Neal knipperde met zijn ogen toen hij zich vreemd voelde. Het zacht kletterende water bracht hem terug in de realiteit. En hij staarde op zijn eigen handen neer. Hij wist niet hoe lang hij hier aan de wastafel had gestaan. Maar aan zijn handen te zien waren ze al lang schoon. In de war van zijn black-out draaide hij de kraan weer dicht en zag dat zijn vingers trilde.
Schouderophalend besloot hij dit te laten gaan en zocht naar een handdoek om zich af te drogen. Terwijl hij om zich heen tuurde begon de wereld voor zijn ogen te draaien. Neal moest zich zelfs even vastgrijpen aan de rand van de wastafel om niet om te kunnen vallen. Met gesloten ogen haalde Neal een paar keer diep adem en probeerde zichzelf weer op orde te krijgen. Hij liet uiteindelijk de wastafel weer los en hervond zijn evenwicht. Vreemde gedachtes tolde rond in zijn hoofd. Het leek wel of hij bij elke in en uitademing een stukje van zichzelf vergat. Met zijn hand reikte hij uit naar de spiegel en veegde de condens weg. Twee grote rode ogen werden zichtbaar. Neal schrok van zijn spiegelbeeld en betaste zijn lijkbleke gezicht.
'Wat gebeurt er me je, Neal,' mijmerde hij hardop tegen zichzelf. Op zijn gezicht stond een bezorgde frons. Denken ging moeizaam. Het deed zeer in zijn bonzend hoofd. En dat was vast van de koorts die hij op voelde komen.
'Oh geweldig,' mompelde hij versjacherd. Met een afkeurende blik draaide hij zich weg van zijn spiegelbeeld en keek onderzoekend om zich heen. Het maakte hem bang dat hij zich maar moeilijk kon herinneren waar hij was en waarom hij er was. Even keek hij op zijn handen neer. Hij waste zijn handen in Peter's badkamer. Dat was alles wat hij zich kon herinneren. Een rilling liep over zijn rug. Zuchtend wreef hij het zweet van zijn voorhoofd en besloot zijn weg weer terug uit de badkamer te vinden, voor hij hier flauwviel op de grond, met de deur op slot. Hij had koorts. Daarom was hij zo in de war. Hij begreep dat nu. Neal liep naar de deur en haalde de knip over. Maar voor hij de deur opende trok een tikkend geluid zijn aandacht. Zuchtend draaide hij zich om naar de wastafel en luisterde aandachtig.
'Tik. Tik. Tik. Tik.' Het patroon herhaalde zich. Soms was de ene tik harder dan de andere. Maar het patroon bleef gelijk. Fronsend liep Neal terug naar de wastafel en keek waar het vandaan kwam. Toen zijn grote schrik merkte hij dat er een waas over zijn ogen verscheen. Hevig knipperend keek hij voor zich uit. Toen schrok hij zich een ongeluk!
Het was vast een bom. Ja, het kon niet anders. Een tikkende bom! Hij zag hem nu ook! De bom lag op de wastafel, verstopt onder een berg kleding waar Neal zojuist vlakbij had gestaan om zijn handen te wassen! Een bom! Neal liep huiverend naar achteren. Weg van de wastafel.
Hij drukte zijn rug zo plat mogelijk tegen de muur. Hij wilde hier weg. Neal begreep het niet. Waarom had Peter in Godsnaam zoiets in de badkamer liggen? Was Peter Burke een target geworden van een of andere duistere groepering? Het kon zijn! Peter Burke had al vele mensen achter de tralies gekregen waar sommige mensen vast niet blij mee waren. 'Oh, Peter. Wat heb je gedaan…'
Zijn hoofd begon te tollen van paniek. Wat nou als hij nu afging? Hij, Peter en Elisabeth waren hier in huis. En Satchmo! 'Nee. Nee. Niet zo,' hijgde Neal duizelig en in de war. Iets klopte er niet met het plaatje. Het leek niet echt. Er was geen bom. Er was geen bom. Nee. 'Oh nee. Oh nee. Nee nee nee. Niet doen,' jammerde Neal helemaal overstuur.
