Hallo luitjes!!! Weer een nieuw hst.! Dit keer word het een btje anders: Net als normaal krijgen jullie wel vanuit Harry's punt en Chris' dagboek. Maar vanwege een bepaalde gebeurtenis zouden jullie dan een deel van het verhaal missen... Dat zouden we toch niet willen of wel? Dus heb ik besloten er nog een dagboek tussen te plakken, van wie? Dat zie je het volgende hoofdstuk wel.
Nog even bedankjes aan de revieuwers!
do: Dank je! Zoals je al weet heb ik superveel plezier in Parijs gehad :D
'milleke': Blij dat je het leuk vond. Mensen zijn niet altijd wat ze lijken toch...
Barbara A.K.A. Mevr. Zwarts: Hey tnx voor je 2 (!!!) revieuwtjes. #bloos# Dankje!
Veel plezier met dit chappie allemaal!
Ontvoerd
Toen Harry zaterdag wakker werd was hij er nog steeds van overtuigt dat de wereld gek was, en als maar gekker werd...
Na het gebeuren met Sneep, Zwarts en Anderling waren en nog vreemdere dingen gebeurt:
Die donderdag ochtend was Zwarts verdwenen, ze kwam niet opdagen tijdens de les en toen Sneep het hoorde in de toverdranken les daarna rende hij het lokaal uit en kwam niet meer terug. Later bij de lunch waren Sneep, Zwarts én Perkamentus afwezig.
Diezelfde donderdagavond had Harry Ron horen praten, tegen zichzelf... in bed. Hij kreeg nog rillingen over zijn rug als hij er aan dacht.
Vrijdags was er nog geen teken van Zwarts. Anderling, Vector, Perkamentus en Sneep misten het ontbijt en zagen er bij de lunch toen ze er wel waren uitgeput uit. Toen Harry, Ron en Hermelien na de lessen naar de bibliotheek liepen rende Sneep langs met Hagrid in zijn kielzog die zo goed en kwaad als het ging achter hem aan rende. En 's avonds bij het diner waren alleen professor Kist en Hagrid er. Maar die leken ook zo snel mogelijk weg te willen.
Harry wreef zijn ogen uit en ging rechtop zitten, rekte zich uit en kleedde zich aan. Ron was weg dus liep hij alleen de trap af en de leerlingenkamer uit. Hij had honger. Op het moment dat hij de grote zaal in liep wist hij dat dit weer een interessante dag zou worden.
Er zaten weer maar twee leraren aan de lerarentafel, alleen waren het nu een geïrriteerde Vector en een Sneep die eruit zag alsof hij in geen drie dagen had geslapen. Ze zaten furieus met elkaar te fluisteren. Harry slenterde naar de leerlingentafel van Griffoendor, het was te vroeg om zich er druk over te maken.
Hij plofte neer tegenover Hermelien en trok een bord met broodjes naar hem toe. Maar Hermelien legde haar hand op de zijne om hem te stoppen, hij keek haar boos aan en ze leunde over tafel: "Harry, moet je horen: er gaat een roddel door de school. Een roddel over Voldemort..."
Harry was meteen klaarwakker: "Wat?" fluisterde hij terug.
Hermelien keek even naar links en rechts om te kijken of iemand meeluisterde, toen ging ze verder: "Ze zeggen dat er hier woensdag avond dooddoeners waren, een groep en dat ze professor Zwarts hebben meegenomen. De roddel gaat rond dat Voldemort haar krachten wil..."
Ineens had Harry geen honger meer, dit was niet goed. Als Voldemort Zwarts' krachten kreeg dan zou hij nog krachtiger worden. En Harry moest hem verslaan. Hij moest met Perkamentus praten.
Alsof ze zijn gedachten kon lezen fluisterde Hermelien: "Ik denk dat het tijd is voor een bezoekje aan professor Perkamentus."
Harry knikte en stond op: "Ik ga meteen." Hierna liep hij de zaal uit op naar het kantoor van Perkamentus.
Bij de waterspuwer aangekomen zei hij het wachtwoord en liep de trap op.
Eenmaal bij de deur aangekomen klopte hij aan, een stem zei: "Binnen."
Harry opende de deur en van wat hij binnen aantrof viel zijn mond open, in Perkamentus' kantoor stonden niet alleen alle leraren op Sneep en Vector na, maar ook bijna de gehele orde van de Feniks.
Iedereen keek naar Harry die zich nogal ongemakkelijk voelde en zo snel mogelijk weg wilde. Maar Perkamentus gaf hem een wrange glimlach: "Goed zo, ik wilde je net laten halen. Ga zitten als je nog ruimte kan vinden."
Harry ging tussen Remus Lupos en Romeo Wolkenveld staan en Perkamentus ging verder: "Zoals ik al had verteld is Christina ontvoerd op bevel van heer Voldemort. Hoogst waarschijnlijk om haar krachten te stelen. Iedereen hier kent Christina, dus jullie zullen het met me eens zijn dat ze zichzelf best kan redden. Maar dit is een uiterst delicate zaak omdat er ook iemand anders is ontvoerd: Yasmin Rodriques oftewel Yasmin Prisma, een van Christina's jeugdvriendinnen. Chris zal niet toegeven zolang ze haar martelen, maar ik weet niet of ze nog zo standvastig is als ze haar laatst overgebleven jeugdvriendin martelen."
De deur ging open en Sneep en Vector kwamen binnen, Sneep keek woedend en Vector zag eruit alsof ze elk moment in huilen uit kon barstten. Ze kon nog net verstikt uitbrengen: "H-hoofdmeester w-we moeten haar te-terug k-krijgen."
