Hallo daar, mensjes.

Een nieuw hoofdstuk. In dit hoofdstuk ontmoeten Jasper, Alice en Edward Damon. Damons "vriendelijke" karakter en zijn ego komen in dit hoofdstuk ook aan bot. Ik hoop dat jullie er om zullen kunnen lachen. De personages in het verhaal kunnen het in ieder geval niet.

Florreke: ik vond het ook een toeval. Ik had When The Past Catches Up al af toen ik Breaking Dawn uit had gelezen. Ik was al bang dat er wat verwarring over zou ontstaan. Ja, Edward is trouwens jaloers. Behoorlijk jaloers, moet ik daar aan toevoegen. Dat wordt in dit hoofdstuk nog iets duidelijk, hoop ik. En Damon kon inderdaad erg goed koken, al zul ik daar niet echt over gaan schrijven. Het wordt alleen genoemd.

Ik hoop dat al mijn lezers gaan genieten van dit hoofdstuk. Ik zal volgende week weer een nieuwe plaatsen.

Veel lees plezier, review alsjeblieft, en tot volgende week.

XxX Emmetje


When The Past Catches Up

Chapter 5

Typical Him


De bel ging en kondigde aan dat de leerlingen van Forks High eindelijk vrij waren en naar huis mochten gaan. Rachel stond bij haar kluisje toen die ging en ging gewoon door met waar ze eerder ook mee bezig was geweest: haar boeken verwisselen en haar leren jack pakken.

'Ik heb helemaal niet gezien dat jullie iemand te logeren hadden.'

Rachel maakte een sprongetje van schrik toen iemand dat zei en draaide zich geïrriteerd om. 'Alice, hoe vaak moet ik je nog vragen of je dat alsjeblieft niet wilt doen?'

'Sorry,' zei Alice met een verontschuldigende blik.

'Ik heb nog niet de tijd gehad om je te vragen maar wat zag je precies?'

'Wanneer?'

'Tijdens de lunch. Je had een visioen. Wat zag je?'

Alice opende haar mond maar kreeg niet de kans om die vraag te beantwoorden. 'Het was niets,' was Edward haar voor. Hij en Jasper voegden zich bij hen. 'Niets om je zorgen over te maken.'

'Nee?' vroeg Rachel argwanend. 'Jullie keken alle drie anders behoorlijk bezorgd.'

'Het is echt niets,' verzekerde Edward haar.

'Dat maakt ook niet uit,' zei Alice. 'Niet nu. Wat mij uitmaakt is het feit dat ik die vriend van jou niet één keer heb gezien.'

Rachel haalde haar schouders op. 'Misschien kun je hem gewoon niet zien. Hij is anders, net als jullie en net als mij. Ik kan zijn gedachtes ook niet lezen behalve als ik fysiek contact met hem heb en hij me toestemming geeft om zijn gedachtes te lezen.'

'Hij weet dat je gedachtes kunt lezen?' vroeg Edward.

'Duh,' antwoordde Rachel. 'Ik vertrouw hem met mijn leven en hij krijgt altijd wat hij wil en terug in Frankrijk wou hij antwoorden over wat ik verborgen hield. Dus we ruilden geheimen. Hij vertelde me zijn geheim en ik vertelde hem de mijne. Eerlijk is eerlijk.'

'Jullie klinken close,' merkte Jasper op.

'Ja…' zei Rachel afwezig terwijl ze haar kluisje dichtdeed en terug dacht aan de tijd in Frankrijk. 'Er was een tijd dat we nog closer waren.' Ze schudde haar hoofd en wendde zich weer tot hen. 'Maar de dingen zijn veranderd.'

'Wat precies?' vroeg Alice.

'Dingen waar ik liever niet over praat,' antwoordde Rachel. 'Het ligt gevoelig en het is echt heel ingewikkeld.'

'Hoelang blijft hij?' wou Edward weten.

'Paar dagen, paar weken. Ik heb geen idee om eerlijk te zijn. Hij heeft daar niets over gezegd en hij is welkom om bij ons te blijven zolang als hij wilt,' zei Rachel. 'En zelfs als hij dat niet wat dan zou hij toch wel blijven. Zoals ik al zei, hij krijgt altijd wat hij wil.'

'Hoe hebben jullie elkaar ontmoet?' vroeg Alice.

'Wat is dit? Een kruisverhoor?' vroeg Rachel argwanend.

