Velea
stond buiten in haar tuin. Het was een grote tuin, gevuld met de
meest uiteenlopende soorten bloemen. Bloemen in alle lengtes,
kleuren, vormen, en met elk een speciale eigenschap. Velea hield veel
van haar bloemen en kwam altijd tot rust in haar tuin. Maar deze keer
niet….
Haar handen trilden toen ze probeerde haar uitgebloeide
Clematis te snoeien.
Ze haalde nogmaals de brief uit haar paarse
schort.
Met tranen in haar ogen herlas ze elk woord dat erin
stond.
--------flashback----------
Ding-dong
Een
vijftigjarige vrouw met kort blond haar liep rustig naar de deur en
deed hem open.
Twee mysterieuze figuren in een lange kapmantel
stonden op de drempel.
De vrouw was helemaal niet geïntimideerd
door de twee personen en zei rustig.
'Goedenavond, kan ik iets
voor jullie doen zo laat op de avond?'
Geen
antwoord. 'jammer' zei ze en maakte aanstalten om de deur terug
dicht te doen.
Vanaf dat moment ging alles heel snel.
De
grootste persoon duwde zo hard tegen de deur, dat de vrouw tegen de
muur knalde. 'Uit de weg Velea' Zei een diepe stem en riep
luidkeels 'Crucio'
Een
gestommel was hoorbaar uit de woonkamer, waar de tweede schim
ondertussen was.
'Laat mijn familie met rust! Neem mij!' Een
jongeman van rond de dertig had zijn toverstok getrokken en deed
teken naar zijn vrouw om weg te lopen.
Ze leek verward, maar toen
ze de vastberaden blik van haar man zag, liep ze richting de
kinderkamer waar haar pasgeboren dochter lag.
Helaas.
De tweede schim was ondertussen al binnengekomen en riep 'Detentio!'
Lange touwen kwamen uit zijn toverstok en wikkelden zich rond het
koppel.
De eerste schim draaide zich om en gebood Velea naar hem
te komen.
Velea gehoorzaamde.
'Breng het kind!'
Haar
gezicht verbleekte…'Nu!' brulde de eerste schim
ongeduldig.
'Niet doen moeder! Geef hem ons kind niet! Red haar!
Ze heeft nog een heel leven voor de boeg!'
Velea
stond nog steeds te twijfelen in de woonkamer.
'Als je haar niet
geeft..' Begon nu de tweede schim. 'Dan vermoord ik je
teerbeminde zoon en schoondochter'.
'Velea… ik smeek het je. Doe het niet. Ze is veel waardevoller dan ons!'
De twee schimmen riepen luidkeels tegelijkertijd
'Crucio!' richting de vrouw.
Ze schreeuwde het uit van de
pijn. Haar schreeuw was een schril, angstaanjagend geluid dat sneed
door merg en been. De vrouw verloor het bewustzijn, maar werd nog
steeds rechtop gehouden door de dikke touwen.
'Neen…
Cassandra, mijn lieve Cassandra.' De man huilde. Hartverscheurend
smeekte hij zijn moeder om hun dochter te redden.
'Stephane…
ik wil je stom gehuil niet meer horen. Straks krijg ik nog
medelijden!' zei hij sarcastisch. De twee schimmen lachten.
'Silencio!' De jongeman kon nu niets meer zeggen. Het was nu
allemaal aan Velea. Ze keek een laatste maal naar de twee schimmen
die nu hun kap afdeden.
Ze herkende hen als de dooddoeners Arduin
en Rodolphus van Detta.
Velea wist niet meer wat te doen. Ze
ging uiteindelijk naar de kinderkamer.
Haar zoon was op gelucht en
ging ervan uit dat ze hun dochter ging meenemen en weglopen.
Maar
na enkele minuten, stond Velea terug in de woonkamer met haar
kleindochter.
Een klein meisje van 2 maanden oud, gewikkeld in een
lichtblauw dekentje. Bruine, haast Aziatische oogjes, maar lichtblond
haar en een klein neusje. Ze verkeerde in een rustige slaap, niet
wetend dat de dood boven haar hoofd hing.
'Geef
Raven maar hier' zei Arduin.
Velea gehoorzaamde. Hoe kon het
toch dat dooddoeners zoveel wisten over iedereen, vroeg ze zich
af.
Haar hand gleed in haar keukenschort. Haar hand omklemde haar
toverstok, ze moest iets ondernemen. Velea was een tovenaar met veel
ervaring door haar leeftijd, maar ze wist vanbinnen dat ze het nooit
zou kunnen halen tegen twee dooddoeners. Één
dooddoener, zou doenbaar zijn.
