Hallo allemaal. Ja, ja, ik weet het. Bij een nieuw verhaal schrijf ik veel sneller dan bij de ouden, maar ik heb weer een hoofdstuk geschreven, en loop dus nog steeds vijf hoofdstukken voor, dus besloot ik dat ik deze nu wel kan plaatsen. Ik wil jullie bedanken omdat jullie het nu alweer lezen, terwijl ik toch écht vreselijk ben!

Maar goed, ik vind het geweldig om deze krantenartikeltjes te schrijven, dus blijf ik de rest ook schrijven…. Echt waar! Deze keer wel! Ik beloof het! I solemny swear I'm up to no good! To writing, muahahahahaha!!! Um, oké? Dat was mijn Zwarte kant, geloof ik. Eén van mijn Zwarte kanten, want zoals ik in Berlijn tegen een klasgenote zei: 'Ik heb er toch minstens drie, maar jij heb ze gewoon nog niet gezien….'

Leuk woord trouwens: klasgenote. Alsof ze écht héél erg genieten van het feit dat ze bij mij in de klas zitten… Nou ja, ik wil alleen maar zeggen: 'Wie niet?' Oh hemeltje, ik ben weer eens hyper… En hyper in combinatie met een arrogantie kick is niet aan te raden, zeker niet als het op mij toegepast is.

Inbraak brengt bezit van Duistere Voorwerpen aan het licht.

Van uw verslaggever ter plaatse. In New Burningham deed een inbreker aangifte van het bezit van Duistere Voorwerpen. De 40-jarige man was bezig met een inbraak in het huis v.d. verdachte toen hij werd aangevallen door twee bijtende prullenbakken.

In paniek rende hij een kamer in, die, zoals de man later zou verklaren, 'stikte van de Zwarte Voorwerpen'. Door de verbijstering die de man bij deze ontdekking voelde bleef hij stokstijf stilstaan. Onfortuinlijk genoeg werd hij toen door een zelfhakkende bijl getroffen. Laten we hopen dat hij hier geen littekens op zijn voorhoofd aan overhoud, want anders wil hij misschien nog wel dat hij door iedereen wordt geëerd.

Op dit moment onderneemt het ministerie van Defensie een huiszoeking. Er is helaas nog niets gevonden. Zou de inbreker het verhaal verzonnen hebben? Dat is ook iets wat met littekens op voorhoofden gepaard schijnt te gaan. Met een knipoog, van uw verslaggever ter plaatse.

De avond verstreek en soezerig zaten de gasten van Grimboudplein uit te buiken. Fred en George zaten te smoezen met Paris. Mevrouw Wemel vuurde een argwanende blik op hen af, maar liet het daarbij.

Remus zag hoe Levenius een zilveren beker onder de tafel liet verdwijnen. Sirius zag het niet en al had hij het gezien, waarschijnlijk had hij er toch niets van gezegd. Wat er met de kostbaarheden van Grimboudplein gebeurde liet Sirius koud.

Met een peinzend gezicht zat de faunaat voor zich uit te staren. Remus bespeurde iets dat erop wees dat Sirius iets van plan was. Iets dat mevrouw Wemel bijvoorbeeld niet leuk zou vinden. En inderdaad, "Harry je verbaasd me, ik dacht dat je vol vragen zou zitten."

Het was verbazend hoe snel de sfeer om kon slaan. Opeens was de sfeer héél gespannen. De tweeling en Paris waren opgehouden met smiespelen en staarden nu naar Sirius. Ginny en Hermelien keken naar zijn vriend alsof hij opeens een tweede hoofd had gekregen.

De enige die niet keek alsof ze een elektrische schok had gekregen, zag Remus, was Clementis. Die had zich opgekruld op haar stoel en las onverstoorbaar verder. Harry keek opgewonden naar Sirius. "Dat wilde ik ook, maar Ron en Hermelien zeiden dat we niet tot de Orde behoorden, en…"

Sirius vond dat je niet tot de Orde hoefde te behoren om vragen te mogen stellen, of tenminste dat zei hij. Nadat Fred, of George, waarom moesten ze ook zo verdomde veel op elkaar lijken?, zijn ongenoegen uitdrukte over het feit dat Sirius hén nooit iets verteld had, ontstond er een discussie tussen mevrouw Wemel en Sirius.

