Goededag, dames en heren. Wat ben ik blij u te zien op deze uitstekende dag! Ha! Ik stel me al helemaal voor hoe jij nu naar buiten kijkt, waar het natuurlijk giet, en je afvraagt: 'WTF???' Ja, ja, ik heb een zonnig humeur en weer of geen weer, dat blijf ik halsstarrig volhouden.

Waarom is deze schrijfster zo vrolijk? Dat heeft meerdere redenen:

Het is vakantie. Nee, verbetering, ik heb nog drie weken vakantie, in tegenstelling tot sommige ongelukkigen in andere delen van het land. En dát maakt mij nou vrolijk.

Ik ben na 2 onafzienbare weken zónder computer, weer verenigd met mijn schrijfinstrument. (Laat ik eerlijk wezen, ik heb me prima vermaakt hoor!)

Ik heb in een opwelling bij de kapper mijn haar kleurspoelen. Het is nog precies hetzelfde, maar dan donkerder en een beetje rode tint. Het lijkt gelukkig helemaal niet nep, want daar kan ik niet tegen.

En wat nog meer? Niets! Ik vind mezelf gewoon erúg aardig en mijn zusje maakt vanavond zelf gemaakte pizza, wat nou eenmaal tien keer lekkerder is dan gewone pizza. En oh ja,:

Ik heb weer een hoofdstukje uitgetypt van dit verhaal, dat nu op papier acht hoofdstukken telt. Mijn eerste kladblok is nu op en ik ben net begonnen aan de tweede.(rarara wat ik tijdens het kamperen deed…. Niet schrijven!! Haha!) Duss…. Lees ze!

Ochtendprofeet zou vroeger moeten verschijnen.

Van uw verslaggever. De ochtendprofeet zou vroeger moeten verschijnen; vinden de demonstranten die zich voor de profeets hoofdredactie hebben verzameld. " Nu er ook een avondprofeet verschijnt, moet de ochtendprofeet vroeger verschijnen zodat we het eerste van het laatste nieuws op de hoogte zijn." Aldus een demonstrant.

De hoofdredacteur van de krant is het hier niet mee eens. "Het vroeger verschijnen van de krant zou zorgen voor extra druk op onze werknemers. Deze zouden dan weer loonsverhoging eisen en dat kan de krant nou eenmaal niet betalen."

Dus, gaat de krant op de eisen van de lezers in? "Zeker niet." Is de reactie van de hoofdredacteur. "Ik ben gekke Potter niet!" Van uw verslaggever.

Remus geeuwde. Sirius had hem om vier uur s'ochtends wakker gemaakt. Was ie van god los? Hemel! Maar ja, Sirius had helemaal niet geslapen. Remus had hem horen woelen voordat hij in slaap viel. Het was duidelijk dat, alhoewel Sirius het niet toegaf, de faunaat zich grote zorgen maakte over Harry.

De reden die Sirius had gegeven toen hij Remus op dat gruwelijke tijdstip wakker maakte, was dat ze beneden moesten zijn als Harry wakker werd. Na Sirius verrot gevloekt te hebben, kwam Remus toch maar zijn bed uit. Nu, na gegeten te hebben en 2 uur de tijd te hebben gehad om te kalmeren, kon hij het Sirius wel vergeven.

Ze waren niet de enige beneden. Romeo kwam om 5 over 5 binnenvallen en had een gesprek met Sirius aangeknoopt. Mevrouw Wemel was al beneden toen ze eraan kwamen. Te zien aan de kringen onder de ogen was Sirius niet de enige die geen oog dicht had gedaan vannacht. Ook Clementis zat in de kamer. Ze bevond zich op precies dezelfde plaats als gisteravond en Remus vroeg zich af of ze sowieso naar bed was gegaan.

