Disclaimer als vorige hoofdstukken

Earwen - Ik had 'Evelien' geschreven zodat jullie een beetje meer over haar zouden weten. Goed gedacht dus dat het door zou gaan in dit verhaal :). Tja, Merlijn he. Ik heb een hele aparte theorie over hem, maar daar komen jullie nog wel achter.

Eleanor Larathiel - Bedankt dat je de muziekles leuk vond. Muziek ik nogal belangrijk voor mij dus ik vond het nogal vreemd dat Zweinstein geen muziek gaf. In de nieuwe film zit ook een koor, dus er moet wel iets zijn van muziek. En een beetje romance kan geen kwaad ;)

------------------ --------------------- ---------------------
HOOFDSTUK 15
Ontmoetingen in de nacht
------------------ --------------------- ---------------------

De week ging rustig voorbij. Bij het kruis in het bos had ik een kaarsje neergezet en een paar foto's. Iedere avond probeerde ik er even naartoe te gaan en iedere keer dat ik naar de foto's keek moest ik huilen. Tranen voor de jaren die achter mij lagen. Ik moest verder met mijn nieuwe leven, maar kon dat niet zonder afscheid te nemen van het oude. Het putte me uit, maar het luchtte ook op. Na een paar avonden had ik geen tranen meer en viel ik bijna om van vermoeidheid, maar ik voelde me geestelijk langzaam sterker worden. Ik had een griezelige vastberadenheid gekregen om hun dood te wreken.

Alle andere problemen had ik opzij gezet. Dat Draco iets had gehoord kon me niet zoveel schelen. Hij wist minder dan Evelien en ik. Ik had er eerst aan gedacht om naar Perkamentus te gaan met het zwaard in het kistje verstopt, maar het leek alsof Omber alle leerlingen uit die gang hield. Elke keer als ik me had voorgenomen naar hem toe te gaan kwam ik haar tegen, dus ik had het opgegeven. Ik wilde me richten op één doel: het onder controle krijgen van mijn krachten. Elke avond bij Sneep hoopte ik op een wonder die maar niet kwam. Het lukte me gewoon niet om een spreuk te gebruiken zonder toverstaf. Elke keer begon mijn teken te branden en te prikken en dat trok me uit mijn concentratie. Die donderdag uitte ik een grom van frustratie toen ik nog een keer tevergeefs probeerde om een veer te laten zweven. Sneep keek me met licht opgetrokken wenkbrauwen over zijn nakijkwerk aan, maar zei niets.

"Het is hopeloos!" Riep ik wanhopig. "Ik kan me verdomme niet concentreren."

Ik stond op en begon heen en weer te lopen met een hand op het teken.

"Dat wil nog niet zeggen dat je mij af mag gaan leiden." Zei Sneep zuur.

Ik zuchtte en plofte neer op een stoel. Mokkend keek ik hem aan, maar hij ging door met nakijken.

"Het lukt niet als je het niet probeert." Zei hij terwijl hij een grote streep zette op het opstel voor hem.

"Denk je dat ik het niet probeer?" Vroeg ik ongelovig en hij keek me aan met zijn zwarte ogen. Gelukkig was hij al gewend geraakt aan mijn praten zonder formaliteiten.

"Nee, je probeert teveel tegelijk." Zei hij cryptisch en ik fronste.

'Sneep die probeert te helpen? Nee, onmogelijk.' Dacht ik verbluft en hij ging verder met nakijken. Ik had de afgelopen week gemerkt dat als ik Sneep iets vroeg ik een fatsoenlijk antwoord kreeg zonder sarcasme, maar hij had nog niet uit zichzelf hulp aangeboden.

"Wat bedoel je nou weer?" Vroeg ik te verbaasd om geïrriteerd te zijn.

"Dat je teveel probeert. Als je je moet concentreren, probeer dan eerst je hoofd leeg te maken van alle gedachtes en emoties." Zei hij zonder op te kijken.

'Dat is niet eens zo'n gek idee." Dacht ik terwijl ik hem nog steeds verbaasd bekeek.

Ik sloot mijn ogen en probeerde mijn hoofd helemaal leeg te maken, maar telkens kwamen er van die stomme gedachtes op als 'Sneep heeft geholpen, is hij ziek ofzo?' en 'Het is hier koud.'

Dan probeerde ik die weg te jagen, maar daar werd ik enkel gefrustreerd door. Uiteindelijk zuchtte ik diep en opende mijn ogen. Tot mijn grote schrik was Sneep in de stoel tegenover me komen zitten en keek me onderzoekend aan.

