Mijn lieve lezers,
VROLIJK KERSTFEEST!
Ziehier mijn kerstgeschenk voor jullie!
Het spijt me dat ik zo lang geen nieuw hoofdstuk heb gepost, maar dat is te wijten aan writersblock, veel werk voor school, geen inspiratie... Het gebruikelijke dus.
Ik wist niet echt wat ik wou voor het volgende hoofdstuk, en ik was begonnen aan iets heel gewoon: een dag dat Raven samen met Hermelien in de bibliotheek doorbracht. Maar ik wist niet hoe het verder moest, dus ben ik dan maar helemaal opnieuw begonnen en dit is het resultaat. Hopelijk genieten jullie ervan! Nogmaals prettige feestdagen aan iedereen!
Cassandra Xxx


"Albus, je moet het haar zo snel mogelijk vertellen; het is voor haar eigen bestwil. Elk uur, elke minuut is van belang. Anders zal ze nog meer schuldgevoel krijgen. Het laatste dat ik wil is dat ze verteerd wordt door haat en schuld."
"Ik weet het Minerva… Maar het doet mij zoveel pijn, en ik denk niet dat ik het zal aankunnen haar te zien instorten. Ze was haar tweede moeder. Ze heeft al die jaren voor haar gezorgd in afzondering. En net nu ik haar overtuigd heb, om haar kind naar hier te laten komen. En nét de week voor Kerst… dé week voor de week dat ze elkaar gingen terugzien loopt het zo verschrikkelijk slecht af."

Perkamentus' ogen zagen er rood en dof uit. Zijn bekende twinkeling was verdwenen en had plaats geruimd voor bittere tranen.
Professor Anderling ging naar haar goede vriend en omsloot zijn rimpelige handen met die van haar. "Albus, als je wil zal ik bij je blijven."
Een flauwe glimlacht verscheen op zijn gezicht toen hij naar haar opkeek. "Dank je Minerva, ik waardeer het uit het diepste van mijn hart, maar ik denk dat ik dit beter alleen doe." Zacht kneep ze nog eens bevestigend in zijn handen en ging daarna stil weg.

Les toverdranken--------------

"Kijk Draco! Wat een prachtige kleur! Is dat het? Is het dat kleur dat we moeten bekomen?" Raven keerde zich enthousiast naar haar klasgenoot en glimlachte breed. De inhoud van de ketel kleurde dieppaars. Draco knipoogde naar zijn partner. Ze waren een onafscheidelijk duo geworden tijdens toverdranken. Ze wisten elkaar telkens perfect aan te vullen waardoor hun toverdranken altijd de beste waren.

Samen overtroffen ze zelfs Hermelien, tot haar eigen grote teleurstelling.
Na elke les, sprak Hermelien, Raven aan om wat meer te weten te komen over de bereidingswijze van de toverdranken. Raven hielp haar maar al te graag, want ze kwamen goed overeen door vaak samen veel tijd door te brengen in de bibliotheek. Ze konden er soms uren samen zitten filosoferen, dingen opzoeken of over hun leven vertellen. Raven en Hermelien waren de voorbije maanden opnieuw heel close geworden. Men kon haast niet merken dat Raven in Zwadderich zat omdat ze zo goed bevriend was met Hermelien en de andere leden van het gouden trio. Maar Raven zat dus wel degelijk in Zwadderich èn ze was de vriendin van de meest bevreesde Zwadderaar Draco Malfidus.

Draco en Raven waren nog steeds heel gelukkig samen. Ze voelde zich perfect op haar gemak bij hem. Ze kon hem alles vertellen, haar nachtmerries, dromen en gedachten. Draco had haar beloofd dat ze rond de kerstperiode eens zouden praten over wat Raven allemaal had gezien toen Draco haar zijn herinneringen hat laten zien. Raven kon niet wachten, maar hij zei haar dat het was om haar niet tijdens het drukke schooljaar te belasten.

Hermelien had er helemaal geen probleem mee dat Raven en Draco samen waren, want nu was hij gestopt met haar een modderbloedje te noemen. Ron en Harry zeiden er niets op, maar gingen beiden niet akkoord met Raven haar keuze. Ze vertrouwden Draco nog steeds voor geen haar, en hielden hem net zoals vroeger nauwgezet in het oog.

