Live Goes On
Chapter 6
We're (not) Fine!
De volgende dag ging de wekker gewoon.
Rachel kreunde lichtjes en verborg haar hoofd onder de kussens.
De wekker bleef door gaan.
'Edward, doe hem uit,' mompelde ze.
Er kwam geen antwoord, noch werd de wekker uitgezet.
Rachel stak haar arm onder de dekens vandaan en gaf er een flinke klap op waardoor het geluid wegviel.
'Erg aardig,' mopperde ze.
Ze rolde naar haar andere zij en tastte zoekend met haar arm naar de persoon naast haar. Nog steeds met haar ogen dicht. Er was niemand. Rachels ogen vlogen open en ze ging overeind zitten. 'Edward?'.
Haar kamer was leeg.
De herinneringen van de vorige avond kwamen terug en Rachels ogen vulden zich met tranen. Ze trok haar knieën op, wond haar armen om hen heen en verborg haar gezicht tegen haar knieën terwijl ze weer begon te huilen.
Er werd op haar deur geklopt maar ze reageerde niet. Voetstappen stapten opeens op haar houten vloer waardoor die kraakte en aangezien ze de deur niet open en dicht had horen gaan, gokte ze dat het Janet was.
'Rachel?'.
Ja, het was Janet. Iemand ging op de rand van haar bed zitten en wreef haar over haar rug. 'Rachel, liefje? Is alles wel in orde?'.
'Ja…' mompelde Rachel. 'Ja, alles is in orde'.
Ze voelde Janet slikken en hoorde haar gedachtes. 'Dat kun je dan wel zeggen maar het is duidelijk dat je niet in orde bent. Ze zijn nog maar voor een dag weg en Charles en ik merken nu al dat je hen vreselijk mist'.
Rachel wou de gedachtes uitbannen maar dat lukte niet.
Ze voelde de tranen sneller over haar wangen vallen en voor enkele secondes hield ze het nog uit maar toen niet meer. Ze barstte in huilen uit en sloeg haar armen om Janets nek heen waarna ze heel hard begon te huilen.
Janet wond haar armen meteen om haar heen en begon haar zachtjes heen en weer te wiegen. 'Sst. Stil maar. Het is okay. Alles is okay. Het komt wel goed. Echt waar'.
Rachel bleef huilen. Haar tranen leken wel onuitputtelijk. 'Het… Het… doet… zo'n… pijn…' snikte ze.
'Ik weet het, liefje. Ik weet het,' suste Janet die haar nog steeds over haar rug wreef en haar nog steeds zachtjes heen en weer wiegde. Rachel verborg haar gezicht in Janets schouder en begon nog meer te huilen. Het deed echt ontzettend pijn.
Na een kwartier gehuild te hebben zaten Janet en Rachel samen beneden op de bank. Ze hadden beide vrij genomen en Rachel hield een kop warme thee in haar handen.
'Wat is er nou werkelijk gebeurd?' vroeg Janet aarzelend.
Rachel zweeg en staarde in haar beker. Toen begonnen de woorden gewoon over haar lippen te glijden.
'Hij, Alice en Jasper waren gisteren al niet op school. Dat vond ik al vreemd. Maar ze zijn er soms vaker wel niet dus zo ernstig was het ook niet. Maar toen kwam hij langs vlak voordat jullie thuis kwamen en hij vroeg of ik zin had om even te gaan wandelen. Dus we gingen het bos in. En toen na een tijdje gelopen te hebbe stopten we en toen vertelde hij dat ze weg moesten omdat Carlisle een andere baan had aangeboden gekregen. Zij allemaal. En hij wou me geen pijn bezorgen. Hij wou dat ik door ging met mijn leven voordat hij erin was gekomen. Ik maakte hem heel duidelijk dat ik dat het niet mogelijk was dat ik hem ooit zou kunnen vergeten en door zou kunnen gaan met mijn leven voordat hij erin kwam. En daarna vertelde ik hem dat ik hem niet zou gaan smeken om me mee te nemen of om te blijven want hij zou toch niet luisteren'.
Ze stopte even en haar onderlip begon te trillen terwijl haar ogen zich weer met tranen vulden.
'Hij probeerde me te laten geloven dat hij niet meer van me hield maar terwijl hij al die dingen zei durfde hij me niet eens aan te kijken. En toen ik zei dat ik hem al pas zou geloven als hij me recht in de ogen aankeek en het dan nogmaals te zeggen maar zonder te aarzelen, te stoppen, zonder woorden twee keer te zeggen en zonder enige spijt in zijn stem te laten horen… Toen kon hij het niet. Ik omhelsde hem en zei dat ik hem nooit zou vergeten of los zou laten. En toen nam ik afscheid van hem. Ik wou weglopen maar hij trok me terug in zijn armen en hij kuste me. Hij kuste me'.