'Nee joh,' lachte Alice. 'Gekkie dat je er ook bent. We zijn nieuwsgierig want hij is een goede, oude vriend van je die nu hier is, waar we niets over weten en hij klinkt interessant.'

Rachel geloofde dat niet helemaal maar antwoordde haar vraag des al niet te min. 'Ik ontmoette hem in Parijs. Een paar van mijn vriendinnen hadden een feestje gepland in een bar omdat ik zestien was geworden en we bijna vakantie hadden. Hij was daar om iets te drinken en ik trok zijn aandacht. Eerst wou ik niets met hem te maken hebben maar hij liet me niet met rust.'

'Hoe zijn jullie dan vrienden geworden?' vroeg Alice.

Rachel schudde haar hoofd. 'Dat ga ik jullie nu niet vertellen. Hoe we vrienden zijn geworden is echt een heel lang en ingewikkeld verhaal en daar heb ik nu niet de tijd voor want hij staat waarschijnlijk al te wachten en dat betekent dat hij problemen aan het veroorzaken is.'

Ze trok haar tas weer over haar schouder en liep samen met de drie Cullens naar de uitgang. 'Hoe zit het met Charles en Janet?' vroeg Edward terwijl ze liepen. 'Hoe denken zijn over hem?'

'Janet is gek op hem. Echt heel gek. Ze vindt hem geweldig en daar doet ze ook niet mysterieus over. Ze is ook altijd al zo gek op hem geweest. Charles, aan de andere kant, hij vertrouwde hem eerst niet zo. Tot ze samen wat tijd doorbrachten en het bleek dat hij een goede smaak had in drank en auto's. Sindsdien is hij ook gek op hem. Maar lang niet zo gek als Janet dat is.'

'En hij helpt je vader nu met het onderzoeken van die moorden en verdwijningen?' vroeg Jasper. 'Is dat wel veilig?'

'Hij heeft er veel weet over. Zoals ik al zei: hij is anders en weet ook een boel over bovennatuurlijke dingen. En hij heeft Charles al een keer eerder geholpen met zulke dingen te onderzoeken.'

'Hoe bedoel je?' vroeg Edward.

'Terug in Frankrijk werden er ook een tijd mensen aangevallen en vermoord door een soort beest. Dat bleek een poema te zijn die ontsnapt was uit een rondreizend circus en die een één of andere ziekte ergens had opgelopen en daardoor gek was geworden.'

'Klinkt als een cover-up,' zei Edward nadat hij, Alice en Jasper bezorgde blikken hadden uitgewisseld.

'Ze vonden en betrapten hem op hete daad. En nadat hij was afgemaakt stopte de moorden en verdwijningen ook.' Ze opende de voordeur. 'Niets dat er op wijst dat het een cover-up is.' Ze bleef stokstijf staan toen ze weer recht voor uit ging. 'Oh boy.'

'Wat in hemelsnaam is er aan de hand?' vroeg Alice verbaasd.

'Het lijkt wel alsof iemand iets in de lucht heeft gedaan,' mompelde Jasper. 'Hopelijk is het niet besmettelijk.'

'Hier was ik dus al bang voor,' zuchtte Rachel terwijl ze een hand tegen haar voorhoofd drukte en haar hoofd vermoeid schudde.

Het was heel druk op de parkeerplaats en er stonden overal groepjes van jongens en meiden. De jongens leken geïrriteerd en jaloers, zelfs wat boos, terwijl de meiden ontzettend aan het giechelen waren en met elkaar aan het fluisteren waren.

'Rachel.'

Angela en Jessica kwamen op haar en de drie Cullens afgesneld, gevolgd door Lauren, Mike, Ben, Tyler en Eric. De vier jongens keken net als de rest van alle jongens op de parkeerplaats en Lauren en Jessica waren allebei breed aan het grijnzen terwijl Angela wat ongemakkelijk keek en ietsje aan het blozen was.

'Heb je hem al gezien?'

'Hij is zo knap.'

'Ik vraag me af wie hij is. Ik heb hier nog nooit eerder gezien.'

'Hij wees me af toen ik met aan het flirten was. Hij was echt bot maar hij is zo knap. En zei dat hij op iemand stond te wachten.'

'Het meisje op wie hij wacht is zo'n geluksvogel.'

'Meiden,' zei Rachel vermoeid. 'Hou alsjeblieft op.'