Professor Slakhoorn kwam hun ketel wat van dichterbij bekijken. "Uitstekend; uit-stekend! Ik herinner mij niet dat één van mijn vroegere leerlingen het zo vlug hebben klaargespeeld om deze toverdrank te bereiden; én de kleur is zoals jullie wel zien buitengewoon prachtig! Twintig punten voor Zwadderich!" Alle Zwadderaars aanwezig begonnen uitbundig te juichen.

Plotseling kwam professor Anderling binnen… geschrokken viel iedereen stil. Ze gebaarde naar haar collega om even mee uit de klas te gaan.
Als voorbeeldige leerlingen ging iedereen op zijn plaats zitten in stilte.

Enkele minuten later, kwam professor Slakhoorn terug binnen; zijn gezicht lijkbleek. Zonder een woord te zeggen liep hij voor zich uit starend naar de laatste bank. "Raven..." Hij legde zijn hand op haar schouder. "Professor Perkamentus verwacht je in zijn kantoor". Hij bukte zich en fluisterde haar toe "Het wachtwoord is Ijsmuizen".

Lichtjes geschrokken keek ze nog vlug even naar Draco en Hermelien; en liep toen uit de klas richting het kantoor van Perkamentus.

Na het wachtwoord te hebben gezegd, en de trap te hebben bestegen, klopte ze zachtjes op de grote deur van Perkamentus' kantoor.
"Kom maar binnen Raven, de deur is open." Het moment dat Raven het kantoor binnenging, bekroop een akelig gevoel haar.
Hij gebaarde dat ze mocht zitten op een van de stoelen.
Ze keek eens beter naar Perkamentus en merkte dat hij veel verdriet leek te hebben. Bezorgd vroeg ze:"Professor Perkamentus, gaat het een beetje?" Ze zag dat hij een dikke traan wegpinkte.
"Mijn lieve kind, ik zou degene moeten zijn die hetzelfde aan jou vraagt."
"Hoezo? Wat bedoelt u?" Ze stond op en leunde met haar handen op zijn massieve bureau. "Het; komt niet veel voor; maar ik kan de juiste woorden niet vinden; het spijt me zo." Raven die nog steeds niets begreep ging geknield naast Perkamentus zitten. Hij keek haar oprecht aan, legde zijn hand op haar zachte wang en wist niets beter dan zijn occlumentie op te heffen.

Ze wendde haar hoofd af. "Perkamentus… ik durf niet te kijken, ik ben bang voor wat u mij gaat tonen."
"Raven… Ik kan niet anders, ik krijg de woorden niet over mijn lippen. Ik zal ervoor zorgen dat je niet de pijn van al mijn herinneringen meemaakt. Anders zal het veel te belastend zijn. Ik zal je alleen laten zien wat je moet zien".
Raven besefte dat het daarom was dat het zoveel pijn had gedaan, de keer dat ze Draco's gedachten had gezien. Het was omdat ze alles in één keer had gezien.

Ze keek hem opnieuw aan en liet de gedachtestroom over haar komen. Het voelde aan alsof ze in een bol werd gezogen met allerlei bewegende beelden om haar heen. Ze voelde hoe Perkamentus haar naar 1 specifiek beeld doorduwde zodat ze geen tijd had om de andere te bekijken.

Ze zag de living in haar grootmoeders huis door de ogen van Perkamentus. Perkamentus kwam net uit de rijkelijk versierde haard gestapt. Omdat zijn goede vriendin niet zoals gebruikelijk in haar schommelstoel zat, riep hij even. "Velea? Ben je er?" Maar er kwam geen antwoord. Hij zocht in alle kamers maar vond haar niet. Toen hij in de keuken kwam, zag hij dat de achterdeur open was. Het schoot hem ineens te binnen waar ze zou kunnen zijn, en ging toen richting de heuvel. Raven rilde even toen ze besefte waar Perkamentus naartoe stapte… het graf van haar ouders dat zich bevond op de top van de heuvel. Ze herinnerde zich hoe vaak ze daar had zitten praten tegen haar ouders, vragend wat er met hen was gebeurd. Velea had al die jaren geen woord willen lossen over de precieze dood van Raven's ouders, omdat zij dacht dat dát het beste was voor haar. Raven ging daar helemaal niet mee akkoord, maar er was weinig dat ze er kon aan doen. Velea had haar beloofd dat ze alles zou te weten komen, de dag dat ze haar schoolleven had afgemaakt. En Raven keek hevig verlangend naar die dag uit.

