Het is weer een kort hoofdstuk tot mijn spijt. Maar het komt omdat ik met en paar dingen vast zit met dit verhaal. Geen probleem op zich, ik probeer alleen niet in één hoofdstuk al van alles prijs te geven. Dus enjoy en nogmaals de warning:

Warning: In dit verhaal word veel gescholden, geweld gebruikt en andere onaardige dingen. Geen gezellig verhaal om als kindje te lezen, dus dat bij deze weer.

Hoofdstuk 5) Bij zinnen op het tankstation.

Het is weer doodstil in de auto. Als een professionele kettingroker is Maikel al aan zijn zevende shaggie in een half uur bezig. Zijn ogen zijn constant strak gefocust op de weg, zijn handen ontklemmen het stuur alsof zijn leven er vanaf hangt en in zijn hoofd is het een grote puinhoop. Waarom heeft hij het meisje wéér meegenomen? Hij had haar net zo goed in het bos kunnen laten zitten. Eer ze de beschaving had gevonden was hij al lang in Duitsland of ze was aangevallen door een wild beest of gewoon doodgegaan van de kou. Nee, hij had haar voor de handigheid wéér meegenomen. Soms en op het moment heel vaak, kon hij zichzelf wel voor zijn kop slaan.

Zijn ogen flitsen even van de weg op haar, het meisje. Ze is lijkbleek geworden. 'Hah, Maikel, lijkbleek.'Denkt hij boos. 'Niet het moment voor flauwe opmerkingen.' Hij kijkt naar het meisje. Met haar arm ondersteund ze haar gewonden arm en in haar gezicht evenals enkels en polsen zitten krassen.

'Eigenlijk zou ze naar het ziekenhuis moeten. Of op z'n minst een dokter.' Hij kijkt naar haar dikke enkel en kijkt dan snel weer naar de weg. 'Ze is alleen maar loos gewicht. Wat moet ik met dit kind?' Hij zucht en zijn gezicht verstrakt. Kind, het is nog maar een kind. Een meisje van veertien dat al teveel gezien is. Even erg de weg kwijt als hijzelf... Misschien zelf nog meer.

'Het kan me wat.'Denkt hij boos. Hij trapt het gast nog dieper in en rijt een vervallen parkeerplaats op. Met piepende remmen stopt hij de auto en zet de motor af.

"Opstaan." Zegt hij gehaast tegen het meisje. Ze kijkt hem verbaast aan. Hij maakt een drukke beweging naar haar deur. "Eruit." Angstig doet ze wat hij zegt. Snel stapt Maikel uit en slaat zijn deur dicht. Nog voor het meisje op eigen benen kan staan grijpt hij haar schouder vast.

"Niks proberen schatje of je kan helemaal niet meer lopen." Sist hij zacht in haar oor. Hij voelt haar huiveren. Hij duwt haar de auto uit en loopt richting wc. Hij opent de deur van de meisjes-wc. Even kijkt hij in het rond, niemand te zien. Ook alle deuren zijn open. Dan duwt hij het meisje naar binnen.

"Ga je gezicht wassen, zorg dat er je er normaal uitziet, ik heb geen zin in mensen die dingen gaan vragen. Ga naar de wc we hebben een lange dag.. Ik sta hier, dus niets proberen iemand te roepen of door het raampje te vluchten. Ik ben sneller dan jij en je enkel is gekneusd." Voor haar neus slaat hij de deur dicht en gaat tegen de muur aanstaan. Uit zijn zak haalt hij zijn pakje shag en begint weer een shaggy te draaien. Hij stopt het pakje terug en steekt zijn shaggy aan en neemt meteen een diepe hijs. Hij ademt uit en sluit zijn ogen, gunt zichzelf een seconde rust.

