Eleanor Larathiel - Wow, vergelijk je me nu met Rowling? Ik voel me vereerd. Ik hoop dat ik die hoge verwachting kan blijven waarmaken. :) Thanks for reviewing!
Earwen - Yup weer feniks. Ik leg het allemaal uit, maar nu nog niet :P
Mensen, ik heb nog steeds last van mijn writers-block, maar alweer is het me toch gelukt om een redelijk fatsoenlijk hoofdstuk te schrijven, dus... enjoy!
HOOFDSTUK 11
Anagram?
Ik haastte me naar mijn slaapkamer om mijn kistje op te halen. Daar zat Evelien op me te wachten voor het haardvuur.
Ze stond haastig op toen ze me binnen hoorde komen.
"Ha Evelien," hijgde ik.
"Waar was je? Professor Sneep is woedend!" zei ze met een serieus gezicht terwijl ik het kistje zocht.
"Jaja, ik weet het. Ik ga al!" riep ik en rende de deur uit met het kistje onder mijn arm. "Doei!"
Ze riep nog iets, maar ik hoorde het niet dus rende ik maar door.
Ik bleef even voor de deur staan en haalde een paar keer diep adem voordat ik zelfverzekerd naar binnen stapte. Professor Sneep zat achter zijn bureau te schrijven en keek niet op toen ik binnen kwam. Zachtjes zette ik het kistje op het tafeltje voor het haardvuur, wat tot mijn afgrijzen niet aan was, waardoor het best koud was in de kamer. Ik ging zitten in een van de leren stoelen en opende het kistje.
Hoe kreeg ik dat boek er nou uit? Dacht ik terwijl ik mijn hand erin stak. O ja, denk aan det boek. Het boek met de zwarte kaft.
Ik voelde iets en trok het grote boek er tot mijn tevredenheid uit.
"Besloten om toch maar te komen?" Hoorde ik plots een diepe stem van achter me en ik draaide me snel om in de stoel.
Geruisloos was professor Sneep achter me komen staan. Even wist ik niets te zeggen van de schrik en om dat te maskeren draaide ik me weer terug.
"Heb ik geklaagd toen jij vanmorgen laat kwam?" zei ik uiteindelijk kwaad, ik hield er niet van als mensen me lieten schrikken. "Bovendien had ik nog andere dingen te regelen."
Ik opende het zwarte boek in mijn schoot en bekeek nogmaals de opdrachten die ik had gekregen van professors Anderling en Banning. De zweefspreuk voor professor Banning en het veranderen van een lucifer naar een speld voor professor Anderling. Ik deed alsof ik niet wist dat Sneep nog steeds achter me stond.
"Eh… professor? Samantha?" klonk plots een zachte stem en ik zag Evelien in de deuropening staan met een stapel boeken in haar armen, haar gezicht half verscholen achter de sluier van blonde haren.
"Wat is er, juffrouw Linden?" vroeg professor Sneep en tot mijn grote verbazing was zijn altijd aanwezige sarcastische toon uit zijn stem verdwenen. Blijkbaar was het dus niet altijd aanwezig.
"Samantha had haar boeken vergeten en omdat ik niet wist welke ze nodig zou hebben heb ik ze allemaal maar meegebracht," antwoordde ze zachtjes.
Ik stond op en liep op haar af met een glimlach.
"Heel erg bedank, Evelien," zei ik en pakte de boeken van haar aan. Toen onze hoofden dicht bij elkaar waren siste ik: "Denk eraan, hoofd omhoog!"
Ze keek me even verbaasd aan, maar glimlachte toen en streek haar haren uit haar gezicht.
Ik ben benieuwd hoe lang het duurt voordat haar haren weer ik haar gezicht hangen, dacht ik, maar knikte haar vrolijk toe. Uiteindelijk zal het haar lukken om een beetje zelfverzekerder over te komen met een beetje hulp van mij, of mijn naam is niet Samantha Sanders.