Neal werd niet goed. Zijn knieën begonnen te knikken. Flashbacks van Kate's verschrikkelijke dood spookte door zijn hoofd. Het was nog zo kort geleden. Alles was nog zo vers. 'Alsjeblieft. Zeg me dat ik droom, Kate. I-ik wil niet…' Neal viel stil. Zijn ogen werden groter en groter.
Had deze bom met de moord op Kate te maken?
'Vergeet het, Neal. Zorg ervoor dat hij niet afgaat.' Hij keek om zich heen. Als hij hem voorzichtig oppakte en uit het huis bracht dan… dan…
En dat was het. Hij was verloren in zijn eigen mijmeringen. Een vreemde leegte slokte hem op en hij wist het gewoon niet meer.
Hijgend greep Neal naar zijn tollende hoofd. Het zweet brak hem uit. Even knipperde Neal met zijn ogen als poging om de waas weer uit zijn ogen te kunnen krijgen. Terwijl zijn hartslag pijnlijk begon te worden in zijn schedel bleef Neal vechten om rechtop te blijven staan.
Zijn handen begonnen te trillen en een vreemd zwaar gevoel doemde op in zijn maag. Hij had het heet.
'Oh. D-de bom,' zei de jongen afwezig en slap op zijn benen. Hij leunde nog altijd tegen de klamme tegelmuur van de badkamer. 'Focus… focus…' stamelde Neal zacht. Hoofdschuddend kreeg hij een beetje meer helderheid terug.
Neal verschoof zichzelf een paar centimeter dichter naar de deur toe en tuurde omhoog. De deur was de enige uitgang. De ruimte was verder gesloten. Er was wel een luchtfilter. Maar daar kon je amper een kat doorpersen. Hij moest naar de deur. Weg van het extreme gevaar.
'Loop, loop,' moedigde hij zichzelf aan. Hij was zo nerveus dat zelfs zijn zachte stem begon te rillen. Zijn hart ging nog harder kloppen toen hij ook de klok harder hoorde tikken. 'W-wat ben ik aan het doen?' Een pijnscheut klapte hem dubbel voorover. Door angst had Neal plots de drang om iets vast te pakken. Hij greep het douchegordijn. En toen zijn benen het dan echt begaven gleed hij languit over de gladde tegelvloer. Een schreeuw ontsnapte aan zijn trillende lippen. Zijn handen trokken het hele douchgordijn met rek en al mee naar beneden. De buis knalde tegen zijn schouder en nek en hij begroef zich onder het natte zeil. Meteen begon hij te zichzelf vrij te worstelen. Het gevangen gevoel maakte hem doodsbang. Bovendien had hij zich goed bezeerd met de val. Zijn schouder vonkte withete prikkels. Zijn hoofd was leeg. Zijn elleboog tintelde hevig en Neal probeerde hem automatisch te ontzien in zijn gevecht om vrijheid. Hij had het inmiddels zo warm gekregen dat hij hijgde en pufte van ongemak. Intussen bleef hij het getik volgen. Het ging niet weg. Maar er was iets veranderd. Het getik werd gedruppel. Het was het water dat uit de kraan druppelde en in de zinken wastafel. Er was geen bom! Hij luisterde naar de druppels en knipperde met zijn ogen. Hij werd gek! Hij was zo bang! Hij had iemand nodig om hem te helpen. En hij kon alleen maar denken aan die ene naam.
'Peter!'
Zijn lichaam begon te beven. Neal probeerde zich te bewegen. Maar het ging niet. Uitgeput van zijn hevige angst verkeerde hij in een soort van verlamming. Hij wist het ook niet meer. Maar hij liet zich slap worden, nog altijd verstrengeld in het douchegordijn, op de gladde grond.
'Peter… alsjeblieft,' jammerde hij zacht. Tranen begonnen over zijn wangen te rollen en hij staarde naar de witte golven die steeds donkerder werden. Zelfs het gedruppel van de kraan klonk verder en verder weg.
'P-Peter…'
XXX
'Wat was dat?' vroeg Elisabeth verschrokken bij het horen van een schreeuw. Peter perste bezorgd zijn lippen op elkaar en tuurde strak richting de badkamer.
'Het is Neal.' Verder waren er geen woorden nodig. Peter en zijn vrouw snelde zich naar de badkamerdeur. Het was een geluk dat de deur niet op slot was en Peter stormde naar binnen.
