goddes-of-imaginary-light- Hah! Is ze toch wel lief he? Bedankt voor je berichtje!

Vliertjevampiertje- Yeah! I rule: ) thanks! hier weer een wat langer hoofdstukje ; ) Bedankt!


HOOFDSTUK 38
In Vlammen Opgegaan
"O nee Ivy, nee nee nee." Zei ik, geamuseerd maar ook geschokt. "Dat ga je niet aantrekken."

Ze had een rok aan met een overdreven grote split, en een topje met lange, uitlopende mouwen en een V-hals die naar mijn mening teveel bloot liet.

"Vind je het niet mooi?" vroeg Ivy verrukt terwijl ze zichzelf in de spiegel bekeek.

"Nou ja, het is wel mooi, maar ik denk niet dat de professoren het zo goed zullen vinden." Eerlijk gezegd schaamde ik me kapot. Ik was al lang blij dat ik haar had overgehaald om zich pas ná de les Leer der Oude Runen om te kleden.

"Ah.. who cares," zei ze en deed nog wat extra make-up bij wat ze al op had. "Ik zie er sexy uit."

"Je bent toch niet vergeten wat we af hebben gesproken?"

"O nee, dat ben ik zeker niet," zei ze met een grijns op haar gezicht. "Dat kan zeker interessant worden."

"Wanneer gaan we daar dan aan beginnen?"

"Ach, zo straks," zei ze ontwijkend. "Ik moet eerst even wat blikken vangen."

En ze liep de deur uit om precies dat te doen. Ik kon mensen het niet kwalijk nemen. Ik… of liever… Ivy moest wel een bijzondere verschijning zijn in Zweinstein. Zelfs ik kon niet ontkennen dat ze er sexy uit zag.


Evelien keek haar bedenkelijk na.

"Was dan Samantha?" vroeg Jasper ongelovig die naast haar kwam staan. Hij stond nog met open mond Samantha na te staren.

"Ja," antwoordde ze kort, maar grimmig. "Zie ik je later weer?"

"Natuurlijk, waar ga je heen?"

"O, ik ben een boek vergeten," zei Evelien over haar schouder terwijl ze schijnbaar terug naar de leerlingenkamer liep.

In werkelijkheid ging ze naar het kantoor van professor Sneep. Voorzichtig klopte ze op zijn deur. Ze wist dat hij nu geen les had en wachtte onzeker op zijn antwoord. Die kwam en ze opende de deur.

"Dag Evelien," zei professor Sneep zo verrast als hij kon. "Hoe gaat het nu met je?"

Evelien glimlachte zwakjes. "Met mij goed, maar daar kwam ik niet voor."

Sneep keek haar met één opgetrokken wenkbrauw aan, Evelien wist dat dit een teken was om het uit te leggen.

"Heeft u Samantha nog in Zweinsveld gezien?" vroeg ze onzeker.

Sneep legde zijn spullen weg waar hij mee bezig was en richtte nu zijn volle aandacht op Evelien.

"Ik moet zeggen dat ik eerst zo mijn twijfels had, maar je sprak inderdaad de waarheid," zei Sneep. "Maar ik vermoed dat je niet alles hebt vertelt."

"Nee professor," zei Evelien zachtjes. "Daar kreeg ik niet de kans voor."

"Wat was dat?" vroeg Sneep gevaarlijk.

Evelien bleef angstvallig stil en leek ineen te schrompelen.

Sneep zuchtte.

"Oké, vertel maar," zei hij onwillig.

Evelien glimlachte. Sneep hád haar ook niet de kans gegeven om alles uit te leggen. Hij bleef maar dingen zeggen als 'spreek toch geen onzin' en 'zeg nou eens wat er echt aan de hand is'.

Evelien had hem laten halen door Madam Plijster, de ochtend van Valentijnsdag. Hij had niet aan willen horen dat Samantha misschien wel bezeten was en iets van plan was met Lucius Malfidus. Uiteindelijk had ze maar gezegd dat hij moest gaan kijken, want ze wist dat ze hem niet kon overtuigen. Hij moest het eerst zien en dan pas geloven.

Maar nu wilde hij het wel aanhoren. Hij wees dat ze kon gaan zitten. "Begin maar voor af aan."

Dat deed ze.

"Ik heb voor Samantha een ketting gekocht voor Kerstmis. Uit een tijdschrift. Maar toen ik de ketting zag, was het een hele andere. Er zat een heel groot kristal in." Sneep knikte. "Ik heb het kristal opgezocht en volgens mij was het een Kristal van Eeuwigheid."

Sneep keek haar bedenkelijk aan.

"U… u weet wat…" vroeg ze onzeker.

"Ik beweer geen kenner te zijn van kristallen, maar ik heb er van gehoord," zei Sneep.

