Hoofdstuk 13 – Het Bewijs.

''Hij werkt vast met die elven samen'' zei Leo, die naar Donna keek, hopende dat zij hem bij zou vallen. Dat deed ze inderdaad ook. Ze zette haar handen in haar zij. ''Ik zei al vanaf het begin dat hij niet te vertrouwen was''. ''Dat is niet waar!'' riep Sean nu in zijn verdediging uit. ''Ik bedoel, het is waar dat ik eerst bij hun hoorde…'' begon hij. Voor hij verder kon gaan schreeuwde Donna: ''Ik zei het toch!'' door hem heen. ''Ik was nog niet klaar'' snauwde hij geïrriteerd terug. ''Maar ik ben daar weggegaan voordat ik jullie ontmoette''. Hij keek even opzij naar Melina, maar die leek hem niet te geloven. ''Waarom zou ik jullie anders geholpen hebben om van hen te ontsnappen toen? Niet alleen dat, ik heb mijn eigen leven in gevaar gebracht door die stad in te komen om jullie te redden!'' ''En wiens schuld was het ook alweer dat we in die cel terecht kwamen?'' had Donna als argument terug. Sean stond op. ''Ik sta niet aan hun kant en ik kan het bewijzen''. Hij sloeg zijn armen over elkaar. ''Maar daar heb ik wel wat tijd voor nodig''. ''Ik stem tegen. We kunnen hem niet vertrouwen'' zei Leo snel, waarop Donna hem meteen bijviel dat ze het er mee eens was. ''Ik vind dat we hem een kans moeten geven'' klonk het van Kaylee af. Ze had de hele tijd nog niets gezegd. ''Wat? Waarom?'' Donna leek er niets van te begrijpen. Kaylee haalde haar schouders op. ''Misschien verteld hij wel de waarheid''. Op de terugreis van het Nihilum had ze Sean beter leren kennen. Door haar blindheid maakte ze nu meer gebruik van haar andere zintuigen. Ergens had ze aangevoeld dat hij geen kwaad in de zin had, en ze wilde in haar voorgevoelens geloven, maar Donna hoefde dat niet te weten. ''Kaylee heeft gelijk. We moeten hem een kans geven'' stemde Esteban er mee in. Het stond nu twee stemmen voor en twee stemmen tegen. Iedereen keek naar Melina. ''Hij is een verrader'' probeerde Donna haar te beïnvloeden, maar Melina meed haar blik. Kaylee keek ook, ondanks dat ze niks kon zien, Melina's kant op. Ze wist dat haar vriendin de juiste keuze zou maken. Hoopvol staarde Sean naar Melina. ''Geef hem een kans om zichzelf te bewijzen'' mompelde ze uiteindelijk terwijl ze haar blik afwendde. Ze was nog steeds verward om de hele situatie en wist niet wat ze ermee aan moest, vooral nadat ze de avond ervoor juist het gevoel had gehad dat ze closer met Sean was geworden. Leo en Donna wisselden teleurgesteld een blik met elkaar. Uiteindelijk was de groep uit elkaar gegaan. Sean om zichzelf te 'bewijzen', Leo had ook nog plannen, en Esteban wilde de stad wat gaan verkennen met Donna als gids. Kaylee bleef samen met Melina achter en ze besloten samen terug te gaan naar de Molly Moo, maar daar werden ze zonder reden door Caramel en Harvey weggejaagd omdat ze er niet mochten zijn. Tenslotte hadden ze maar besloten de stad wat door te wandelen.