Charlie Wemel liep naar haar toe, sloeg een arm om haar heen en bracht haar naar een stoel waar hij haar probeerde te kalmeren. Sneep liep naar het bureau, sloeg er met zijn vuisten op en zei: "Vector heeft gelijk, we moeten iets doen NU!"
Perkamentus bleef kalm en keek hem aan: "Severus, ik weet dat je haar terug wilt. Maar we moeten voorzichtig te werk gaan. En zoals je weet kan Christina prima voor haarzelf zorgen."
Sneep ging met zijn hand door zijn haar: "En wat nou als dat niet lukt?"
Even keek Perkamentus verbaast, toen glimlachte hij en legde een hand op Sneep's schouder: "Wees gerust Severus, ze heeft voor hetere vuren gestaan."
Sneep knikte en ging bij de rest van de groep staan, maar hield zijn bezorgde uitdrukking.
Na nog een blik op Sneep en Vector ging Perkamentus verder: "Dit is wat we zeker weten: Christina is woensdag tussen acht uur 's avonds en acht uur 's ochtends verdwenen. Ze hebben toen waarschijnlijk geprobeerd haar uit te horen, maar ze hield voet bij stuk want vanochtend om zeven uur kreeg ik een telefoontje van meneer Rodriques die gisteravond overvallen werd door een groep van vijf dooddoeners. Ze hebben hem en zijn tien jaar oude zoon gemarteld en Yasmin meegenomen. Vanaf hier tasten we in het duister: we weten niet waar ze zijn, met hoeveel ze zijn en nog belangrijker: hoeveel valstrikken ze voor ons in petto hebben."
Romeo die rechts van Harry stond stapte naar voren: "We hebben een zwaar vermoedden dat ze ergens in de buurt van Blackpool zijn, ergens aan de kust in een grot. Ook weten we dat ze met rond de 30 dooddoeners zijn, we weten niet of er reuzen of dementors zijn." Hierna stapte hij weer naar achteren.
Perkamentus knikte naar hem: "Dank je Romeo, dat zal helpen."
Even bleef het stil en toen stapte een oude man naar voren, hij zag er moe en afgetobd uit: "Vanochtend heb ik alle dementors nagekeken, we missen er vijf." Zijn stem klonk zacht en verontschuldigend.
Maar Perkamentus glimlachte: "Ik ben blij het te weten."
Weer bleef het even stil, toen stapte Hagrid naar voren: "Ik heb bericht gekregen van Olympe: Er is maar een reus weg, maar het is mogelijk dat ze die zelf vermoord hebben."
Er werd zachtjes op de deur geklopt en er liep een meisje met vuilblond haar binnen. Perkamentus gebaarde haar naar voren te komen: "Ah, juffrouw Leeflang. Kom maar iets dichterbij."
Loena stapte naar voren en Perkamentus wendde zich tot de andere aanwezigen: "Vorig jaar hebben wij een talent bij juffrouw Leeflang ontdekt. Ik heb toen Christina gevraagd haar speciale lessen te geven. Als het goed is kan juffrouw Leeflang ons helpen met het vinden van Chris." Hij wendde zich weer tot Loena: "Zeg maar wat je nodig hebt."
Ze haalde diep adem en zei trillerig: "E-e-een kaart en iets wat van groot b-belang was voor haar: een ketting of een ring ofzo."
Perkamentus zwaaide met zijn staf en er lag een kaart van Engeland op zijn bureau. Toen twijfelde hij even, maar Sneep stapte naar voren en haalde een parelketting met een ring erom uit zijn zak: "Hier, alsjeblieft vind haar."
Loena glimlachte bemoedigend naar hem en pakte toen de ketting aan. Ze sloot haar ogen en draaide de ketting boven de kaart rond, iedereen was muisstil. Toen begon ze lichtjes gouden licht uit te stralen en langzaam slipte de ketting tussen haar vingers uit en landde opgerold bovenop Blackpool.
Ze zuchtte een keer diep en Perkamentus tikte op de kaart, die vergrootte en nu alleen nog maar Blackpool en het gebied daaromheen liet zien. Loena hield haar hand boven de ketting en sloot haar ogen weer. Ze begon weer goud te gloeien en de ketting bewoog als een slang over de kaart en bleef in de vorm van een pijl liggen, wijzend naar een plek aan de kust genaamd: Death's cave.
Ineens was de kamer vol geluid, iedereen was aan het fluisteren. Wat ze moesten doen, wie er heen zouden gaan en wat er daar zou zijn. Niemand leek te twijfelen aan wat Loena had laten zien.
Perkamentus kuchte en het werd stil: "We gaan, nu!" Iedereen knikte en volgde Perkamentus, hij liep naar Harry en pakte hem bij de arm en nam hem mee.
Even later keken Harry en Loena toe hoe Perkamentus vertrok. Als een gigantisch leger marcheerde ze over het terein van Zweinstein naar de poort, Perkamentus en Sneep voorop, achter hun Vector en Anderling, daarachter de rest van de orde en de meeste leraren. Perkamentus had een paar leraren en leden van de orde van de feniks gevraagd achter te blijven. Ook Harry en Loena moesten op school blijven, Perkamentus had hem uitgelegd wat het idee was: Als hij te laat was moesten Harry en Loena de school beschermen tegen Voldemort.
Het leger was bij de poort aangekomen en met een hele hoop plopjes verdwenen ze. Nu was het wachten op wat er zou gaan komen...
Dit was het dan, leken de problemen eindelijk opgelost... Ach ja, dan is het toch niet leuk meer? Oh, ennuh reviewen hè!
