'oy,

Weer een hoofdstuk van 'Een Clementis in Parijs'. Dat doet me eraan denken. Daar is een titel verklaring voor. Niet gewoon dat het verwijst naar Clementis en Paris. Alhoewel het daar mee te maken heeft. Dat verhaal moet ik nog schrijven in één van de hoofdstukken die komen. En ik ben al acht hoofdstukken vooruit, dus dat duurt nog wel even. Wat dan weer aangeeft hoe lang dit verhaal gaat duren, want ik ben nog lang niet aan het einde van het boek. Het laatste hoofdstuk dat ik heb geschreven speelt aan op de eerste dag van de kerstvakantie. Met hoofdstukken zit dit verhaal dus goed, maar ik kom nogal wat krantenartikels tekort. (Ik ben er helemaal door heen. En ik heb nog voor één artikeltje een idee..) Dus als er iemand is, daarbuiten, die wél een geweldige idee heeft ontvangen van de grootse geest der inspiratie, dan zou ik dat idee graag horen. Ook niet geweldige ideeën en slechte ideeën trouwens, want ik heb een soort van Writers Block wat de artikels betreft en word nu wanhopig. Als ik niets verzin stop ik de artikels misschien wel. En dat wil ik niet, want ik vind dat het bij de stijl van mijn verhaal hoort.

Tjonge, wat ben ik lang van stof vandaag. En dat op zomaar een donderdag middag, vier minuten voor vier uur. Wat een mooie tijd is. Maar goed, lees mijn verhaal en druk op die mooie knop waar 'review' op staat.

Schooljaar Zweinstein weer begonnen.

Het schooljaar van Zweinstein, hogere school voor hocus pocus en hekserij is weer begonnen. Gisteren zwaaiden vele ouders hun kinderen uit, zoals gebruikelijk. Dit jaar echter kon men meer ongerust gemompel horen. Veel ouders drukten hun kinderen nog even tegen zich aan en gaven duidelijke waarschuwingen:

" Blijf uit de buurt van Potter."

"Kijk uit voor de nieuwe leraar Verweer… Je weet maar nooit wat die oude gek nu weer heeft aangenomen."

"Als er iets raars gebeurd neem je onmiddellijk contact met ons op."

De ouders zijn bezorgd, en daar hebben ze wel een beetje een reden voor. Zowel Harry Potter als Albus Perkamentus moeten met het nodige wantrouwen behandeld worden. Het ministerie verlicht de pijn enigszins door iedereen te verzekeren dat de Verweerleraar een door de ministerie goedgekeurde, en zelfs geloofde, lerares is, genaamd Omber.

Het was s'ochtends negen uur en Remus was net van plan om Paris te vertellen dat ze haar boeken eens moest openen toen het haardvuur groen kleurde. Sirius keek hem even verbaasd aan en liep toen naar het vuur.

"Jij!" spoog Sirius. "Wat nu weer?" Remus besefte meteen wiens hoofd er in het haardvuur ronddraaide. Slechts één persoon op deze aardbol had de gave om Sirius in zo'n woede te doen ontsteken, door alleen maar te verschijnen. Severus.

"De hoofdmeester wil met je praten." zei Severus Sneep gladjes. "En waarom dan wel?" vroeg Sirius agressief. Remus rolde zijn ogen. Soms begreep hij niet waarom Sirius nooit volwassen was geworden, maar dan schoot het hem weer te binnen: het was omdat Sirius, Sirius was.

"Oh het betreft de voogdij en huisvestiging van je nichtje." Sirius lachte blaffend. "Ik heb geen nichtje, anders zou ze op het tapijt staan." Remus zag Severus gezicht niet, maar hij nam aan dat Sneep zijn ogen rolde.

"Buitenechtelijk kind." Was het enige wat Severus zei voordat zijn hoofd uit de vlammen verdween. Remus zag de vlammen weer normale kleur aannemen. Sirius schold. Sirius schold nog een keer. En nog een keer.

Eerst schold hij op 'secretus', dan op het nichtje dat hij blijkbaar had en toen, om overduidelijke redenen, op zijn moeder in het bijzonder en de rest van zijn familie in het algemeen. Remus zuchtte.

----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Het duurde twintig minuten voordat Remus Sirius voldoende afgekoeld had om hem naar Perkamentus te sturen, en nog eens tien minuten om hem te overtuigen dat Remus zelf écht niet mee kon.

In die tijd had Severus nog twee keer haardvuur gebeld, (wat dan ook de reden was waarom het zo moeilijk was om Sirius af te koelen)om te vragen waar Sirius –of 'Zwarts' zoals Sneep hem noemde- bleef. Uiteindelijk ging Sirius toch.

----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Remus zuchte en keek de kamer rond. Clementis zat nog steeds op de ongebruikte kachel. Haar neus begraven in 'Magische Verdedigingstheorie', het laatste boek dat ze moest lezen om haar tweede herlezingsronde van schoolboeken af te ronden.

Naast haar lag de enveloppe met schoolopdrachten die Anderling voor haar had opgezocht. Hij was al geopend en om de zoveel tijd ging haar hand er gretig naar toe, maar dan schudde ze haar hoofd en concentreerde ze zich weer op haar boek.

Paris, aan de andere kant, staarde halsstarrig naar de stapel gesloten boeken met de eveneens gesloten enveloppe op de top. "Het doet zichzelf niet hoor, dat huiswerk." merkte Reus lachend op.

Paris keek op, een koppige uitdrukking op haar gezicht. "Ik doe op school geen huiswerk, dus hier ook niet." Remus grinnikte nu onheilspellend. "Dat zullen we nog wel eens zien, jongedame. Dat zullen we nog wel eens zien."