Die middag hingen Mabel, Sacylia en Derek wat rond in het huis van de elven. ''En? Hoe staat dit?'' Sacylia toverde een schitterende outfit op haarzelf en liep er even voor Mabel en Derek mee langs om hem te showen. ''Wauw. Geweldig'' klonk het van Mabel, totaal onverschillig. Sacylia had de hele dag al outfits lopen showen voor het familiefeest waar ze dat weekend naartoe zou gaan, en vond dat Mabel en Derek haar moesten helpen om de beste outfit van allemaal uit te kiezen. Derek gaapte. ''Een aardappel ziet er beter uit in die jurk'' antwoordde hij verveeld. ''PARDON?'' Derek schrok overeind van zijn relaxte lighouding op de bank. ''Sorry! Ik bedoelde dat je eruit ziet als een aardappel in die jurk'' zei hij snel, al maakte dat het er niet veel beter op. Sacylia pakte een krant op van tafel en verkocht Derek er een paar harde meppen mee. Er klonk geklop op de deur. ''Ik doe open!'' Mabel wou eigenlijk opstaan maar Derek was al eerder dan haar opgevlogen van de bank en was naar de deur gerend. Alles om van Sacylia te ontsnappen. Hij opende de deur en Eustace kwam naar binnen lopen. ''Het wordt tijd dat ik een sleutel krijg'' bromde die, waarna hij zijn hoge hoed af nam. ''O hey, Bob is terug'' merkte Mabel op. Eustace liet een boos soort van gegrom horen bij het horen van de naam Bob. ''Is je plan gelukt?'' Eustace liep naar de bank toe en ging zitten, gevolgd door Derek die, na eerste gecontroleerd te hebben of alles veilig was, ook weer terug op zijn plek ging zitten. Eustace schudde zijn hoofd. ''Nee. Mijn plan was perfect, tot die stomme elf zich ermee moest bemoeien. Als hij er niet was geweest waren ze nu dood geweest''. ''Weer die elf op die motor!'' riep Derek uit terwijl hij zijn vuist op tafel sloeg uit irritatie. ''Hij bemoeit zich ook overal mee!'' ''Je bent dus niet zoveel beter dan wij als jouw plannetje ook niet lukt''. Er verscheen een geamuseerde glimlach op Mabel's gezicht. Eustace leek het niet zo leuk als haar te vinden. ''Hoe dan ook, die elf is geregeld. Hij zal binnenkort geen probleem meer voor ons zijn. Bovendien heb ik een nieuw plan, maar daarbij heb ik wel jullie hulp nodig…''

Sean stond vlakbij het huis van de elven. Hij zocht het ideale moment om naar binnen te gaan, al was dat het liefste wanneer iedereen weg zou zijn. Een tijdje had hij op wacht gestaan en Mabel en Derek naar buiten zien komen. Even later verscheen ook Sacylia. Mooi, iedereen was weg, dan kon hij zijn plan uitvoeren. Hij wilde al naar voren komen tot hij de deur van het huis opnieuw open zag gaan. Vanuit het huis verscheen een elf met lang, donkergroen haar en een hoge hoed op. Wie was dat? Sean had hem nog nooit eerder gezien. De elf keek een beetje verdacht om zich heen en liep toen weg. Voor even staarde Sean naar het huis, maar besloot toen achter de elf aan te gaan. Hij probeerde hem zo goed mogelijk te schaduwen, al maakte de elf, die steeds om zich heen bleef kijken, hem dat wel moeilijk. Sean volgde hem een donkere steeg in, maar toen hij aan het einde van de steeg kwam en de straat op keek, was de elf verdwenen. ''Huh? Hoe kan dat nou?'' vroeg Sean hardop aan zichzelf. Hij draaide zich om om de steeg in te kijken of hij iets gemist had, en voelde een hand op zijn schouder. ''Verdwaald?'' zei een stem. Hij keek recht in het gezicht van Leo. Sean schudde zijn hand van zijn schouder af en keek om zich heen. ''Nee… ik zocht iemand'' mompelde hij. Leo boog zich wat dichter naar Sean toe. ''Ik zou maar oppassen als ik jou was. Je gedraagt je erg verdacht… Straks denken mensen nog dat je iets raars van plan bent'' siste hij in zijn oor. Het klonk eerder als een bedreiging dan een waarschuwing. Er verscheen een glimlach op Leo's gezicht en hij draaide zich om om er vandoor te gaan, Sean verward achterlatend.

