ik heb net HS 48 en 49 samengevoegd, omdat hs 48 nogal kort was..
Witchy-Piper- Bedankt voor je review! Ik hoop niet dat je denk dat het al af is... want dat is het nog niet!
Zaagplank Daafje - bloos Dank je! Waar Chris uit hangt, komen jullie nog wel te weten. Ooit... hehe... Bedankt voor je review!
Rush stuck in the Matrix/Granger Girl 14 /Kick-Ass Shadow Trinity Marauder Girl- Ohké, duidelijk hehe... Ik kopiëer je naam gewoon, is nog minder typen... hehe...
Vliertjevampiertje- hehe.. typfouten... achja... Ik hoop dat het duidelijk wordt in dit hoofdstuk!
Tinusz - Jup, I remember! Sneep komt er zeker nog wel in voor hehe... Bedankt voor je review! Vind ik altijd leuk hier... kijk mijn teller! trots 127!
YasjeYasmine - Welkom hier! Hihi.. kon je je echt niet meer inhouden he? Bedankt voor je review hier!
Enelaya- Bedankt voor je review! Ja, soms duurt het nogal lang met het updaten... heb het gewoon druk... maar het blijft in mijn hoofd tot ik alles helemaal heb geschreven! Anders word ik gek. Hoe lang het ook duurt, je kunt een update verwachten!
Iedereen bedankt! Veel plezier met het volgende hoofdstuk!
Hoofdstuk 48
Plannen met Lingerie
Het gesprek tussen Chris en Perkamentus bleef zich in mijn hoofd afspelen.
Ze hadden het echt over een kristal gehad. Een kristal en een zware reis die Chris had gemaakt. Waar naartoe? Ergens waar hij zich ooit eens thuis had gevoeld. Of misschien had hij zich er nooit thuis gevoeld.
Ook Ivy leek het gesprek niet los te kunnen laten. Ze bleef Chris goed in de gaten houden. Ik zag nu ook dat er iets aan hem was, iets dat hem anders maakte. Precies omschrijven kon ik het niet. Het was de manier waarop hij je aan keek. Of misschien de manier waarop hij bewoog, of lachte. Er was gewoon iets niet helemaal… menselijk?
Maar menselijk of niet, hij was wel bezorgd over mij. Hij was immer naar een verschrikkelijke plek geweest om mij te helpen. Om ervoor te zorgen dat er weer een nieuw kristal werd gemaakt. Speciaal voor mij. Ivy was er echter niet zo heel erg blij mee. Tijdens de maaltijden staarde ze afwisselend van Perkamentus naar Chris en naar Omber en ik voelde haar denken. Ze was een plan aan het bedenken. Een groot plan, waar ik niets vanaf wist en dat hield ze zo; ze vertelde niets meer tegen mij.
Ik werd gek van nieuwsgierigheid en begon zelf te bedenken wat ze aan het beramen was, wat ze nu precies wilde. Waarschijnlijk wilde ze Perkamentus van school hebben, dan kon die in ieder geval het kristal niet meer krijgen. Chris was geen gevaar. Hij was immer niet welkom daar waar hij geweest was en degene die het kristal zou komen brengen zou hem niet willen zien. Nee, Perkamentus was het probleem. Hoe zou ze hem dan van school af kunnen krijgen? Ze zou misschien Omber kunnen gebruiken, ze was immer van het ministerie. Zij had de macht daarvoor. Maar wat zou ervoor zorgen dat ze hem van school af stuurde? Een onheilspellend gevoel bekroop me toen ik haar een keer aan de SVP munt, die ik van Hermelien had gekregen, voelde voelen terwijl ze met een geniepig glimlachje naar Harry keek. Dat idee leek me echter een beetje vreemd, want als er íemand van school werd gestuurd door het oprichten van de SVP, dan was het Harry wel.
Het leven op Zweinstein ging echter door en Sneep was een volgend onderwerp waar Ivy zich op kon storten. Nu bekend was dat er een kristal op komst was, kreeg Ivy ineens haast om ervoor te zorgen dat Sneep haar zou helpen om haar wraak op Voldemort te krijgen. Hij was immers een veel betere kandidaat dan Lucius; Sneep was een spion. Perfect chantagemateriaal volgens Ivy én hij was waarschijnlijker om haar te helpen met haar wraak. Voordat ze Sneep echter kon inpalmen, moest ze een plan hebben. Ik had het idee dat ze dat al had, weer iets waar ik niets vanaf wist. Ik dacht dat ze sinds het hele gedoe met Lucius Malfidus wel had geleerd dat ze mijn kon vertrouwen. Misschien vertelde ze me niets meer omdat ze dacht dat hetmijn schuld was.
Al was dat geheel haar fout. Had ze maar niet verliefd moeten worden, dacht ik koppig.
Maar hoe ik het ook wendde of keerde; ze zou Lucius Malfidus nooit hebben kunnen gebruiken voor haar plan, dat wist ik gewoon zeker. Hij liet zich gewoon niet gebruiken. Net als Sneep, dacht ik, maar daar begon ik niet over. De gevolgen waren niet voor mij. Ik was enkel toeschouwer, dat ik nu wel geleerd. Een toeschouwer die niets kon doen om gebeurtenissen te beïnvloeden. Behalve misschien dat het me nu en dan eens lukte om Ivy te beletten mijn magie te gebruiken. Een kleine triomf voor mij én iets waar Ivy geen idee van had. Zíj dacht dat het gewoon kwam omdat ze nog niet genoeg geoefend had en ging verder met het smeden van plannen.
Haar eerst doel was om precies te weten waar professor Sneep zich ieder moment van de dag bevond en daar maakte ze heel wat werk van. Ze hing in de buurt van de kerkers als ze zelf geen les had of vroeg aan mede-studenten wanneer ze les toverdranken hadden. Zo had ze aan het einde van de week een mooi lesrooster van professor Sneep. Nu was het alleen tijd om te kijken waar hij zich bevond als hij géén les had en struinde op de lege plekken van zijn lesrooster door de gangen van de kerkers om erachter te komen waar hij zijn vrije uurtjes het liefst doorbracht. Natuurlijk begon het Sneep wel wat op te vallen, maar ik had niet het idee dat Ivy het erg vond wanneer hij haar betrapte.
