Hoofdstuk 4.

Pijnlijke herinneringen…

' Het begon zo, er was ooit een amulet. Wat een groot gevaar was voor onze beschaving. Het was zeer machtig, niemand weet precies wat het nou echt allemaal kon. Het was in de handen van een verkeerd persoon.

De man was slecht, hij maakte misbruik van het amulet. Om hem te stoppen, hebben de oudere wachters hem moeten doden. Maar niet zonder offers, zelf zijn ze daarbij ook dood gegaan. Op twee wachters na, die hebben het amulet kunnen verstoppen, zodat de geschiedenis zich niet zou herhalen.

Het amulet zou nooit meer in de handen van het slechte mogen vallen.

Een tijd terug is het toch gebeurt, het amulet werd per ongeluk gevonden. De jongens die het vonden hadden nog geen idee wat het was, maar zodra ze de krachten erin ontdekken, gebeurde het. Ze werden gek van de krachten.

Ze begonnen mensen af te persen, te beroven en veel meer.

En alsof dat nog niet genoeg was, stallen ze ook krachten van anderen magische wezens. Ze waren van plan om alle mogelijke bedreigingen te elimineren.'

' Wij kregen van ons Orakel de opdracht om de drie jongens te stoppen.

Maar voordat we ook maar aan die missie konden beginnen, namen ze de eerste wachter van ons te grazen. Michelle, zij beheerst geluid, had geen kans tegen de jongens. Ze ontvoerde haar, en nou zit ze opgesloten. Hun tweede slachtoffer was Lydia, zij beheerst licht en warmte, ze deden het zelfde met haar als Michelle. Toen waren ik en Jaimy, zij beheerst ijs en kou, en Carolien, zij beheerst dus het Hart en pure energie, nog over. Wij wouden wat doen, dus vielen we ze aan. Dat was waar de ramp begon, we stonden geen kans tegen hun.

Ze wouden eerst mij te grazen nemen, maar dat verhinderde Jaimy.

Zij offerde zich op voor mij, ze hebben haar gewoon op brute wijze verslagen.

Toen gingen ze achter Carolien aan. Voor dat zij bewusteloos raakte, gooide ze nog het Hart naar mij. Ik ving het op, en toen transporteerde het Hart me hier heen. Ik belandde in een steegje, en ik voelde jullie energie dus dicht bij. En toen ging naar jullie toe.'

Raven pikte een traantje weg vanuit de hoek van haar oog.

' Waarom hebben ze jullie gevangen genomen en niet gewoon meteen van jullie krachten beroofd?' vroeg het Orakel.

' Ik denk dat ze onze krachten niet kunnen krijgen zonder het Hart.

Maar kunnen jullie me alsjeblieft helpen met de strijd? Ik kan het niet in me eentje, en ze zullen achter me aan gaan.'

' Wachters, wat denken jullie ervan?'

Will stapte naar voren en zei:

' Wij zullen alles doen om de wachters van Islea te bevrijden. Toch meiden?'

Will draaide zich om naar de andere wachters, en zag dat ze allemaal knikte.

Een vlaag van opluchting ging door Raven heen.

' Bedankt! Willen jullie nu gaan?'

' Ja, laten we dat doen. Als we misschien langer blijven wachten, kan het probleem alleen maar groter worden.' Zei Will.

' Oké, echt bedankt. Will mag ik het Hart van Islea?'

Will liep naar Raven toe en gaf het Hart aan haar.

Ditmaal voelde het Hart licht aan, het gaf haar weer de energie om er geheel voor te gaan.

' Gaan jullie om me heen staan? '

De wachters verzamelde zich om haar heen, en ze hief het Hart voor zich uit.

Het Hart van Islea begon fel te gloeien, en toen verdwenen ze met een flits.

Op weg naar haar wereld…


Beetje leuk? Hierna begint het avontuur eigenlijk pas echt.