Ze begon weer te snikken en Janet sloeg een arm om haar schouders heen.
'En toen namen we afstand en hij liep weg. Maar hij wou mijn hand maar niet loslaten. Hij wou niet weg. En toen gleden zijn vingers eindelijk uit de mijne en toen… Toen was hij gewoon weg,' snikte Rachel. 'Hij was gewoon weg'.
Janet kreeg zelf ook tranen in haar ogen en omhelsde haar stevig.
'Ik begon te huilen en toen liep ik het bos. Ik wou mijn gedachtes op een rijtje krijgen. Ik verloor besef van tijd en ruimte en toen ik het koud kreeg merkte ik al pas dat het nacht was geworden. En ik was hartstikke verdwaald. Dus ik ging liggen en uiteindelijk viel ik in slaap. Als ik door was gelopen dan was ik alleen nog maar meer verdwaald. En toen ik wakker werd pakte Charles me van iemand over'.
Janet aaide Rachel zachtjes over haar bruine krullen terwijl ze huilde.
'Maar hij is weg, mam. Hij is gewoon weg. En hij komt niet meer terug. En het doet zo verdomd zeer. Het voelt alsof iemand een gat in mijn borst heeft gemaakt en mijn hart er heeft uigetrokken'.
'Oh, liefje,' fluisterde Janet. 'Niets doet zoveel pijn als liefdesverdriet'.
Rachel begon weer te huilen. 'Hij is weg. Hij is echt weg. Ik probeer te doen alsof ik okay ben, alsof er niets aan de hand is… Maar dat is het niet! Ik ben niet in orde! Alles is mis en ik weet niet hoe ik het goed moet maken!'.
Carlisle, Esme, Alice, Jasper, Emmett en Rosalie zaten in een zelfde soort positie als Janet en Rachel alleen dan vele mijlen verder. En ondanks dat Edward niet bij hen in de woonkamer zat en ondanks dat ze hem niet troostten, probeerden ze dat toch. Edward zat namelijk buiten op een opgevallen boomstam en staarde doelloos voor zich uit.
'Kijk hem nou,' zei Alice. 'Hij is een wrak. En ik wil wedden dat Rachel dat ook is'.
'Natuurlijk is ze dat. Er is bijna niets dat zoveel pijn doet als gescheiden mates,' zei Carlisle droevig. 'Ik weet niet hoelang hij het gaat uithouden'.
'Hij zit daar sinds hij uit Forks is vertrokken,' zei Emmett. Zelfs hij maakte op dit moment geen grapjes. De stemming was droevig, kil, rouwend en zonder enige gezelligheid of vrolijkheid.
'Hun afscheid moet zwaar zijn gevallen,' zei Rosalie zacht. 'Maar hij kon in ieder geval afscheid nemen'.
'Rosalie, wat Edward heeft gedaan had geen van ons kunnen doen,' zei Carlisle die een arm om Esme's schouders had en haar tegen zijn schouder liet leunen. 'Had jij haar kunnen vertellen dat we voor haar eigen veiligheid weg moesten? Dat we haar waarschijnlijk nooit meer konden zien? Dat we zelfs nooit meer contact met haar konden hebben? Zou je dat gekund hebben?'.
'Nee…' fluisterde Rosalie. 'Dat zou ik echt nooit gekund hebben'.
'En verplaats je dan in Edward. Ik bedoel, Rachel was als een vriendin, zus en dochter in één voor ons allemaal maar ze was zijn mate. Hij hield van haar met hart en ziel. Hij wou haar niet achterlaten. Hij moest zelfs tegen haar liegen,' zei Esme zacht terwijl haar blik op Edward gefocust bleef. 'Hij moest behalve haar hart ook zijn eigen hard breken voor hun eigen bestwil. Ik kan me zijn pijn nauwelijks voorstellen'.
'En deze hele situatie is allemaal mijn schuld,' zei Jasper zacht. 'Als ik beter mijn bloedlust had kunnen beheersen. Als ik gewoon iets beter mijn best had gedaan om het te negeren. Om het te bevechten…'.
'Het is niet jouw schuld, Jazz'.
