Na De Orde Van De Feniks, Draco's POV, D/G.

CAUTION ! CAUTION ! Geen van de hierin voorkomende karakters zijn door mij bedacht! CAUTION ! CAUTION !

- de briljante titels zijn letterlijk afkomstig van het wonderschone album 'Sufjan Stevens Invites You To: Come On Feel The Illinoise' van Sufjan Stevens. Loving it.

A/N: kersenbitch, de zus van rebelle !

dit is mijn eerste verhaal, ik hoop dat jullie het leuk vinden : )

A Conjunction Of Drones Simulating The Way In Which Draco Malfidus Has An Existential Crisis In The Great Godfrey Maze

'Hé Ian! IAN! Moet je deze eens zien! Heeft mijn broer voor me meegenomen uit Scandinavië, de Sneuvelende Slurk! Het lijkt op een gewone Slurk, he, maar degene die hem vangt, valt gewoon van zijn bezem! Hahaha!'

'Echt waar? Whajooo! Mag ik hem eens proberen?'

'Tuurlijk, kan je vangen? Hehe.'

'Ja hoor, ik heb hem ... Oeps!'

Zo kwam het dat Draco gewekt werd door het gewicht van een groot, log lichaam dat met een vrij grote kracht tegen het zijne werd aangeslingerd. Heel even was het stil. Toen draaide Draco zich langzaam maar dreigend om, met zijn toverstok in aanslag, klaar om degene die net bovenop hem was geland, helemaal stijf te vervloeken.

Ian, de ietwat onhandige jongen die de kamergenoot van Draco bleek te zijn, was al met een rood hoofd begonnen zijn verontschuldigingen aan te bieden, maar toen hij Draco's ronduit moorddadige gezicht in combinatie met zijn opgeheven toverstok zag, veranderde zijn gelaatskleur wel heel snel van rood naar spierwit en hij stopte abrupt met praten. Hij dacht er nog even aan om zijn zin af te maken, maar uiteindelijk besloot hij dat bij beter het voorbeeld van zijn vriend kon opvolgen, en snel rende hij de kamer uit, waarbij het hem de nodige moeite kostte zijn eigen hutkoffer te ontwijken.

Draco haalde even diep adem, kneep zijn ogen dicht en probeerde heel hard er niet aan te denken hoe hij in hemelsnaam een jaar moet doorbrengen met zo'n stelletje achterlijke kleuters. Maar na een lange douche en met zijn haren in model, voelde hij zich een stuk beter. Terwijl hij tevreden in de spiegel keek, bedacht hij dat hij zich gisteren misschien wel een beetje heeft aangesteld; het zou allemaal best meevallen. Voor het gemak negeerde hij zijn toch wat verontrustende dromen maar, en hij liep op zijn gemak zijn kamer uit.

Maar op het moment dat hij de Grote Zaal binnenkwam voor het ontbijt, besefte hij dat hij zich vergist had. Het zou NIET allemaal wel meevallen. Hij keek naar de afdelingstafel van Zwadderich, en met een schok bedacht hij zich dat hij én te trots was om bij zijn oude vrienden te zitten (die natuurlijk wél allemaal over waren) en er nou ook niet bepaald op zat te wachten aan te schuiven bij dat stelletje snotneuzen van zijn eigen leerjaar. Voor ongeveer drie seconden verkeerde hij in een groot dilemma (in gedachten zag hij aan de ene kant Blaise al grijnzen en aan de andere kant Ian en zijn sukkelige maatjes angstig wegtrekken), maar toch wist hij cool te blijven; hij deed wat elke andere Malfidus in zijn plaats gedaan zou hebben.

Met een arrogante blik liep hij langs zijn eigen afdelingstafel naar die van de docenten, greep onderweg achteloos een grote kop zwarte koffie, en vroeg zonder Sneep aan te kijken om zijn rooster; hij wierp er een ongeïnteresseerde blik op, nam een grote slok van zijn koffie (een beetje té groot, want hij brandde wel zijn tong, maar dat kon toch niemand gezien hebben) en liep voor zijn eerste les alvast richting de kassen.