'Maar hij is zo knap,' zeiden de twee in koor. Ze had Lauren nog nooit zo gezien. 'En zijn ogen, ze zijn zo blauw.'

'Ik denk dat ik ga overgeven,' zuchtte Rachel die haar ogen ten hemel sloeg.

'Over wie hebben jullie het?' vroeg Jasper verward.

'De zak die aan de andere kant van de parkeerplaats staat,' zei Mike mokkig.

'Hij staat bij de blauwe 1969 Chevy Camaro ZL-1 Convertibel. Geweldige auto. De persoon die in hem rijdt, niet zo,' mopperde Tyler.

Rachel, Alice, Jasper en Edward tuurden over de parkeerplaats en Rachels ogen vonden al snel de persoon die verantwoordelijk was voor de ophef. Hij leunde nonchalant tegen zijn auto aan met zijn armen over elkaar heen.

Toen Damon haar zag trok zijn beruchte grijns naar zijn gezicht en wuifde hij naar haar waardoor Rachel geïrriteerd met haar ogen rolde.

'Wow,' moest zelfs Alice toegeven. 'Hij is echt knap.'

'Alsof zijn ego nog niet groot genoeg is,' zuchtte Rachel vermoeid.

'Oh!' slaakte Jessica verheugd. 'Hij komt hierheen.'

Rachel keek Damon droog aan toen hij hen had bereikt en voor haar bleef staan. 'Je kon het ook niet laten, is het niet?' Ze sloeg haar armen over elkaar heen. 'Je kon ook niet gewoon in de auto blijven wachten maar je moest zo nodig buiten wachten en de aandacht trekken.'

Damon grinnikte. 'Ben je weer jaloers?' Rachel rolde weer met haar ogen. 'Je ontkent het in ieder geval weer.'

'Er komt een dag dat jouw hoofd gaat exploderen omdat je ego zo groot is geworden,' merkte Rachel droog op. 'Vertel me eens eerlijk, is Stefan ook zo?'

'Oh ja, haal mijn broer er maar weer bij,' zei Damon, nu wat mokkig. 'En nee, hij is niet zo. Stefan en ik zijn elkaars tegen pollen.'

'Nog maar weer een reden voor mij om hem graag te willen ontmoeten.'

'Blijf dromen. Die dag zal nooit komen.'

'We zullen zien,' zei Rachel.

Angela, Jessica en Lauren waren hem aan het aangapen en Mike, Tyler, Ben, Eric en de Cullens keken verward.

Damon wierp op een blik op de drie meiden. 'Jullie zijn aan het kwijlen. Ik weet dat ik dat kan veroorzaken maar het ziet er niet uit.'

Rachel rolde weer met haar ogen toen de drie snel hun monden dicht deden en begonnen te blozen. 'Wees toch niet zo cocky.'

'Je kent hem?' vroeg Mike.

'Ja, ik heb het ongenoegen om hem te kennen.'

'Dat zegt ze alleen maar omdat ik haar nu aan het irriteren ben,' zei Damon weer met zijn schuine grijns en hij legde een arm om Rachels schouders heen. 'In werkelijkheid is ze dolblij dat ze me kent.'

Rachel verkocht hem een por in zijn ribben met haar ellebogen. 'Handen thuis houden, Salvatore.'

'Wacht even, dit is je oude vriend uit Frankrijk die nu hier op bezoek is?' vroeg Angela, die de puzzelstukjes eindelijk op hun plaats zette.

'Oh, je hebt het over me gehad,' grijnsde Damon.

'Alleen maar omdat ik hen moest uitleggen wie ik aan de telefoon had. Meer niet,' antwoordde Rachel.

'Je zei dat hij er redelijk okay uitziet,' protesteerde Jessica.

'Rachel is niet iemand die snel opschept,' grijnsde Damon.

'Dat zou niet opscheppen zijn geweest,' zei Lauren. 'Je bent echt heel knap.'

Damon gaf haar een smug smile. 'I know.' Toen keek hij de groep rond. 'Dus wie van jullie is…'

'Oh nee,' onderbrak Rachel protesterend terwijl ze zich nijdig tot Damon wendde. 'Je gaat dat niet doen. Ik waarschuw je, Damon Salvatore. Als je dat echt gaat vragen ga ik je vermoorden.'

'Ik sta onder Charles' orders. En veel succes met het proberen me te vermoorden. Dat kan nog wel eens lastig worden.'

