armen terugviel en haar ogen samenkneep. 'Ik zou van jullie graag willen weten wat dat virus doet!' Lises haar contrasteerde met Nathans grijze lokken terwijl hun handen samensmolten en Lise met haar hoofd schudde.