"Hoewel ik het natuurlijk verschrikkelijk… attent van je vind dat je over mijn schaduw waakt, juffrouw Sanders," zei hij toen ze voor de vijfde keer die ochtend tegen hem opbotste in de gangen, "weet, dat mijn schaduw zichzelf zeer goed kan verdedigen"
Ik vroeg me af of hij door zijn betere opmerkingen heen was, gezien Ivy al heel vaak tegen hem op was gebotst. Ivy gaf hem echter een oogverblindende glimlach, zoals ze elke keer deed als ze hem tegen kwam. Net zoals één van haar dubbelzinnige opmerkingen.
"Zeg dan maar tegen uw schaduw, professor," zei ze en zette een stapje dichterbij – Sneeps ogen versmalden even – "dat ik alleen maar goede dingen in gedachten heb."
Na een kleine knipoog glipte ze hem voorbij en sloeg snel een hoek om, zodat hij haar niet één van zijn betere reacties kon geven. Dat verhinderde haar echter ook om zijn unieke verdwaasde blik te zien.
Ze was zo opgegaan in het observeren van Sneep, dat ik dacht dat ze haar wraak op Perkamentus was vergeten. Tot ze op een middag de munt die ze van de SVP weer te voorschijn haalde en zag dat er een afspraak was voor die avond. Ik wist echter nog steeds niet wat ze van plan was, maar die middag was ze doelgericht naar iemand op zoek. Blijkbaar wist ze zelf ook nog niet wie, want ze bekeek ieder lid van de SVP rustig vanaf een afstandje, tot haar oog viel op de vriendin van Cho Chang, Marina Elsdonk, en er een geniepige glimlach verscheen. Ze had haar slachtoffer gevonden. Hoe ze het echter ging klaarspelen dat Marina de SVP verraadde, wist ik eigenlijk niet. Ik had wel een idee, maar daar was ze toch niet in staat. Hoewel, ik wist natuurlijk niet hoeveel magie ze had geleerd in haar tijd met Malfidus, voordat ze op Zweinstein kwam. De magie ging haar wel erg gemakkelijk af.
'Toch snap ik niet wat je wil bereiken,' mompelde ik, terwijl Ivy Marina de gangen door volgde. "Je hóeft het ook niet te begrijpen," zei Ivy zacht terwijl ze de hoek om gluurde en Marina en Cho het volgende lokaal zag betreden.
'Als je Perkamentus van school wilt hebben, lukt dat zo toch niet,' zei ik en dat verwarde haar.
"Wie zegt dat ik Perkamentus van school wil hebben?" vroeg ze en ging zitten, wachtend tot de volgende les van Marina en Cho klaar was.
'Nou ja… Ik dacht… Door dat gesprek wat we hadden gehoord,' stotterde ik.
Heb ik haar nu op een idee gebracht? Dacht ik verbaasd. Het leek erop, want Ivy grijnsde vals.
"Eigenlijk wilde ik alleen Harry te grazen nemen, maar het zou inderdaad goed uitpakken als Perkamentus inderdaad niet meer op school was"
Blijkbaar was ze niet zo slim als dat ik gedacht had, dat had ik eigenlijk wel kunnen weten, gezien haar resultaten voor theorie nooit zo geweldig waren sinds ik was gestopt haar te helpen. Al dacht ik dat dat kwam omdat ze nooit wilde leren. De eerste bel ging na een lange tijd wachten, maar de deur van het lokaal bleef gesloten en Ivy zuchtte. Het leek erop dat Marina en Cho een blokuur Bezweringen had. Het wachten duurde lang en uit verveling ging Ivy tekens tekenen op de grond. Het waren spreuken die ze zelf had verzonnen en pas werkten als iemand erop ging staan. Ik vroeg me af wat ze daar nou mee wilde bereiken, want als Marina of Cho daarop gingen staan, Ivy ze nooit alleen kreeg. Ze deed het waarschijnlijk omdat ze zich verveelde, want toen de bel ging, ging ze vlug staan en leunde ontspannen tegen de muur, ietsje verderop. Leerlingen stroomden de gang op en Ivy keek grijnzend toe hoe de één na de ander een bloedneus kreeg toen ze op de plek stonden die Ivy vervloekt had. Ook Marina ging op het onzichtbare teken staan en vloekend hield ze haar neus dicht.
"Blijf daar, Cho," zei ze waarschuwend en stak haar arm uit om haar vriendin tegen te houden dichterbij te komen. "Ik denk dat het door deze plek komt."
Ze wees toen op het tweetal dat er nog geen minuut eerder had gestaan, beiden hadden een grote zakdoek vast bij hun neus die langzaam steeds roder werd.
"Slimme Ravenklauwers," mompelde Ivy afgunstig.
"Ik ga naar madam Plijster," hoorde ik Marina zeggen. "Zeg jij dat tegen professor Vector dat ik zo kom?"
"Ik ga eerst professor Banning informeren over deze spreuk," zei Cho. "Dan zie ik je zo wel."
Ivy keek hoe de twee vriendinnen zich opsplitsten en bewonderde Ivy. Echter of dat haar bedoeling was geweest of gewoon stom geluk, wist ik niet. Ivy volgde Marina en zag hoe ze de meisjes wc in ging. Waarschijnlijk wilde ze eerst een doekje pakken en Ivy volgde haar. Snel keek ze de wc rond en nadat ze zeker was dat er niemand was, richtte ze zich tot Marina, die haar gezicht stond te wassen en blijkbaar niet door had dat er nog iemand de wc was binnen gekomen.
"Imperius!" riep Ivy en ik schrok.
Dus toch een onvergeeflijke vloek! Dacht ik en keek gespannen of het zou werken, maar natuurlijk werkte het. Marina stopte meteen met het wassen van haar gezicht en keek Ivy uitdrukkingloos aan.
'Waarom deed je dat? Nu kun je echt niet meer terug,' zei ik, lichtelijk in paniek. 'Je hebt een onvergeeflijke vloek gebruikt! Uitgesproken over een medeleerling! Als Perkamentus erachter komt… Nee, als Omber erachter komt dat ga je naar Azkaban!'
