Een treurig feest

Om een of andere rede deed Ron aardiger dan Hermelien. Van Ron mocht ze mee naar het sterfdagfeestje samen Harry en Hermelien. Toen ze dat tegen Hermelien had gezegd had ze gezegt:'Ron beloofd vaker wel iets'. En was weg gelopen. Desondanks besloot ze toch om mee te gaan. Vandaar dat Ron, Hermelien en Harry om zeven uur de deur van de Grote Zaal, waar gouden borden en kaarsen uitnodigend schitterden, links lieten liggen en richting kerkers liepen. De gang die naar de kerker leidde waar Henk zijn feestje hield werd ook verlicht door kaarsen, maar het effect was niet bepaald vrolijk: het waren lange, dunne, gitzwarte kaarsen, met een felblauwe vlam die een ijl, spookachtig licht verspreidde, zelfs over hun levende gezichten. Met elke stap werd het kouder. Harry huiverde, sloeg zijn gewaad om zich heen en hoorde een geluid alsof er duizend nagels over een reusachtig schoolbord krasten. 'Moet dat muziek voorstellen?' fluisterde Ron. ' Waarschijnlijk wel'zei Jessica. Ze gingen een hoek om en zagen Haast Onthoofde Henk bij een deuropening staan die versierd was met slingers van zwart fluweel. 'M'n beste vrienden,' zei hij treurig. 'Welkom, welkom... heel fijn dat jullie konden komen...' Hij deed zijn hoed af en loodste hen buigend naar binnen. Ze zagen een ongelooflijk tafereel. De kerker was tjokvol parelwitte, doorschijnende geesten, van wie een groot deel rondzweefde boven de overvolle dansvloer en een walsje maakte op het door merg en been gaande, trillende geluid van dertig zingende zagen, die bespeeld werden door een orkestje op een zwart bekleed podium. In een enorme kroonluchter brandden nog duizend zwarte kaarsen met een nachtblauwe gloed. Hun adem vormde witte wolkjes; het was alsof ze in een koelcel terechtgekomen waren. 'Zullen we even rondkijken?' opperde Harry, die zijn voeten wilde warmen. 'Pas op dat je niet door iemand heen loopt,' zei Ron zenuwachtig op het moment dat er iemand door Jessica heen zijfde. Het voelde alsof ze onder een koude douce stond. Ze schuifelden langs de rand van de dansvloer. Ze passeerden een groepje sombere nonnen, een in lompen gehulde man met ketenen en de Dikke Monnik, de vrolijke geest van Huffelpuf, die een geanimeerd gesprek voerde met een ridder met een pijl in zijn voorhoofd. Het verbaasde Jessica niets dat de Bloederige Baron, de uitgemergelde, starende geest van Zwadderich, die overdekt was met zilveren bloedvlekken, angstvallig gemeden werd door de andere spoken. 'O nee!' zei Hermelien, die plotseling bleef staan. 'Terug, terug! Ik heb geen zin om met lammerende Jenny te praten -' 'Wie?' zei Harry, terwijl ze vlug op hun schreden terugkeerden. 'Ze spookt in de meisjes-wc op de eerste verdieping,' zei Jessica 'Spookt ze in een wc?' 'Ja. Hij is al het hele jaar defect, omdat ze steeds woedeaanvallen heeft en de boel dan laat overlopen. Ik ging er trouwens toch al nooit heen als ik niet echt moest; het is vreselijk om op de wc te zitten terwijl zij tegen je kermt -' 'Kijk, eten!' zei Ron. Aan de andere kant van de kerker stond een lange tafel, die ook gedekt was met zwart fluweel. Ze liepen er gretig naartoe, maar bleven een paar tellen later stokstijf en vol ontzetting staan. Het eten stonk een uur in de wind. Rotte vissen lagen op fraaie zilveren schotels, grote schalen waren gevuld met bergen zwartverbrande taartjes; er was een enorme penspastei vol maden, een kaas die met donzige groene schimmel was overdekt en, op een ereplaatsje, een reusachtige grijze taart in de vorm van een grafsteen, met in teer-achtig glazuur de woorden: Heer Hendrik van Malkontent tot Maling gestorven 31 oktober 1492. Jessica keek verbijsterd hoe een dikke geest naar de tafel liep, zich bukte en door het eten heen wandelde, met zijn mond zo wijd open dat hij dwars door een stinkende zalm gleed. 'Kun je het proeven als je erdoorheen loopt?' vroeg Harry. 'Bijna,' zei de geest triest en hij zweefde weg. 'Ik denk dat ze het hebben laten rotten om het een sterkere smaak te geven,' zei Hermelien wijs. Ze kneep haar neus dicht en boog zich voorover om de ontbindende penspastei beter te kunnen bestuderen. 'Zullen we doorlopen? Ik word niet goed,' zei Ron. Ze hadden zich nauwelijks omgedraaid toen er plotseling een klein mannetje onder de tafel vandaan zoefde, dat vlak voor hen bleef zweven. 'Hallo, Foppe,' zei Harry behoedzaam. In tegenstelling tot de andere spoken, was Foppe de klopgeest absoluut niet bleek en doorzichtig. Hij droeg een knaloranje feest-muts en een ronddraaiende vlinderdas en had een grote grijns op zijn brede, boosaardige gezicht. 'Knabbeltjes?' zei hij poeslief en hield ze een bakje beschimmelde pinda's voor. 'Nee, dank je,' zei Hermelien.

'Ik hoorde jullie over die arme Jenny praten,' zei Foppe,

met een boosaardige schittering in zijn ogen. 'Jullie deden heel lelijk.'