Toen hij weer op de gang stond, bedacht hij nogal zelfingenomen dat hij zich weer mooi had weten te redden uit wat anders een hachelijke situatie had kunnen worden, maar net toen hij besefte dat zelfs Draco Malfidus onmogelijk elke maaltijd kon overslaan, zag hij in de verte een bos rood haar, en van het ene op het andere moment stopt hij met denken in het algemeen.

Alsof iemand hem in zijn gezicht geslagen had; in één rake klap keerden de bedwelmende gevoelens van de vorige avond terug. Maar toen draaide de bos rode haren zich om, en toen hij de eigenaar ervan herkende, stelde hij met groeiend afgrijzen vast dat hij bijna een minuut van zijn leven verspild heeft een glimp op te vangen van RON WEMEL.

Net toen hij van plan was te maken dat hij wegkomt om dit stukje voorgoed uit zijn geheugen te bannen, schoot hem een veel leuker plan te binnen.

'Hé Ron, heb je een fijne vakantie gehad?', riep hij, terwijl hij op Harry Potter en Ron Wemel afliep. 'Mijn vader vertelde namelijk dat het Ministerie weer geen vakantiegeld toekende aan de afdeling Dreuzelpreventie. Betekende dit nou dat jullie niet op vakantie konden en jij en je hele familie de hele zomer lang gepropt zaten in dat stinkende Nest? Met de omvang van je moeders achterwerk moet dat geen pretje geweest zijn, denk ik zo?'

Ja, en weer werkte het; Ron's gezicht liep knalrood aan. Draco kon het niet helpen in zichzelf te gniffelen. En eigenlijk ook niet om hardop te gniffelen.

'Houd je kop, Malfidus, jij... jij... jij... jij...'. Stilte.

'Jouw... jouw... jouw...'. Diepe zucht. 'Jij hebt niks te zeggen, want... want jouw vader... Hmmpf!'.

Het was duidelijk dat Ron toch echt te erg van zijn stuk was om een fatsoenlijke zin te formuleren, dus nam Held Harry het van hem over, voor de verandering: ' Vreemd Malfidus, ik dacht toch echt dat jouw vader het te druk had met in Azkaban zitten om jou zulke sappige roddels over te spelen'.

Heel even leek het erop of Draco voor de tweede keer in 12 uur zijn zelfbeheersing zou verliezen, maar gelukkig bedacht hij net op tijd dat het maar om een kneus als Potter ging.

'O, je moest eens weten tot hoeveel mijn vader in staat is vanuit de gevangenis. Was jij niet degene die hem er in de eerste plaats in hielp, Potter? Ik zou maar extra goed oppassen zodra je het terrein van Zweinstein verlaat als ik jou was'.

Harry opende net zijn mond om daarop te reageren, maar omdat Draco er een hekel aan had níet het laatste woord te hebben, besloot hij dat dit een mooi eind van het gesprek was, draaide zich abrupt om en liep weg. Wel vuurde hij snel nog een gemene spreuk af op Ron, die hem over zijn eigen benen liet struikelen en daarna nog minstens een meter over de grond liet schuiven. Net toen hij de hoek omging, hoorde hij Ron's niet erg mannelijke gegil, en hij kon het niet nalaten te glimlachen. Op de één of andere manier voelde het alsof hij zojuist Ginny Wemel te slim af was geweest, en dat voelde buitengewoon goed aan.

Okee, zijn eerste les Kruidenkunde was nou niet bepaald spannend te noemen, maar ze moesten ... en Draco wist dat hij daar goed in was. Hij moest samenwerken met Benjamin, een jongen die zijn haren zwart had geverfd, en het nu krampachtig in een brede lok schuin over zijn ene oog wilde laten vallen, zonder veel succes. Ook had hij twee piercings door zijn onderlip, wat er eigenlijk nogal onsmakelijk uitzag, en normaal gesproken zou hij dat ook tegen hem gezegd hebben, maar aangezien Draco op het moment nou niet bepaald in de positie verkeerde kieskeurig te zijn met het uitzoeken van zijn vrienden, hield hij zijn mond maar.