"Dan zorgen we er toch voor dat ze er niet achter komt?" zei Ivy geniepig en begon met het instrueren van Marina.
Nadat Ivy zeker was dat Marina naar Omber was gestapt, hief ze de vloek over haar op en ging rustig terug naar de Zwadderich leerlingenkamer. Daar zag ze Draco en Patty zitten. Draco weigerde nog steeds om met haar te praten, maar Ivy trok zich daar niets van aan. Ze ging op de nog lege stoel zitten.
"Omber heeft je nodig," zei ze en staarde naar het vuur. Dat was helemaal niet zo en Draco weerspiegelde mijn verwarring.
"Waarvoor?" vroeg hij achterdochtig.
"Oh… iets met Harry Potter, denk ik," zei Ivy nonchalant en gaf hem een stralende glimlach. "Ik zou maar snel gaan"
Draco stond op en Patty keek Ivy even achterdochtig aan, voordat ze zei: "wacht Draco! Ik ga mee"
Even bleef Ivy grijnzend voor het vuur zitten, maar stond uiteindelijk met een zucht op. Ik had verwacht dat ze naar de zevende verdieping zou gaan om te kijken of haar plan werkte, maar in plaats daarvan beklom ze de trappen naar de slaapzalen.
'Wat ga je doen?' vroeg ik verbaasd. 'Ga je niet kijken hoe Omber Harry oppakt?'
"Ach nee, dat zal wel goed komen," zei ze verveeld en stapte haar kamer binnen. Het was een rommel daar. Alle meubels stonden niet meer op de goede plek en de piano was ergens in een hoek geschoven. Ze had het met geen vinger aan durven raken na de gebeurtenis in het bos. In plaats daarvan had ze haar woede gestild op het kistje, dat nu ergens in een hoekje lag. Door de klap tegen de muur was het helemaal uit elkaar gevallen. Dat dacht ik ten minste, tot ik zag dat het kistje gewoon op de vensterbank stond. "Ah! Ik word er gek van!" schreeuwde Ivy en pakte het kistje, om het weer met een klap tegen de muur te gooien. We zagen allebei hoe het weer met een luid gekraak in stukken uit elkaar viel en als een stapeltje plankjes op de grond lag. Ik vermoedde echter dat het morgenvroeg weer op de vensterbank stond.
Ivy liep naar het bureau en begon in één van de tijdschriften van Madame Mallekin te bladeren. Ik had me altijd al afgevraagd waarom ze die nog had, tot ze een pagina met lingerie uitgebreid ging bekijken.
'Ha! Denk je nou echt dat door een beetje lingerie Sneep voor je zal vallen?' vroeg ik schamper toen haar oog iets langer bleef rusten op een setje van zwart en rood kant.
"Nee hoor," zei Ivy luchtig en dat bracht me een beetje van mijn stuk. Ik zag verward hoe Ivy het bestelnummer op een briefje schreef.
Wat wil ze er dan mee?
'Hoe wil je het dan gaan betalen?' vroeg ik, om een ander punt aan Ivy duidelijk te maken.
"Ik ga het niet betalen," antwoordde ze en ik voelde haar plezier om mijn verwardheid. "Wacht maar af." En ze opende een dik boek met toverdranken.
Wat Ivy nou precies van plan was met haar bestelling van de lingerie wist ik niet, maar op de één of andere manier kreeg ze het wel. Op de dinsdagmiddag voor haar Occlumentieles, of eigenlijk Harry's Occlumentieles, lag er een bruin pakketje op het bed te wachten.
'Hoe heb je dat nou voor elkaar gekregen?' vroeg ik verbaasd, maar Ivy glimlachte enkel en scheurde het pakketje gretig open. Tevreden bekeek ze de inhoud, maar ik bleef sceptisch over het rode, kanten setje.
Wat wil ze er toch in 's hemelsnaam mee doen? Bleef ik me afvragen.
Nadat ze het voorzichtig had weggeborgen in de kast liep ze naar de badkamer waar sinds afgelopen weekend het keteltje stond te roken die ik van Harry voor kerstmis had gekregen. Ook van dat plan snapte ik niet. Volgens mij was het onmogelijk om een professor Toverdranken te verrassen met een toverdrank in zijn drinken. Ivy had echter alleen haar schouders opgehaald en was doorgegaan met het ingewikkelde liefdesdrankje tot het tijd was om zich naar het kantoor van Sneep te begeven.
Gapend pakte ze haar spullen bij elkaar; het moest er immers wel op lijken dat ze werkelijk iets deed in de tijd dat Sneep bezig was met Harry. Die nacht was ze weer wakker geworden van de altijd terugkerende droom. Deze keer was de deur echter open gegaan. Het kon Ivy echter niets schelen van wat het nou eigenlijk betekende. Ze had zich omgedraaid en was weer in slaap gevallen.
We zagen steeds meer dingen van wat Harry voelde en nu ook van wat hij dacht, zodat ik snapte wat er aan de hand was. Bijvoorbeeld die keer dat Omber Harry bij zich had geroepen, vlak nadat ze tot schoolhoofd was uitgeroepen. Ze had Harry Veritaserum proberen te voeren, maar Harry was slim genoeg geweest om door te hebben wat ze van plan was en had de drank die ze aanbood niet gedronken. Vlak daarna was hel uitgebarsten op Zweinstein. Een komische hel echter; overal zoefden draken die uit groene en gouden vonken bestonden door de gangen, knalden er rotjes uit elkaar met het geluid van een ontploffende landmijn en schreven sterretjes vieze woorden in de lucht. Omber had het daar maar druk mee, want op de een of andere manier konden de leraren het beruchte vuurwerk van de Wemel-tweeling niet weg krijgen. Ze hadden er allemaal 'hulp' bij nodig.
Terwijl Ivy door de gangen liep, op weg naar Sneeps kantoor, moest ze snel bukken toen er een felroze vuurrad zigzaggend door de lucht suisde, toen ze plots werd overvallen door een vreemde gedachte die van niemand anders kon zijn dan van Harry.
Een schat van een meid die zich heeft vergist? Ze heeft ons allemaal verlinkt, jou net zo goed. Klonk de stem van Harry door mijn hoofd.
