Hoofdstuk 36 Narcissa geeft duidelijkheid

In de grote zaal hing een stilte die tastbaar was. Harry was de Families wezen condoleren die een geliefde verloren hadden. Het speet hem zeer dat er ook nu weer doden waren te betreuren. Er lagen ook twee dooddoeners tussen de overledenen. Het viel Harry op dat ze niet veel ouder waren dan hij zelf. Ook waren er gewonde dooddoeners bij de gevangenen wand zo kon je ze wel noemen. Dooddoeners die uit het jaar van Harry waren gekomen. Een ervan was Draco.

Harry was op zoek gegaan naar zijn vrienden. Die zaten bij Ginny en Narcissa aan een afdelingstafel. De overlevenden werden mee genomen door hun familie. Hij baalde toen hij het zag gebeuren. Zijn hoop die hij vijf jaar daarvoor had was niet echt uitgekomen. Weer waren er doden gevallen en weer heeft hij ze niet allemaal kunnen beschermen. Even liep hij naar Anderling toe en overlegde met haar wat ze zouden gaan doen. Ze waren tot het volgende gekomen. Iedereen die naar huis wilden, mocht gaan. Ze mochten ook blijven eten maar dan moesten ze wel om zeven uur naar Zweinsveld gaan. Daar zou om acht uur verslag uitgebracht worden en alles worden afgesloten. Harry vroeg of Plank en Gwendoline iedereen die in Zweinsveld waren hierover wilde inlichten. Romeo bleek onder een Imperius vloek vloek gewerkt te hebben. Het bleek een dooddoener uit het school jaar van Ginny te zijn geweest. Waar het heen ging wist Harry ook niet, maar dooddoeners van die leeftijd vond hij al erg genoeg. Romeo was nu niet meer onder invloed van de vloek maar leek daar niet gelukkig bij. Een voor een werden de dooddoeners afgevoerd.

In zijn oor hoorde hij een lijzige stem. "Als ik die bloed verrader van een Potter ooit nog eens in mijn handen krijg". Harry wist dat Draco zijn Ginny bedoelde. Harry greep zijn toverstaf en richten die op Draco. De rode straal die uit zijn toverstaf kwam raakt Draco vol in de borst. Draco was totaal verstijfd op zijn hoofd na. Harry greep hem bij zijn kraag en keek hem dreigend aan. Bij Draco stroomde de tranen over zijn wangen. Draco hakkelde dat het hem speed wat hij had gedaan. Harry ademden hevig. De woede in zijn lichaam was overweldigend. Alles om hem heen schudde of trilde. Ginny die meteen naar hem af was gerend vertelde dat Draco het niet waard was. En dat Harry weer rustig moest worden.

"Draco ik hoop voor jou dat je voor de rest van jouw leven in Azkaban zal zitten. Zo niet dan zoek ik deze wereld af, tot ik jou gedood heb". "Dat zou moord zijn Potter" vertelde Draco hem. "Nee, dat zal het ministerie zien als zelfverdediging. Zelfs als hij het op klaar lichte dag zou doen met honderd getuigen. En jij niet eens in het bezit zou zijn van een toverstok". Legde Romeo Draco langzaam maar door dringend uit. "En als Harry het niet doet doe ik het". "Of ik voegde Bill eraan toe". Draco was alleen nog maar aan het huilen toen Lucius langs ham werd geduwd. Zonder Draco nog een blik waardig te gunnen liep Harry van hen weg. Het liefst zou hij hem meteen vervloekt hebben maar dat kon hij als schouwer niet doen.

Harry was op weg naar de hal toen hij Narcissa zag staan bij het schilderij van de Order. Ze huilde hevig en kon bijna niet praten. Harry draaide zich weer om. Hij wilde weg lopen toen ze hem snikken riep. Bij het schilderij zag hij Sirius bij de lijst staan. Narcissa vloog Harry om zijn nek en snikte luid. Het liefst wilde hij haar weg duwen. Maar de blik van Sirius was genoeg om het niet te doen. Tussen de snikken door probeerde ze wat te vertellen maar dat lukte niet. "Narcissa luister naar me. Klonk de stem van Sirius uit de lijst. Harry neemt het jou niet kwalijk wat Draco allemaal gedaan heeft. En ook niet wat die schoft van een Lucius heeft gedaan. Dus vertel het hem later maar als je gekalmeerd ben". Narcissa knikte en liet hem langzaam los. Harry vertelde dat ze vanavond alles zouden bespreken in de drie bezems. Daar hoorde ze nu ook bij.