'Daar ben ik me van bewust maar je wilt alleen maar weten…'

Damon legde een arm om haar keel heen en draaide zich naar hem toe waardoor ze met haar rug tegen zijn borst aanstond en bedekte toen een hand over haar mond waardoor haar woorden wegvielen. 'Zoals ik al eerder begon voordat ze me zo onbeschoft onderbrak –' ging hij door alsof het de normaalste zaak van de wereld was. '– wie van jullie is Edgar nog wat?'

'Edward,' zei Edward kil. 'Het is Edward, niet Edgar.'

'Ah.' Damons duivelse grijns voorspelde niets goed. 'Dus jij bent de idioot die haar heeft gedumpt en haar nu terug wil. Een advies: je dumpt Rachel Grey niet, zij dumpt jou. Andersom… Laat ik het er op houden dat het dan niet goed voor je afloopt. En haar dumpen en haar dan terug willen? Ja, blijf dromen want het gaat niet gebeuren. Zo dom is ze namelijk niet.' Rachel mompelde kwaad van achter zijn hand. 'Zie, ze is het helemaal met me eens.'

'Behandel je haar altijd zo?' vroeg Edward kil.

'Ben jij gek?' grinnikte Damon. 'Dit ben ik die aardig doet.' Rachel mopperde weer iets achter zijn hand. 'Ja, ja, we weten allemaal dat ik een zak ben. Dat is geen geheim.'

'Fijn dat je het zelf toegeeft,' zei Edward.

'Huh.' Damon gaf hem een gemene grijns. 'Ik begrijp helemaal waarom Charles je graag wil neer schieten als hij je ziet. Ik begrijp het nu helemaal.' Rachel gaf hem een geïrriteerde blik. 'Okay, best.' Hij liet haar weer los. 'Tevreden?'

'Zie ik er tevreden uit?' vroeg Rachel chagrijnig.

Damon negeerde die vraag. 'Okay, tijd om te gaan, hotshot. Dus zorg ervoor dat dat knappe, kleine achterwerk van jou in de auto komt.'

'Of wat?' daagde Rachel hem uit.

'Of ik gooi je over mijn schouder en zorg er zelf voor.'

Rachel zuchtte geïrriteerd en wendde zich tot de groep. 'Tot morgen.'

Het enige wat ze als antwoord kreeg was wat verward gezwaai en Alice, Jasper en Edward waren te druk bezig om boos naar Damon te kijken om ook maar iets te zeggen. Als blikken konden doden.

'Ik haat jou soms echt,' zei Rachel terwijl ze naar de auto liepen.

Damon grinnikte. 'Ik zou het raarder hebben gevonden als dat nooit zou voorkomen.'


Damon parkeerde de auto voor de politiebureau en hij en Rachel stapten weer uit. 'Het enige wat ik van je vraag is of je alsjeblieft de volgende keer in de auto kunt wachten.'

'Wat? Het zit je dwars dat alle meiden van je school over me praten en voor me aan het kwijlen zijn?'

'Ja, want ik ben degene die ze de volgende dag gaan ondervragen over wie je bent en wat voor soort meiden je leuk vind en waar je woont en hoe ze je aan de haak kunnen slaan, enz. enz.'

Ze bleven buiten voor de deur staan toen ze zagen dat Charles in gesprek was met twee mensen. 'Laat me raden, je hebt liever dat ik in vervolg ook in de auto blijf zitten als Janet wil dat we boodschappen doen?'

'Heb je mij dat horen zeggen? Nee. Als jij met de caissière wil flirten dan zal ik je heus niet tegenhouden. Waarom zou ik? En nee, ik was niet jaloers.'

Damon gaf haar weer die beruchte grijns maar liet het lopen. 'Ik snap helemaal waarom je Edgar niet terug wilt nemen.'

'Edward. Je doet dat express, is het niet?'

Damon gaf haar weer een grijns. 'Wat ik alleen niet begrijp is waarom je hem een kans hebt gegeven om mee te beginnen.'

'Wat ik niet begrijp is waarom ik jou een kans heb gegeven,' zei Rachel. 'En waarom ik besloot om met Edward een relatie te beginnen zijn toch echt mijn zaken.'

'Ik ben gewoon nieuwsgierig.'

'Nieuwsgierigheid vermoordt de kat.'

'En kennis brengt hem terug tot leven.'