Ivy en ik aanschouwden het gesprek tussen Harry en Cho. Ze hadden geen van beide in de gaten gehad dat Marina onder de invloed van de imperius-vloek was geweest. Cho probeerde Harry te overtuigen van Marina's onschuld en begon weer bijna huilen, maar Harry werd boos zodat ze woedend weg liep.
Harry's woede was nog voelbaar terwijl de beelden vervaagden en de vloer van Zweinsteins gangen scherp werd. Kreunend wreef Ivy over haar hoofd en stond op. Blijkbaar was ze weer gevallen en hard ook.
"Shit!" riep Ivy toen ze bloed aan haar hand zag en voelde nog eens op de plek waar nu een schrijnend gevoel vandaan kwam. Terwijl ze haar hand weer terugtrok van de kleverige plek achter op haar hoofd veranderde het schrijnen in pijnlijk kloppen en de gebruikelijke hoofdpijn na een soortgelijke episode, verergerde naar een hoofdpijn waar ik vlekken van zag. Natuurlijk zag Ivy ze ook en ze zette een paar wankele stappen.
"Ik ga eerst naar madame Plijster," zei ze en plaatste een hand tegen de muur om haar evenwicht te bewaren.
'Kun je niet beter naar Sneep gaan? Dat is dichterbij.'
"Mij niet gezien! Straks denk hij nog dat ik zwak ben." Ze probeerde weer een stukje te lopen, maar ze moest heftig knipperen om haar zicht scherp te houden.
"Nou, vooruit dan, naar Sneep," zei ze nadat ze weer even stil had gestaan en ze probeerde weer een stukje te lopen. Het leek wel eeuwen te duren voordat de deur van Sneep's kantoor in zicht kwam, maar net toen Ivy op de deur wilde kloppen leek het alsof ik tollend door een ijzige duisternis viel. Ik dacht dat het vast kwam omdat Ivy flauwviel, maar plots verschenen er beelden.
Ik stond midden in de Grote Zaal, maar in plaats van de afdelingstafels stonden er honderden kleinere tafeltjes waar leerlingen zich over perkamentrollen bogen. Verbaasd keek ik om me heen en ik zag Harry staan. Hij keek verbaasd terug en toen naar de mensen aan de tafeltjes. Ik keek ook en toen drong het pas tot me door: ik kon mijn armen bewegen, mijn hoofd, ik kon weer lopen! Ik was weer in controle van mijn eigen lichaam en tegelijk vroeg ik me af: Waar is Ivy?
Ik keek naar Harry, die stond te staren naar een jongen, waarvan de haren op de tafel hingen en zijn opvallend grote neus bijna het perkament raakte, dat volgeschreven stond met een klein, priegelig handschrift. Mijn mond viel bijna open. Dat kon niemand anders zijn dan de jonge Severus Sneep! Maar hoe kon dat?
"Nog vijf minuten!" werd er door de zaal geroepen en trok me uit mijn gedachtes.
Schuchter keek ik om me heen en zachtjes liep ik naar Harry.
"Wat gebeurd er?" vroeg ik op zo'n zachte toon dat het nauwelijks hoorbaar was. Harry draaide zich abrupt om.
"Ja, hoe kan jij hier ook zijn?" vroeg Harry, op een gewone toon en ik schrok van de helderheid van zijn stem door de stille zaal.
"Ssst! Niet zo hard!" siste ik en keek geschrokken om zich heen, verbaasd dat de leerlingen gewoon door bleven schrijven, zich niet storend aan ons. Ik fronste en keek Harry vragend aan. "Waar zijn we?" vroeg ik, nog steeds fluisterend.
"In Sneeps herinneringen," antwoordde Harry die zich weer omdraaide om nu naar een jongens met slordig haar keek. Toen liep hij plots zo snel weg dat ik ervan schrok. Nee, hij liep niet, het leek alsof hij zweefde. Met grote ogen keek ik hoe hij dwars door drie rijen tafels heen zweefde en toen stopte bij de jongen, die nu wat hij net had geschreven aan het herlezen was.
Ik volgde Harry en bekeek de jongen ook. Toen zag ik het: de haren, de mond, het had Harry kunnen zijn die daar zat en toen viel mijn mond echt open. Ik kon niet anders dan glimlachen.
"Dat is je vader Harry!" zei ik vol verwondering.
"Mijn vader…" fluisterde Harry, maar hij lette niet op mij, het lette op de jongen voor zich, zijn vader, James. Hoe die zich uit rekte, zich omdraaide en naar een andere jongen grijnsde. Die jongen kon niemand anders zijn dan Sirius. Nonchalant leunde die achterover in zijn stoel en ik zag vol bewondering hoe knap de zestienjarige Sirius was. Zijn donkere haar viel elegant voor zijn ogen en ik kreeg een domme grijns op mijn gezicht die ik er zó graag weer af wilde halen.
Nou, oké, Sirius ik knap. Wás knap. Nou en?
Ik keek weer naar Sneep en vergeleek hem spijtig met Sirius. Sneep was té mager, té bleek. Zijn haar was té vettig, maar toch, toen hij het achter zijn oor veegde, waarna het weer even snel naar voren viel, zag ik een elegantie waar ik ook een glimlach van op mijn mond kreeg. Sirius mocht dan wel knap zijn, Severus had inhoud en een bepaalde manier van doen die mijn aandacht had getrokken. Ik vroeg me af of hij op zestienjarige leeftijd ook al zo mysterieus was, of alleen onaantrekkelijk.
Harry had zijn aandacht alweer naar iemand anders verschoven: een jongen met zandkleurig haar die fronsend zijn proefwerk aan het herlezen was. Hij zag bleek en mager – was het Lupos?
"Veren weg!" klonk er toen en ik zag toen pas dat het professor Banning was. "Dat geldt ook voor jou, Stalpeert! Blijf nog even zitten terwijl ik jullie perkamenten ophaal. Accio"
Professor Banning bezweek onder de honderd rollen perkament die toen op hem af kwamen zoemen en enkele mensen lachte toen hij languit op de grond viel. Gelukkig werd hij geholpen door twee leerlingen.
"Bedankt… bedankt," hijgde Banning. "Goed, jullie kunnen gaan!"