'W-wat krijgen we nou? stamelde de agent bij het zien van een rillend hoopje, gemaakt van hun nieuwe douchegordijn. Elisabeth die over haar man zijn schouder mee tuurde sloeg verschrokken een hand voor haar mond.
'Ow, Lieverd. Ben je oké?'
'Neal?' vroeg Peter bezorgd. Met een hand schudde hij het hoopje heen en weer. Er klonk een jammerend geluid en er flopte een hand op de tegelvloer. De rest van het lichaam was nog verborgen en Peter besloot om de jongen vlug te bevrijden. Maar voor hij dat deed pakte hij even de hand vast. Meteen voelde Peter dat hij warm en klam was van het zweet.
'Ik ben bij je, knul. Rustig maar.'
'Ow jeetje. Ik hoop niet dat hij het hele rek op zich heeft gekregen. Die stang was behoorlijk zwaar.' Elisabeth hurkte bij haar man en hielp hem mee om de jongen van de grond te krijgen. Met een paar kleine handelingen was Neal bevrijd van het gordijn. Het bracht hun in een akelige stilte toen ze zijn gezicht zagen. Hij zag er zo slecht uit. Peter schudde zijn hoofd en brak de stilte door diep te zuchten.
'Hij is bewusteloos, El.'
Neal's levenloze lichaam werd zodanig gedraaid dat de jongen met zijn achterhoofd op Elisabeth's schoot ruste.
'Hij is gloeiendheet, Peter.' Peter schudde zijn hoofd in shock. Met twee vingers drukte hij in Neal's hals om de hartslag te kunnen checken. Hij gaf op toen hij wist dat hij veel te snel ging.
'Hij raakt nog in shock als we hem nu niet koelen, El. Kom. Help me hem daar tegen de muur te krijgen. We gebruiken de douche.' En Peter trok de bewusteloze Neal zorgvuldig van Elisabeth schoot. Elisabeth stond op en haakte net als haar man een arm onder zijn oksel en samen trokken ze hem verder de badkamer in. Ze zette hem voorzichtig tegen de muur en Peter begon de kraan aan te zetten. Hij begon met lou water. Zoals zijn vrouw eerder suggereerde. Het douchewater besprenkelde Neal's bleke gezicht. Elisabeth kon hem maar niet loslaten en nam plaats naast de bewusteloze jongen op de grond. Peter bleef bij de kraan en liet het water steeds kouder worden. Tot er ijskoud water uit de douchekop kwam.
Tegen die tijd was Neal van bleek naar lichtblauw gekleurd en Elisabeth begon zich klappertandend bij het water weg te houden. Ze was doorweekt. Maar het kon haar op dat moment niet zo veel schelen.
Deze sessie had zo'n tien minuten geduurd en Peter begon het zo langzamerhand genoeg te vinden. Hij zette het water uit en liep de badkamer uit om later weer terug te komen met haar persoonlijke badjas. Ze nam hem dankbaar een en sloeg het witte warme ding haastig om haar lijf. Neal was echter nog steeds bewusteloos en dat maakte Peter erg nerveus.
'We moeten hem op bed leggen. Daar ligt hij een stuk comfortabeler,' zuchtte Peter. Hij hurkte weer bij de jongen neer en voelde opnieuw zijn hartslag. Die was weer normaal.
'Oké. Maar schat. Eerst moeten die natte kleren uit. Ik pak een van je pyjama's uit de kast.' Elisabeth boog even over de jongen heen en streek zorgvuldig de natte lokken uit zijn gezicht. Hij was zo mooi. En nu hij zo zat met zijn hoofd lichtjes naar achteren gekanteld leek hij wel op een engel.
'Ik hoop zo dat je snel weer beter bent, Neal,' fluisterde ze teder.
XXX
Elisabeth was in de badkamer aan het opruimen toen Peter de jongen in een van zijn flanellen pyjama's had gestoken. Hij was wat aan de grote kant, voor deze smalle jongen. Maar de kleur blauw stond hem prima. Peter had de pyjama ooit gekregen van Elisabeth's moeder en hem nooit kunnen dragen zonder aan haar te denken als hij met zijn vrouw onder de dekens kroop. Maar hij had ook het hart niet om hem weg te gooien. Het was tenslotte El's moeder.
