Zo, meteen maar even twee Chapters tegelijk Ik hoop dat jullie het nog leuk vinden en dat het niet allemaal teveel informatie in 1x wordt... Toch hoop ik dat jullie begrijpen dat die informatie moet, omdat jullie er anders niks van snappen.
Love Fantasy; Uhuh, Mr. Potter moet zeker op Zweinstein zitten a
Blijf revieuwen -want daar houd ik van- en veel plezier met lezen
Chapter Five
Different Look
Perkamentus gaf ons een zetje in onze rug en duwde ons letterlijk zijn kantoor uit. Ik boog nog even kort naar Professor Anderling voordat de deur bijna voor onze neus werd dichtgegooid en ik grinnikte van de zenuwen. Hier stond ik dan. In een vreemd gebouw met vreemde dingen, naast een vreemd iemand waarvan ik alleen haar voor- en achternaam wist en dat ze ook in Ravenklauw zat.
Het gene waar ik nog het meeste naar opzag, was het geef-haar-maar-drie-jaar-in-een rooster. Iets wat ik dus nooit vol zou kunnen houden. Tenminste, zolang het allemaal maar niet te moeilijk was. Ik zou drie keer per jaar examens hebben, dus ik zou me ook drie keer per week moeten gaan stressen boven allerlei boeken die ik nog nooit van mijn leven had gezien. Gezellig!
Natuurlijk zouden er ook leuke dingen gaan gebeuren; daar was ik wel zeker van. In mijn klas zouden vast wel wat kinderen zitten die niet het karakter hadden van een kleine kleuter en ik wist al zeker dat ik de meeste tijd zou doorbrengen met mijn huiswerk en met Cho.
'Klaar om te gaan?' Ik schrok op uit mijn gedachten en keek haar glimlachend aan. Natuurlijk was ik klaar! Hoe eerder ik van alles wist, hoe beter.
'Ja hoor,' mompelde ik zenuwachtig. Dit zou degene zijn waar ik de hele dag mee zou shoppen en dat stond me zeker wel aan.
'Mooi,' zei ze weer terug en ze liep voor me uit, een paar trappen af. Af en toe sloeg ze een paar treden over, en al had ik geen idee waarom ze dat deed, deed ik haar gewoon na. De rest van onze 'tocht' ging in stilte. Ik keek overal om me heen –met mijn mond open- en op het gezicht van Cho zat alleen een grote glimlach. Het kasteel was groot. Té groot als je het mij vroeg. Hoe vaak zou ik hier verdwalen?
We kwamen bij een grote trap en we liepen naar beneden. Ik had echt geen flauw idee waar we heen liepen, maar het was waarschijnlijk naar een plek waar we snel naar de Weg-is-weg konden. En toen stonden we in eens voor een soort… Bloempot. Cho mompelde vaag iets wat leek op 'Vanillesuiker' en toen schoof de Bloempot opzij, waardoor er een opening kwam. Gebogen liep ik achter Cho aan naar binnen en in één keer werd alles blauw voor mijn ogen.
'Welkom in de leerlingen kamer van Ravenklauw….'
Ik keek met open mond rond. Alles was in het blauw met zilver gekleurd en het zag er allemaal heel knus en gezellig uit. Voor het haardvuur lag een kleedje en een stukje verder op stond een bank die groot genoeg was voor minstens acht personen. Er stonden verschillende tafels en stoeltjes tegen een muur aangezet, met op elk een schattig bloempotje met een –voor mij nog onbekende- plant erin. Er liepen twee trappen naar beneden en ik nam aan dat het de trappen waren naar de slaapzalen. Een voor de jongens en een voor de meiden.
'Perkamentus heeft mij opgedragen om eerst met je naar dreuzel Londen te gaan, om daar wat kleren te halen en dan naar de Weg-is-weg te gaan, om zo je spullen voor het schooljaar te halen. Ohja… Ondertussen moest ik al je brandende vragen maar beantwoorden,' zei Cho met een glimlach en ze pakte een potje van de haard af. Ze stak het potje naar me toe en toen ze besefte dat ik niet wist wat ze bedoelde pakte ze zelf een handje vol en gooide het in het haardvuur. De vlammen werden onmiddellijk groen en ik pakte er ook maar een handje uit. 'We gaan via het haardvuur naar de Lekke Ketel –een kroeg op de grens van magisch en dreuzel Londen-, waar Tom al op ons staat te wachten om ons op te vangen. Perkamentus heeft alleen voor vandaag de haardvuren hier op Zweinstein open gezet, zodat we meer tijd hadden om ook werkelijk dingen te kopen.'