Rachel gaf hem een geïrriteerde blik en keek toen weer door het raam het bureau in. Haar blik werd zachter toen ze hun gedachtes hoorden. 'Die arme mensen.'

'Hmm. Wat is er dan met hen?'

'Hun zoon is een jaar geleden verdwenen in Seattle. Zijn naam is Riley. Hij komt uit Forks. Charles doet wat hij kan en zoekt al een tijdje naar hem maar hij kan hem maar niet vinden en de ouders geven niet op.'

'Riley, huh?'

Rachel keek naar hem toen ze hem dat zo hoorde zeggen. Hij stond tegen de leuning van het trapje naar boven geleund met zijn armen over elkaar heen en een blik in zijn ogen die ze kende van eerder momenten dat hij iets had geweten over een bepaald onderwerp waar zij niets vanaf had geweten. 'Weet jij hier soms meer van?'

Damon keek naar haar. 'Misschien.'

'Damon,' smeekte ze. 'Het is al erg genoeg dat Edward, Alice en Jasper tegen me liegen en dingen voor me verzwijgen. Begin jij alsjeblieft nu ook nog niet eens.'

'Ik ben in Seattle geweest,' zei Damon. 'En ik heb hun zoon gezien. Hij is alleen waarschijnlijk niet meer de jongen die zij kennen.'

'Wat bedoel je?' vroeg Rachel wat verward.

'Hij is niet langer meer de jongen die zij zich herinneren. Hij is veranderd in net zo'n Vampier als dat Edgar is. En laat ik het er maar op houden dat hij niet echt vegetariër is.' Hij keek weer op haar neer. 'De onverklaarbare verdwijningen, de moorden. Het is niet het werk van een bende of een beest of een seriemoordenaar.'

'Vampiers,' concludeerde Rachel.

'Precies. Jonge Vampiers. Ze hebben geen controle en worden gek van de dorst. Dus ze drinken zoveel als ze kunnen en doden daarom zoveel mogelijk mensen als ze kunnen.'

'Is dit een toeval?' vroeg Rachel. 'Al die jonge Vampiers in één stad?'

'Dat is heel onwaarschijnlijk. Vooral omdat ze allemaal met elkaar optrekken.'

'Je hebt ze gezien?!' riep Rachel half uit.

Damon gaf haar een grijns. 'Beter, ik heb een paar van hen vermoord. Ze waren nogal irritant.'

Rachel gaf hem een blik en schudde haar hoofd afkeurend maar kreeg niet de kans om er op in te gaan want de deur van het politiebureau ging open en de ouders en Charles kwamen naar buiten.

'Ik zal deze morgenvroeg meteen faxen,' beloofde Charles.

De ouders knikten en vertrokken toen na hem bedankt te hebben voor zijn tijd. Eenmaal weg wendde Charles zich tot Rachel en Damon.

'Hier is ze dan. Zoals je gevraagd had.'

'Dank je, Damon.'

'De boodschappen liggen in de kofferbak,' zei Rachel. 'Ben je hier al helemaal klaar?'

'Nog niet helemaal,' zei Charles. 'Ik moet nog een paar laatste dingetjes afhandelen en dan ben ik wel helemaal klaar voor vandaag.'

'Wil je dat we alvast naar huis gaan en met het eten beginnen of moeten we op je wachten?'

'Nee, gaan jullie maar alvast. Ik moet Janet daarna ook nog oppikken.'

'Wij kunnen haar ook best ophalen, toch?' Rachel keek vragend naar Damon die zijn schouders ophaalde als antwoord.

'Gaan jullie twee nu maar gewoon naar huis. Dan hebben jullie wat tijd om bij te praten.'

'Pap!' zei Rachel geïrriteerd toen ze zijn gedachtes hoorde. 'Hou alsjeblieft op!'

Damon grinnikte, zich heel goed realiserend wat Charles ongeveer had gedacht. 'We zullen alvast gaan en beginnen met koken.' Hij legde een arm om Rachels schouders heen. 'Kom op, Tijger. We gaan terug naar huis.'

Rachel duwde zijn arm van haar schouders af en gaf hem daarna een nijdige blik voordat ze zich weer tot Charles wendde. 'Was het nou werkelijk echt nodig om hem op te dragen om me van school te komen ophalen?'

'Ik vond het een goed idee,' zei Charles. 'Zoals ik al eerder zei, jullie hebben veel om elkaar over bij te praten. En wat afstand is ook altijd wel goed.'