"Ik weet wel een manier waarop ik je kan helpen, maar daar heb ik toestemming voor nodig van professor Perkamentus." Zei hij bedenkelijk terwijl hij diep in mijn ogen keek.

"U wilt… u wilt mij helpen?" Vroeg ik verbluft en een tikkeltje ongemakkelijk onder zijn onderzoekende blik.

'Volgens mij is Sneep echt ziek!' Ging er door mijn hoofd.

"Maar natuurlijk kan je het wel aan zonder mijn hulp." Zei hij plots sarcastisch.

"O!" Riep ik verschrikt toen hij opstond. "Nee! Zo… Zo bedoelde ik het niet!"

Hij draaide zich met een ruk om en keek me vol ongeloof aan.

"Het zou geweldig zijn als u me zou willen helpen." Zei ik zacht.

Zijn gezicht kreeg weer zijn normale, onleesbare uitdrukking en hij bleef me in stilte aankijken.

'Als hij zijn haren een beetje zou verzorgen zou hij best aantrekkelijk zijn met zijn mysterieuze ogen.' Dacht ik onwillekeurig en voelde me meteen stom terwijl ik het dacht. 'Professor Brandts is veel knapper!'

Sneep wendde plots zijn blik af met een vreemde blik in zijn ogen. Ik bleef hem verbluft bekijken. Hij draaide echter zijn rug naar me toe en liep naar zijn bureau.

"Ik stel voor dat ik het er met professor Perkamentus over heb en dat jij nu naar bed gaat. Je hebt genoeg gedaan vandaag."

Had hij gezien dat ik zo moe was? Ik zou heel graag naar bed gaan, maar ik was nog niet bij het kruis geweest, dus ik pakte mijn spullen bij elkaar en legde ze in de leerlingenkamer. Vlak voordat ik naar het Verboden Bos wilde gaan dacht ik iets te horen en draaide me snel om. Het haardvuur knapperde zachtjes, maar verder hoorde ik niets meer, dus verliet de kamer en sloop door de donkere gangen naar het Bos.

--------------------- --------------------------- -------------------------

Het was weer ijzig koud buiten, dus ik sloeg mijn deken extra om me heen terwijl ik de foto's uit mijn zak haalde. Ik had mezelf voorgenomen om elke keer als ik mezelf er klaar voor voelde een nieuw klein stapeltje foto's uit mijn bureau te halen en ze hier te bekijken. Ik pakte het oude stapeltje foto's en bekeek ze nog eens. Ik voelde me verschrikkelijk terwijl ik bij het eenvoudige kruis een gat groef in de koude sneeuw en ze er één voor één in legde. Wanneer het lente zou worden, zou de sneeuw weer smelten en kon ik ze begraven in de nu keiharde grond. Op die manier, begroef ik mijn verleden en zou ik verder kunnen met het nieuwe. Ik stak het kaarsje aan met een aansteker die ik had gevonden tussen mijn spullen en ging met een zucht tegen een nabije boom zitten.

Voorzichtig keek ik naar de nieuwe foto's in mijn hand en ik voelde meteen weer tranen opkomen. Ik hield ze niet tegen, maar liet ze vrij lopen. Tegelijkertijd voelde ik mijn kracht mezelf verlaten en ik sloot mijn ogen om zonder er bewust van te zijn in slaap te vallen.

---------------------- -------------------------- --------------------------

Ik liep door mijn huis. De trap op, richting de badkamer. Ik moest mijn haar goed doen, want het zat voor geen meter.

"Samantha, schiet op!" Riep mijn moeder van beneden. "Je komt nog te laat!"

"Jaja, ga maar vast, ik kom wel!" Riep ik geïrriteerd terug.

"Weet je het zeker?" Hoorde ik mijn vader terwijl ik de borstel pakte.

"Ja, heel zeker. Ik ben nog niet klaar, ik zie jullie daar wel." Antwoordde ik en ik hoorde de voordeur dichtslaan.

------------------------- ------------------------------ ----------------------

Geschrokken veerde ik overeind en was even gedesoriënteerd.

"Pap?" Riep ik in de war, maar meteen wist ik het weer.

Ik had mijn vader en mijn moeder nooit meer gezien nadat ze die deur dicht hadden gedaan. 'Waarom? Waarom hebben ze hen vermoord?' Dacht ik en tranen begonnen weer te komen.

