De volgende ochtend stond Raven vroeg op. Ze had besloten om voor het ontbijt, haar grootmoeder een brief te schrijven en naar de uilenvleugel te gaan, waar haar uil zat.

Raven zocht een plaatsje naast de massieve haard in de leerlingenkamer en begon er te schrijven.

Liefste Oma,
Dankjewel voor de brief die je gestuurd hebt. Ik was inderdaad zenuwachtig, maar toen ik je brief las, ging alles veel beter.
Zweinstein is prachtig, ik heb nog nooit zo'n mooi kasteel gezien. Bent u hier ook naar school geweest? Want over uw schoolleven hebt u eigenlijk niet veel verteld.
Natuurlijk vergeef ik het u, dat u zo lang gewacht hebt om mij naar hier te sturen, ik begrijp uw standpunt en ik weet dat het is omdat u mij graag ziet.
Er is iets gebeurd… heel onverwachts.
Ik ben ingedeeld in Zwadderich grootmoeder. En ik begrijp niet zo goed waarom. U weet dat ik geboeid ben door het duister, maar nooit heb ik er een deel van willen uitmaken. Ik ben eerlijk gezegd wel een beetje bang oma, bang dat ik iets verkeerd zou doen. Weet u waarom ik in Zwadderich ben terechtgekomen?
Ik denk aan je, Raven.

Raven herlas de brief en verzegelde hem. Nu pas zag ze dat er iemand in de zetel zat.
'Goeiemorgen, Raven'
'Goeiemorgen… Draco'
Draco staarde naar de brief in haar handen.
'Ga je mee?'
'Naar waar?' vroeg ze, helemaal uit de lucht gevallen.
'Ik neem aan dat je naar de uilenvleugel moet?' nog steeds naar haar brief starend.
'Ja'
'wel dan, waar wacht je dan nog op, ik moet daar ook heen'.

In een mum van tijd had Raven alles bijeengeraapt en liep ze door het portretgat met Draco.

Ze voelde dat hij terug occlumentie gebruikte.
Zonder iets te zeggen en zonder haar aan te kijken, bood hij haar zijn arm aan.
Ze nam zijn arm aan en liep zo verder naar de uilenvleugel.

Zouden alle Malfidussen zo hoffelijk zijn? Dacht ze. Lucius had bij hun eerste ontmoeting spontaan haar hand gekust, Draco heeft hetzelfde gedaan en nu had hij haar zijn arm aangeboden. Plots dacht ze aan de dingen die Hermelien in het verleden over Draco had verteld.
Raven werd enkel zo behandeld omdat zij… een puurbloed tovenaar was.

Toen ze de uilenvleugel binnenkwamen, kwam er een bruine uil aangevlogen en landde op Raven's arm. 'Goeiemorgen Wolfram'
De uil liet zich gewillig over zijn hoofd strelen en keek tevreden naar zijn meesteres met zijn goudgele ogen. Raven toonde hem de brief. 'Wil je deze brief naar oma brengen?' Wolfram maakte een zacht krassend geluid toen Raven hem eerst nog iets lekkers gaf, vooraleer hij met de verzegelde brief wegvloog.

Iets verderop stond Draco met zijn uil. Raven's mond viel open van verbazing, ze had nog nooit zo'n prachtige uil gezien. Het was een grote pikzwarte uil, met grote felgroene ogen.
'Mag ik hem even strelen?' zei Raven, maar net ietsje te laat, want de uil vloog weg.

Draco zei niets en verliet de Uilenvleugel. Raven volgde hem. Zoals daarstraks, werd er geen woord gezegd, maar Draco bood deze keer zijn arm niet aan. Raven besloot dan maar een beetje te kijken naar de vele portretten die rechts van haar hingen.
'He Draco, heb je daarstraks dat schilderij gezien met al die lijken?'
Maar toen ze naar links keek, stond Draco niet meer naast haar. Hulpeloos keek ze rond zich, maar hij was nergens te bekennen.
Raven besloot dan maar alleen verder te lopen naar de Grote Zaal.

'Goeiemorgen Raven' riepen haar vrienden van Griffoendor in koor.
'Goeiemorgen' glimlachte ze hen toe, en zette zich aan de Zwadderich tafel naast Benno Zabini.
'Goeiemorgen schoonheid'
Raven lachtte
'Goeiemorgen Zabini'
'Ik heb je vanochtend zien vertrekken met Draco'
'Ja dat klopt, is daar iets mis mee misschien?'
'Neen, natuurlijk niet. Maar wat ik me wel afvraag is wat jullie gedaan hebben.'
Zabini nam 2 broodjes en gaf er 1 aan Raven.
'Dankje. We zijn gewoon naar de uilenvleugel gegaan omdat we beide een brief moesten versturen. En toen we naar de Grote Zaal liepen, was hij plotseling verdwenen. Weet jij soms waar hij is?'
'Je moet je geen zorgen maken over Malfidus. Hij moest waarschijnlijk nog iets afhandelen. Je ziet hem wel in de les.'

En Zabini had gelijk. Draco was net op tijd voor de les Kruidenkunde en kwam naast hem zitten.
Vanuit zijn ooghoek zag hij Raven naast Hermelien zitten en fluisterde toen iets in het oor van Zabini.
De les was saai en ging vrij traag voorbij.

Ondertussen hadden de uilen hun brieven afgeleverd.