Het was een heel gedoe die avond. De grote zaal had nog nooit zo vol gezeten als nu. Romeo wilde dat Harry een verklaring kwam afleggen op het ministerie. Dit kwam hem op vele vurige blikken te staan. Dus nam hij voor de zekerheid de verklaring van hem en Ron maar op Zweinstein af. Harry was na dat gesprek meteen verdwenen. Niemand wist waar of hij was. Hermelien en Ron gingen naar Ginny om te vragen of zei wist waar hij was. Ginny pakte hun handen vast en verdwijnselden hun naar Harry toe. Toen ze verschijnselden waren ze in de kamer van de geheime kamer. Harry zat daar aan een tafel rond te kijken. Hij schrok niet toen hij zijn vrienden zag. Ginny vloog hem voor het eerst om de nek die dag. Ze hadden elkaar wel een knuffel gegeven maar meer was het nog niet geweest. Nu waren ze eindelijk even alleen. En konden ze echt knuffelen. Het zelfde leek ook voor Hermelien en Ron te gelden. Zij waren nu ook in een innige knuffel verwikkeld. Het was even heerlijk om zo te staan. Alles van de oorlog was terug gekomen en nu deze veldslag. Dat ene momentje dat je dan voor je zelf had was heerlijk. Terwijl ze daar stonden begonnen ze de kamer te bekijken.

Hermelien ging als eerste naar de boeken kasten. Het waren de oudste boeken die ze in het kasteel had zien staan. Sommige vielen van ouderdom uit elkaar. In de hoek van de kamer vond Ron een hersenpan. Daar dreven zilverige slierten in. Heel af en toe was er een beeld te zien of een gedaante. Ze zagen het gezicht van Lucius en dan van Omber. "ik weet wat dit zijn" vertelde Harry. Dit zijn herinneringen die we niet mochten weten. Ze zijn hier in geplaatst en uit hun gedachten verwijderd. Hier zitten vast alle antwoorden in die we moeten weten. "Dit moeten we aan Anderling laten zien" riep Hermelien.

Harry ging Marcel en Loena op halen. Ginny zou professor Anderling op halen. Harry was als eerste terug en wachtte op Ginny. Bij Ginny was het een ander verhaal ze had Narcissa ook bij zich. Harry keek Ginny doordringend aan. In haar ogen zag hij dat ze medelijden toonde. Hij wist genoeg en ze hoorde hier dus ook te zijn. Narcissa liep als eerste op Harry af. "Harry ik weet niet welke herinneringen er instaan van Lucius, maar ik heb er ook een paar. Deze zou ik er ook graag bij doen als dat mag. Op die manier leren jullie meteen mijn verhaal. Ook kan ik jullie vertellen wanneer het ongeveer was". Harry begreep dat ze nu goed wou doen bij iedereen die ze kwaad had gedaan. Het was nu ook voor het eerst dat Harry echt begreep wat Perkamentus bedoelde. Ja, nu deelde hij de mening dat bijna iedereen een tweede kans verdiende. Professor Anderling had de hersenpan na gekeken en onder een aantal spreuken geworpen. Het was veilig om te bekijken. De herinneringen van Narcissa werden er bij gedaan en ze mocht er als eerste in. Harry deed dat express. Hij dacht dat als ze iets van plan zou zijn, dan zou ze niet als eerste willen. Maar dat was gelukkig niet zo. Ze dook als eerste de pan in. De rest volgde meteen haar voorbeeld.

