- Hoofdstuk acht -
Benauwende Bekentenissen

Hermelien kon zichzelf zien staan, stil als een beeld tussen de houten schoolbanken op de koude, grijze stenen van de vloer. Haar gezicht was uitdrukkingloos en keek naar Draco met wijd opengesperde ogen. Deze probeerden Draco's gedachten te doorzien, maar hij keek van Hermelien weg. Zijn gezicht toonde een mengsel van verschillende emoties. De blos op zijn wangen toonde zijn schaamte, die werd vergezeld door angst in zijn ogen. Maar er was nog een derde emotie, die zachtjes van onder zijn huid gloeide en die rond zijn mondhoeken speelde. Deze emotie vloekte met de schaamte en was gedeeltelijk verborgen achter de rode blos, maar Hermelien zag wat het was. Het was trots die Draco probeerde te verbergen. Hermelien walgde bij de gedachte dat Draco trots kon zijn op zo'n taak. Woede borrelde in haar op en deed haar hand uithalen, die Draco in het gezicht sloeg en een rode handafdruk op zijn huid achterliet.

"Hoe kan je trots zijn op een taak die hij je toebedeeld! Welke taak dan ook! Hij kan je alleen je alleen maar tot schande brengen! Hij laat al zijn dienaars voor hem kruipen! Ja, ook je vader!" schreeuwde ze naar Draco, die naar haar opkeek, boos, en hij maakte een verontwaardigd geluid.

"Harry heeft me verteld hoe ze allemaal bij hem smeken, zijn gewaad kussen, alles om hem te plezieren!"

"Harry", zei Draco ijzig en hij lachte kort een akelig lachje.

"Ja, Harry ja!" zei Hermelien boos.

"Net alsof hij niet alles doet wat die oude dwaas van een Perkamentus hem opdraagt!"

"Wijs advies opvolgen is iets heel anders dan gedwongen worden om iets te doen uit angst! Zoals dat bij jou gebeurt." Dat laatste voegde ze stilletjes toe. Ze keek naar Draco en voelde hoe tranen haar ogen vulden. "Je moet het niet doen… begrijp je het dan niet? Je kan niet iemand anders doden! Dat is verkeerd! Het is minder erg om je eigen leven te verliezen dan om dat van een ander te beëindigen. Het is minder erg om zelf te sterven…" Die laatste woorden verdronken in stilte in de tranen die over haar gezicht stroomden. Draco knipperde hard met zijn ogen om te zorgen dat hem niet hetzelfde overkwam, zodat hij niet dezelfde zwakte aan Hermelien zou laten zien.

"Ik… ik wil niet dood," zei hij met een schorre stem.

"Je moet… je moet wel… je kan niet…" hakkelde Hermelien, maar het lokaal om haar heen veranderde in een plek uit een herinnering van twee jaar geleden. De grijze stenen vloer werd van gras en de muren veranderen in enorme heggen. Het hout van de tafels werd de huid, de gewaden, van mensen die allemaal rond een persoon stonden, die in het gras lag, zijn zwarte haar nog rommeliger dan anders, zijn gewaad bevlekt met bloed en zijn armen rond een levenloos lichaam geklemd. Maar toen Hermelien beter keek, zag ze deze keer niet Karlo Kannewasser in Harry's armen, maar Draco. Zijn gezicht was leeg en zijn blauwe ogen wijd open, maar zonder enige uitdrukking. Er waren geen tekenen van geweld te zien, geen wond op zijn huid, maar het beetje kleur dat daar normaal was, was weg. Hij was leeg… en zou nooit meer gevuld zijn met emotie of leven…

"Nee…" fluisterde ze en het beeld maakte weer plaats voor de realiteit, waarin er nog steeds bloed door Draco's aderen stroomde.

"Ga niet dood," zei ze en ze drukte zichzelf tegen Draco aan. Ze voelde zijn lichaam nog veilig warm, zijn op en neer gaande borstkas terwijl hij ademde, en zijn leven bood haar beschutting voor wat ze net had gezien. "Niet doodgaan…" fluisterde ze en ze huilde op zijn schouder. Draco rechtte zijn rug.

"Nee," zei hij. "Dat doe ik niet…" De trots op zijn gezicht was vervangen door plichtsgevoel en ernst, nu de volle consequenties van de taak die hij had aanvaard pas echt tot hem doordrongen.

"Maar… vermoordt hem niet," zei Hermelien heel stilletjes, wetende dat haar twee eisen met elkaar in conflict waren, maar haar geweten eiste van haar dat ze het zei.

Draco wendde zijn hoofd af en zweeg. Hermelien herkende het moment van die keer in de Kamer, toen hij haar niet wilde vertellen waar hij mee bezig was. Maar ze wist wat het gedwongen verbreken van de stilte van Draco haar had gebracht, dus deze keer zweeg ze met hem.

Zo stonden ze daar, twee verstrengelde beelden, tot geroezemoes in de hal het einde van de lunch aankondigde en hen uit elkaar brak, Draco weg naar zijn les.