Perkamentus had ondertussen de beklimming van de heuvel begonnen die beplant was met bomen. Het waren allemaal hoge treurwilgen… maar het was de breedste treurwilg die hij zocht. Die bevond zich temidden alle andere treurwilgen op de top van de heuvel.
Onder die treurwilg hoopte hij Velea aan te treffen

Na enkele minuten kwam de top in zicht en versnelde hij zijn pas. Hij zag de reusachtige standbeelden van Stephane en Cassandra onder de treurwilg. Toen hij naar hun voeten keek, meende hij Velea te zien zitten in de schaduw. Hij riep haar naam, maar weer kwam er geen antwoord.
Om beter te kunnen kijken hield hij zijn hand voor zijn ogen omdat de zon hem het zicht ontnam.
Dan pas besefte hij dat Velea languit op de grond lag.

Perkamentus begon te lopen en knielde naast Velea. Raven dacht dat haar grootmoeder gevallen was.
Perkamentus draaide Velea om en zag dat haar ogen gesloten waren. Haar hele lichaam voelde ijskoud aan. Gepanikeerd zocht hij naar haar hartslag maar tevergeefs. Vlug trok hij zijn toverstaf en mompelde een spreuk… zonder effect. Perkamentus nam haar in zijn armen en ging met zijn vingers langs haar kaaklijn. Een dikke traan rolde langs zijn wang naar beneden.
"Rust in vrede mijn liefste."

Dat moment werd Raven uit zijn gedachten geschoten, en belandde ze opnieuw in haar eigen lichaam. Ze wreef in haar ogen en keek opnieuw naar de trieste Perkamentus voor zich. Hij had verwacht dat ze in huilen zou uitbarsten, maar dat was niet het geval. Ze zat nog steeds op de grond en staarde met een verdoofde blik voor zich uit.
"Waar is haar lichaam?"
"Ik heb haar naar de ziekenvleugel laten overbrengen, ik …" Ze liet hem niet uitspreken, maar stormde uit zijn kantoor richting haar grootmoeder. Perkamentus stond op uit zijn stoel en volgde haar.

Raven had in haar hele leven nog nooit zo snel gelopen. Het duurde niet lang of ze had de ziekenzaal bereikt. Instinctief rende ze naar het bed dat achteraan in de ziekenzaal stond.
Toen ze dichter bijkwam zag ze het lichaam van haar grootmoeder. "Oma" riep ze uit en omhelsde haar. "Oma… je moet wakker worden." Ze liet los en glimlachte verdwaasd. "De planten moeten water krijgen, en vooral de bloemen! Ja de bloemen! Je moet er zoveel binnenzetten, anders zullen ze bevriezen!" Ze nam haar oma's hand. "Anders zullen ze zo koud zijn als jij…"
Als een klein kind legde ze haar hoofd op haar grootmoeders hart en probeerde te luisteren… haar gezicht versomberde. Ze voelde een hand op haar schouder. "Raven…"
"Perkamentus; oma… ze. De planten!" Hij schudde triest zijn hoofd. "Oma je had het me beloofd! Je ging… Oma kom terug… VERDOMME!" Tierde ze en sloeg met al haar macht tegen de muur.

Woedend keek ze naar Perkamentus… hij kon de immense pijn aflezen op haar gezicht. Het begon allemaal tot haar door te dringen. De innerlijke pijn won het van de fysieke pijn… ze zakte ineen en begon hartverscheurend te huilen aan het bed van haar grootmoeder. "Pe-perk… h-he-het s-spijt me z-zo…" Bracht ze met moeite uit. Perkamentus bukte zich en nam haar in zijn armen.

"H-hoe is ze gestorven?" Vroeg ze hem door haar tranen heen.
Perkamentus zuchtte diep… "Ze lijkt te zijn gestorven… van verdriet.".