Even later kwam ook Tops binnenvallen. Met een geeuw ging ze zitten. Vrijwel meteen kreeg ze van mevrouw Wemel, die een paarse ochtendjas droeg, haar ontbijt. "Ik heb de hele nacht wachtgelopen op het Departement van Mystificatie, ik ben doodop." Melde ze Remus.

Tops werkte de eieren met spek slaperig, maar op een verbazingwekkend hoog tempo, naar binnen. "Ik ga zo meteen maar eens slapen." Maar voor ze daad bij het woord kon voegen ging de deur open en kwam Harry binnen.

Remus zag Sirius bezorgde blik over Harry's gezicht flitsen. Remus glimlachte. Alhoewel mevrouw Wemel deels gelijk had toen ze zei dat Sirius dacht dat Harry James was, was Sirius aan de andere kant ook heel beschermend tegenover zijn peetzoon.

Sirius was echt heel erg dol op Harry. En alhoewel hij natuurlijk hoopte dat Harry niet van Zweinstein werd gestuurd, was er ook een deel van Sirius dat liever had dat Harry in Grimboudplein bleef.

Remus besefte dat hij eigenlijk geluk had dat zijn nichtjes en petekinderen niet naar school hoefden. Thuisscholing vanwege speciale omstandigheden. Alleen jammer dat ze eerst hun ouders moesten verliezen voordat ze deze privileges kregen.

Remus rilde.

Meneer Wemel stond op en hij en Harry vertrokken. Zodra ze weg waren begon Sirius te ijsberen.

De andere kinderen kwamen ook naar beneden. Hermelien en Ron waren ook nogal gespannen. Hermelien kreeg geen hap naar binnen en vertrok naar boven om even later terug te komen met een dik boek, dat 'Het wetboek van Magische ordehandhaving' getiteld was. Ze zocht zenuwachtig naar artikel zeven en begon het hardop voor te lezen.

Fred, George en Paris wisten voor enige afleiding te zorgen door te proberen om Knijster in zijn kast op te sluiten. Deze poging mislukte echter jammelijrk omdat Knijster zijn vinger in Georges oog wist te krijgen. Georgre krijgste van pijn en Fred en Paris lagen dubbel van het lachen, waardoor Knijster ontsnapte.

Ook amuzeerden Remus en Sirius zich geweldig door te kijken hoe Ginny Clementis probeerde over te halen zich te transformeren. "Als ik een transformagiër was dan zou ik mezelf echt de hele tijd veranderen."Clementis glimlachte, keek over de rand van haar boek en zei: "Ach meid. Je ziet er prachtig uit, waarom zou je dat willen?"

"Nee, echt," probeerde Ginny weer. "Ik snap jou niet! Waarom transformeer je jezelf zo weinig?" Clementis haalde haar schouders op. "Dit uiterlijk bevalt me eigenlijk wel. Dit is mijn natuurlijke uiterlijk, ik voel me er prettig bij. Maar goed, soms veranderde ik op school mijn uiterlijk wel eens."

"Wat? Omdat je een jongen leuk vond?" vroeg Ginny giechelend, in volle verwachting dat er nu een sappig verhaal kwam. "Nee. Ik maakte mezelf minder opvallend, zodat ik ongestoord kon lezen. Jammer dat dat hier niet kan."

De hint was duidelijk, maar Ginny besloot hem te negeren. "Laat het mij eens zien." Het was geen vraag maar een opmerking. "Het spijt me, maar ik moet declineren." Ginny zette haar zeurderigste stemmetje op. "Ah……….. Waarom nou niet? Alsjeblieeeeeeeeeeeeeeeft?"Clementis zuchtte, keek Ginny aan en zei op heldere toon. "Misschien was ik niet helemaal duidelijk ik bedoelde; nee!"

Ginny bleef doorgaan met zeuren en Clementis bleef doorgaan met Ginny negeren. Niet dat, dat Ginny ontmoedigde, wel nee die bleef zeuren totdat Harry thuis kwam. Sirius bleef abrupt stilstaan en zei: "En?"