De zes keken op en zagen dat Edward eindelijk naar binnen was gekomen. Zijn ogen leken verslagen, eenzaam en compleet gebroken te zijn. Ze reflecteerden de emoties die hij vanbinnen voelde. En zijn haar plakte aan zijn gezicht doordat het had geregend en nat was.
'Het had ieder van ons kunnen gebeuren. Inclusief mij. Vroeger of later was het een keer verkeerd gegaan. Die gevaren komen in zulke situaties altijd voor. Het was niet jouw schuld,' zei Edward.
'Het voelt toch zo,' zei Jasper.
Edward slikte een keer. 'Ik ben in orde. Echt waar. En jullie zouden daar niet anders over moeten denken. Probeer de moed wat op te vrolijken, wil je, Jazz? Ik heb het gevoel alsof we op een begrafenis zijn…'.
Alice sprong wat kwaad overeind. 'Hoe kun je doen alsof het je niets uitmaakt, Edward? Hoe kun je zelfs proberen om ons te overtuigen dat er niets mis met je is? Dat alles echt helemaal in orde is? Zie de waarheid in! Niets is in orde! Je hart is gebroken! Haar hart is gebroken! En wij zijn een lid van onze familie kwijt. Het is niet in orde! Jij bent niet in orde, zij is niet in orde… Niemand is in orde! We hadden nooit weg moeten gaan! Of we hadden weg moeten gaan maar haar dan in ieder geval mee moeten nemen!' ging ze tegen hem tekeer.
'Maar nee! Jij moest haar zo nodig achter laten! Jij moest zo nodig je eigen hart en die van haar breken! Jij moest zo nodig besluiten om te weigeren haar niet te veranderen! Als je haar gewoon had veranderd dan hadden we nu niet in deze situatie gezeten! Dan liep jij er nu niet bij als iemand die de zin van het leven niet meer ziet. Dan zat zij niet huilend bij Janet op de bank omdat het zo ongelooflijk zeer deed omdat ze je kwijt was. Dan… Dan… Dan was dit alles nooit gebeurd! Als iemand de schuldige is dan ben jij dat wel! Jij en je stompzinnige koppigheid!'.
Edwards gezicht betrok en zijn ogen werden donkere schilden voor de gevoelens die hij nu voelde. Alleen Jasper kon het weten en hij zag er alles maar niet blij uit. Wat voor gevoelens Edward ook had, ze waren erg deprimerend en erg pijnlijk.
'Je bent niet de enige die van Rachel houdt, Edward. We deden dat allemaal. Ze was onze zus en onze vriendin. Ze was voor Carlisle en Esme als een dochter. Waarom heb je zo'n moeilijke keuze in je eentje gemaakt voor niet alleen jezelf maar ook voor ons?' vroeg Alice zacht. Als ze had kunnen huilen dan had ze dat nu zeker gedaan.
Edward bleef nog voor enkele momenten roerloos op zijn plek staan maar liep toen zonder nog iets te zeggen naar zijn kamer. Even later kwam hij weer langs maar dit keer met een reistas over zijn schouder. Hij liep weer zonder iets te zeggen langs en richting de voordeur.
Esme en Carlisle schrokken en renden achter hem aan. 'Edward! Edward, waar ga je heen?' vroeg Esme wat benauwd.
'Weg,' antwoordde Edward.
'Ze meende het niet zo…' begon Carlisle.
'Jawel, Carlisle!' zei Edward met op elkaar geklemde kaken. 'Ze meende het wel zo! Ik ben hier de gedachtelezer, weet je nog? Ze meende ieder woord wat ze zei'.
Carlisle en Esme slikten een keer moeizaam.
'En weet je waarom het zoveel pijn doet? Omdat ze gelijk heeft. Ik ben alles maar niet in orde. Ik ben niet okay. Ik voel me hopeloos,' zei Edward die niet naar zijn ouders keek. 'Als ik hier blijf dan ren ik binnen de kortste keren terug naar Forks en terug naar Rachel. Ik wil dat ze gelukkig word met iemand waar ze ook werkelijk gelukkig mee kan worden. Ik kan haar dat geluk niet geven. Dat heb ik nooit kunnen doen en dat zal ik ook nooit kunnen. Het enige wat ik wel voor haar kan doen is haar veilig houden voor Victoria'.
'Edward, alsjeblieft. Ik kan niet twee van mijn kinderen verliezen,' snikte Esme traanloos.