Evelien vertrok weer en ik legde de stapel boeken langs het tafeltje op de grond.
"Die boeken zijn schools eigendom, juffrouw Sanders, ik hoop dat u leert om er een beetje zorgvuldig mee om te gaan," zei professor Sneep, maar ik negeerde hem en zocht naar wat papier en een pen, maar die lag er nergens.
"Professor?" vroeg ik uiteindelijk maar.
Hij was weer achter zijn bureau gaan zitten en keek me aan met een dreigende blik.
"Heeft u wat pen en papier voor mij?" vroeg ik zo vriendelijk mogelijk.
Hij schoof me wat perkament en een veer in een inktpotje toe en ik stond op om het te halen.
"Dank je, denk ik," mompelde ik.
Deze mensen leven echt nog in de middeleeuwen, dacht ik met afgrijzen terwijl ik naar de veer keek. 'Volgende keer ga ik een pen en wat gewoon papier kopen.'
Ik was vorige keer al van plan om te proberen om iets te laten zweven dus ik sloeg het grote zwarte boek open om de goede pagina te zoeken toen ik weer de naam van de schrijver zag.
"Nu is het alweer verandert. Dit kan geen toeval zijn," mompel ik.
'Wat was het vorige keer? Iets met Arena, niet?' dacht ik.
Nu stond er Ivan Trojan Merle. Ik dacht diep na.
De eerste keer dat ik het boek open sloeg dacht ik dat het geschreven was door ene eh… iets met Revel. Wat was het toen Evelien het bekeek? Iets met Arena. Het was alweer zo'n vreemde naam. O, Arena Vermin Jolt. Dat was het.
Haastig schreef ik het op met de naam van de schrijver die ik nu zag staan er onder. Er stond:
-----------------------
… … Revel
Arena Vermin Jolt
Ivan Trojan Merle
-----------------------
Misschien is het een anagram,' dacht ik en ging de letters vergelijken.
Het klopte precies. Het waren allemaal dezelfde letters.
-----------------------
A a r r e e n n v m i j o l t
-----------------------
Nu nog uitvinden wat de werkelijke naam is, dacht ik en staarde naar alle letters. Dat kan wel even duren. Ik ben niet zo goed in anagrammen.
"Wat bent u aan het doen, juffrouw Sanders?"
Ik draaide me snel om en daar stond professor Sneep weer met zijn armen gekruist.
"Hou daar nou eens mee op!" riep ik geschrokken.
Hoe doet hij het toch de hele tijd? dacht ik. Ik schrik eigenlijk nooit zo snel.
Zijn lip krulde op van woede.
"Het spijt me, je liet me alleen schrikken en dan kan ik nogal kwaad reageren. Dat was niet mijn bedoeling," zei ik snel.
"Goed, kun je me dan zeggen waar je mee bezig bent," zei hij zuur.
Ik keek naar het perkament op mijn schoot.
Ik kan hem het beste de waarheid zeggen. schoot het door mijn hoofd.
"Nou eh…Kijk." begon ik. "Elke keer wanneer ik dit boek open sla, is de naam van de schrijver anders. Ik wilde kijken of het misschien een anagram was."
"Zou je dat dan in je eigen tijd willen doen. Deze tijd is voor jou tot beschikking gesteld om te leren en je krachten te oefenen, niet om woordspelletjes te doen," zei hij kil en ging weer achter zijn bureau zitten.
Chagrijn, dacht ik en besteedde de rest van mijn tijd met het opzoeken van de spreuk en de juiste handeling in het zwarte boek en een boek over spreuken en bezweringen.
Tegen de tijd dat ik klaar was met het schrijven van mijn opstellen was het negen uur en ik rilde. Het was echt koud in de kamer en ik keek waar Sneep mee bezig was. Hij was weer een of ander drankje aan het brouwen en om weer een beetje warm te worden stond ik op.