Na zijn ontmoeting met Leo was hij teruggegaan naar het huis van Mabel, Derek en Sacylia. Hij liep naar de voordeur toe en opende die met de sleutel die hij nog had. Eenmaal binnen keek hij om zich heen. Alles zag er nog exact hetzelfde uit als voordat hij weg was gegaan. Dat zou het alleen maar makkelijker voor hem maken. Hij liep naar een van de kastjes toe, trok een lade open, en begon er wat in te rommelen. ''Sean?'' Geschrokken keek hij op toen hij een stem hoorde. Onderaan de trap stond Sacylia. Ze was toen Sean achter Eustace aan was gegaan teruggegaan naar het huis omdat ze iets vergeten was. Betrapt schoof Sean de lade vanachter zijn rug dicht. Dit kon zijn hele plan verpesten. ''Sacylia!'' Hij deed net alsof hij verrast was om haar te zien. Plots schoot er een idee door zijn hoofd. Hij liep naar Sacylia toe en omhelsde haar uit het niets. Sacylia verstijfde en wist niet wat haar overkwam. ''Ik heb je gemist'' loog Sean. Hij maakte van het moment dat ze verbijsterd was gebruik en rukte zonder op te vallen zo de haarextensies die ze in had uit haar haren. Snel propte hij ze in een van zijn broekzakken en liet haar los. Verlegen staarde Sacylia naar de grond. ''Ik… ik heb jou ook gemist'' stamelde ze, nog steeds van slag door de plotselinge omhelsing. Ze herstelde zich al snel. ''We dachten dat je weg was gegaan aangezien al je spullen ook weg waren...'' ''Ik moest dringend weg, een ziek familielid enzo'' verzon Sean. ''Ik had geen tijd om het jullie te vertellen of om op mijn telefoon te kijken. Ik dacht dat er niemand thuis was en wilde jullie verrassen met mijn thuiskomst''. Er verscheen een glimlach op Sacylia's gezicht. ''Geen zorgen, ik houd het wel geheim'' zei ze. Sean knikte dankbaar. ''Maareh… toen ik hier naartoe kwam lopen zag ik een vreemde elf met lang haar het huis uit komen… wie was dat?'' Hij wist dat hij eigenlijk beter zo snel mogelijk kon maken dat hij weg kwam, maar toch kon hij het niet laten het te vragen. Sacylia wist gelijk over wie hij het had. Ze slaakte een diepe zucht. ''Dat is Eustace. De Wolf heeft hem aangewezen als vervanger om het meisje te vinden toen jij weg was. Misschien gaat hij wel weer weg nu jij terug bent''. Die gedachte vrolijkte haar wat op. ''Eh… ja. Vast. Ik moet alleen nog wat doen'' zei Sean snel. ''We zien elkaar snel weer''. Hij liep al naar de deur toe. ''Wacht…!'' Sacylia rende achter hem aan. Met lichte blosjes op haar wangen stapte ze naar voren en gaf hem een knuffel. ''Ik meende dat echt, dat ik je miste'' zei ze toen ze hem los gelaten had. ''Ik moet ook gaan'' voegde ze er daarna snel nog aan toe, waarna ze de deur uit rende. Ergens voelde Sean zich een beetje schuldig. Sacylia was altijd aardig tegen hem geweest en hij vond dat ze dit eigenlijk niet verdiende. Maar goed, hij kon niet anders. Dit was voor iets belangrijkers dan zijn vriendschap met Sacylia.