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Siri Su's hand verdween in haar zak. Zachtjes omklemde ze het poppetje, gemaakt van hout, katoen, papier en wol, dat haar zoveel herinnerde aan ander, gelukkiger tijden. Een meisje van haar leeftijd zou eigenlijk niet moeten hoeven terug denken aan gelukkiger tijden, vond ze.

Een meisje van haar leeftijd moest zich midden in haar 'gelukkiger tijden' bevinden. Zodra ze het dacht had ze al spijt. Zelfmedelijden vond ze zo'n irritante eigenschap. Ze trad iets feller het kantoor binnen dan strikt genomen noodzakelijk was.

Dat met de deur slaan bijvoorbeeld, dat was een beetje over de top. Dat vond professor Sneep ook te vinden, want die keek haar vermanend aan. "Sorry." Zei ze en ze probeerde zo beleefd mogelijk te klinken. "Geeft niets, mevrouw Zwarts, geeft helemaal niets."

Professor Perkamentus ogen twinkelden. "Nu is het alleen nog wachten op Sirius." Siri Su nam plaats. "Sirius?" vroeg ze onbegrijpend. "Ja, ja, Sirius Zwarts." Antwoordde professor Perkamentus vriendelijk. "Uw oom."

Siri Su keek niet begripvoller dan daarnet. "Sirius Zwarts? De dooddoener?" Dat had ze nou helemaal niet achter die vriendelijke professor Perkamentus gezocht. "Die ja. Alleen is hij geen dooddoener." antwoordde professor Perkamentus, alsof dit alles verklaarde.

Siri Su besloot dat het in Perkamentus idee misschien logisch was, maar dat ze het toch niet helemaal begreep en dus vroeg ze door. Professor Perkamentus uitleg duurde een kwartier. In deze tijd haardvuur belde professor Sneep twee keer naar het onderwerp van de uitleg, a.k.a (also known as) Zwarts.

Siri Su vond het maar raar om een ander zo te noemen. Zou ze hem Sirius noemen? Nee joh! Ze kende hem niet eens! Misschien zou ze hem 'de zwarte meneer' moeten noemen…. Haha! Denk aan al die vreemde uitdrukkingen op de gezichten van de mensen! Maar nee, dat kon niet. Dus voorlopig zou ze het maar doen met Sirius Zwarts.

Toen professor Perkamentus uitleg af was gelopen, was Sirius Zwarts er nog steeds niet. Siri Su vond het onbeschoft van die vent om hun zo lang te laten wachten. Er viel een stilte die Siri Su ongemakkelijk vond, maar aan de gezichten van de anderen was niet te zien dat ze haar mening deelden.

Professor Perkamentus was sereen als altijd en als je hem zo zag zitten had je het idee dat hij zich op een high tea bevond en geheel voldaan luisterde naar het gekwebbel van twee oudere dames iets verderop.

In haar hals lag het warme lichaam van Martijn. Hij ademde diep en langzaam in, nog in slaap op de plaats waar hij vanochtend was gekropen. Ze had het niet over haar hart kunnen verkrijgen om hem weg te jagen, maar nu zweette ze behoorlijk in haar hals.

Professor Sneep belde nog 2 keer naar Sirius Zwarts en ten langen leste was hij er dan toch. Sirius Zwarts had hun 27 minuten laten wachten…..

En dan bedank ik de volgende reviewers: (zouden sommige mensen dat vervelend vinden, dat ik in het openbaar reageer op hun review? Ik vind het leuk, maar het kan dat mensen het niet leuk vinden…. Dan moeten ze dat zeggen natuurlijk!)

CeliaLauna: Ik vind het typisch, maar na jou review, die met 'whoohoo' begon, kreeg ik van LoveFantasy een review die met wel vijftien keer 'woohoo' zei. Ik vermoed dat jij een trendzetter bent. Ik weet het wel zeker, want jij bent fan van Sirius en ik ook. Ik ben cool, dus jij ook. (Klopt helemaal, behalve dan dat ik niet cool ben….Ik ben mijzelf. Das heel wat anders. En ik weet vrijwel zeker dat het niet meer klopt als ik zeg: Ik ben mijzelf, dus jij bent mijzelf ook. Dat klopt a) qua grammatica niet en b) niet omdat ik hier dan twee keer rond loop, en mezelf review, wat dan weer heel zielig is. Conclusie: jij bent cool. Hoe kwam ik daarop…. Naja, de Skoda-rijder zei het en 'volg de Skoda-rijder'. Ja, ja, zelfs amateurschrijvers doen sluipreclame vandaag de dag.) Tjonge, wat heb ik een stuk bij elkaar geluld tussen de haakjes. En nergens gezegd wat ik eigenlijk wil zeggen: dank je voor je review.

Love Fantasy: Volg de Skoda-rijder, roep Woohoo. Ehm…. Denk jij dat CeliaLauna al auto mag rijden??? Uhm…. Laat maar, het begrijpelijkheidsniveau is tot onder nul gezakt. Als mijn verhaaltje zo'n reactie ter weeg brengt, wat doe je dan als er tóch nog een nieuw boek van Harry Potter uitkomt?? Laten we hopen dat het niet gebeurd, want anders ga je uit je dak, en daken zijn duur tegenwoordig. Ik hoop dat je het leuk vond, Sirius en Siri Su bij elkaar. Ik vond het leuk. Maar ja, ik ben de schrijver, dus het is wel te hopen dat ik mijn eigen werk leuk vind. Ben je trouwens uitgerust van je middagdutje??? Oh ja, ik begin vergeetachtig te worden (het is toch erg, vijftien jaar en nu al een vergevorderde vorm van dementie, als ik twintig ben weet ik mijn eigen naam niet eens meer), want ook tegen jou heb ik nog niet gezegd wat ik wilde zeggen: dank je voor je review.