"Wat is dit?" vroeg ik nieuwsgierig terwijl professor Sneep weer een ingrediënt toevoegde aan het paars kleurige goedje in de ketel.
Hij keek me even onderzoekend aan en ik keek open terug.
"Dit is een slaapdrank, voor jou informatie, juffrouw Sanders. Ben je al klaar met je huiswerk?" vroeg hij terwijl hij weer verder ging met het toevoegen van ingrediënten.
"Zo ongeveer," zei ik en professor Sneep keek me scherp aan.
"Daar bedoel ik mee, dat ik mijn opstel voor spreuken en bezweringen af heb en die voor transfiguratie half, want in het zwarte boek staat niets over transfiguratie, dus ik heb alleen over hoe je het moet doen met staf." verduidelijkte ik.
Het was even stil.
"Eh… Ik dacht dat ik het uitproberen voor morgen maar zou bewaren dus… eh…" Verbrak ik de stilte ongemakkelijk. "Mag ik gaan?"
"Als je denkt dat je klaar bent, mag je gaan," zei hij en ik maakte al aanstalten om alles bij elkaar te gaan rapen. "Maar eerst geef ik je mijn opdracht voor aanstaande vrijdag."
Ik zuchtte. "Oké, wat is het?"
"Ik wil dat je goed bestudeerd hoe een eenvoudige drank voor het genezen van zweren moet worden gemaakt," zei hij zonder nog enige toelichting en ik pakte mijn spullen bij elkaar.
"Tot morgen, professor," zei ik moe en vertrok.
De vorige morgen zat ik tussen alle eersteklassertje bij Kruidenkunde. Ik had dus gelijk. De les ging over Duivelsstrik en professor Stronk legde uit hoe je ze kon herkennen en in bedwang kon houden. Daar wist ik al wat van door het eerste boek van JK Rowling, toen Harry de Steen der Wijzen ging redden en het uur daarna ging ik rustig in de bibliotheek zitten om het opstel te schrijven. Mijn volgende les Kruidenkunde zou aanstaande donderdag het eerste uur zijn, met Griffoendor en Huffelpuf eerstejaars. Verweer tegen de Zwarte Kunsten had ik na de lunch. Evelien waarschuwde me voor professor Omber, maar ik zei dat ik bezig was haar om mijn vinger te winden en ik stapte met een grote glimlach de klas binnen om met grote ogen aangestaard te worden door wéér allemaal eersteklassertjes. Ik zuchtte. Rustig ging ik achterin de klas zitten.
Evelien had gelijk, de les was saai. We hoefden alleen een hoofdstuk te lezen en samen te vatten en kregen helemaal geen lessen in het leren van defensieve spreuken of vloeken. In plaats daarvan ging het hele boek over het feit dat alle spreuken die je tegen een ander gebruikt Zwarte Magie is en dat je beter met een persoon kunt praten voordat je een spreuk op hem af stuurt.
Ik moet echt eens gaan praten met Harry, dacht ik terwijl ik afwezig in het boek bladerde en herinnerde wat ze over zijn 'geheime bijeenkomst' had gezegd.
Na de les liep ik op Omber af.
"Hallo professor."
"Dag Samantha. Wat vond je van de les, als ik vragen mag?" vroeg ze liefjes.
"Heel interessant," loog ik. "Ik ben het er helemaal mee eens dat als je een spreuk op iemand af stuurt je slecht bezig bent."
"Mooi mooi," zei ze en ze glom van trots.
Ik moest mijn best doen om mijn lach in te houden.
"Nou, je wilt zeker naar de bibliotheek?"
Ik knikte met een glimlach om mijn mond.
"Ik zal je een briefje geven die je toegang geeft tot de bibliotheek," zei ze en rommelde in haar bureau. "Je opdracht is hetzelfde als de rest van de klas, maar jij moet twee hoofdstukken samenvatten."