'En nu Maikel, en nu?' meteen neemt hij weer een hijs, het gaat moeilijk zijn handen trillen. 'Verdomme…' Het is niet zo vreemd, hij rijd al bijna drie dagen non-stop, heeft zo goed als niet geslapen of gegeten. Een biertje en een bed zou hem zo goed doen. Maar dat gaat niet, hij moet als de sodemieter naar Duitsland daar is hij veilig, althans dat hoopt hij. Leunend tegen het muurtje verzonken in gedachten staart hij naar de grauwe lucht. Het lijkt wel of de zon voor goed verdwenen is. De wereld om hem heen lijkt zo somber en leeg, zo doelloos en zinlos. Het komt vast omdat hij Anna al zo lang niet meer heeft gezien. Hij had haar zo graag nog even willen bellen, nog haar stemmen willen horen. Maar het is te gevaarlijk, voor haar eigen veiligheid moet hij geen contact met haar opnemen. Hij zou zichzelf door zijn kop schieten als haar iets zou overkomen. En er was al zoveel met har dóór hem gebeurt. De laatste tijd was ze zo stil en moest ze steeds huilen. Gelukkig heeft ze Stan nog, die zal voor haar zorgen. Dat had hij aan hem belooft. Als hem iets zou overkomen zou Stan op Anna letten. En Stan was te vertrouwen. Stan… was Stanny. Zijn maat zijn vriend.

Hij zakt door zijn knieën en staart naar de grond. Afwezig neemt hij een trekje van zijn shaggy. Na een paar minuten is hij het zat en ramp de deur open. Het meisje springt meteen van de wasbak vandaan en geeft een gil. Kwaad kijkt hij naar buiten of iemand haar gehoord heeft. "Je moet je bek houden!" Hij pakt haar pols vast en trekt haar mee naar buiten. Tot zijn ongenoegen begint ze tegen te spartelen. Hij geeft een harde ruk aan haar pols, ze staat bijna tegen hem aan.

"Nou moet je is goed luisteren kreng, je doet wat ik zeg en je houd je bek dicht!" Snauwt hij hard in haar gezicht.

"Heh!" opeen krijgt hij een harde duw tegen zijn schouder. Naast hem is een brede man van middelbare leeftijd met een pak aan gaan staan. De man kijkt naar het meisje.

"Valt deze man je soms lastig?" Vraagt de man op vriendelijke toon aan haar. Met grote ogen staar het kind van hem naar de man, angst is van haar gezicht af te lezen. Angst voor hem maar ook angst voor de andere man, Maikel's ogen vernauwen zich.

"Rot op pisnicht, had ik je wat gevraagd." Hij geeft de man een harde duw. "Dacht het niet!" Zijn handen beginnen weer te trillen, dit keer van woeden. Altijd zijn er van die mensen die zich met hem moeten bemoeien! De ene keer politie de andere keer een wild vreemde. Kunnen ze hem niet gewoon met rust laten?! Kwaad staart hij de man aan en balt zijn handen tot vuisten. Meestal als hij zo kwaad is slaat hij er op los, het maakt hem dan niet uit wie of wat hij kapotmaakt. Maar dit keer probeert hij zich in te houden, deze ene keer.

De man kijkt hem lang en nadenkend aan, weegt zijn kansen af waarschijnlijk. Als de nicht maar weet dat hij niet door hem heen komt. Niemand komt door hem heen, niemand! Hard als steen kan hij zijn als het moet. Evenals koud en kil, zielloos en van god los.

Het meisje doet een klein stapje achteruit. Meteen is zijn blik weer gefocust op haar. Ze kijkt snel van hem weg en krimpt in een.

"Meneer kan ik alstublieft met u mee?" Smekend kijkt ze naar de man in pak.

Meteen schiet zijn hand naar haar uit en omklemt zich om haar shirt. "Had je gedacht schatje." Zijn stem is koud. Hij trekt het meisje achter zich en staart de man aan. "Wegwezen flikker of ik trap je lens…" Hij steekt zijn gebalde vuist uit. "Opgeflikkerd klootzak!"

Tot zijn genoegen slaat de man zijn ogen neer, hij grijnst van oor tot oor. Tot het meisje naast hem begint te snikken. Zijn grip om haar shirt verslapt een beetje. "We gaan Lotte." Hij geeft de man nog een vuile blik en draait zich resoluut om, het meisje meetrekkend. Ze sputtert weer tegen en gilt smeekbeden naar de man. Maikel heeft er genoeg van en trekt haar naar zich toe.

"Luister schatje, als ik wil schiet ik die vent door ze bolle kop ja! En geloof me ik meen het!" Zegt hij als hij haar blik ziet. "Schiet hem hiero dwars door ze vieze nichtenkop. Bam, allemaal stukjes hersens op het asfalt. Wil je dat?" Hij rammelt haar door elkaar. "Nou wil je dat?!"