'Pap, als ik Edward echt te vervelend vind worden dan zeg ik dat gewoon tegen hem en dan laat hij me verder ook wel met rust. We blijven vrienden. En ik kan prima voor mezelf zorgen dus hou alsjeblieft op met het proberen om Edward bij me uit de buurt te houden.'

'Vrienden?' vroeg Charles met opgetrokken wenkbrauw. Blijkbaar had hij alles daarna niet meer meegekregen. 'Jullie zijn nog steeds vrienden?'

Rachel zuchtte vermoeid. 'Oh, dit is hopeloos.' Ze draaide zich om naar Damon. 'Okay, laten we gaan.'

'Rachel,' probeerde Charles en hij stopte haar. 'Luister nou even naar me.'

Hij keek naar Damon die de hint meteen snapte. 'Ik wacht wel in de auto.'

Toen hij weer in de auto zat, keek Charles weer naar Rachel. 'Het is gewoon de manier waarop hij naar je kijkt. Alsof hij bereid is om voor je te springen en een kogel voor je te nemen.'

'En hoe is dat precies verkeerd?'

'Het is niet verkeerd,' zuchtte Charles. 'Maar het is niet iets wat je ziet in een liefde tussen twee mensen die zo jong zijn. Het is zo iets heftig dat het bij mij zorgen opwekt. Ik bedoel, als hij bij jou in de buurt is dan ben jij het enige waar hij naar kijkt. Beweeg jij dan beweegt hij. Het is bijna zoals magneten.'

'Geloof me, ik neem hem echt niet terug.'

'Dat is juist iets wat ik niet zo zeker weet,' zei Charles. 'Het is duidelijk dat ondanks dat je het goed probeert te verbergen en ondanks dat iedereen ziet dat je boos op hem bent voor wat hij je heeft aangedaan, je toch nog steeds gevoelens voor hem hebt. En eerlijk gezegd zou het mij niet verbazen als hij op één knie gaat na de diploma-uitreiking en je smeekt om met hem te trouwen. En kun jij het dan over je hart verkrijgen om nee te zeggen?' Rachels gezicht kwam ongemakkelijk te staan en ze wreef zichzelf over haar nek. Dat was genoeg voor Charles. 'Je meent het niet. Wanneer?'

'Al meerdere keren. De eerste keer was het weekend nadat hij en zijn familie terug zijn gekomen. Sindsdien, nog een aantal keer. Maar ik blijf nee zeggen. En…'

'Hij blijft vragen.' Charles zuchtte. 'Nu weet ik zeker dat ik een straatverbod voor je ga regelen.' Hij keek haar aan. 'Misschien moet je voor een paar dagen de stad uit. Ik weet zeker dat Damon je wel vergezellen naar een zonnige staat voor een aantal dagen.'

'Pap, ik ben bijna klaar met mijn examens. Ik kan niet zomaar alles laten vallen en er gewoon voor een aantal dagen tussen uit gaan.'

'Na dat je de examens achter de rug hebt zitten dan.'

Rachel zuchtte. 'Ik weet het niet, hoor. Ik zal erover nadenken.' Toen werd ze scherp en keek hem waarschuwend aan. 'En geen straatverbod en geen woord hierover tegen Janet.'

'Best, best,' wuifde Charles mokkig weg. 'Ga nu maar snel naar huis.'

Rachel drukte een kus op zijn wang en gaf hem een knuffel. 'Tot straks, pap.'

'Dag, lieverd.'

Toen ze weer bij Damon in de auto zat en ze op weg terug naar huis waren, gaf ze hem een blik. 'Geen woord.'

Damon gaf haar een onschuldige grijns, voor zover hij onschuldig kon kijken. 'Ik zei niets.'

'Ik weet dat je alles hebt gehoord.'

'Vind je niet dat je een beetje jong bent om te gaan trouwen?'

'Damon,' zei ze waarschuwend.

Damon grinnikte. 'Geen woord, ik heb je gehoord. Maar ik zei het alleen maar. Ik bedoel, je bent zeventien, bijna achttien. Je bent veel te jong om te trouwen.'

Rachel pakte een boek uit haar tas en wou hem een klap ermee verkopen maar hij ving haar pols en stopte haar in de act zonder zijn ogen van de weg af te halen.

'Okay, kalmeer. Ik zeg al niets meer.'