Ik knikte even vlug. Dit was zéér interessant…
'Alles wat je moet doen, is in het haardvuur gaan staan en "De Lekke Ketel" zeggen. Je moet alleen wel zorgen dat je duidelijk articuleert, want anders kom je ergens anders terecht…' Een grijns verscheen op mijn gezicht bij die gedachte, maar die vervaagde al weer snel toen ik er aan dacht dat ik dan echt helemaal niks kon zodra ik verdwaald was.
Cho maakte een vaag gebaar naar het haardvuur en ik gooide mijn poeder er in. Het vuur werd meteen weer groen –nadat het poeder van Cho was uitgewerkt- en ik ging er in staan. Ik voelde me nu niet echt veilig en nogal onzeker zei ik; 'De Lekke Ketel!' Ik voelde dat ik begon te bewegen en voor me zag ik allerlei stukjes uit woonkamers, keukens en zelfs slaapkamers. Iel…
Mijn vaart begon te minderen en ik stapte uit toen ik voelde dat het daar de tijd voor was. Een mijn gevoel liet me niet in de steek. Al struikelend stapte ik uit het haardvuur, waar al iemand stond om me met twee handen op te vangen voordat ik met mijn hoofd op een tafelpunt belande. Nog geen minuut later kwam ook Cho uit het haardvuur te voorschijn, al ging het bij haar wat gemakkelijker. Ach ja, aan alles moest je wennen.
'Zijn jullie er klaar voor?' vroeg de man die mij net had geholpen –waarschijnlijk Tom- en Cho en ik knikte allebei tegelijk. Ik veegde wat roet uit mijn haren en van mijn kleding en ging Tom achterna naar een deur waar op stond; 'Dreuzel'. Ik ging ook met mijn ogen op zoek naar een deur waar iets in de trend op stond van 'Tovenaar', maar die was er niet. De deur werd voor ons opengedaan en we stonden in een voor mij totaal andere wereld. Er reden vage dingen op vier willen, mensen hadden de meest vreemde kleren aan en – De vrouwen droegen broeken!
Ik liet alles nog even tot mij doordringen –terwijl ik Cho volgde- en besefte dat dat wel de mode zou zijn van deze tijd. Cho ging mij voor in een of ander winkeltje die er heel gezellig uit zag van de buitenkant en zodra we binnen waren stormde ze gelijk op een paar rekjes af. Ik begon ook twijfelend te neuzen tussen de verschillende kleuren die waren gesorteerd en ik zag er wel een paar leuke dingen tussen zitten; T-shirtjes met leuke teksten er op, driekwart broeken en truien in verschillende kleurtjes. Allemaal kleding waarvan ik dus nooit had gedacht dat ik het aan zou trekken. Waarschijnlijk was een stuk van mijn hersens ook gespoeld door die 'tijdssprong' van net, want ik vond mijn jurk in één keer verschrikkelijk en –bijna- alle kleren die in deze winkel lagen leuk.
Ongeveer een half uur later stonden we weer buiten met een volle tas. Ik had al een paar nieuwe kleren aangetrokken en mijn jurk hadden we netjes opgevouwen en in een aparte tas gestopt. Volgens Cho had ik niks meer nodig uit de dreuzel wereld, dus liepen we weer terug naar De Lekke Ketel. We stapte het groezelige cafeetje binnen en Tom pakte de tas uit onze hand.
'Laat deze hier maar liggen. Gaan jullie maar gezellig shoppen in de Weg-is-weg, dan kunnen jullie de spullen straks wel weer ophalen.'
'Is goed. Zijn er verder nog bekenden, Tom?' vroeg Cho geïnteresseerd, terwijl Tom een deur open deed naar buiten en we hem volgden.
'Niet veel. Wel een paar leerlingen van Zweinstein, maar die ken ik zo niet bij naam. Wat ik wel weet is dat de familie Jansen er is, de familie Kannewasser, de Wemels, meneer Potter, Lubbermans en zijn grootmoeder en nog een paar families meer.'
Cho leek even op te stralen bij de naam 'Kannewasser', maar toen ik met mijn ogen knipperde, was het al weer verdwenen.
Tom tikte een paar keer op een paar bakstenen en de stenen schoven één voor één uit elkaar. Er ontstond een grote doorgang en ik liep er door heen. Overal waren heksen en tovenaars te zien en er waren tientallen winkeltjes. Mensen liepen door elkaar heen, stopte om een praatje te maken en liepen toen weer verder. De uithangborden zagen er uitnodigend uit en verschillende jongens –ook een paar meisjes- stonden voor een etalage dat er uitzag als een bezemwinkel.
'Welkom op de Weg-is-weg…'