"Het kristal zou een geest bevatten en nu denk ik dus dat iemand het lichaam van Samantha heeft overgenomen." Besloot ze haar verhaal.

"Iemand die connecties onderhoud met Lucius Malfidus," zei Sneep bedenkelijk. "Dankjewel Evelien. Ik zal het er met Perkamentus over hebben."

Hij ging weer verder met zijn werk. Evelien bleef verbluft staan.

"Doet u verder niets?"

Sneep keek op.

"Ik zei dat ik het er met Perkamentus over zal hebben." Zei Sneep ijzig. "Bedankt Evelien."

"Maar…"

"Laat het me niet nog een keer zeggen, juffrouw Linden. Mijn geduld is bijna op."

"Fijn!" zei Evelien kwaad en liep het kantoor uit.


Professor Severus Sneep was op weg naar de bibliotheek. Hij was in een slecht humeur en sneerde naar enkele leerlingen uit Griffoendor die angstig naar hem opkeken. Hij hield er niet van als hij iets op moest zoeken in de bibliotheek. Hij zorgde er vaak voor dat hij het boek zelf had, maar over kristallen had hij niets. Hij had alles al verwoed nagezocht.

Plots kwam Samantha in zicht en er kwam even een twijfel in zijn zo zekere stap. Ze zag hem en haar stap werd langzamer, zelfverzekerder.

Een verleidelijke glimlach speelde om haar mond. Haar zachte mond. Met volle lippen.

'Stop daarmee Severus.' Sprak hij zichzelf streng toe. 'Ze is zeker vijftien jaar jonger en bovendien een leerling.'

Hij keek daarom niet naar haar gezicht, maar haar lichaam was nog verleidelijker. Hij fronste toen hij haar kleding zag. Zeker verleidelijk, maar niet toegestaan voor een leerling binnen de muren van het kasteel.

"Goedemiddag professor," zei Samantha verleidelijk en bleef voor hem staan met haar hoofd schuin, handen achter haar rug met al haar gewicht op één been.

Nu moest hij in haar donkere, diepe ogen kijken. Ogen die hem konden verwarren, ook al wist ze het zelf niet. Hij haatte zichzelf om zijn gevoelens. Gevoelens die hij jaren geleden al had uitgeschakeld. Gevoelens waarvan hij dácht dat hij ze had uitgeschakeld.

Hij had nu twee opties. Zonder een woord langs haar heen lopen, of een bijtende opmerking over haar kleding maken. Hij koos voor de tweede en sneerde.

"Ik stel voor dat je je wat warmer kleed," zei hij onbewogen. "Ik zou niet graag zien dat je een verkoudheid krijgt."

Haar warme, geïnteresseerde blik veranderde in ijs in een paar seconden en hij liep langs haar af. Hij keek niet om, maar wist dat ze er nog stond. Witheet van woede.

Hij liep door, maar de vergenoegde grijns op zijn gezicht, die hij vaak had als hij een leerling op zijn nummer had gezet, bleef weg. Hij betrapte zichzelf erop dat hij het erg vond dat hij haar zo had aangesproken.

Volkomen in de war bereikte hij de bibliotheek. Hij snapte niets meer van zichzelf. Madam Rommella had echter niets in de gaten, die zag enkel zijn onwrikbare uiterlijk en staalharde blik. Ze haastte zich om op te zoeken in welk boek er iets werd gezegd over het Kristal der Eeuwigheid.

"Die is helaas al uitgeleend, professor," zei ze en zat zenuwachtig aan haar brilletje.

"En wordt er niets over uitgelegd in een ander boek?" vroeg hij.

"Ik heb alle lijsten afgezocht, professor."

Hij gromde. "Vertel me dan door wie het boek is uitgeleend."

Madam Rommela tikte met haar toverstaf op een andere rol perkament. Een naam verscheen.

"Evelien Linden, professor. Uit Zwadderich," zei ze.

"Natuurlijk," zei Sneep en kon zichzelf wel voor zijn kop slaan.

Hij besloot echter om niet naar Evelien te gaan, maar rustig te wachten tot ze het boek terug naar de bibliotheek bracht. Het had immers geen haast?

"Laat me weten als het terug is," gromde hij en liep de bibliotheek uit.


Ivy stormde haar kamer binnen.

"Tja, wat had je anders verwacht?" vroeg ik haar plagend.

"Dat wat ik van alle anderen kreeg; bewonderende blikken, open monden. Geen zogenaamde 'slimme' opmerking," zei ze geïrriteerd.

"Iets anders kun je van Sneep niet verwachten."

"Wacht maar," zei Ivy. "Ik krijg hem nog wel."

"En Malfidus?" vroeg ik.