De jongen was nog altijd bewusteloos toen Peter naast zijn bed op een stoel plaats nam. Hij staarde de jongen bezorgd aan. Hij zag de droge gebarsten witte lippen en de donkere kringen rond zijn gesloten ogen. De Caffrey charme begon dan eindelijk te vervagen. De jongen was ziek. Endat maakte Neal anders dan hij hem kende. Zijn ogen dwaalde af naar de langzaam rijzende en dalende borstkas. Af en toe maakte zijn ledematen stuiptrekkingen. En hij wist niet waar het door kwam. Misschien was het de constante verandering van zijn temperatuur. Daarom had Peter ook een dun laken over hem heen gelegd om hem niet al te warm af te dekken. Het was in deze kamer al warm genoeg, dankzij zijn vrouw die de thermostaat iets hoger had gezet door die koude douche.
Toen ging de deur zachtjes open. Peter keek verast op toen hij een zwarte neus door de kier zag komen snuffelen. Het was Satchmo. Het vriendelijke beest kwam polshoogte nemen en Peter gunde het beest een knuffel.
'Ja, kom maar eens kijken. Onze gast is ziekjes, jongen. En we zijn erg bezorgd.'
Hij dwaalde af met zijn gedachte. Onbewust bleef hij de hond aaien. Hij dacht terug naar de avond dat Neal nog gezond bij hen aan tafel zat. Hij zag nog niet dat het ernstig was. Maar zijn vrouw had een soort Spidersense voor dat soort dingen. Ze had hem erop aangesproken nadat hij Neal bij de deur had afgezet. Waarom zei Neal toen niets? Hij was overduidelijk zijn maagpijn aan het verbergen voor hem en zijn vrouw. Hij kon zichzelf voor zijn kop schieten dat hij dit niet aan had zien komen. Hij was een agent. Hij had dat soort dingen moeten zien. Er was iets met die jongen, die avond. En hij heeft hem laten gaan. Het was nooit zo erg geworden als Neal toen al naar de dokter was gegaan. Peter schudde zijn hoofd en hield niet van het idee dat hij en El de jongen morgen terug naar het ziekenhuis moesten brengen omdat hij geopereerd moest worden. Neal had al tekenen gegeven, zoals nu, dat het slechter met hem ging.
De hond piepte even en Peter schrok op. Meteen begreep hij wat de hond hem wilde vertellen. De jongen werd wakker. Opgelucht trok Peter zijn mondhoeken op en pakte een hand vast van Neal toen de jongen langzaam zijn ogen opende met een lage kreun van ongemak.
'Hey, Neal,' zei Peter zacht en voorzichtig. Hij wilde de jongen niet aan het schrikken maken.
Neal staarde een lange tijd knipperend naar het plafond en likte over zijn gebarsten lippen. Toen keek hij langs zich heen om Peter te kunnen zien zitten. Hij was nog erg zwak en slaperig. Maar hij kreeg het voor elkaar om te glimlachen.
'Peter…' fluisterde hij schor. Weer likte hij zijn lippen en zijn glimlach verdween. Peter zag dat.
'Wat is er? Wil je drinken?' Neal antwoorde niet.
De jongen tilde zijn hoofd op van zijn kussen en keek versuft in het rond. Hij ontspande zich toen hij wist waar hij was. Satchmo kwispelde even toen Neal hem een ogenblik in de ogen keek.
Toen liet hij zijn hoofd weer op zijn kussen zakken. Even bleef het stil.
'Wat gebeurde er daarstraks in de badkamer? Was je gevallen?' vroeg Peter weer. Hij wilde hem horen spreken. Hij was al te lang stil geweest.
Neal zuchtte.
'E-er was een bom…' Opnieuw zuchtte Neal en keek verontschuldigend naar de agent. Peter knikte. Hij kon zijn perplexte grimas niet verbergen. Hij besloot er maar niet verder over te vragen. De jongen kon dat nu niet hebben.
Even schraapte Neal zijn keel en likte weer zijn lippen.
'K-kan ik … misschien wat water krijgen?' vroeg hij voorzichtig.
'Dat kan.'
Peter stond glimlachend op van zijn stoel en gaf de jongen een schouderklop. Zo liep hij samen met Satchmo de kamer uit.
XXX
AN: dit is het weer voor vandaag. Chapter 4 komt er aan. Laat van je horen!
X
Josi