Een beetje hulpeloos keek ik rond terwijl alle leerlingen hun spullen pakten en opstonden. Ik schrok toen er plots iemand dwars door me heen liep en ik rilde.
"Wat is er toch aan de hand? Waar zijn we? Hoe komen we hier?" vroeg ik nog steeds verward aan Harry, die alleen oog had voor James en zijn vrienden. Ik zag toen dat ook Peter Pippeling er was.
"Ssst! Ik probeer te luisteren!" siste Harry die toen over zijn schouder keek, terwijl hij James de Grote Zaal uit volgde. Ergens achter hen, gescheiden door een aantal druk pratende meisjes, liep Sneep, verdiept in zijn examenopgaven.
Nog steeds niet wetend wat er aan de hand was, besloot ik dicht bij Harry te blijven en keek hoe hij, geheel gebiologeerd door zijn vader, alles probeerde op te vangen wat zijn vader zei en deed. Ik hoorde hoofdschuddend aan hoe Sirius opschepte over hoe goed hij het tentamen wel niet had gemaakt en ik fronste afkeurend toen James heel trots een Gouden Snaai uit zijn zak pakte en heel trots zei dat hij het had gejat.
Jongens, schoot er door mijn hoofd. Allemaal opscheppers.
Mijn ergernis werd groter toen ze naar buiten liepen, waar ze ergens in het gras gingen zitten en James overdreven ging doen met het loslaten en weer vangen van de Snaai. Natuurlijk kon zijn grote bewonderaar, Pippeling, niet anders dan vol overgave naar hem kijken en steeds naar adem snakte wanneer James hem los liet en klapte wanneer hij hem weer ving.
Hoofdschuddend keek ik om me heen en zag dat Sneep een einde verder ook in het gras was gaan zitten. Ik liep erop af en glimlachte. Zijn hoekige schouders en schichtige manier van doen hadden toch wel iets – volwassen Sneep zou me vermoorden als hij het hoorde – vertederends en ik ging naast hem in de schaduw van de struiken zitten. Ik had steeds de neiging om zijn haren uit zijn gezicht te strijken en wenste dat hij me aankeek met zijn diepe, doordringende zwarte ogen.
Toen stond hij op en stopte de examenopgaven in zijn tas en ik stond ook op. Toen zag ik plots dat de aandacht van James niet meer gericht was op de Snaai of de meisjes aan de rand van het meer.
"Alles goed, Secretus?" riep hij luid en vliegensvlug liet Sneep zijn tas vallen, stak zijn hand in zijn gewaad en had zijn toverstok al half opgeheven toen James 'Expelliarmus!' riep. Vol ongeloof en met open mond keek ik hoe zijn toverstaf uit zijn hand schoot. Hij had gereageerd alsof hij een aanval had verwácht.
Heeft hij altijd zó op zijn hoede moeten zijn? Dacht ik vol medelijden, denkend aan hoe gespannen Sneep zich altijd gevoeld moest hebben.
Sneep dook naar zijn toverstaf, maar werd tegen de grond geslagen door een spreuk, uitgevoerd door Sirius.
Twee tegen één, dacht ik bitter en zag dat alle aandacht van de omgeving nu op dit groepje aanstellerige jongens was gericht. Echter de rede van de aandachtwas verschillend:de ene leerling keek angstig, de andere juist meer geamuseerd. James keek vlug over zijn schouder of de meisjes wel keken naar zijn 'dappere' optreden.
"En, hoe was je examen, Secreetje?" zei James op een pesterige toon.
"Ik zag hem schrijven, met zijn neus op het perkament," zei Sirius hatelijk. "Dat zit vast onder de vetvlekken; ik denk dat ze er geen woord van kunnen lezen."
Sommige omstanders lachten en ik snapte hun niet. Was dit nou grappig? Sneep lag nog op de grond en probeerde op te staan, maar de vloek van Sirius was nog van kracht en hij lag te spartelen als een vis op het droge; onzichtbare touwen hielden hem vastgebonden.
"Wacht – maar," hijgde Sneep en kon James enkel vol haat aankijken. "Wacht – maar!"
"Waar moeten we op wachten?" zei Sirius koeltjes. "Wat wou je doen, Secreetje? Je vette neus aan ons afvegen?"
Toen begon Sneep een vloed van vervloekingen en verwensingen uit te spreken, waarvan je verwachtte dat zijn staf die wel zou produceren, enkel dat hij te ver weg lag was een probleem.
"Spoel je mond!" zei James kil. "Sanitato!"
Vol afgrijzen zag ik hoe er roze zeepbellen uit Sneeps mond stroomden en schuim zijn lippen bedekte. Kokhalzend hapte hij naar adem.
"Laat hem met RUST!" riep plots iemand en James en Sirius draaiden zich abrupt om, om daar een van de meisjes te zien staan, die even geleden aan het meer had gezeten. Haar lange, donkerrode haar glansde in het zonlicht en haar ogen vertelde me precies wie ze was: Harry's moeder. James' hand schoot meteen naar zijn haar toen hij haar zag en hij antwoordde met een diepe, veel volwassener stem: "Is er iets, Evers?"
"Laat hem met rust," herhaalde Lily en ik stond verbaasd van de blik in haar ogen: die twee zouden met elkaar gaan trouwen? Ze zag eruit alsof ze hem wel kon schieten! "Wat heeft hij je gedaan?"
"Nou," zei James en deed alsof hij nadacht, "het is meer het feit dat hij bestáát, als je begrijpt wat ik bedoel…"
Het viel me op dat, hoewel enkelen lachte, Lupos niet liet zien dat hij er enig plezier aan beleefde.
"Je denkt dat je leuk bent," zei Lily koeltjes, "maar je bent gewoon een arrogante, misselijke pestkop, Potter. Laat hem met rust."
"Oké, als jij met me uitgaat, Evers," zei James uitdagend. "Kom op… ga met me uit, dan zal ik Secretus nooit meer vervloeken."
Ik zag toen dat de spreuk die Sirius over Sneep had uitgesproken, aan het uitwerken was en Sneep kroop langzaam richting zijn stok. Ik had graag voor hem zijn staf gepakt en James en Sirius samen vervloekt. Ik verafschuwde pestkoppen en Lily had groot gelijk om voor Severus op te komen.