Raven werd wakker, en keek recht in
de pikzwarte ogen van Arduin.
Ze huilde niet, ze bleef met een
rustige uitdrukking op haar kleine gezichtje naar Arduin staren.
De
twee dooddoeners hadden niet in de gaten wat Velea ging doen.
'Exforcia!'
Een heldere oranje lichtstraal raakte Rodolphus.
Rodolphus had verwacht dat hij een intense pijn zou voelen… maar
dat gebeurde niet. De oranje lichtstraal uit de toverstok bleef met
hem verbonden.
En plots voelde hij het… Alle energie werd uit
hem onttrokken en verzamelde zich vliegensvlug in een grote oranje
bol voor zich.
De bol schoot vooruit en ging richting de toverstok
van Velea.
Velea lachte tevreden. 'Wie het laatst lacht, best
lacht! Ik zal nu al je krachten hebben, en er is niets dat je kunt
doen om ze terug te nemen!'
Toen gebeurde, wat Velea nooit
had durven denken…
In een mum van tijd, had Arduin Raven
omhooggehouden en werd ze opgeslorpt door de oranje bol.
De
verbinding met Velea's toverstok werd verbroken… verstijfd bleef
ze staan en keek naar haar kleindochter, binnenin de oranje bol, die
nu op twee meter van de grond zweefde.
Arduin hielp Rodolphus met rechtstaan, woedend bulderden ze beiden 'AVADA KEDAVRA!'
Het hele huis daverde… Velea zag hoe Stephane en Cassandra hand in hand, nog steeds vastgebonden, het leven lieten.
Met de overige kracht die Rodolphus nog had, prevelde hij een toverspreuk, waardoor het duistere teken boven Velea's huis verscheen.
De
oranje zwevende bol verdween & Arduin was net op tijd om haar op
te vangen.
Hij keek naar het kleine wezentje… ze had pikzwart
haar gekregen.
Hij en Rodolphus lachten. 'Oud wijf! Dat had je
niet voorzien hé. Jouw lieve onschuldige kleindochter, heeft
nu mijn duistere krachten in zich. Zie maar, ze heeft al mijn zwarte
haar!' zei Rodolphus 'Ik voel me een vader' Hij barstte in
lachen uit.
'Ik hoop dat je beseft dat dit nu geen onschuldig
kind meer is. Ze is nu een van ons!'
Arduin liep met Raven in zijn armen naar Velea. 'Hier… je kleindochter.'
Buiten
hoorden ze enkele mannenstemmen. 'Hier is het! Haast jullie! Anders
komen we te laat en kunnen we ze niet meer te pakken krijgen!'
'De
deur is gesloten!'
'Je doet met Raven wat je wil. Vergeet niet… als die schouwers die nu aan je deur staan, te weten komen dat ze Rodolphus krachten bezit, ze haar waarschijnlijk ook zullen willen vernietigen.'
'ALOHOMORA!'
tierde een van de schouwers. Met 5 stormden het huis binnen.
Toen
ze de woonkamer bereikten was het al te laat… de dooddoeners waren
verdwenen.
'Is
alles in orde met u mevrouw?'
Velea antwoordde niet. Ze keek
naar haar kleindochter en dacht bij zichzelf…Wees maar niet
ongerust kleintje, je geheim is veilig bij mij. En ik zal ervoor
zorgen, dat die duistere krachten van jouw, nooit naar boven komen.
--------einde flashback----------
Velea
viel op haar knieën en begon hartverscheurend te huilen. Ze
huilde, en schreeuwde van onmacht. De pijn die ze jarenlang in haar
hart droeg kwam nu pas naar boven. Eerder kon ze de pijn er niet uit
laten. Ze moest sterk zijn voor Raven… want Raven wist de waarheid
niet. Raven had al zo vaak geprobeerd de waarheid te vinden door
Velea stiekem in de ogen te kijken… maar ze had nooit ver genoeg
kunnen komen.
Velea had zo hard gewerkt, zo hard gewerkt om ervoor
te zorgen dat Raven niets met het kwade zou te maken kunnen hebben.
Er was wel die interesse van Raven voor Voldemort. Velea had zich
doodgeschrokken toen Raven dat vertelde. Maar gelukkig kon Velea die
interesse beperken. Maar nu… al haar werk had voor niets geweest.
Raven is in Zwadderich terechtgekomen… en nu is het te laat.
Misschien… misschien kon ze Raven nog helpen door haar het grote
geheim te vertellen…
Neen… dit geheim neem ik mee naar mijn
graf!
En
Velea bleef tussen haar prachtige bloemen liggen… huilend om het
verleden en om wat er komen ging.
Haar bloemen konden haar geen
rust brengen.