Met zijn achten stonden ze op een rij toen de eerste herinnering zich toonde. Ze stonden midden in de kamer van de Malfidus villa. Lucius en Narcissa hadden duidelijk ruzie. "Hoe kun jij zo stom zijn Narcissa. Die vuilak van een Potter heeft ons niet geholpen omdat jij dat bij hem hebt gedaan. Zo is Potter niet het is een arrogante kwast. En jij bent net zo stom als een huiself als je dat denkt hij zo goed is". "Maar Lucius Harry Potter heeft Draco gered uit die kamer en voor jou gepleit. Jij die hem al wou doden toen hij Dobby hielp". Dat zorgde ervoor dat ze een klap in haar gezicht kreeg van Lucius. Terwijl ze haar daar op de grond zagen liggen. Vertelde Narcissa dat het was gebeurd toen hij net uit Azkaban was gekomen. Ze hoorde de haar in haar herinnering nog mompelen dat Harry een goede jonge was. Hij had Draco uit Azkaban gehouden.

De herinnering vervaagde en ging over in een andere. Ze waren weer in de villa van Malfidus. Narcissa zat achter een tafel in een donker hoekje. Harry liep meteen op die tafel af. Daar zag hij haar zitten haar gezicht was vreselijk toegetakeld. Harry keek naar Narcissa "heeft Lucius dat gedaan". Narcissa knikte alleen maar met tranen in haar ogen. Ginny liep nu meteen naar Harry toe om het ook te zien. Lucius stond midden in de kamer en stond ergens op te wachten. Ze hoorde hem tegen Narcissa snauwen. "Als jij nog een keer durft om die Potter te verdedigen dan gebruik ik de Kadavra vloek op jou". Hermelien en Ginny deden hun handen voor hun monden bij het horen van die bedreiging. Harry legde een arm om Narcissa heen en schrok van zichzelf toen hij dat zomaar deed.

Er verscheen weer een nieuwe herinnering. Nu zagen ze Omber en Lucius staan samen met Draco. Draco vroeg of hij potter mocht doden. En omber vertelde hem dat hij dat gewoon moest doen. Maar alleen als ze alles van Harry hadden wat ze nodig hadden. Lucius keek Omber aan
"Hebben we alles om Zwadderich terug te kunnen halen". Vroeg Lucius aan Omber. "Ja, ik heb alles voor elkaar gekregen. Het is maar goed dat ik de spullen van Voldermort heb kunnen redden. Anders hadden we hem nooit gevonden. Vertelde ze aan Lucius. "Zeg Lucius dat vrouwtje van je? Die gaat ons toch niet dwars zitten of wel". "Wees maar niet bang. Narcissa weet haar plek en als ze wel wat doet dan is het gauw met haar gedaan. Het is omdat ze de helft van het zwart fortuin bezit anders had ik haar allang vermoord".

Narcissa kneep in de arm van Harry die ze inmiddels had omklemt. De volgende herinnering kwam weer in beeld. Ze waren in het krijsende krot. Draco was aan het schreeuwen tegen zeven dooddoeners. "Het is van de zotten dat ze van Potter een professor hebben gemaakt. Hij is een schouwer van niets. En nu is hij nog een professor ook. En dan is hij ook nog eens een zoeker van niets". Dit was niet iets nieuws voor hen. Draco greep iedere kans dat hij kreeg aan op kritiek op Harry te hebben. Het maakte niet uit of hij gelijk had. Als hij het maar kon hebben. "Maar nu ter zake. Lord Voldermort is dood dat weten we. Harry Potter heeft ons van hem ontdaan. Maar hij heeft ons ook een hoop achtergelaten. We hebben een boek met daarin dingen en spreuken om het kasteel weer in opstand te laten komen. We hebben er al een paar gebruikt. Binnen in het kastaal hebben we iemand die alles inde gaten houd en in werking heeft gezet. Die persoon hebben we met het boek opgeroepen. Dat hebben we al drie jaar geleden gedaan". "Zeg Draco Ik heb gehoord dat jij gelogen had tegen Heer Voldermort en dat jij Potter niet eens had herkent.