Ik zou nooit met James uitgaan, als ik haar was, dacht ik met samengeperste lippen, kijkend hoe er nog steeds roze zeepbellen uit Sneeps mond kwamen.
"Ik ga nog liever met de reuzeninktvis uit dan met jou!" zei Lily hatelijk en ik grinnikte.
"Pech gehad, Gaffel," zei Sirius opgewekt en richtte toen zijn aandacht op Sneep: net te laat, want die had zijn toverstok al op James gericht. "Hé, jij daar!" riep hij nog, maar Sneep vuurde een spreuk af op James en er verscheen een diepe snee in zijn wang.
James draaide zich vliegensvlug om en na nog een spreuk hing Sneep plots ondersteboven in de lucht. Zijn gewaad viel over zijn hoofd, zodat er twee magere, bleke benen en een grauwe onderbroek zichtbaar waren. Velen juichten en het leek erop alsof ook Lily haar lach niet in kon houden, maar toen zei ze: "Laat hem zakken!"
"Natuurlijk," antwoordde James en Sneep viel met een plof op de grond, verwikkeld in zijn eigen gewaad. Hij krabbelde snel weer overeind, met zijn stok in de aanslag, maar toen riep Sirius: "Petrificus Totalus!"
Houd het nou nooit op, dacht ik hoofdschuddend en sloot even mij ogen.
"LAAT HEM MET RUST!" schreeuwde Lily, die nu haar eigen toverstaf had getrokken, wat achterdochtig werd bekeken door James en Sirius. Na wat tegenstribbelen hief James met een diepe zucht de spreuk op.
"Alsjeblieft. Je boft dat Evers er was, Secretus -"
"Ik hoef geen hulp van smerige Modderbloedjes zoals zij!" riep Sneep woedend en ik snakte naar adem. Hoe kon hij haar zo noemen nadat ze hem zo verdedigd had?
Ook Lily was even van haar stuk, maar haar antwoord was koel: "Nou, goed. Dan knap je het voortaan zelf maar op. En ik zou m'n ondergoed maar eens wassen als ik jou was, Secretus"
Ik schudde medelijdend mijn hoofd. Dat had hij aan moeten zien komen.
"Maak je excuses tegen Evers!" bulderde James en richtte zijn toverstok weer op Sneep.
"Ik wil niet dat jíj hem dwingt om zijn excuses te mane," riep Lily woedend naar James. "Jij bent net zo erg als hij!"
"Wat!" piepte James, geheel verrast. "Ik zou je NOOIT een – een jeweetwel noemen!"
"Steeds maar je haar door de war maken, omdat het dan lijkt alsof je net van je bezem ent gestapt, steeds maar laten zien hoe goed je bent met die stomme Snaai, op de gang iedereen vervloeken die je niet aardig vindt, omdat je dat toevallig zo goed kunt – je hebt zo'n gigantisch ego dat het me verbaast dat je bezem nog van de grond komt. Ik word ZIEK van je!" en abrupt draaide ze zich om en liep weg. James riep haar nog na, maar ze keek niet om.
Met grote ogen en open mond keek ik haar ook na. En ik begon te láchen, te láchen!
"Geweldig!" riep ik uit en begon te klappen. Harry lette er niet op. Hij was waarschijnlijk té overdonderd door de eerste ruzie die hij van zijn ouders had meegemaakt.
Wat er toen gebeurde, daar schrok ik zo van dat ik niets meekreeg van wat er rondom James, Sirius en de zestienjarige Sneep zich afspeelde, want plots werd mijn uitzicht geblokkeerd door een grote zwarte mantel en ik keek met grote ogen omhoog, recht in het gezicht van de volwassen Sneep. Lijkbleek van woede gromde diep en greep naar mijn arm, maar tot mijn grote verbazing greep hij dwars door me heen. Hij keek me even met samengeknepen ogen aan voordat hij zich woest omdraaide en Harry's arm vast greep.
De zomerse dag verdween, ik zweefde omhoog, tegelijk met Sneep en Harry en alles begon te tollen. Plots was alles over en Ivy knipperde met haar ogen. Het was Ivy weer, die in controle was. Ze keek verbaasd rond, want ze verwachtte eigenlijk de gang en Sneeps deur te zien, maar in plaats daarvan, zag ze boekenkasten en lag ze op de kleine bank in het kamertje dat aan Sneep's kantoor grensde.
Voorzichtig ging ze zitten, want haar hoofd deed nog steeds pijn. Vanuit Sneep's kantoor hoorde ze stemmen komen en iemand haastig de kamer uit lopen. Harry, waarschijnlijk. Ik vroeg me af wat er was gebeurd. Waar waren die beelden vandaan gekomen? Waren Harry en Sneep al begonnen met Occlumentie en was Ivy te laat gekomen? Maar waarom hadden we dan beelden gezien over Sneep en niet over Harry? Had Harry Sneep eindelijk weten te blokkeren en zíjn hoofd weten binnen te dringen?
Mijn vragenstroom werd onderbroken, omdat plots met een klap de deur open werd gegooid. In de deuropening stond een verwilderd uitziende professor Sneep, die me woest aankeek.
"Wat heb je gezien?" vroeg hij met een ijzige stem. Ivy keek hem echter lang aan zonder iets te zeggen en haar mondhoek ging langzaam omhoog in een geniepige glimlach. Heel haar hoofdpijn was vergeten terwijl ze recht ging zitten en haar benen kruiste.
'O nee Ivy, niet doen,' zei ik, want ik zag al één van haar vernederende opmerkingen aankomen.
"Wat bedoel je precies? De tijd dat je roze schuim op je lippen had of die ene keer dat je op de kop hing?" vroeg ze en plaatste één van haar armen over de rugleuning en keek hem uitdagend aan. "Nee ik weet het al: het moment dat Lily Evers je 'Secretus' noemde"
Sneep knipperde even met zijn ogen en de woede erin verdween. Ik dacht even een glimp van verwarring en schaamte te zien, wat ik me echter ook verbeeld kon hebben, zo snel dat het weer weg was. Ivy had het echter ook gezien, want haar geniepige glimlach werd vervangen door een gemene grijns en ze ging staan. Dat was echter een grote fout, want terwijl ze een stap richting Sneep zette, verschenen er zwarte vlekken voor haar ogen en begon de grond heen en weer te deinen.
