Hoofdstuk 1:
De ontmoeting
Sascha keek in een makelaarsboek.
Ze kon maar geen goed huis vinden.
De bel ging.
Sascha deed open.
'Hoi! Hoe gaat het?'vroeg haar vriendin Melanie.
'Oh, goed hoor,'zei Sascha.
'Raad eens, ik en een vriend hebben een feest georganiseerd ter afscheid van jou!'zei Melanie.
'Oh, leuk,'zei Sascha.
'Ja! Ik heb al onze vrienden uitgenodigd!'zei Melanie enthousiast.
Sascha glimlacht.
'Waneer is het?'vroeg ze aan Melanie.
'Oh. Ja, eh. Morgen al,'zei Melanie.
'Dan al!'roept Sascha geschrokken.
'Zou morgen overmorgen zijn dan?'vroeg Melanie.
'Je begrijpt heus wel wat ik bedoel,'zei Sascha.
'Het was maar een grapje,'zei Melanie. 'En wees gerust, het is bij mij thuis!'
'Oh! Zeg dat dan! Ik dacht dat je bij mij bedoelde!'zei Sascha lachend.
'Nee! Zoiets durf ik niet!'zei Melanie, nu ook lachend.
Sascha glimlachte.
'Dan is het goed.'
'Ik heb alle spullen al in huis, en mijn huis is al versierd. Ik moet alleen nog wat kleren kopen. Ga je mee?'vroeg Melanie.
Sascha knikte.
Ze pakten hun jassen en tassen en gingen naar de open haard.
'Gasten gaan voor,'zei Sascha.
Melanie pakt wat brandstof, gooit het in de haard en zei:
'Wegisweg!'
Sascha volgde haar voorbeeld.
Ze kwamen uit in de Lekke Ketel.
Ze liepen naar buiten, de drukke winkelstraat op.
'Daar is de winkel van Madame Mallekin,'zei Melanie.
'Ja,'zei Sascha.
Samen liepen ze naar binnen.
'Melanie!'werd er geroepen.
'Desteni!'riep Melanie terug.
Er kwam een man aanlopen.
'Hoi! Jij ben zeker Sascha!'zei hij.
'Eh, ja,'zei Sascha.
'Ik ben Desteni. Ik heb samen met Melanie het feest voor jou georganiseerd,'zei Desteni.
'Oh, bedankt,'zei Sascha.
'Sorry, we moeten gaan,'zei Melanie.
'Tot op het feest!'riep Desteni hen na.
Sascha en Melanie kopen hun jurken en gaan weer naar huis.
'Aardige man. Die Desteni,'zei Sascha.
'Echt wel!'zei Melanie.
'Tot morgen!'zei Sascha tegen Melanie.
'Ja!'zei Melanie.