Hij haalde diep adem en brulde: 'HÉ! JENNY!' 'Nee, Foppe, nee!

Zeg alsjeblieft niet wat wij gezegt hebben. Dan raakt ze helemaal over haar toeren,' fluisterde Hermelien paniekerig. 'We meenden het niet'zei Jessica in paniek. 'We vinden haar best aardig-eh, hallo, Jenny.'

De geest van een dik, gedrongen meisje zweefde naar hen toe.

Ze had het sipste gezicht dat Harry ooit gezien had en dat ging ook nog eens half schuil achter sluik, vettig haar en een bril met parelkleurige jampotglazen.

'Wat?' zei ze nors. 'Hoe is het met je, Jenny?' zei Hermelien met geforceerde vrolijkheid. 'Leuk om je eindelijk eens niet op het toilet te zien.' Jenny snoof. 'Onze meiden hadden het net over je -' fluisterde Foppe vals in Jenny's oor.

'We zeiden – we zeiden dat je er zo leuk uitziet vanavond,' zei Jessica.

met een woedende blik op Foppe. Jenny staarde Hermelien achterdochtig aan. 'Jullie houden me voor de gek,' zei ze en direct welden er zilveren tranen op in haar kleine, doorzichtige oogjes.

'Nee - echt niet – zeiden weiet hoe leuk Jenny er vanavond uitziet?' zei Hermelien, en gaf Harry en Ron een harde por in hun ribben.

'O... ja...'

'Ja, klopt...'

'Lieg niet!' snikte Jenny, terwijl de tranen over haar wangen stroomden en Foppe vrolijk grinnikte. 'Denk je dat ik niet weet hoe de mensen me noemen achter m'n rug? Dikke Jenny! Lelijke Jenny! Jankende, jammerende, jeremiërende Jenny!' 'Je bent "puisterige" vergeten,' siste Foppe in haar oor. Jammerende Jenny begon gierend te snikken en vluchtte de kerker uit. Foppe zoefde achter haar aan, bekogelde haar met schimmelige pinda's en schreeuwde: 'Puistenkop! Puistenkop!' 'O jee,' zei Hermelien triest. Haast Onthoofde Henk zweefde door de menigte naar hen toe. 'En, amuseren jullie je?' 'Jazeker,' logen ze. 'Geen slechte opkomst,' zei Haast Onthoofde Henk trots. 'De Weeklagende Weduwe is helemaal uit Kent gekomen... het is bijna tijd voor mijn toespraak, laat ik het orkest even waarschuwen...' Op dat moment stopte het orkest echter al met spelen. De orkestleden en andere aanwezigen deden er het zwijgen toe en keken opgewonden om zich heen toen er een jachthoorn klonk. 'Daar gaan we weer!' zei Haast Onthoofde Henk verbitterd. Een stuk of tien spookachtige paarden, bereden door ruiters zonder hoofd, kwamen door de muur van de kerker gestormd. De feestgangers applaudisseerden luid; Harry begon ook te klappen, maar hield snel op toen hij Henks gezicht zag. De paarden galoppeerden naar het midden van de dansvloer en bleven daar steigerend en bokkend staan; een grote geest die voorop reed, met een bebaard hoofd onder zijn arm dat op een jachthoorn blies, sprong van zijn paard, hief zijn hoofd hoog op zodat hij over de menigte heen kon kijken (iedereen lachte) en liep met grote passen naar Haast Onthoofde Henk, terwijl hij zijn hoofd weer op zijn nek drukte. 'Henk!' bulderde hij. 'Hoe is het met je? Je laat het hoofd niet hangen, hoop ik?'Schaterend gaf hij Henk een klap op zijn schouder. 'Welkom, Parcifal,' zei Henk stijfjes. 'Levenden!' zei heer Parcifal, die Harry, Ron,Jessica en Hermelien zag en deed alsof hij een enorme sprong van verbazing maakte, zodat zijn hoofd weer afviel (iedereen gierde van het lachen). 'Heel grappig,' zei Haast Onthoofde Henk duister. 'Let niet op Henk!' riep het hoofd van heer Parcifal vanaf de vloer. 'Hij heeft nog steeds de pest in omdat hij niet bij de Koplopers mag! Maar ik bedoel - moet je hem nou 'ns zien -' ik vind,' zei Harry haastig, na een veelbetekenende blik van Henk, 'dat Henk heel - angstaanjagend is en - eh ' 'Ha!' schreeuwde het hoofd van heer Parcifal. 'Hij heeft vast gevraagd of je dat wilde zeggen!' 'Mag ik even de aandacht? Het is tijd voor mijn toespraak!' riep Haast Onthoofde Henk. Hij marcheerde naar het podium en ging in het licht van een ijzig blauw spotje staan. 'Geachte, wijlen dames en heren, het is met grote droefenis...' Verder hoorde niemand iets. Heer Parcifal en de rest van de Koplopers waren met een potje Hoofdhockey begonnen en iedereen keek. Haast Onthoofde Henk deed een vergeefse poging om de aandacht te trekken, maar staakte die toen het hoofd van heer Parcifal onder luid gejuich langszeilde. Harry was tot op het bot verkleumd en verging van de honger. ik heb het nu wel gezien,' zei Ron met klapperende tanden, toen het orkestje weer begon te spelen en de geesten opnieuw de dansvloer op gingen. 'Laten we gaan,' zei Harry. Ze schuifelden naar de deur, knikkend en glimlachend tegen iedereen die in hun richting keek en even later liepen ze haastig terug door de gang met de zwarte kaarsen.