"Hoe graag ik je er nu verder mee zou willen plagen," zei ze terwijl ze bleef staan. Ze kon haar zin echter niet afmaken, want ze begon te wankelen op haar benen en greep naar haar hoofd, haar ogen samenknijpend tegen het tollen van haar omgeving. Toen het antwoord dat Sneep gaf, wat aan zijn ogen te zien niet veel goeds was, werd overstemd door een oorverdovend suizen in haar oren, verloor ze haar evenwicht en ik voelde haar vallen, maar voordat ze de grond raakte en het bewustzijn geheel verloor voelde ik nog hoe Sneep haar opving.
Het was stil op de Ziekenzaal toen Ivy weer wakker werd en ze flink met haar ogen knipperde tegen het oogverblindende wit om zich heen. Ze ging zitten en sloeg de lakens opzij. Het suizen en tollen was verdwenen, dus hing ze haar benen over de rand en deed haar schoenen weer aan. Madame Plijster had niet de moeite genomen om haar kleding om te wisselen voor de ziekhuis nachtjapon, maar toch was het diep in de nacht; de sterren waren te zien door het grote raam. Voordat ze de Ziekenzaal verliet liep ze nog even langs de spiegel om haar haren en make-up te fatsoeneren.
'Wat ga je doen?' vroeg ik, terwijl ze door de donkere gangen liep.
"Op zoek naar mijn favoriete toverdranken professor," zei ze, maar ze legde niet uit waarom en het bleef stil tot ze op zijn deur klopte.
Ik vraag me af hoe laat het is. Schoot er nog door mijn hoofd tot de deur werd geopend. Zonder één woord draaide hij zich weer om en liep naar zijn kast om zichzelf een glas in te schenken wat verdacht veel op whisky leek. Pas nadat hij een flinke slok had genomen en Ivy voorzichtig de deur had dichtgedaan, draaide hij zich om en keek haar onderzoekend aan.
"Wat kom je doen?" vroeg hij en hij klonk bitter.
Ivy bleef staan. Ik voelde hoe ze haar geamuseerdheid onderdrukte en serieus bleef kijken.
"Ik wilde eigenlijk alleen maar zeggen hoe vervelend ik het vind dat je vroeger zo gepest was," zei ze en ze legde haar handen achter haar rug. Wat ze deed, over elke beweging, elke blik was goed nagedacht. Ze wilde ervoor zorgen dat ze er hulpeloos en vol medeleven uit zag. "en dat ik een beetje ongevoelig reageerde deze avond, terwijl je me zo goed hebt geholpen. Deze avond ook weer, toen ik flauwviel, daarvoor wilde ik je ook bedanken."
Ze verplaatste haar gewicht naar één been en keek naar de grond, zichzelf een onschuldige houding gevend, hopend dat Sneep een beetje zou ontdooien. Ze wierp even een schuchtere blik op hem en ik zag dat zijn blik inderdaad was verzacht.
"Dat wilde ik alleen maar even zeggen," zei Ivy tot slot en draaide zich om om te vertrekken. Sneep hield haar niet tegen en ze ging, zonder nog om te kijken. De hele weg terug naar de leerlingenkamer speelde er een glimlach om haar lippen en ik vroeg me af wat ze had bereikt. Of ze had bereikt waarop ze had gehoopt. Blijkbaar wel, want ik voelde één en al tevredenheid, al snapte ik er helemaal niets meer van.
Evelien opende de deur van Samantha's slaapkamer. Ze durfde er nu wel te komen, want ze wist dat Samantha pas over een uur weer op haar kamer zou komen. Ze hadden vandaag allebei privé-les van Chris. Samantha zangles en zij gitaarles. Het vervelende was alleen dat Evelien vlak na Samantha les had, dus ze moest toch op de klok blijven letten en als het even kon nét iets te vroeg de les in komen lopen, zodat Samantha geen reden had om haar ervan te verdenken dat ze in haar kamer was geweest, wat ze de laatste tijd vaker zomaar aannam, terwijl ze geen enkele keer bewijs had gehad.
Ze keek op de klok, maar die stond niet meer waar hij eerst stond en verward keek ze de kamer rond. Verdwaasd keek ze naar de troep om zich heen.
Wat heeft ze in 's hemelsnaam allemaal gedaan? Dacht ze terwijl ze haar blik liet gaan over omgevallen fotolijstjes, meubelen die op vreemde plekken stonden en kleding die over de grond was gegooid. Blijkbaar hadden de huiselfen besloten dat het niet meer de moeite was om Samantha's kamer schoon te maken nadat ze heibel in de keuken had geschopt om ervoor te zorgen dat ze de volgende ochtend ráuwe eieren zou krijgen. Evelien glimlachte bij de herinnering van Malfidus' beteuterde gezicht toen zijn ei zich verspreidde over zijn schoolgewaad.
Ze opende één voor één de laden in het bureau, op zoek naar iets waar ze uit op kon maken wat Samantha nu weer van plan was en haar oog viel op een eenvoudige handspiegel. Wat haar aandacht trok was niet de zilveren spiegel zelf, maar de knopjes op het handvat van de spiegel. Nieuwsgierig pakte ze het op en woog de verrassend zware spiegel in haar handen voor ze erin keek. Ze vond niets vreemds aan haar spiegelbeeld tot ze op het eerste knopje duwde, want in plaats van haar eigen gezicht, zag ze een grijze muis en ze schrok zo hevig dat ze de spiegel liet vallen. De spiegel kwam op de kop op de vloer terecht en Evelien pakte hem geschrokken weer op om te controleren of hij niet kapot was. Wat haar echter opviel was dat ze, in plaats van de zilveren achterkant die ze had verwacht, de vloer zag en, wanneer ze de spiegel bewoog, het bureau en het raam.