"Crucio" riep Draco en er klonk een enorm gegil van de dooddoener "Zeg dat niet nog eens. Mijn vader en ik hebben nooit om de hulp van die Potter gevraagd. Ik wist toen niet of het Potter was. Als ik had gezegd dat het hem was en ik had het fout dan had heer Voldermort mij meteen gedood. Dat was een risico dat ik niet wou nemen. Dus nog een keer zo een opmerking en ik vervloek je langer". Draco had een Agressieve toon in zijn stem net als of hij iemand meteen de dood in wilden jagen. "Nou luister goed we hebben nog wat meer dingen die we gaan doen. Alles om de modder bloedjes voor eens en voor altijd op te ruimen". Draco keek verschrikt naar het dicht gespijkerde raam. "Daar is iemand, weg wezen, NU". Harry en Ginny vertelden dat hun die ontmoeting hadden verstoord. Zij waren de genen geweest die buiten dat raam stonden.

Er verscheen meteen een nieuwe herinnering. Het was Narcissa die tegen over Draco stond.
"Draco alsjeblieft doe het niet, Laat Harry nou gaan. Hij heeft jou gered van Azkaban vergeet dat nou niet". "Die Potter is het licht van het leven niet waard. En die vuile bloed verader van een vriendin van hem is alleen maar goed als slaaf". "Draco ik ben je moeder luister nou naar me, Harry is goed voor deze wereld". Narcissa kreeg een klap van Draco met de vlakke hand vol in haar gezicht. Narcissa viel op de grond en keek Draco aan. Deze gaf haar zonder pardon een schop. Lucius kwam binnen gelopen en vroeg wat er aan de hand was. Draco vertelde dat zijn moeder die Potter weer zat te verdedigen. Nu liep Lucius op Narcissa af. Vriendelijk hielp hij haar overeind. Daar stond ze weer recht op tegen over Lucius. De blik in de ogen van Lucius ging van vriendelijk naar pure haat. Hij keek haar aan en stompte haar vol in het gezicht. De herinnering vervaagde weer en er verscheen een nieuwe.

Ze waren in het ziekenhuis daar lag Narcissa op een bed. Ze was opnieuw enorm toegetakeld. Er zat een man naast haar. "Hoe bedoeld u dat ze Lucius niet kunnen vinden, Hij heeft mij dit aan gedaan". 'Sorry, mevrouw Malfidus, Maar ze kunnen hem niet vinden op dit moment. En Zweinstein mag ik niet in van Romeo". Harry wist dat het rond de tijd moest zijn dat Romeo Harry zelf verdacht. Zijn blik ging weer naar Narcissa in het ziekenhuisbed. "Kan ik hun uit mijn testament schrijven" was haar vraag. "Mevrouw Malfidus".
"Noem me niet zo" riep ze fel. "Mevrouw Zwart u kunt uw verbintenis met de heer Malfidus hier meteen beƫindigen als u dat wild. Er is er maar een die dat kan. Uw huwelijk kan alleen ongedaan gemaakt worden door heer Zwarts. U kunt hier wel meteen een nieuwe erfgenamen aan wijzen. Helaas kan dat niet de heer Potter zijn. Aangezien hij getuigen is geweest voor Draco en Lucius. En ook heer zwarts is bij titel".

Ze zagen Narcissa diep na denken in het ziekenhuisbed. "Dan word het Ginny Wemel. Als er een is aan wie ik mijn Zwart fortuin wil geven is het Ginny Wemel". Dan is er nog iets mevrouw Zwarts u kunt nu niet meer naar huis". Dat geeft niets ik heb nog Familie die neemt mij zolang wel in huis". Harry vroeg haar "hoe was het met teddy dit jaar". "Het is een geweldige jongen. Jij bent een geweldige peetvader. En Ginny word de aller liefste moeder. Dat zijn jullie al voor hem". De herinnering vervaagde weer.