Plots hoor ik iets achter me en ik sta stokstijf stil. Mijn hart ging als een gek tekeer in mijn borst. Ik was in het Verboden Bos. Wie weet wat daar allemaal in rondloopt. Langzaam begin ik me om te draaien, klaar om te rennen. Maar voor ik tijd had om te reageren werd ik met een hand voor mijn mond tegen de boom achter me aan gedrukt. Het kruis kraakte onder mijn voeten en de foto's vliegen uit mijn hand terwijl ik probeer de hand van de man weg te trekken. Ik staarde in twee ijzig blauwe ogen en probeerde te gillen.

"Tut tut. Dat zou ik maar niet doen als ik jou was." Zei de man en ik zag een zwarte toverstok op me gericht. Ik stopte meteen met gillen. Deze man kende ik, hij zou in staat zijn mij te vermoorden. Hij nam voorzichtig zijn hand van mijn mond en nam een stap achteruit.

"Zo. Je leeft dus toch nog." Zei hij met dezelfde lijzige stem als zijn zoon.

"Malfidus." Siste ik.

Hij keek oprecht verbaasd.

"Kennen wij elkaar?" Vroeg hij.

Ik glimlachte gemeen.

"Misschien wel, misschien niet." Zei ik raadselachtig. Mijn uiterlijk verraadde niets van de angst die ik voelde.

"Zo'n schoonheid als jij zou ik hebben onthouden." Zei hij terwijl hij zijn blik onbeschaamd over me heen liet gaan. Ik sloeg mijn armen beschermend om me heen.

"Mijn zoon heeft in geen woord overdreven… hoop ik."

'Heeft Draco gezegd dat ik knap ben?' Dacht ik verward en slaakte een kreetje van schrik toen Malfidus senior me plotseling bij mijn haar pakte en mijn hoofd opzij draaide, zodat hij het teken kon zien. Ik knipperde de tranen van angst weg terwijl hij zijn lichaam dicht tegen me aan drukte en mijn hals onderzocht. Ik voelde zijn adem tegen mijn onbeschermde nek en de haartjes op mijn arm gingen overeind staan.

"Helaas, hij had gelijk." Siste hij in mijn oor.

Hij liet mijn haren los, maar bleef dicht tegen me aan staan. Ik voelde mezelf trillen op mijn benen terwijl hij – vreemd genoeg – aan mijn haren rook.

"Helaas voor mijn meester, maar misschien niet voor mij." Zei hij raadselachtig en eindelijk nam hij die ene stap achteruit waardoor ik weg kon glippen en het op een lopen zette. Ik hoorde hem achter me lachen.

"Ren maar, kleine vogel. Wij zullen elkaar nog een keer ontmoeten." Hoorde ik hem roepen en toen een knal.

Verschrikt draaide ik me om.

'Waar is hij?' Dacht ik en keek op de plaats waar hij eerst stond. Er was echter niets te zien. Hij was verdwenen.

'Maar je kunt toch niet Verdwijnselen of Verschijnselen op de gronden van Zweinstein?' Dacht ik angstig. 'Dit moet ik tegen Perkamentus zeggen.'

Ik rende de grote trappen op het kasteel in en botste tegen een donker figuur aan. Ik was nog zo versuft en in de war van de ontmoeting met Lucius Malfidus dat ik op de grond voor me uit bleef staren.

"Juffrouw Sanders." Klonk er een mannenstem streng, maar hij werd bezorgder toen ik niet reageerde.

"Juffrouw Sanders? Samantha? Wat is er gebeurd?" Vroeg professor Sneep terwijl hij me overeind hielp.

Mijn benen trilden van vermoeidheid en schrik en hielden me niet overeind, dus ik liet me tegen Sneep aanvallen die me verschrikt op ving. Tegen mijn wil begonnen er weer tranen over mijn wangen te stromen. Sneep pakte me op – ik wist niet dat die man zo sterk was – en droeg me naar zijn vertrekken.

--------------------------- ---------------------------- -----------------------------

En? Wat vonden jullie van de ontmoeting met Malfidus. Heb ik hem goed geschreven?

Please review!

Oproep aan lissias! Je vroeg me of ik je iets terug wilde sturen, maar ik kon je op de een of andere manier niet e-mailen. Is dit e-mail adres goed? : eviesaelens a pi.com

Nou ja, ik hoop dat je dit leest, want ik vind het altijd zo leuk om reviews te krijgen! Of ik nog een verhaal ga schrijven en dat Sneep dan verliefd word? Nog een verhaal? Ik wil eerst graag de twee afmaken waar ik nu mee bezig ben, maar misschien wordt Sneep wel verliefd in dit verhaal. Wie weet... Nogmaals bedankt voor het reviewen!!!