Ik keek haar aan met opgetrokken wenkbrauwen, maar haalde mijn schouders op toen ze het briefje gaf.
"Oké," zei ik. "Wanneer moet ik het inleveren?"
Ik pakte mijn agenda en zij deed hetzelfde.
"Wat dacht je van, donderdag het eerste?" vroeg ze.
"Nee, dan heb ik helaas al Kruidenkunde. Ik kan pas vrijdag weer."
"Dat is goed. Vrijdag het eerste dan," zei ze en we schreven het beiden op.
Terwijl ik naar buiten ging kwam de volgende klas voorzichtig naar binnen gelopen. Ik zag Ginny Wemel en glimlachte naar haar en ik kreeg een onzekere glimlach terug, want zij weet natuurlijk niet dat ik weet wie zij is.
Ik vond het niet meer zo erg om 's avonds naar Sneep te gaan, ik had gemerkt dat ik gewoon mijn gang kon gaan zonder dat hij teveel op mij lette. Hij was er eigenlijk alleen voor de zekerheid, om er te zijn als er iets mis ging, maar er ging niets mis die avond, gelukkig.
Ik probeerde een lucifer in een speld te veranderen, met staf natuurlijk, maar echt soepel ging het niet. Het enige wat veranderde was dat de punt iets scherper was geworden, maar het bewees wel dat ik het kon. Ik had echt magische krachten en dat was een hele opluchting voor mij. De zweefspreuk probeerde ik daarna en die ging iets beter avond. Ik nam me voor om de volgende avond - dat zou dan donderdag zijn – het zonder staf te proberen.
De lessen die de volgende dagen kwamen gingen eigenlijk precies hetzelfde als die ik had gehad op mijn eerste dag. Eerst een les waar van alles werd uitgelegd en we iets moesten proberen en daarna ging ik vaak naar de bibliotheek om mijn opdracht te maken of gewoon een leuk boek te lezen op mijn kamer.
Bij Verzorging van Fabeldieren ontmoette ik Hagrid voor het eerst die tot mijn verbazing helemaal bedekt was met blauwe plekken. Hij was inderdaad een goedzak en had ook een beetje last van zijn onzekerheid, want we moesten Flubberwurmen onderzoeken en verzorgen. Heel erg saai.
Astronomie was interessanter. Ik had het altijd al leuk gevonden om de sterren te bekijken en nu leerde ik ook ze te benoemen. Heel leuk.
Leer der Oude Runen was ook zeker interessant. We leerden de Runen kennen en vertalen en je kon zien hoe de spreuken die we nu gebruiken daarvan afgeleid waren. De professor zei dat we uiteindelijk in de zesde klas misschien in staat waren om zelf spreuken te ontwikkelen. Ik misschien al wat eerder dan.
Waar ik me steeds minder op verheugde waren de lange eenzame nachten. Overdag zorgde ik ervoor dat ik altijd bezig was of aan het kletsen was met Evelien. Ik trok best veel met haar op, buiten de lessen dan. Ik had haar ook verteld van de schrijver van het boek en ze was het met me eens dat die zijn naam wilde verbergen, want toen zij weer een keer keek, was de schrijver plots 'Joanna Lever Trim'. We voegde het toe aan ons lijstje en zij zou zich er ook over buigen. Zo was ik overdag met van alles en nog wat bezig, maar 's nachts gingen mijn gedachtes met me op de loop en steeds weer zag ik hoe de Dooddoeners mijn feest onderbraken. Als ik dan eindelijk sliep, werd ik vaak helemaal bezweet wakker met verschrikkelijke beelden in mijn hoofd. Ik stond daarom 's ochtends vroeg op om een goede douche te nemen.
Door al die slapeloze nachten kwam ik vrijdagavond moe aan bij mijn eerste les Toverdranken met professor Sneep. Onvoorbereid. Daar kwam ik snel achter.
------------------ ------------------ ------------------
En? please review.