Tegen het eind van de middag zat iedereen weer bij elkaar in het park. Donna was wat aan het mopperen omdat ze meer tijd alleen met Esteban had willen hebben. ''En? Waar is je bewijs?'' vroeg ze uiteindelijk met haar handen in haar zij toen ze Sean zag. Met een voldane grijns op zijn gezicht haalde Sean de kluw haarextensies uit zijn broekzak en gooide ze voor Donna's neus neer. Met een vies gezicht staarde Donna er naar. ''Ew, gadver! Wat is dat?'' riep ze in horror uit. ''Jongens zijn echt smerig'' merkte ze op. Sean raapte de haarextensies van de grond op en hield ze voor Donna's gezicht, die geschrokken achteruit deinsde. ''Dit zijn de haarextensies van Sacylia, een van de elven, haar kostbaarste bezit'' legde Sean trots uit. ''Er gaat geen dag voorbij dat ze ze niet in heeft''. ''En wat denk je daarmee te bewijzen?'' Leo keek Sean aan met een uitdagende blik in zijn ogen. Zelfs Esteban, die hem de kans had gegund, leek het niet te begrijpen. ''Hebben jullie dan nooit gehoord van de code onder elven?'' Sean keek hoopvol naar Melina, hopend dat zij hem zou begrijpen, maar die schudde haar hoofd. Ze was zelf opgegroeid bij pixie ouders, die hadden haar nooit geleerd wat het elvenleven in hield. ''Het is een code van eer die betekent dat je niet onderling van elkaar steelt. Hierbij ben ik dus een verrader voor hen''. Sean richtte zich nu tot Donna. ''Ik heb mijn eigen vrienden verraden voor jullie. Je kunt nu niet meer zeggen dat ik niet aan jullie kant sta''. Eigenlijk had hij het helemaal niet voor hen gedaan. Wat Donna en de anderen van hem dachten kon hem eigenlijk niets schelen. Er was maar een persoon waarvoor hij dit deed. Donna keek de groep rond. ''Is dat echt waar?'' vroeg ze ongelovig. Esteban knikte nu. ''Het is waar. Ik heb er tijdens een van mijn studies wel eens over gelezen''. ''Bemoeizuchtige elf'' bromde Leo binnensmonds. Donna leek het ook niet zo super te vinden. ''Goed dan. Je hebt jezelf bewezen'' gaf ze met moeite toe. ''Maar dat nep haar mag je houden''. Sean pakte het van de grond op en hield het met een grijns vlak voor Donna's gezicht. ''O ja? Ik dacht dat jij het wel wilde hebben''. || Met een vies gezicht deinsde Donna opnieuw achteruit, waarna ze, toen Sean niet ophield, wegrende. Sean rende, nog steeds het haar vast houdend, plagerig achter haar aan. Het begon langzaamaan avond te worden.

Sacylia zat beneden in de woonkamer te wachten tot de tijd dat ze zou gaan naar haar familie. Haar familie woonde buiten Pixiestad, en ze zou daar tot haar familiefeest blijven. Ze was laat op de dag teruggekomen, en inmiddels kwamen Mabel en Derek ook terug thuis. ''Ah, je bent nog hier'' merkte Mabel op toen ze Sacylia zag zitten. Ze had eigenlijk verwacht dat Sacylia inmiddels al weg was. ''Wat zit je haar leuk, wilde je wat nieuws proberen?'' merkte ze op toen ze Sacylia's korte haar zag. ''Nee?'' klonk het verbaasd van Sacylia. ''Ik heb niets met mijn haar gedaan''. ''Maar je hebt je extensies uit''. Mabel toverde een spiegel tevoorschijn en hield die voor Sacylia. Sacylia's ogen werden groot van schrik. ''Waar zijn ze?!'' riep ze uit terwijl ze verwoed om zich heen keek. Nergens kon ze haar haarextensies vinden. Pas toen dacht ze terug aan die middag en leek ze het zich te realiseren. Het had maar op een manier gebeurd kunnen zijn. Haar gedachten flitsten terug naar het moment dat Sean haar had omhelst. Op dat moment had hij haar haarextensies gepakt moeten hebben. ''Volgens mij heeft Sean ze…'' mompelde ze. Mabel trok een wenkbrauw op. ''Sean? Hoe komt hij er nou weer aan?'' vroeg ze, maar Sacylia was al weggerend naar boven. Op haar weg naar boven had ze Derek, die in de weg van de trap stond, een harde duw gegeven waardoor hij op de grond viel. ''Leer toch eens uit—'' begon die, maar stopte toen hij de tranen in haar ogen zag. ''Waarom was ze nou aan het huilen?'' Derek keek verbaasd naar Mabel. Die zuchtte en ging Sacylia achterna.