Nu waren ze verbonden aan elkaar, verbonden door dit duistere geheim. Ze wist dat ze hem niet zou verraden, want ze had er voor gekozen om te zwijgen in dat lege lokaal. Het zat haar dwars dat ze op een bepaalde manier medeplichtig was aan zoiets slechts. Ze zei alleen tegen Draco dat ze niet wilde dat hij Perkamentus vermoordde en weigerde er verder over te spreken, in een poging minder betrokken bij dit alles te raken. Naarmate de tijd verstreek, leek het niet meer bij Draco te horen, maar bij iemand anders, een andere Draco ver weg, die ze maar een paar keer vluchtig had ontmoet. Als ze samen waren, voelden ze zich soms zelfs als een gewoon stelletje, verlangend naar elkaar, kussend, pratend over de dag, elkaar stiekem ontmoetend in een stil hoekje. Deze momenten bleven echter doorboord worden door flitsen die door hun ogen schoten, die spraken van de dingen waarvan hun tongen dat niet deden.

Hun relatie geheim houden werd moeilijker en moeilijker. Mensen bleven Hermelien maar vragen waar ze heen was geweest, vooral Ron, en Hermelien had het gevoel dat Ginny niet geloofde in haar leugens en niet lang meer genoegen zou nemen met minder dan de waarheid.

Op een avond zat Hermelien nog erg laat in de gemeenschappelijke ruimte van Griffoendor. De ruimte was verlaten, iedereen was allang naar bed, maar Hermelien lag achter met haar huiswerk, omdat ze de hele avond met Draco had doorgebracht. De letters in haar Verweer tegen de Zwarte Kunsten boeken dansten voor haar ogen, maar ze wist dat ze het af moest krijgen. Hermelien schoof haar stoel wat dichter naar het haardvuur om wat beter licht te krijgen en ze wreef in haar ogen in een poging de waas die er voor hing weg te krijgen, maar toen ze daarna opkeek, stond er een persoon met lang rood haar naar haar te kijken.

"Ginny," zei Hermelien, "ik wist niet dat je nog niet naar bed was… Waarom ben je nog op?"

"Ik maakte een nachtwandeling met een hele aardige jongen uit Huffelpuf," zei Ginny giechelend. "Maar jij, ben je nog steeds bezig met je huiswerk?" vroeg ze bezorgd.

"Ja, ik had nog wat liggen, ik moet dit nog even afmaken," antwoordde Hermelien.

"Maar je had toch gezegd dat je vanavond in de bieb huiswerk had gemaakt?"

"Ja, nou ja, het is heel veel, het zesde jaar is echt heel druk," zei Hermelien. De hele dag verzon ze smoesjes als deze, maar Ginny leek niet overtuigd.

"Zo erg kan het nooit zijn. Je doet dingen nooit op het laatste moment."

"Ik moet gewoon…" sputterde Hermelien. Ze voelde zich erg ongemakkelijk en ze wist dat Ginny het zag.

"Hermelien, waarom lieg je steeds tegen me? Je hoeft voor mij geen smoesjes je verzinnen. Ik weet dat er iets aan de hand is met je. Ik maak me zorgen. Wil je me alsjeblieft vertellen wat er mis is?" zei Ginny terwijl ze Hermelien met grote bezorgde ogen aankeek. Hermelien keek van Ginny weg, naar het vuur. Ze realiseerde zich hoeveel ze op deze manier op Draco leek. Ze was het zo zat, liegen tegen Ginny, want ze wist dat Ginny er niets van geloofde. Ginny had dat niet verdiend, ze was altijd een goede vriendin geweest voor Hermelien. Hermelien zocht haar brein af naar nog een ontsnapping aan de situatie, maar haar hoofd deed pijn en het zoeken maakte Hermelien doodmoe.

"Luister Ginny, je wilt het niet weten, echt niet," zei Hermelien lusteloos.

"Ik wil het wel weten," zei Ginny heel duidelijk. "Vertel het me alsjeblieft," herhaalde ze. "Doet er iemand iets… slechts met je?" probeerde ze voorzichtig, toen Hermelien niets zei.

Hermelien snoof triest. Dat Ginny dacht dat dat het probleem was, iets waar Hermelien niets aan kon doen, iets waarbij zij slachtoffer was en geen dader. Schaamte vulde Hermelien, dat ze Ginny zo bezorgd had laten worden om iets wat puur en alleen Hermeliens schuld was. Ginny was verward door Hermeliens reactie en kijk niet-begrijpend naar haar.

"Nee, het is niemand anders zijn schuld," zei Hermelien, "het is mijn schuld. Van mij!" zei ze, boos op zichzelf. Ze ademde diep in.

"Ik heb wat met Draco".

Krabbeltje achteraf: Zoals jullie inmiddels wel gewend zijn, even wat schaamteloze promotie van mijn C2 en forum ("Nederlandse Harry Potter Fanfiction"), waarin ik alle Nederlandse Harry Potter verhalen en hun schrijvers wil verzamelen. Neem een kijkje op www fanfiction net c2 31973 3 0 1 (voeg punten en schuine strepen in), dat is verzamelbak van verhalen en daar staat ook de link naar het forum (en ja, ik blijf net zo lang zeuren tot jullie ook echt komen kijken :P ).
In het volgende hoofdstuk, ja… wat een bekentenis ligt hier op tafel! Iis er nu nog houden aan, nu hun geheim is uitgelekt? En komt het geheim van Draco ook nog naar boven? Zal Ginny het begrijpen of zorgt ze er hoogstpersoonlijk voor dat Hermelien geen leven meer heeft bij de Griffoendors?

Bedankt voor het lezen, en ik zou het leuk vinden als je laat weten wat je er van vindt .