Zachtjes schud ze haar hoofd en bijt op haar trillende lip. Weer voelt hij een steek van medelijden. Nee, geen medelijden, meer medeleven met het kind. Zelf is hij ook wel eens op dit punt geweest, alleen op een andere plek met andere personen maar hij weet precies wat ze voelt.

Hij knikt naar de auto. "Instappen." Zonder te protesteren stapt ze in en zodra haar deur dichtslaat stapt hij ook in. Voor de zoveelste keer start hij de auto en rijden ze weg van alles.

.-.-.

Lotte voel zich verrot, nog veel verrotter dan ze zich ooit heeft gevoelt. Haar enkel doet stekende pijn en hand klopt. En dan zit de beklemmende angst nog in haar keel. Het voelt alsof ze elk moment moet overgeven maar ze durft niets te zeggen. Ze zit weer in de auto weer met een psychopaat, een jongen die elk moment kan stoppen en haar aan stukken kan snijden. Bij de gedachten beginnen de tranen weer in haar ogen te prikken. Ze moet een plan bedenken om zo snel mogelijk te kunnen vluchten en dan snel naar de politie te gaan.

"Dacht je nou echt dat je mee zou gaan met die flikker?" Vraagt hij zonder emotie in zijn stem. Dat is het enge aan hem, ze kan nooit voorspellen wat hij voelt of hoe hij zal reageren. "Dacht je echt dat je zo makkelijk weg zou kunnen?" Zijn ogen flitsen even van de weg naar haar.

Ze slikt en snapt dat ze een antwoord moet geven, het is geen dreigement maar een vraag. "Geen idee."

"Laat mij dan maar antwoord geven schatje. Nee, zo makkelijk kom je niet van me af. Dus als ik jou was zou ik maar geen reddingsactie voor jezelf op touw zetten, dat is hopeloos. Maikel laat niet zo makkelijk met zich fucken…"

Ze bijt op haar lip. Dit was zeer zeker een dreigement.

"Je bent gewaarschuwd Lotte." Zegt hij zacht. " Niemand komt zomaar van mij af behalve als ze twee meter onder de grond liggen."

Ze verstijft. "Je bent gek!"

"Misschien." Hij snuift. "Maar jij niet? Welk gestoord wijf stapt zomaar bij iemand als ik in? Niet veel dat zeg ik je." Hij grinnikt.

"Waarom laat je me niet gaan!" Zegt Lotte dan.

"Je weet teveel schatje. Als ik je eruit zet kan je zo naar de politie en me aangeven, je weet waar het lijk ligt en weet mijn naam. En doe niet zo onschuldig." Zegt hij als hij haar blik ziet. "Ieder normaal denkend mens stapt meteen naar de politie. Zo zit de wereld in elkaar."

"Wat dan?" Sist ze. " Sleep je me net zo lang met je mee tot je me zat bent en schiet je me dan dwars door me kop!" Ze is zo boos dat ze te laat doorheeft wat ze zegt. Meteen wordt het stil in de auto. Ze kan zich wel wat doen, ze ziet aan zijn gezicht dat hij daar nog niet over na gedacht heeft. 'Shit!'

"Nee." Zegt hij langzaam. "Alleen een flikker schiet een meisje dood." Hij stopt even. "Nee, ik schiet je niet door je kop."

Dat bemoedigd haar aan de ene kant, ze gaat niet dood. Maar aan de andere kant. Hij zei er niet bij wat hij wel met haar van plan was te gaan doen. 'Ik moet een plan verzinnen om weg te komen. Misschien denkt hij er nu zo over maar misschien over een paar dagen is hij van gedachten veranderd. En hij is gestoord, iemand moet er voor zorgen dat hij wordt opgesloten en niemand meer kwaad doet.' Dat doet haar denken aan… Ze voelt in haar zak. Een foto brand in haar hand. Ongemerkt rolt er een traan over haar wang terwijl haar hersens op volle toeren plannen aan het maken zijn.

.-.-.

Dus fijn heh, al die vragen… Vooral ook zeer leuk voor de schrijfster die nog steeds niet zeker is van wat er allemaal gaat gebeuren… Maar ja ik denk dat een leuke lieve schattige lange review echt wonderen zal doen…. $hintHINT!!!$

Does tot snel peoplezzzz, luvzzz Sue-AnneSparrow.