Hij bleek de zoon te zijn van een goede vriend van zijn vader, en hij praatte niet zoveel, een eigenschap die Draco wel kon waarderen. Hij kreeg het vage idee dat, behalve Benajmin, de rest van zijn klasgenoten een beetje bang waren voor hem, en dat vond hij helemaal niet erg.

Zijn tweede les was Bezweringen, samen met Griffoendor. Griffoendors waren grappig. O nee, Ginny Wemel zat ook in Griffoendor. Les hebben samen met Ginny Wemel. Niet zo grappig. Het idee alleen al maakte hem helemaal onrustig van binnen. Even kreeg hij de neiging deze les te skippen, maar nee, dat zou belachelijk zijn. Het klopte van geen kant, waarom zou hij bang zijn om bij Ginny in de klas te zitten?

Twee jaar geleden wist hij cool te blijven bij Fleur Delacour van Beauxbatons (nouja, afgezien op dat kleine akkefietje na op het Kerstbal, waarbij hij zich niet kon bedwingen en 'I Love to Love You Baby' begon te zingen... - een liedje dat overigens veel te hoog was om door normale mensen gezongen te worden - maar dat was vast niemand anders opgevallen) en het ging nu om een ...-jarige Wemel. Zó mooi was ze heus niet. En zo liep Draco een beetje overmoedig het klaslokaal in, net voordat Banning de deur dichttoverde.

Een kleine twintig minuten later liep hij boos het lokaal weer uit, helemaal uit zijn doen. Wat was hier aan de hand?! Dit was niet normaal meer, hij kon niet eens samen met Ginny in één lokaal zijn, zonder dat zijn gedachten naar haar toegetrokken werden, als een klein kind naar een ijskraampje. Onbedwingbaar. Toen Banning de spreuk demonstreerde die ze die les zouden behandelen, draaide ze zich om om te vragen waarom hij was blijven zitten. Wat een stomme vraag trouwens! Maar op dat moment was het enige wat hij kon uitbrengen: 'Ja... ehm... Weet ik veel!'. Tja.

Waarom werd hij toch zo zenuwachtig van haar? Ze was nog erger dan de heks uit Duitsland die zijn moeder jaren geleden had ingehuurd om hem zogenaamd manieren bij te brengen. Alsof hij een ongeletterde boer was. Elke dag van de zomer moest hij 4 uur lang de eeuwenoude tovenaarsetiquette doornemen, en natuurlijk kon hij het nooit onthouden. Niet dat hij nou zo stom was, maar ze vervloekte hem elke keer met een lichte Brandspreuk, waar hij heel erg zenuwachtig van werd, en dan hielden zijn hersens gewoon even op.

Dat laatste gebeurde nou ook elke keer dat Ginny hem aankeek. Dit keer leek het wel een eeuwigheid te duren voordat ze haar blik afwendde, en zich weer terugdraaide.

Op dat moment voelde Draco pas de zweetdruppel die langs zijn voorhoofd naar beneden gleed. Gadverdamme. Draco had een hekel aan zweten. Daarna haalde hij eventjes heel diep adem, en besloot dat hij zich ging concentreren op de les, dat moest lukken. Maar hoe hij het ook probeerde, bij elke beweging die Ginny maakte, schrok hij op, en of hij wilde of niet, hij móest gewoon kijken wat ze aan het doen was, ook al was ze alleen bezig een plukje haar achter haar linkeroor te schuiven, of een haar veer in de inkt doopte om een aantekening te maken. Het was fascinerend, en hij stond machteloos.