'Het spijt me, echt waar. Het spijt me dat ik jullie dit aan doe. Het spijt me dat ik jullie in deze situatie heb gezet. Ik had het liever ook anders gewild,' zei Edward. Zijn handen balden zich tot vuisten. 'Zie! Dit gebeurt er dus! Daarom moet ik weg. Als ik hier nog een minuut langer blijf dan trek ik alle haren uit mijn hoofd omdat ik verteerd word door de pijn en door de schuld. Jullie horen nog wel van me. Alleen niet veel…'.
'Edward…' begonnen de twee oudere Vampiers maar hij was weg. Heel even bleven ze nog staan maar toen gingen ze terug naar binnen en voegden ze zich bij hun laatste vier kinderen.
Ze keken allemaal wat schuldig op toen ze hen zagen want ze hadden allemaal een rol gespeeld in zijn vertrek.
Carlisle zuchtte diep. 'Laten we maar gewoon proberen om er het beste van te maken'.
Een week later reed Rachel de parkeerplaats van school op. Het was de eerste keer dat ze weer naar school ging sinds het vertrek van de Cullens.
Angela was haar geregeld komen opzoeken en probeerde haar ook trouw te troosten. Ze was er voor haar en ze hielp haar om er door te komen. Maar het was lang niet genoeg.
Ze had iemand nodig die haar de warmte teruggaf die Edward haar ooit had gegeven. Een warmte die waarschijnlijk nooit vervangen zou worden.
Toen ze uitstapte waren meteen alle blikken op haar gericht en iedereen staarde naar haar. Ze negeerde hen en liep naar de deuren van de school.
Angela, die bij Eric, Mike, Tyler en Jessica had gestaan, liep naar haar toe en voegde zich bij haar. 'Je ziet er vreselijk uit,' zei ze zacht.
'Ik voel me ook vreselijk,' gaf Rachel eerlijk toe.
Jessica voegde zich ook bij hen. 'Gaat het een beetje, Rachel?' vroeg ze aarzelend.
Rachel merkte al gauw dat Jessica het meende. Nu ze haar zo zag, zo kapot van het vertrek van Edward en zijn familie, was ze over haar jaloezie heen gestapt en probeerde ze de vriendin te zijn die ze eigenlijk had horen te zijn maar niet was geweest. 'Het… Het knapt langzaam op,' antwoordde Rachel.
'Maak je geen zorgen. Wij houden de jongens wel op afstand. Toen ze hoorden dat de Cullens waren vertrokken werden ze reuze enthousiast en begonnen ze meteen al plannen te maken om je mee uit te vragen. We zullen je beschermen tegen hen,' beloofde Jessica.
'Ja, echt wel. Je bent nu de meest gewilde vrijgezel op de hele school maar dat betekent nog niet dat je al aan daten toe bent. Verdorie, wie weet wil je wel nooit meer daten. En dat is begrijpelijk. Jij en Edward hielden echt heel veel van elkaar,' zei Angela.
'Ja, meid. We gaan je helpen om hier door te komen,' zei Jessica die een arm om Rachels schouders sloeg in een poging om haar wat te troosten.
Rachel keek naar Jessica en toen naar Angela. Er brak iets door op haar gezicht wat je als een hele, vage glimlach zou kunnen omschrijven. 'Bedankt, meiden. Jullie hebben echt geen idee hoe blij ik ben jullie nu te hebben. Anders had ik het echt nooit overleefd,' zei ze.
De twee glimlachte en leidden haar de school in. De rest van de dag bleven ze trouw aan haar zijde en hielden ze jaloerse en gemene meiden op afstand of hebberige jongens die iets te graag haar aandacht wouden.
Na schooltijd gingen ze echter ieder hun eigen pad en toen Rachel uiteindelijk alleen op de bank thuis zat, kwam de pijn weer naar boven. Het duurde niet lang voordat de tranen over haar wangen drupten.
School was afleiding geweest en Jessica en Angela hadden haar echt wat opgevrolijkt. Maar nu ze alleen was…
Rachel vouwde haar armen kruiselings voor haar borst en liet haar hoofd hangen. Ze moest afleiding blijven zoeken. Ze moest proberen om niet aan de pijn te denken. Aan het verdriet. Aan haar gebroken hart…
In een poging om weer afleiding te zoeken begon ze aan haar huiswerk. Ze werkte hard en ijverig door maar het duurde niet lang voordat ze er mee klaar was en zelfs haar achterstand had ingehaald.
En toen kwam de pijn weer boven. En het verdriet.