Er verscheen een nieuwe herinnering. Deze keer was Zalazar er bij, en ook Omber. Omber was aan het spreken met Zalazar. "Het spijt me meester ik weet ook niet hoe het komt dat Potter zo sterk is. Die dementors hadden hem moeten doden. Ik weet niet hoe hij ontkomen is. Dat wist ik ook niet toen ik die twee Dementors in die steeg naar hem toe had gestuurd. Ik weet ook niet hoe die heks die kinderziektes heeft overleefd. Een normale heks was al dood geweest. Maar ik verzeker u, Potter is niets. Hij had geluk toen hij Voldermort versloeg". Maar hoe kwam het dat hij zich tegen mij kon verzetten. Hoe kwam het dat hij die roodharige niet kon wou doden. Een verbintenis bij magie is nooit zo sterk. Hij had me niet kunnen weren. Maar hij deed het wel". "Hij heeft gewoon geluk gehad, meer is het niet meester". "Dit heeft niets met geluk te maken. Ik denk dat hij versmolten is". Iedereen keek naar Zwadderich. Draco stond op en ging voor Zwadderich staan. "Meester ik garandeer u dat ik die Potter zal doden en zijn hoofd aan u zal geven als prijs". Ginny deed alsof ze moest kotsen. Narcissa moest lachen. Sorry, maar ik zie nu pas hoe arrogant mijn zoon werkelijk was. Het spijt me echt Ginny, Harry.

Weer vervaagde de herinnering. Nu waren ze in het kasteel. Ze waren in de kamer van de geheime kamer. En Zwadderich was aan het woord. "Oke het plan is duidelijk. Morgen gaan we over tot de aan val. Zorg ervoor dat die Harry en Ginny gescheiden worden. Jij parkings, Jij blijft in de beurt van die Romeo. Zet hem onder de Imperius vloek en laat hem een Wemel Doden. Omber, Draco zorg ervoor dat Harry jullie volgt. Op die manier kunnen wij zijn bloed pakken en word ik weer een mens. Nog een ding zorg ervoor dat deze kamer te allen tijde geheim blijft". Lucius knikte en keek ineens naar links. "Ze zijn hier wie heeft mij verraden".

De herinnering vervaagde weer. En ze stonden weer met zijn allen in de kamer. Gezamenlijk liepen ze naar de tafel en namen plaats. Er was niets dan stilte op dat moment. Ron keek af en toe wat omhoog naar de anderen, maar liet dan ook meteen zijn hoofd weer zakken. Harry was de eerste die sprak. "Narcissa ik denk dat je Adromeda even een bericht moet steuren. Ze wild vast weten hoe het met haar nicht is". "Ik zal het zo doen Harry. Het spijt me wat jullie al die jaren hebben mee gemaakt met die zoon van mij. Lucius heeft nooit iets kwaads in hem gezien. Achteraf denk ik dat hij alleen maar kwaad in hem wilde zien. Iedere keer als hij thuis kwam met weer een verhaal hoe jij Harry was voor getrokken, hoe kwader Lucius werd". Narcissa pakte de handen van Harry en Ginny vast. "Jullie twee hebben iets speciaals dat voel ik. Ik ben dan ook blij dat ik mijn gedeelte van de zwarts erfenis aan jullie mag na laten. Dat houdt in dat onze villa nu van jullie is". Ginny trok haar hand terug. "Die Villa is van jou en niet van ons. Als jij daar niet wild wonen verkoop het dan". Narcissa lachte vriendelijk. "ik koop wel een ander huisje om jullie na te laten. Er zijn daar toch te veel nare herinneringen in dat huis". "Professor" vroeg Hermelien. "Denkt u dat deze herinneringen kunnen helpen met de veroordeling van Draco en Lucius". Professor Anderling dacht even na. "Juffrouw Wemel. Als er nog dementors waren geweest dan hadden ze beiden een kus gehad dat weet ik zeker".

Niemand had nog verder iets over de herinneringen gezegd die ze net gezien hadden. Tot het moment dat Loena in eens opkeek. "Het is vijf voor acht we moeten in de drie bezems zijn om acht uur". "Dat gaan we nooit halen" Ginny en Harry keken elkaar aan en lachte. Iets waar professor Anderling niet aan kon wennen was dat zowel Harry als Ginny konden verschijnselen. En dan nog wel binnen en buiten Zweinstein. Harry pakte als eerste Loena en Marcel bij de arm en zette ze voor de drie bezems af. Ginny deed dat met Narcissa en professor Anderling.. Beiden gingen weer terug om Hermelien en Ron te halen. In de kamer was het even stil. "Harry had jij verwacht dat Narcissa het zo moeilijk had in die villa". "Nee, Ginny ik had altijd het idee dat ze net zo was als haar zuster. Eigenlijk heb ik het nu wel met haar te doen". "Ik ook Harry ik ook".