Toen hij merkte dat iedereen om hem heen opstond om groepjes te vormen voor de opdracht, en Draco besefte dat hij er geen idee van had wat de opdracht inhield, besloot hij dat het zo niet langer ging en dat hij toch maar beter de les kon verlaten. Hij deelde Banning mee dat hij naar de ziekenboeg moest, wat niet eens helemaal gelogen was, want hij voelde zich ook knap ziek. Dit was niet leuk meer, hij moest hier iets aan doen. Hij durfde er niet aan te denken, maar zou het kunnen dat hij verliefd...? Nee, deze zin ging hij niet verder afmaken.

Natuurlijk ging Draco niet naar de ziekenboog. Gefrustreerd omdat hij Ginny nog steeds niet helemaal uit zijn hoofd kon krijgen, liep hij rusteloos door de gangen. Het feit dat hij elk moment kon omkomen van de honger (hij had tenslotte al zo'n 24 uur lang niets gegeten), hielp ook niet echt.

Hij ging maar naar beneden en zat aan de afdelingstafel van Zwadderich, in de hoop dat er uit het niets een mega sandwich met dikke plakken kaas en grote stukken kip en tomaten en ei en uitjes en heel veel pepers enzo voor hem zou verschijnen. Dat gebeurde niet. Om precies te zijn, het zou nog een half uur duren voordat er eten op tafel verscheen, en toen betrof het geen sandwiches, maar mini-tosti's op een prikkertje. Het was lunchpauze, en Draco laadde de tosti's meteen in grote hoeveelheden op zijn bord en schonk een groot glas van iets in wat het dichtstbij stond, en begon met tosti's in zijn mond te proppen. In al zijn tijd op Zweinstein had hij aan één stuk door geklaagd over het eten op Zweinstein, maar hij moest het de huiselfen van Zweinstein dit keer nageven; het eten was hemels.

Na zo'n 8 tosti's bedacht hij zich dat hij compleet vriendloos aan de tafel zat, maar dat kon hem niet meer zoveel schelen. Ze bekijken het maar. Pas toen hij eindelijk vol zat, merkte hij dat hij niet helemaal alleen zat: Benjamin was tegenover hem komen zitten.

'He Draco!' Hahaha, heb je honger, ofzo?'

Draco toonde één van zijn charmantste glimlachen, en antwoorde: 'Nee, Benjamin. Nu niet meer uiteraard'.

Wat een sukkel. Nouja, gelukkig kon hij er zelf ook om lachen, dus helemaal stompzinnig was hij ook niet.

'He Draco...', maar de rest van Benjamin's ongetwijfeld boeiende verhaal werd verstoord door steeds duidelijker klinkend vioolmuziek.

Nee, dit kon niet waar zijn. O wacht, het was wel waar. Ginny Wemel kwam naar hem toe. Nee, ze liep vast naar haar broer ofzo, die stond vlak bij hem. Shit, dat was haar broer helemaal niet, dat was gewoon een heel mannelijk uitziend meisje. Naar wie liep ze dan?! Ze kwam steeds dichterbij, en er bleven steeds minder mensen over. Hij zag dat Benjamin nog steeds aan het praten was, maar hij had nu even geen tijd om zich daar zorgen over te maken, want er was geen twijfel mogelijk meer: ze keek hem recht in zijn ogen aan, en was nu maar zo'n 5 meter van hem verwijderd. Nee, 4. Nee, 3. Nee, 2. Nee...

'Hoi Ginny'. Oeps, dat klonk veel te hoog en wel erg onnatuurlijk. Waarom zou hij haar eigenlijk gedag willen zeggen? Zij komt naar hém toe!

'Draco. We hebben een opdracht voor een verslag gekregen van Banning, die volgende week ingeleverd moet worden. Het onderwerp is: 'De Opkomst en de Ondergang van de Vampier', en wij moeten met zijn tweeën werken'.

'O, ehm... leuk'.

Leuk?! LEUK?! Dat was helemaal niet leuk, dat was vreselijk! Nee, erger nog, dat was rampzalig!