Ten huize Malfidus-----------

Lucius zat in zijn kantoor de brief te lezen die zijn zoon hem had geschreven.

Vader,
Er is een nieuw meisje bijgekomen in Zwadderich, en ze zit in mijn jaar. Raven Godefroid heet ze. Na het sorteren kwam ze naast me zitten en keek ze recht in mijn ogen. Op de een of andere manier zag ze mijn gedachten en herinneringen. Ze heeft slechts enkele dingen gezien, want ik heb daarna occlumentie gebruikt.
Vormt zij een bedreiging en moet ik haar uitschakelen? Op dit moment hou ik haar te vriend, en daarmee bedoel ik, dat ik haar behandel zoals u mij geleerd hebt. Zoals een volbloed Zwadderaar behandeld moet worden. Maar ze lijkt goed overeen te komen met Potter, Griffel en Wemel.
Ik wacht op uw orders, Draco.

Zorgvuldig legde hij de brief op zijn bureau en nam een vel perkament.
Hij doopte de veer in een pot groene inkt en begon te schrijven.

Draco,
Ik weet wie Raven Godefroid is, ik heb haar in Klieder & Vlek ontmoet, waar ze een boek over Heer Voldemort in haar handen had. Het is niet erg dat zij die dingen gezien heeft. Ik wil zelfs, als je er van overtuigd bent dat je een tijdje met haar alleen zal zijn, dat je occlumentie opgeeft, en haar alles laat zien. Ik ben trots te weten, dat je haar behandelt zoals ik je geleerd heb. Je handelt juist. Ik heb haar geanalyseerd bij onze 2 ontmoetingen, en ik heb haar achtergrond onderzocht. Ze is een heel uniek persoon, en ze is haar titel van volbloed meer dan waard. Alleen heeft ze helemaal geen afkeer voor modderbloedjes, spijtig. Ik wil dat je haar vertrouwt maakt met het duistere. Ik weet zeker dat ze niets zal doorvertellen, want daar zal jij wel voor zorgen. Concentreer je op Raven, en niet meer op die andere.
Ik zal je op de hoogte houden over de Duistere Heer.
Je vader, Lucius Malfidus.

Lucius gaf de brief terug mee met Fenrir, en vertrok naar het hoofdkwartier van Voldemort.

Lucius stapte een oud vervallen huisje binnen. 2 dooddoeners hielden de wacht. Ze knikten beiden kort naar Lucius, en op vertoon van het Duistere Teken op zijn arm, deden ze de massieve deur open die leidde naar het ondergrondse verblijf van voldemort.
Er leek maar geen eind te komen aan de draaitrap.
Na een vijftal minuten moest hij nogmaals zijn Duistere Teken tonen, en ging hij de vertrekken binnen. De grot was verdeeld in verscheidene compartimenten. Speciale plaatsen om vloeken te oefenen, dodelijke dranken te maken en Duistere Voorwerpen te bewaren. In het laatste compartiment, zat Voldemort Vuurwhisky te drinken met Bellatrix, Lucius' schoonzus.

'Heer Voldemort, Bellatrix' Hij groette hen beiden op een beleefde manier, ook al had hij een hekel aan Bellatrix.

Bellatrix lachte spottend.
Voldemort merkte het op en was er niet mee gediend.
'Verlaat ons Bellatrix, en vergeet de deur niet dicht te doen' beval hij haar.
Zwijgend verliet ze de kamer. Een rilling ging over haar rug. Na al die jaren, was ze nog steeds niet die ijzige dode stem van Voldermort gewend geraakt.

'Vertel mij, Lucius. Wat heb je mij te vertellen?'
Voldemort keek met zijn slangachtige ogen naar Lucius en ontblootte zijn gelige tanden.

Lucius begon meteen te vertellen over Raven Godefroid.

……….

Lucius en Voldemort zaten al een tijdje te praten en Bellatrix begon ongeduldig te worden. Ze ging aan de deur staat en probeerde mee te luisteren. Ze hoorde de ijzige stem spreken.

'Zij moet dood. Anders zullen we haar nooit kunnen bereiken. Ze moeten van elkaar gescheiden worden… door middel van de dood. Ze zal ons ten goede komen Lucius, luister naar mijn woorden. Ze lijkt me heel waardevol. Maar ze is als een ruwe diamand. En ruwe diamanten moeten geslepen worden. Ik zal haar laten slijpen totdat ze perfect is. Ik dank je voor deze informatie Lucius. Zeg je zoon dat hij binnenkort zijn "beloning" zal krijgen.'
'Dank u Heer Voldemort'
Lucius ging net afscheid nemen en opstaan, maar deed dat niet toen hij zag dat Voldemort naar de deur staarde en zijn toverstaf ernaar richtte.

Voldemort prevelde een spreuk waardoor de deur openvloog en Bellatrix, die stond te luistervinken, languit op de grond viel.
Onhandig stond ze recht… angst stond af te lezen van haar gezicht.

'Zo-zo Bellatrix, wat geeft jou het recht om van je Heer af te luisteren?'
Zonder haar antwoord af te wachten riep Voldemort 'CRUCIO'
Bellatrix vloog tegen de muur en schreeuwde het uit van de pijn. De pijn van de Crucio-vloek brandde doorheen haar hele lijf. Na enkele minuten zakte ze bewusteloos ineen op de grond.

Lucius keek niet eens naar haar toen hij afscheid nam van Voldemort en ging toen terug naar huis.