Het jongetje stormde in blinde angst de verhoorkamer in en schoof een stoel naar de hoek. In een duik vloog hij er onder en huilde paniekerig. Voorzichtig liep Sara de kamer in.
"Hé," glimlachte ze vriendelijk. "Rustig jochie."
Het jongetje bedaarde een beetje en keek haar angstig aan. Zijn blauwe ogen vol tranen:
"Mama toe."
Sara ging op haar hurken voor de stoel zitten. Het jongetje kroop nog verder naar de hoek. Het deed haar pijn het kind zo bang te zien. Een seconde herkende ze zichzelf in zijn gepijnigde blik. Oude littekens stuurde waarschuwende signalen naar haar lichaam. Ze negeerde ze en keek de jongen indringend aan.
"Mama is ziek. Ze is even naar de dokter. Morgen is ze weer terug, oké?"
"Ga weg, Mama! MAMA!"
Sara glimlachte geduldig:
"Ik heet Sara, hoe heet jij?"
Met grote boze ogen staarde het jochie terug.
"Ga weg, je moet bij mama wegblijven!"
"Mama komt morgen weer terug."
"Mama toe.."
Vanachter het raam keek Warrick toe. Hij las het dossier en staarde naar het jochie dat nu redelijk relaxed in het hoekje zat. Er kwam echter geen zinnig woord uit hem. Greg kwam binnenwandelen.
"Hé, wat hebben we hier?"
"Er is een lijk gevonden, jonge vrouw, in een kluis in een loods. Bij het lijk in diezelfde kluis was dit jongetje en een andere jonge vrouw, waarschijnlijk zijn moeder. De laatste vrouw had een bebloed mes in haar hand."
"Lijkt me duidelijk," glimlachte Greg. "Makkie. Waar is de moeder en moordenaar?"
"In het ziekenhuis, Sara heeft haar neergeschoten."
Greg floot. Warrick reageerde amper. Hij staarde door het glas naar het jongetje dat nu rare woordjes voor zich uit prevelde. Het enige wat het kind droeg was een veel te groot wit T-shirt wat hij helemaal over knieën had getrokken. Het was mager, maar leek voor de rest gezond. Sara probeerde met alle macht het jochie te bereiken, maar er werd geen resultaat meer geboekt. Met een strakke blik staarde de jongen naar zijn vingers en keek niet meer op.
"En je zou toch denken dat er tonnen met bewijsmateriaal zijn in een kluis met drie personen er in?" zuchtte Nick nadat hij en Grissom de kluis al twee keer van voor naar achteren onderzocht hadden.
"Neem nooit dingen van te voren aan Nick, vertrouw alleen het bewijs." Antwoordde hij bot. Ook hij was behoorlijk geïrriteerd. In de hele kluis hadden ze maar een paar bewijsstukken gevonden.
"Heb je het handvat al onderzocht?" vroeg Grissom moedeloos. Nick grinnikte sarcastisch:
"Het enige wat we binnen in de kluis hebben gevonden zijn drie haren, zes vingerafdrukken en een plas met bloed en jij verwacht nog wat aan de buitenkant te vinden?"
"Je gaat te veel met Sara om, je wordt al net zo cynisch als haar."
"Heel grappig Nick," gromde Grissom "Doe het nou maar gewoon…"
Nick liep de kluis uit en sloot de deur half zodat hij de hendel op vingerafdrukken kon checken.
"Ooooh, Surprise surprise… Al weer geen vingerafdrukken." zei Nick terwijl hij zijn onderste lip naar voren stak en erg zielig keek.
Grissom schoot in de lach.
"Echt.. Je zou je zelf moeten zien, je ziet er uit als een baby die voor straf z'n potje geprakte wortels niet krijgt.. Check de rest van de buitenkant ook."
Nick kreunde vermoeid, maar gehoorzaamde wel. Nadat hij ongeveer een vierkante meter van de linkerkant van kluis had onderzocht voelde hij zich alleen maar slechter.
"Griss, moet je dit zien…"
Grissom kwam naar buiten, met de blik alsof iemand hem had gestoord in zijn middagslaapje.
"Wat?"
"Ik heb al 25 vingerafdrukken."
Grissoms linkerooghoek trilde.
"Wow..."
"Ik denk niet dat dit zo'n makkelijk zaakje wordt als het leek te zijn."
Grissom kuchte en keek nadenkend voor zich uit.
"Ik denk het ook niet…"