Gefascineerd zocht ze naar een spiegel en ze liep de badkamer in. Ze keek eerst naar haar eigen spiegelbeeld en hield toen de spiegel half voor haar gezicht. Met een kreetje zag ze dat haar mond en neus waren vervangen voor de snuit van een muis. Grijnzend bleef ze even staan kijken tot ze de spiegel weer draaide en de andere knopjes uit probeerde. Ze lachte hard toen ze zichzelf bekeek nadat ze het tweede knopje in had gedrukt. Haar spiegelbeeld lachte hard met een te kleine mond met hele dunne lippen. Haar ogen leken wel twee schoteltjes en de spiegel had de kromming van haar neus vergroot waardoor ze eruit zag alsof ze een snavel had in plaats van een gewone neus.
Ze drukte op het derde knopje en verwachtte weer iets grappigs te zien, maar nu keek ze weer in haar eigen, normale ogen. Er was niets vreemds te zien. Ze draaide de spiegel weer om, want ze herinnerde zich een inscriptie te hebben gezien op de achterkant van het handvat.
'Spiegel der Waarheden' stond er en Evelien staarde er bedenkelijk naar.
Als het de waarheid laat zien, misschien laat het bij Samantha zien wie ze werkelijk is. Wie er echt in haar zit. Blij met die gedachte stopte ze de spiegel tussen haar riem en richtte zich nu pas op de rest van de badkamer. Ze had al bij binnenkomst gezien dat het er iets voller was dan normaal, maar had er nog geen aandacht aan besteed omdat de spiegel haar zo in beslag had genomen. Nu zag ze echter dat er een ketel stond te pruttelen boven een laag vuurtje. Kruiden en blaadjes lagen klaar om toegevoegd te worden en op de plank naast de wastafel lag een opengeslagen boek. Nieuwsgierig las ze de pagina waar hij bij opengeslagen was.
'Amortentia'
Liefdesdrank! Dacht ze geschrokken. En ook nog één van de sterkste! Ze hoefde niet te raden voor wie die bedoeld was. Voor Chris had ze die niet nodig, maar haar aandacht was ook bij een andere leraar geweest. Ik moet hem waarschuwen, dacht ze, maar ze liep de deur uit om naar haar gitaarles te gaan, nadat ze de spiegel op een goede plek had verstopt op haar eigen kamer.
Evelien hoorde een heldere stem zingen toen ze bij de deurkwam van het muzieklokaal waar de privélessen werden gegeven en zo zacht mogelijk opende ze die en keek rond, want bij elke leerling was het lokaal anders.
"Bruises fade father but the pain remains the same."
Het zag er nu uit als een studio, met isolatiemateriaal op de muren en zacht tapijt om het geluid wat te dempen. Chris had de stoel waar hij op zat omgedraaid en leunde met zijn armen over elkaar over de leuning, intens luisterend naar hoe Samantha door de microfoon zong. Begeleiding klonk door het lokaal, maar Evelien zag niet waar het vandaan kwam, maar dat was niet zo belangrijk, Evelien luisterde met grote ogen naar wat Samantha aan het zingen was.
"And I still remember how you kept me so afraid," zong Samantha.
Ze is mijn nummer aan het zingen! Dacht ze geschokt en ze bleef als bevroren in de deuropening staan luisteren. Chris had niets in de gaten, maar Samantha's ogen schoten naar de deuropening terwijl ze door bleef zingen.
"Strength is my mother for all the love she gave."
Samantha bleef haar aankijken en een verdrietig gevoel spoelde in één keer over Evelien heen.
"Every morning that I wake I look back to yesterday."
Beelden schoten voor Eveliens ogen langs, hoe ze naar Zweinstein kwam, zich niet gemakkelijk voelde in Zwadderich en dat ze toen haar broertje verloor. Haar vader die haar uitmaakte voor gedrocht en haar deed denken dat ze niets en niemand was. Haar moeder die haar niet kon helpen, bang voor haar vader. Het drankprobleem van haar vader, de dood van haar moeder…
"And I'm OK."
Tranen vulden haar ogen en ze kon er niet tegen vechten. Samantha's heldere stem vulde haar hoofd en bleef steeds maar meer beelden oproepen. Beelden en gevoelens. Gevoelens die ze alweer een hele tijd onderdrukte kwamen nu weer naar boven. Gevoelens van eenzaamheid, angst en toen was het plots over. Evelien keek op. Samantha was gestopt met zingen en Chris keek haar nu ook aan.
"Wat is er Evelien?" vroeg hij bezorgd en stond op.
Evelien schaamde zich plots heel erg en veegde snel de tranen weg. Met een schuine glimlach haalde ze haar schouders op. Samantha bleef haar onderzoekend aankijken.
"Het was erg mooi," zei ze toen maar en sloot de deur. Terwijl Chris voor haar kwam staan begon Samantha echter weer te zingen.
"Desmond had a barrow on the market place, Molly was a singer in a band."
Chris draaide zich abrupt weer om en keek Samantha met opgetrokken wenkbrauwen aan. Samantha had alleen oog voor Evelien, die net zo verrast als Chris terug keek.
"Desmond says to Molly; 'girl I like your face' And Molly says this as she takes him by the hand"
Dit was toch wel een heel contrast met wat Evelien net had gehoord. Niet dat er wat was veranderd aan Samantha's stem, die vulde nu nog even goed haar hoofd.
"Ob-la-di ob-la-da, life goes on, wha! La-la-la-la life goes on."
Nu verscheen er echter een glimlach op Eveliens gezicht. Een glimlach die ze niet kon onderdrukken. Beelden van Lars die tegen haar praatte kwamen voor haar ogen en Jasper die heel hard lachte om één van haar domme grapjes. Gevoelens van verdriet en eenzaamheid waren als sneeuw voor de zon verdwenen en Evelien dacht er niet eens meer aan. Ze kon nu alleen nog maar denken aan de zon op een warme zomerdag, het lezen van een goed boek.
"Ob-la-di ob-la-da, life goes on, wha! La-la-la-la life goes on."
Toen Samantha weer stopte met zingen was het plots weer weg. Evelien voelde zich weer verward en keek Samantha fronsend aan.
Wat is er aan de hand? Is mijn inlevingsvermogen plots verhoogd of is het iets anders? Dacht Evelien en keek Samantha bedenkelijk aan. Had de persoon in Samantha weer wat nieuws ontdekt over Samantha's krachten?
Lekker einde hè? Maar dat is om jullie geïnteresseerd te houden :p