Ivy zuchtte en plofte neer op bed.

"Ik weet het echt niet meer," zei ze vertwijfeld en speelde met haar haar. "Ik weet echt niet of ik jou of hem moet geloven."

"Je móet me geloven!" riep ik. "Malfidus is een achterbakse, slijmerige…"

Ivy liet me mijn zin niet afmaken.

"Ja ja. Ik geloof het nu wel," zei ze, niet overtuigd, enkel geïrriteerd. "Dan zal ik hem wel eerst testen."

"Gelukkig," zei ik opgelucht.

"Maar ik ga wel naar hem toe vanavond," zei ze met een voldane glimlach op haar lippen en pakte de brief die ze die morgen had gekregen uit het bovenste laatje van haar bureau.

Toen zag ze het boek weer. Bedachtzaam pakte ze het op en bestudeerde het van alle kanten.

Ze las de titel nog eens. "Kristallen door de eeuwen heen."

"Zou het kristal erin staan?" vroeg ik nieuwsgierig.

"Misschien kan het ons antwoorden geven," zei Ivy en begon in het boek te bladeren.


Evelien haastte zich de trappen op naar Samantha's kamer. Ze had haar eigen kamer helemaal overhoop gehaald om het boek te vinden. Als ze het maar kon vinden, dan kon ze Sneep ervan overtuigen dat het kristal gevaarlijk was. Maar het boek kon ze niet meer vinden en ze was wanhopig op haar bed gaan zitten, starend naarde troep die ze had gemaakt.

Toen had ze het zich herinnerd. Ze had het boek in Samantha's kamer laten liggen, de avond dat Samantha haar aan had gevallen. Ze kon zichzelf wel voor haar hoofd slaan.

Hijgend bleef ze voor de deur van Samantha's kamer staan. Haar hand weifelde bij de klink. Ze was vast in haar kamer. Ze kon ook een andere keer terug komen. Wanneer ze zeker wist dat ze er niet was.

Evelien trok, een beetje angstig, haar hand terug. Maar toen werd haar gezicht grimmig.

'Nee, ik moet laten zien dat ik niet bang voor haar ben.' Dacht ze en deed de deur open voordat ze zich weer kon bedenken.

Ze zette een stap de kamer in, maar bleef meteen stokstijf staan. Samantha lag op haar bed, met het boek voor haar opengeslagen. Een gemene grijns kwam op haar gezicht.

"Kijk eens wie daar binnen komt vallen," zei ze op een gemene toon en ging rechtop zitten. "Nooit van kloppen gehoord? O nee, je komt en gaat naar believen in mijn kamer."

Ze stond op en pakte het boek.

"Volgens mij had je wat laten liggen," zei ze en liet het boek zien.

Evelien las de titel; Kristallen Door de Eeuwen Heen. Ja, dat was het boek.

"Zeer interessant," zei Samantha. "Maar wat ik ook weet, is dat er maar één exemplaar hier op Zweinstein van is."

Ze wierp het boek naar Evelien die het onhandig opving. Evelien keek haar vragend aan.

"Eerste pagina," zei Samantha en terwijl Evelien zocht naar wat ze bedoelde, wendde Samantha zich naar de vensterbank.

Evelien las de titelpagina.

'Kristallen Door de Eeuwen Heen'

En daaronder: 'Zweinstein 1/1'

Plots vatte het boek in haar handen vlam en met een gilletje liet ze het vallen. Ze keek op naar Samantha en zag dat ze haar staf aan het poetsen was. Het kistje achter haar op de vensterbank stond open.

"Je kan dus bij haar krachten," zei Evelien met opeengeklemde kaken.

Samantha grijnsde. "Jazeker, en zonder jou hulp had ik dat nooit geweten."

Evelien keek naar het hoopje as aan haar voeten.

"Als het goed is, staat er nu op de lijst van madam Rommella dat je het boek heb vernield," zei Samantha op treurige toon.

Evelien keek haar met opgetrokken wenkbrauwen aan.

"Oeps… volgens mij zitten we in de problemen," zei ze vals.

Evelien keek haar vernietigend aan. "Er komt heus wel weer een nieuw boek."

En ze stormde de deur uit.

"Ja, doe maar! Ren maar naar Sneep. Ga hem maar vertellen wat ik nu weer gedaan heb. Klikker!" riep Ivy haar na.

De laatste woorden van Evelien brachten haar wel aan het denken. Er zou inderdaad een nieuw exemplaar komen. Dat moest ze zien te voorkomen en ze dacht een idee te hebben. Ze verheugde zich op de volgende les Leer der Oude Runen. Professor Vetus had gezegd dat ze misschien al klaar was voor het ontwerpen van eigen spreuken.