'Edward,' snikte ze zachtjes. Ze was heel verdrietig maar tegelijkertijd ook woedend. 'Edward, ik heb je nodig, jij idioot! Waarom heb je me nou hier alleen gelaten? Waarom heb je ons beide een gebroken hart bezorgd? Oh! Als ik je ooit in mijn handen krijg dan vermoord ik je!'.
Als de Cullens er nog waren geweest en ze hadden haar gehoord…
Emmett zou hard hebben gelachen en Edward hebben getreiterd dat hij beter kon oppassen.
Jasper en Carlisle zouden vermakelijk hebben gegrijnsd of geglimlacht.
Alice en Rosalie zouden vol enthousiasme hebben gevraagd of ze konden helpen.
Esme zou glimlachend hebben toegekeken voor ze compleet kalm haar kant zou kiezen.
En Edward…
Hij zou hebben gegrijnsd en haar in zijn armen hebben genomen en hebben gekust. Hij zou zeggen dat dat juist één van de vele reden was waarom hij van haar hield.
Rachel trok haar benen op en verborg haar gezicht weer tegen haar knieën. Ze begon weer harder te huilen.
Ze moest niet aan de Cullens denken!
Ze moest niet aan haar twee beste vriendinnen denken, of aan de twee jongens die haast haar broers waren, of aan de twee oudere Vampiers die haast als ouders waren. De twee die zo lief en zorgzaam waren.
En ze moest vooral niet aan Edward denken. Want dan miste ze hem alleen nog maar meer en dan zou haar gebroken hart alleen nog maar meer pijn gaan doen.
Rachel liet haar benen zakken en liep op blote voeten naar buiten. In de tuin bleef ze staan en ze staarde omhoog naar de hemel.
Ze had zin om te gaan gillen. Om te schreeuwen. Om ongelooflijk tegen iemand te keer te gaan en diegene de schuld geven voor de stomste dingen.
Rachel liet een gefrustreerde gil over haar lippen glijden terwijl ze op haar knieën zakte maar haar gil werd gevolgd door allemaal snikken. De tranen gleden weer onophoudelijk over haar wangen.
De hemel van Forks werd donker en het duurde niet lang voordat dikke regendruppels vanuit de lucht naar beneden vielen.
Ze was al snel kletsnat en helemaal verkleumd tot haar botten.
Maar ze bleef buiten.
Ze bleef op haar knieën op de grond zitten.
In de regen.
Helemaal doorweekt.
En helemaal alleen…
Charles droeg Rachel naar binnen en stopte haar in bed.
Haar lippen waren blauw, ze klappertandde, haar voorhoofd was gloeiend heet en haar kleren waren helemaal doorweekt.
Janet kwam ook de kamer in en stopte twee warme kruiken bij Rachel in bed.
Haar bruine haar kleefde rond haar gezicht en haar ogen waren gesloten. Ze was diep in slaap. Maar voor hoelang nog?
'Haar nachtmerries beginnen erger te worden,' fluisterde Janet die droevig naar Charles keek. 'Oh, Charles. Ik weet niet hoelang ze dit gaat uithouden. Dat arme kind is compleet gebroken door het vertrek van de Cullens. Door Edwards vertrek…'.
'Als ik die jongen ooit in mijn handen krijg…'. Charles maakte een grof gebaar en Janet sloeg hem tegen zijn arm.
'Waag het niet! Rachel houdt van hem. Dat zal ze waarschijnlijk altijd wel doen. En hij zal ook waarschijnlijk altijd wel van haar houden. Als je hem pijn doet dan doe je haar pijn'.
'Maar kijk dan, Janet! Kijk naar haar! Onze kleine meid is compleet gebroken. Ze is niet zichzelf. En ze heeft zoveel pijn…' zei Charles. Hij keek droevig naar het slapende meisje.
'Het enige wat we nu kunnen doen is geduld hebben en hopen dat ze zichzelf weer op de baan kan krijgen. Natuurlijk zullen we haar helpen maar op dit moment heeft alleen zij het in de hand,' zei Janet.
'Ik ga Aro op de hoogte brengen. Misschien kan hij een tijdje hierheen komen om haar te helpen,' zei Charles peinzend.
Hij verliet de kamer en Janet aaide Rachel over haar natte bruine haren. 'Ik weet dat alles wel goed gaat komen, liefje. Dat weet ik gewoon'.
Rachel ging verliggen en haar lippen bewogen. Janet boog zich iets naar haar toe en luisterde met ingehouden adem.
Ze herhaalde twee namen telkens opnieuw.
'Edward… Victoria…'.