'Vind je dat erg? Want anders moeten we kijken welk groepje met ons wil ruilen'.

En waarom zei hij eigenlijk leuk?! Hij zei nooit 'leuk', nou klonk hij net als zijn moeder. Geweldig. Wacht... zei ze net nou weer iets?

'Draco?'

'Ja?'

Ginny trok een wenkbrauw omhoog. 'Gaat alles wel goed met je?'

Okee, het was duidelijk. Hij gedroeg zich als een idioot, en Ginny had het door. Hij dacht dat hij alles gehad had toen hij een nacht met Harry Potter in het Verboden Bos moest doorbrengen, maar dit was toch vele malen erger.

'Natuurlijk gaat het goed met mij, wat denk je wel niet!'

Oeps, dat klonk misschien een beetje té agressief, alsof hij haar hoofd eraf wilde bijten ofzo. En ze zag er nog wel zo lief uit. Nouja, op dit moment wel een beetje boos eigenlijk.

'Doe even normaal! Dacht je soms dat ik het leuk vond om met jou samen te werken?! Ik kan je verzekeren van niet. Maar het is nu eenmaal zo, dus we zullen er maar aan moeten wennen! Zie ik je morgenavond in de bieb?!'

Ze vroeg het op zo'n toon dat Draco niet eens durfde te weigeren, al zou hij willen. Dus hij mompelde maar iets van: 'Ja, is goed', en liep snel weg, naar buiten. Frisse lucht was wat hij nu nodig had.

Buiten op het bordes drong het pas echt goed tot hem door: dit was ronduit rampzalig. En toen hij er even goed over nadacht, klopte er ook niets van. Okee, Ginny was een erg mooi meisje, maar Draco kende wel meer mooie meisjes, en altijd waren zij het die wegzwijmelden bij hem, en nooit nooít andersom! Wat was er in hemelsnaam zo speciaal aan haar? Zou hij onder invloed staan van een Liefdesdrank? Ja, dat moest het zijn! Ginny Wemel was stiekem verliefd op hem geworden, wat hij haar niet helemaal kwalijk kon nemen, en omdat ze wist dat zij geen kans bij hem maakte - hij was Draco Malfidus - voert ze hem Liefdesdrank!

Maar ogenblikkelijk zag hij de stupiditeit van dit idee in. Hij wist zeker dat dit niet het resultaat van een Liefdesdrank kon zijn, en wel omdat hij precies wist hoe een Liefdesdrank werkt. Als hij terugdacht aan het feit dat Patty Park hem bijna een jaar lang op die manier voor de gek gehouden had, vervulde zijn lichaam zich weer van schaamte. Daar dacht hij liever niet aan terug. Wat was er dan wel aan de hand?! Hij wilde niet eens denken aan in hoeverre hij zich zojuist bij Ginny voor gek had gezet.

Maar dan had hij nog een tweede probleem, nog dringender dan het eerste. Hoe dacht hij in staat te zijn een verslag maken samen mét haar?! Hoe moest hij dat doen, als hij niet eens een gesprek van nauwelijks een minuut met haar gaande kon houden?! Hij werd er zo wanhopig van dat hij er niet eens aan wilde denken hóe wanhopig.

Zijn volgende les was Toverdranken, en daar was hij best goed in. Dat Sneep leraar Toverdranken was, droeg daar natuurlijk ook in aanzienlijke mate aan bij, maar ach. Hij kon het zich toch niet permitteren met zijn gedachten ergens anders te zijn, dus hij moest Ginny maar snel uit zijn hoofd zetten. Dat was natuurlijk makkelijker gezegd dan gedaan, maar ook bleef er één angstaanjagende gedachte in zijn hoofd rondspoken: wat als dit nou liefde was?!

Als dit liefde is, dacht Draco koppig, dan wil ik er niks mee te maken hebben. Ik zal ervoor zorgen dat ik de tegenvervloeking ervoor vind. Ode aan de magie.

A/N: review: )

met dank aan mijn lieve zusje 3