Eenmaal boven vond Mabel Sacylia op haar slaapkamer. Ze lag huilend op haar bed en had niet eens de moeite genomen de deur dicht te doen. Ongemakkelijk bleef Mabel in de deuropening staan. ''Moet je niet naar je familie?'' vroeg ze maar. ''Ik ga niet meer!'' klonk het snikkend als antwoord. Mabel liep de kamer in en ging bij Sacylia op de rand van het bed zitten. ''Waarom niet?'' Sacylia keek op naar Mabel. Haar hele make-up was uitgelopen van het huilen. ''Ik zie er niet uit!'' ''Dat valt toch wel mee?'' probeerde Mabel vriendelijk, maar voegde er toen nog aan 'Wat is er precies gebeurd dan?' aan toe toen Sacylia niet reageerde. Sacylia legde het hele verhaal uit. Dat ze Sean had betrapt in het huis, en hij toen had gedaan alsof hij haar zo erg miste en haar haarextensies had gestolen. ''Wat een eikel'' reageerde Mabel toen ze het hele verhaal had gehoord. Ze trok haar vriendin naar zich toe en gaf haar een knuffel. ''Dit verdien je niet''. Sacylia knikte, al snikkend. ''Ik wil mijn ouders zo niet onder ogen komen''. Mabel wist dat Sacylia uit een typisch traditioneel elvengezin kwam. Haar ouders vonden het belangrijk dat ze met een elf trouwde, en bij zulke families was verloving vanaf hun geboorte ook altijd een ding. Die verloving werd dan geregeld door de ouders, vaak met families waar ze goed bevriend mee waren. Sacylia was ooit verloofd geweest, maar de jongen was er uiteindelijk vandoor gegaan met een andere elf. 'Het was toch geen echte liefde' had Sacylia gezegd, maar Mabel wist dat ze de jongen stiekem best leuk had gevonden en er eigenlijk kapot van was geweest. Toen Sean bij de groep was gekomen leek het alsof Sacylia eindelijk begon te herstellen van haar vorige relatie. Ze waren altijd best close samen. Tijdens hun meidenavonden had Sacylia een keer gezegd dat ze zou trouwen met Sean, maar toen Mabel had gevraagd of ze hem leuk vond had ze gereageerd met: 'Er is niet veel andere keus dan Derek verder' en gedaan alsof ze het alleen maar wou omdat ze van haar familie moest trouwen met iemand en dan maar de meest geschikte kandidaat koos. Toch had Mabel ergens het gevoel gehad dat Sacylia dat helemaal niet erg zou vinden. ''We pakken hem wel terug'' probeerde Mabel haar vriendin op te vrolijken. Ze had geen idee waarom Sean dit had gedaan, maar ze wist wel dat hij er spijt van zou gaan krijgen dat hij haar vriendin zo behandeld had. Daar zou ze persoonlijk voor zorgen. Ze toverde een tissue tevoorschijn en stak die naar Sacylia uit. ''Droog je tranen, dan gaan we samen een film kijken of iets''. Sacylia pakte dankbaar de zakdoek aan en veegde haar tranen weg. Mabel glimlachte naar haar. ''Ik meende het toen ik zei dat kort haar je leuk stond. Je ziet er echt goed uit zo!'' ''Echt?'' vroeg Sacylia onzeker. Mabel knikte. Er verscheen een glimlach op Sacylia's gezicht. ''Thanks, Mabel''.

Het was 7 uur. De groep stond voor het huis van Melina's ouders. ''En waarom moesten we hier ook alweer zijn?'' mopperde Leo luid. Jade kwam vanuit het huis naar buiten lopen. Ze had een jurk aan en haar haren los gedaan. ''O, jullie zijn er!'' riep ze vrolijk uit, maar haar gezichtsuitdrukking veranderde toen ze de groep bekeek. ''Jullie kunnen zo niet binnen komen. Veel te gewoontjes'' verklaarde ze, waarna ze voor iemand ook maar iets kon zeggen met haar vingers knipte. ''Gewoon denken aan wat jullie willen dragen, en mijn magie doet de rest''. Ze wees met haar magie als eerste op Melina. ''Zolang het maar feestelijk is''. Een voor een veranderde ze het uiterlijk van het groepje tot ze er net genoeg uitzagen. ''Waarom?'' merkte Kaylee op. ''Zie ik er wel goed uit zo?'' vervolgde ze paniekerig aangezien ze haar eigen uiterlijk niet kon zien. ''Je ziet er prima uit'' antwoordde Donna zonder op te kijken. ''Geen vragen stellen!'' reageerde Jade terwijl ze Melina bij haar arm pakte en naar de deur sleepte. ''Jij moet open doen!'' Onzeker legde Melina haar hand op de deurklink en opende de deur...