Op het moment dat ze beiden op stonden besloot Remus in te grijpen. Het laatste wat ze nodig hadden was een vechtpartij tussen de volwassenen voor de ogen van de kinderen. Eerst zorgde hij dat ze beiden ging zitten, toen leverde hij de rationele argumenten die Sirius, als impulsmens, niet kon leveren.

"Het lijkt me beter dat hij de feiten van ons hoort, niet alle feiten Molly, maar een globaal beeld, dan dat hij een vertekend beeld krijgt van anderen." Hij glimlachte mild, toen hij bedacht dat, hoe grondig de schoonmaak van Molly ook was geweest, er altijd wel een paar hangoren waren die het overleefd hadden.

Als Fred en George maar een beetje op James en Sirius leken, en dat deden ze meer dan de meeste volwassenen wilden,hadden ze zeker de strategie van 'verdeel en heers' opgevolgd. Remus twijfelde niet aan de verstandelijke vermogens van de tweeling, zeker niet nu ze zoveel met zijn nichtje om gingen.

Ze mochten dan alle drie wel teleurstellend weinig slijmballen hebben verdiend, maar dat kwam door een gebrek aan interesse, niet door een gebrek aan verstand. Hij wist het uit ervaring; Sirius en James haalden ook nooit goede cijfers, maar op het moment dat ze faunaten wilden worden was het ze gelukt en goed ook. Ze waren er zelfs in geslaagd om Peter het ook te leren. Achteraf hadden ze dat beter niet kunnen doen. Maar ja, achteraf keek je de koe in de kont, zoals Sirius altijd zei.

Terug naar de situatie op hand. Nadat ook meneer Wemel de kant van Sirius koos gaf mevrouw Wemel zich over. Of tenminste, ze beruste erin dat Harry de feiten zou horen, maar dat betekende nog niet dat ze haar eigen kinderen hetzelfde gunde.

Eerst probeerde ze alle andere kinderen naar bed te sturen, maar uiteindelijk slaagde ze er alleen in om Ginny naar boven te brengen. Die apprecieerde dat overigens niet, en dat was een understatement, te oordelen aan het gestampvoet en gekrijs.

Paris, Fred en George waren volwassen en dus mochten ze blijven, Hermelien en Ron zouden het toch wel van Harry horen. De enige die zonder goede reden beneden bleef was Clementis, maar blijkbaar was mevrouw Wemel haar vergeten.

Als zijn vaders zoon betaamt kwam Harry meteen to the point. Al zijn vragen begonnen met wie, waar, hoe, wat, waarom? En natuurlijk gingen ze allemaal over Voldemort. Het was duidelijk dat Harry gesnakt had naar informatie, hoogstwaarschijnlijk de hele vakantie lang. Het vuur waarmee hij vroeg was vertederend.

Sirius beantwoorde de vragen zo goed mogelijk. Al snel riep Paris Harry vragen toe, die deze dan weer aan Sirius stelden. Toen de anderen dit idee doorkregen begonnen zij dit ook in hun voordeel te gebruiken. De enige die stil was, en zo te zien niet eens luisterde, was Clementis, maar dat was niet zo verrassend, gezien het feit dat ze nog steeds in haar boek was verdiept.

Die avond beantwoordde Sirius heel veel vragen. Te veel, volgens mevrouw Wemel. Te weinig, volgens de kinderen. Maar Remus wist dat het er simpelweg heel veel waren. Niet meer, niet minder.

En dan wil ik nog mijn innige dank betuigen aan mijn eerste en tot nu toe enige reviewer op dit verhaal:

-Lieve, lieve, lieve Love Fantasy: de wereld zou moeten bestaan uit mensen zoals jij! Mensen die reviewen, die de wereld vermooien met hun mening en verhalen, mensen die niemand te kort doen… Knap van mij, hé? Dat ik deze mening heb gevormd zonder jou ooit ontmoet te hebbe, bedoel ik!!! Maar even serieus, SUPER bedankt voor je allerliefste review!!